archiveren

Maandelijks archief: juni 2012

 

De Christus in al je broeders zien, is eigenlijk, zien dat wat de ogen lijken te zien slechts een vermomming is, waarachter de denkgeest schuilgaat die de vermomming schijnbaar tot leven brengt en ‘vergeet’, dat hij, de denkgeest, zelf die rol speelt, maar niet ‘is’.

Derhalve kan je ook zeggen dat ‘wij’ de denkgeest acteurs zijn die rollen spelen en vergeten zijn dat ze de rol die ze spelen niet ‘zijn’, maar voor ‘waar’ en als identiteit hebben aangenomen.
Sterker nog, de ene denkgeest speelt al die rollen tegelijkertijd lopend langs miljarden tijdlijnen, steeds verder weglopend van de bron, van het begin, steeds verder in de ruimte van ‘het vergeten’.

Maar wat is vergeten kan terug gevonden worden, en zal terug gevonden worden, omdat het nooit verloren is gegaan.

 

 

Denk niet dat als de denkgeest ontwaakt uit de droom van zonde, schuld en angst de denkgeest dan in een staat van voortdurend geluk is, de denkgeest is dan vrij van zonde, schuld en angst, die enorme last valt weg, doordat het geloof erin gestopt is.

En de denkgeest ziet dan heel duidelijk dat de hele wereld een projectie is vanuit zonde, schuld en angst, maar dat het geloof erin weg is.

Zonde, schuld en angst hebben geen vat meer, de situatie worden beleefd, maar nu niet meer o.l.v. de egodenkgeest, die alleen maar gedachtes kán hebben van zonde, schuld en angst, die worden geprojecteerd, maar olv HG/J Denkgeest, waardoor de voorheen projecties vanuit zonde, schuld en angst, terugkeren naar hun bron en nu kanalen voor uitbreiding van Liefde worden.

Er is dan een voortdurend gevoel van fundamentele rust die onveranderlijk is en waar een blijvende verbondenheid mee is, wat er ook nog beleefd wordt en gebeurt in de wereld van de vormen.

Het totale geloofssysteem in een wereld van vormen is verdwenen, beslissingen en keuzes worden niet meer gemaakt vanuit vormgerichtheid, maar vanuit HG/J denkgeest, een keuze die zich manifesteert door de meest behulpzame vormen heen.

De wereld van de droom wordt louter en alleen in stand gehouden door het geloof erin, als het geloof erin is vergeven, blijft alleen denkgeest over, omdat er nooit iets anders was dan denkgeest.

Daarom kan alleen vergeving van het geloof in de manifestaties van zonde, schuld en angst in al zijn geprojecteerde vormen die we kennen, de denkgeest doen ontwaken uit zijn droom.

 

 

 

Gedachtes over de steeds maar terugkerende patronen in het leven.

Er is maar één probleem. En dat bevind zich in de (ego)denkgeest. Dat ene probleem wordt eindeloos herhaald en uit geprojecteerd in miljoenen gedachtestukje, zodat er ‘velen’ problemen lijken te zijn, die zich schijnbaar buiten de denkgeest bevinden, in een poging het zodoende kwijt te raken, terwijl het slechts een ‘vergeten’ is. Oorzaak en gevolg blijven met en aan elkaar verbonden, gedachtes verlaten nooit hun bron.

Aangezien er maar één probleem is, en dat is de gedachte van afscheiding, kunnen we dat ‘ene probleem’ terug herkennen in al onze projecties.
Het lijkt zo te zijn echter, doordat er projectie plaatsvindt, dat er ontelbare problemen zijn die schijnbaar niets met elkaar te maken hebben.
Als we echter goed kijken dan kunnen we wel zien dat er een patroon zit in al onze schijnbare problemen, patronen die zichzelf lijken te herhalen.
De egodenkgeest bedient zich van ‘herhaling’, leren vindt immers plaats door herhaling, de egodenkgeest leert door herhaling.
Door de herhaling en het ‘vergeten’ dat de bron van het probleem in de denkgeest ligt, ‘leert’ de egodenkgeest zich vaster in zijn waanzinnige, onmogelijke denksysteem.

Dus des te meer ‘wij’ lichamen en situaties zien als de oorzaak van problemen, des te beter leren ‘we’ dat het ‘waar’ is dat we een lichaam zijn en niet denkgeest.
Zie daar het leersysteem van de egodenkgeest en zie daar het resultaat, een wereld vol van angstsituaties, waar we nu in geloven en voor waar aannemen.

Al de terugkerende patronen, dezelfde soort conflicten, dezelfde soort situaties, steeds in andere vormen, die ons maar lijken te achtervolgen, in een eindeloze serie herhalingen, zijn niets anders dan de leermiddelen van de egodenkgeest, die door lijden, schaarste en angst leert en steeds vaster in het ‘zadel’ komt te zitten.

Maar er is een andere manier.
Leren zet de egodenkgeest vaster in het zadel, leren onder leiding van het Juist-gerichte denksysteem, kan ook dit hele ‘valse’ denksysteem doen laten afleren.
Dat is het pad van vergeving wat Een cursus in wonderen ons aanbied.
ECIW vertegenwoordigt de altijd nog in de denkgeest aanwezige herinnering, die nooit verloren kan gaan, de herinnering aan de bron, waar elke gedachte wordt geboren en waar de keuze kan worden gemaakt voor angst, afscheiding, leren via de egodenkgeest, of voor uitbreiding van Liefde, van eenheid, (af)leren via de Heilige Geest denkgeest.
Beide zijn denksystemen, voortgebracht door de denkgeest.

Leren via de Heilige Geest denkgeest gaat ook via herhaling, zoals dat bij alle leren zo gaat.
Als er wordt gekozen voor leren via de Heilige Geest denkgeest, oftewel de Juist gerichte denkgeest, dat wat ‘we’ in werkelijkheid ZIJN, dan zal al het ego-gedachtemateriaal, via vergeving omgekeerd worden en zo een zeer bruikbaar middel worden bij het terugherinneren in Eenheid, in God én vervolgens een ‘kanaal’ voor het uitbreiden van Liefde.

Ook het HG-leersysteem, moet door herhaling geleerd worden, vergeving moet geleerd en geoefend worden, begrepen én geoefend, zodat het hele egodenksysteem vervangen wordt door het HG-denksysteem.
Tenslotte, als de denkgeest weer zich helemaal terugherinnert in de Denkgeest, zijn Bron, dan zal het ‘(af)leren’ voltooid zijn.

 

 

 

 

 

 

Gedachtes verlaten nooit hun bron.                                                                   

Loslaten wil niet zeggen ‘iets kwijtraken’.
Loslaten is elke persoonlijke ‘ik’ investering in iets wat zich in de vorm heeft gemanifesteerd, geprojecteerd, loslaten.
Het is dus niet zo dat alleen zgn. beledigingen of aanvallen niet persoonlijk genomen dienen te worden, nee, alles wat we als persoonlijk ervaren dient los gelaten te worden.
Alleen dan komt de denkgeest terug bij waar deze vandaan komt; de bron van de gedachte, de waarnemende en keuzemakende denkgeest.

De ‘ik’,  lichaamsidentificatie wordt losgelaten en vergeven, zodat alleen de bron, de denkgeest overblijft, overblijft, omdat de denkgeest het enige is wat ‘bestaat’.
Het ‘lichaam’, de wereld van de vorm,  gaat dus niet verloren, geen lichaamsopoffering dus, de Zoon van God is niet een lichaam en hoeft dus niet ‘geofferd’ te worden, teneinde ‘God’ gunstig te stemmen en er zodoende een ‘betere’ vorm voor terug te krijgen.

Elke ‘vorminvestering’,  loslaten door het te vergeven, omdat het niet ‘waar’ is, zal leiden tot een volledige omkering van het gebruik van alle vormen en dus het ‘doel’.
Als er losgelaten wordt, betekend dat niet dat de vorm en dus de gedachte los komt van de denkgeest en wegdrijft, verloren gaat. Immers niets kan de denkgeest verlaten en er los van raken, elke gedachte blijft verbonden aan zijn bron, of het nu een egogedachte of een HG gedachte is.

De gedachte dat gedachtes wel los kunnen komen van hun bron is het waanidee van de egodenkgeest en dat is het idee van afscheiding, het idee waar de wereld van de vorm op gebaseerd is.
Dat wil niet zeggen dat het ook gebeurt is, de gedachte van afscheiding maakt nog niet de afscheiding waar. Het lijkt alleen zo, maar ondertussen heeft de gedachte van afscheiding nooit zijn bron de denkgeest verlaten. Er is alleen een ‘keuze’ gemaakt voor afscheiding en deze keuze is als waar aangenomen en lijkt zich nu buiten de denkgeest te bevinden in geprojecteerde vormen, die los lijken te staan van hun bron.

Dit is dus niet het geval, omdat het niet kan, gedachtes verlaten nooit hun bron.

Pas als dit gezien wordt, werkelijk gezien en in dat moment van werkelijk zien dit waanidee volledig wordt losgelaten, en vergeven, vindt er een volledige loslating plaats en wordt dáárdoor tegelijkertijd de niet bestaande afscheiding opgeheven.
De denkgeest weet zich weer bij de Bron en kan nu opnieuw kiezen, niet voor vormaanpassing, maar voor het Juist gerichte denksysteem.
En van daaruit zullen de Juist gerichte keuzes van uit de Juist gerichte denkgeest gemaakt worden.

Telkens als er vanuit schaarste en vanuit iets willen vasthouden iets willen doen aan, en in de vorm wordt gehandeld is dat automatisch kiezen voor egodenkgeestleiding, omdat de bron van dit handelen de egodenkgeest ‘is.
Elke handeling en de aandrang iets willen doen aan, en in de vorm vanuit ‘ik’, met daar aanvast een egogedachte, die de ‘ik’ en de vorm waar iets aan gedaan moet worden heeft geprojecteerd, is niets anders dan een poging van afscheiding van de denkgeest. Het heeft geen ander doel dan dat. Het doel van de egodenkgeest is afscheiding en niet het maken van een wereld, dat is slechts de dekmantel, de sluier, de afleiding van het werkelijke doel van de egodenkgeest: afscheiding.

Dit is echter onmogelijk, nogmaals, omdat gedachtes nooit hun bron kunnen verlaten.

Elke aandrang tot vormverandering en handelen vanuit de ‘ik’, vanuit het lichaam, is dus zinloos en leid tot niets anders dan alleen afscheiding, een schijnbare afscheiding, want nogmaals, het is onmogelijk, omdat gedachtes nooit hun bron verlaten.
Geef dus deze aandrang tot veranderingen in de vorm vanuit de ‘ik’ eerst terug aan Jezus, symbool voor de Juist gerichte denkgeest, de Bron, en vergeef het eerst, dit zal niet leiden tot het verliezen van de vorm, het zal leiden tot het oplossen van het pseudo afscheidingsdoel van de egodenkgeest en zal nu worden hergebruikt, door de Juist gerichte keuze voor de Juist gerichte denkgeest en als enig Doel hebben; terugkeer in de Liefde van God.

Niet eerst iets ‘doen’ in de vorm, maar eerst vergeven en terug naar de Bron. Dit is slechts een beslissing die mits genomen zich meteen manifesteert, net zoals een beslissing vanuit de egodenkgeest zich meteen manifesteert.
De smoes, dat dit teveel tijd kost in het vuur van de actie, is dus slechts wederom een egogedachte en dus een beslissing voor afscheiding.

Als deze Juist gerichte volgorde strikt gevolgd wordt bij alles, bij elke gedachte, dan zal dit leiden tot het ontwaken van de denkgeest en het besef dat er alleen denkgeest is en zal het Doel duidelijk worden; terugkeer in de denkgeest, terugkeer in God, waar nooit is uit weggegaan, want gedachtes verlaten nooit hun bron.

Deze gedachte is het enige wat wel ‘persoonlijk’ genomen moet worden, persoonlijk in de zin van de ‘persoonlijke’ denkgeest, niet het persoonlijke lichaam, wat daar ‘slechts’ een projectie van is, vandaar dat de verzoening geaccepteerd moet worden voor jezelf.
Dan zal ook blijken dat er geen ‘persoonlijke’ denkgeest is, maar alleen één denkgeest waarin alles met alles verbonden is, maar dit zal niet meer als verlies van ‘persoonlijkheid’ ervaren worden, maar als thuiskomen bij de Bron, de ene Bron: GOD.

 

 

 

 

 

%d bloggers liken dit: