archiveren

Maandelijks archief: oktober 2009

Eigenlijk is de wereld een grote wachtkamer, zonder dat men weet waarop men wacht, alleen maar wacht en het wachten als doel opzich is gaan zien en het overal projecteerd en het in stand houd door zonde/schuld/angst. Totdat de denkgeest het doorziet en bedenkt dat er een andere manier moet zijn….

‘Wachten is alleen mogelijk in de tijd, maar tijd heeft geen betekenis.’ (T11.I.4:1)

 

Wachten in handen van de ego-denkgeest is eigenlijk het uitstellen van de Liefde van God, het uitstellen van Verlossing, zolang er wordt gewacht kan het er niet zijn. Het is tijd inzetten als wapen, het wapen wachten….

Wachten als verdedigingsmuur tegen God, tegen Verlossing.

 

Wachten is dus uitstellen van Verlossing.

Wachten heeft zoals alles afkomstig vanuit de ego-denkgeest als bron zonde/schuld/angst.

Wachten wordt derhalve in stand gehouden door zonde/schuld/angst dat is duidelijk te voelen aan de emoties die ermee gepaard gaan.

 

Wachten als de poort waarachter J ‘wacht’ met eindeloos geduld, op de overgave van wachten met als enig doel Verlossing.


Wachten in Handen van HG zal worden hergebruikt, de projectie in de vorm van personen en zaken, waarop gewacht wordt, wordt teruggenomen in de denkgeest, en lost op in Verlossing.


Wachten totaal vergeven is het einde van wachten, het einde van uitstellen, het einde van excuses, smoezen, uitvluchten, maren, eigen plannen, eerst dit, eerst nog dat, dan pas, later, het einde van het uitstellen van Verlossing

 

 ‘Ik hoef niet te wachten tot dit wordt opgelost.

Het antwoord op dit probleem is me al gegeven, als ik het wil aannemen.

De tijd kan dit probleem niet van zijn oplossing scheiden.'(WdI.90.herh II. 80)

 

‘Zij die zeker zijn van de afloop kunnen zich veroorloven te wachten, en wel zonder verontrust te zijn.'(H4.I.A.VIII:1)

 

 

 

IMG_2978

 

Kruimeltje

 

 

 

 

 

Als ervaren en geaccepteerd wordt als zijnde wáár, dat alles één is in de Geest en er ook maar één nietig dwaas afscheidingsidee gedacht vanuit één omgekeerd denkende ego-denkgeest is en dus alles wat ik als afgescheiden deeltjes lijk te zien met de ogen van het lichaam ook niet anders kan zijn dan één dan keren zonde/schuld/angst onmiddellijk terug naar de ene Denkgeest waar ze oplossen in het EEN ZIJN.

 

 

1-Oneness-1only2

 

 

 

Alle verlangen verdwijnt als ingezien wordt dat alle verlangen in wezen het Verlangen naar ‘Alles’ (God) is.

Dan stopt het onstilbare verlangen van de ego-denkgeest naar alles, dat zichzelf in stand houdt door zonde/schuld/angst.

En blijft ‘Alles’ (God) over.

‘Wie zou proberen met de nietige vleugels van een mus te vliegen wanneer hem de machtige kracht gegeven is van een adelaar? En wie zou zijn vertrouwen stellen in het schamele aanbod van het ego wanneer de gaven van God voor hem worden neergelegd?’ (H4.I.2:2-4)

 

adelaaaaar

 

 

In de Inleiding van Een cursus in wonderen staat:

‘Dit is een cursus in wonderen. Het is een verplichte cursus. Alleen de tijd waarop je hem doet staat jou vrij.’ (Inl.1:1-2)

Dit woordje ‘verplicht’ is meestal de eerste heftige weerstand die een beginnende Cursus student tegenkomt, omdat deze zoals alles eerst ‘speciaal’ dus vanuit de ego-denkgeest, hoort, en op z’n kop interpreteert.

Met ‘verplicht’ wordt bedoeld, dat Verlossing, Ontwaken, onvermijdelijk is voor het hele Ene Zoonschap. Niemand, geen enkel (schijnbaar) stukje denkgeest kan hier aan ontkomen, omdat er in werkelijkheid niets is gebeurt. Vandaar dat in diezelfde Inleiding wordt gesteld:

‘Deze cursus kan daarom heel eenvoudig aldus worden samengevat:

Niets werkelijks kan bedreigd worden.

Niets onwerkelijks bestaat.

Hierin ligt de vrede van God.’ (Inl.2:1-4)

Zo zie ik dat eigenlijk de hele wereld met alles erop en eraan een poging tot ontkomen aan het onvermijdelijke is en dat we van alles verzinnen om het onvermijdelijke uit te stellen. Dat is het ‘speciale’ doel van de ego-denkgeest die is gefundeerd in ‘angst’.

Zoals in de Cursus staat en tevens het centrale thema is van ECIW:

‘De wereld werd gemaakt als een aanval op God. Ze symboliseert angst.’ (WdII.3.2:1-2)

Het grote vermijden van God en als we goed en eerlijk kijken zien we het overal in terug in al ons dagelijks handelen. We zijn zeer bedreven ‘uitstellers’ geworden geprojecteerd in een wereld van tijd en ruimte hét symbool van vermijden en uitstellen en het gereedschap van de ego-denkgeest.

Maar van uitstel kan in dit geval geen afstel komen, want Verlossing is onvermijdelijk:

‘Het woord ‘onvermijdelijk’ is beangstigend voor het ego, maar vreugdevol voor de geest. God is onvermijdelijk, en jij kunt Hem evenmin vermijden als Hij jou.’ (T4.I.9:10-11)

 

resizelayout

 

 

 

 

%d bloggers liken dit: