archiveren

Maandelijks archief: juni 2019

De verdediging tegen “kijken” naar de verdediging tegen god is een verdediging die de verdediging verdedigt.

Elke verdediging tegen wat of voor wat dan ook komt hieruit voort en is duidelijk de keuze voor het egodenken.
Niets hoeft verdedigt te worden en niets hoeft niet verdedigt te worden.
De wereld is niets en “niets” hoeft niet verdedigt te worden.
“Niets” verdedigen is een poging om van niets iets te maken, wat alleen maar kan resulteren in nog meer niets.

Ik hoef niets te doen, niets kan niets doen, niets kan niet iets doen.

Opmerkingen zoals, “ja maar ik kan toch niet gewoon maar niets meer doen” is niets meer of minder opnieuw een poging van het ego om van niets iets te maken.

“Niets” is een bedachte angst gedachte van de egodenkgeest, die “niets” gebruikt als verdedigingsmiddel tegen de nietsheid van niets.

De egodenkgeest is daarom niet de beste raadgever om naar te luisteren.

Alleen dit volledig doorzien en het besef dat het slechts een geloof is kan de denkgeest focus verplaatsen via de waarnemende keuzemakende denkgeest naar “Heilige Geest” denkgeest door middel van het vergeven van elke opgemerkte en aan het licht gebrachte “niets” gedachte.
Ware vergeving die ziet dat “niets” niet gebeurt kan zijn.

4.Vergeving daarentegen is stil en doet in alle rust niets. 2Ze schendt geen enkel aspect van de werkelijkheid, en probeert die evenmin te verdraaien tot een verschijningsvorm die haar aanstaat. 3Ze kijkt alleen, en wacht, en oordeelt niet. 4Wie niet wil vergeven, moet wel oordelen, want hij moet zijn onvermogen om te vergeven rechtvaardigen. 5Maar wie zichzelf vergeven wil, moet leren de waarheid te verwelkomen precies zoals die is.

5.Doe daarom niets en laat vergeving je tonen wat jou te doen staat, via Hem die je Gids is, je Verlosser en Beschermer, sterk in hoop en zeker van jouw uiteindelijk succes. 2Hij heeft jou al vergeven, want dat is Zijn functie, Hem gegeven door God. 3Nu moet jij Zijn functie delen en vergeven wie Hij heeft verlost, wiens zondeloosheid Hij ziet, en wie Hij eert als de Zoon van God.
(WdII.1.4,5)

illusje

Het terugnemen van projecties is geen roof, geen diefstal, geen moord, geen verlies, geen offer.
Het is precies omgekeerd, projecteren is een poging tot moord, een poging te beroven, iets proberen af te pakken, verlies te laten lijden, te offeren.
De egodenkgeest, doet voortdurend een serieuze, doch vergeefse poging tot het wegnemen van dat wat altijd is en onveranderlijk is en nooit kan en zal veranderen en derhalve nooit weggenomen kn worden.

De egodenkgeest is in zichzelf al een onmogelijkheid, een onmogelijk denksysteem met daaruit vloeiende onmogelijke gedachtes en van onmogelijke gedachtes en ideen kunnen alleen onmogelijke gedachtes en ideen komen met bijbehorende onmogelijke projecties.
Dit is een gesloten onmogelijk gedachtesysteem het gedachtesysteem van de onmogelijke egodenkgeest.

Het terugnemen en vergeven van onmogelijke ideen en gedachtes, met de daaraan verbonden projecties aan de bron waar ze ontstonden en van waaruit de keuze werd gemaakt ze te projecteren vanuit zonde, schuld…

View original post 66 woorden meer

It was a totally inspired, mind blowing, mind changing weekend with Cindy and Gary.
And again like previous years, the organization in hands of Erik Smitshuis and Jennifer Dennison was excellent and flawless.
Especially meeting so many other people from all over the world is one of the benefits of these kind of gatherings.
I am very grateful for this opportunity.
We will all meet again.

Ook als de uiterlijke weergave (projecties) van een innerlijke toestand (de keuze voor egodenkgeest), hun kwaadaardigste toestand hebben bereikt en dus de nood het hoogst lijkt en aldus wordt ervaren, is er toch een uitweg.
Door in te zien dat de uiterlijke weergave, dus wat de ogen denken en geloven te zien en door het schijnbare lichaam wordt ervaren, niet de bron is van het ellendige gevoel. De bron van dat wat ervaren wordt schijnbaar door “mijn” lichaam, is de denkgeest die voor denken en zien door ego-denkgeest, en aldus voor afscheiding kiest. Een afscheiding van Één, Waarheid, Zelf, dat wat IS, Liefde, God. Een op zich al onmogelijke keuze, omdat dat wat IS, onveranderlijk één is en nooit iets anders kan worden dan één, behalve in dromen van afscheiding.
Dit besef, deze herinnering aan het onvermijdelijke, onveranderlijke Één kan alleen maar duidelijk worden als eerst de verdediging ertegen, de keuze voor ego-denken dus, volledig wordt gezien en doorzien.
Dat betekent dus dat achter elke uiting van het ego-denken (alle vormen van haat, woede, speciaalheid, angst, in grote of kleine nauwelijks op te merken vormen) het geschenk van de herinnering aan Één, Waarheid, Zelf, dat wat IS, Liefde, God  verborgen gaat. Ware vergeving brengt mij daar.

Een cursus in wonderen verwoord dit heel mooi en poëtisch:

1.Projectie maakt waarneming. 2De wereld die jij ziet is wat jij haar gegeven hebt, niets meer. 3Maar ook al is ze niets meer, ze is ook niets minder. 4Daarom is ze voor jou belangrijk. 5Ze getuigt van de staat van jouw denkgeest, de uiterlijke weergave van een innerlijke toestand. 6Zoals een mens denkt, zo neemt hij waar.* 7Probeer dan ook niet de wereld te veranderen, maar kies ervoor je denken over de wereld te veranderen. 8Waarneming is een gevolg, geen oorzaak. 9En juist om die reden is een rangorde naar moeilijkheid bij wonderen zonder betekenis. 10Alles wat met visie wordt bezien, is genezen en heilig. 11Niets wat zonder dat wordt gezien, heeft enige betekenis. 12En waar geen betekenis is, heerst chaos.

2.Verdoeming is jouw oordeel over jezelf, en dit zul jij op de wereld projecteren. 2Zie haar als verdoemd, en het enige wat je ziet is wat jij gedaan hebt om de Zoon van God te pijnigen. 3Als je onheil en rampspoed ziet, heb je geprobeerd hem te kruisigen. 4Als je heiligheid en hoop ziet, heb jij je met Gods Wil verbonden om hem te bevrijden. 5Er ligt geen keuze tussen deze twee beslissingen in. 6En je zult de getuige zien voor de keuze die jij hebt gemaakt, en hieruit leren aflezen welke jij gekozen hebt. 7De wereld die jij ziet toont jou slechts hoeveel vreugde jij jezelf vergund hebt in jezelf te zien en als de jouwe te aanvaarden. 8En als dit daadwerkelijk haar betekenis is, dan moet de macht om haar vreugde te schenken zich wel in jou bevinden.
(T21.In.1,2)

Uit: “Inleiding tot Een cursus in wonderen” – Kenneth Wapnick:

“Vergeving kan dus in drie fundamentele stappen worden samengevat.
De eerste stap is dat ik onderken dat het probleem niet
buiten me is, op dat scherm. Het probleem zit vanbinnen, in mijn
film. In de eerste stap geef ik te kennen dat mijn woede niet gerechtvaardigd
is, hoewel mijn woede me altijd voorhoudt dat het
probleem buiten me ligt, bij jou, en dat jij moet veranderen zodat
ik niet hoef te veranderen. Kortom: de eerste stap betekent dat het
probleem niet buiten me ligt, maar daarentegen in mij zit. Deze stap
is zo wezenlijk om dat God het Antwoord op het probleem van de
afscheiding in ons binnenste heeft neergelegd: de Heilige Geest is
niet buiten ons, de Heilige Geest is in ons, in onze denkgeest. Door
vol te houden dat het probleem buiten ons ligt – en dat gebeurt bij
projectie altijd – houden we het probleem weg van het antwoord.
En dat is precies wat het ego wil, want wanneer het probleem wordt
beantwoord door de Heilige Geest, houdt het ego op te bestaan.
Dus het ego is heel doortrapt en subtiel als het erom gaat ons te
doen geloven dat het probleem buiten ons ligt, of dat nu in een ander
mens is – ouders, leraren, vrienden, partners, kinderen, de ministerpresident
– of in de aandelenmarkt, het weer of in God Zelf. We zijn
er allemaal uitermate bedreven in het probleem te zien waar het niet
is, zodat de oplossing gescheiden kan blijven van het probleem. In
het Werkboek staan twee lessen die dat heel duidelijk maken, namelijk
les 79 en les 80: ‘Laat me het probleem zien, zodat het kan
worden opgelost’ en ‘Laat me zien dat mijn problemen zijn opgelost.’
Er is maar één probleem en dat is het geloof in de afscheiding zelf,
oftewel het probleem van schuld, en dat zit altijd vanbinnen, niet
buiten je. De eerste stap van vergeving is dus, zoals gezegd, dat ik
erken dat het probleem niet in jou zit; het probleem zit in mij. De
schuld ligt niet in jou, de schuld ligt in mijzelf. Het probleem zit niet
op het scherm waarop ik het projecteerde, het zit in de film in mijn
binnenste en dat is een film van schuld.

Dan komt de tweede stap, en dat is de moeilijkste. Het is een stap
die we koste wat het kost willen zien te vermijden. We moeten nu
iets doen aan die film, dat wil zeggen: we moeten iets doen aan onze
eigen schuld. Ik wil benadrukken dat juist dat de reden is dat we tot
het uiterste gaan om die woede en aanval te rechtvaardigen en in
stand te houden; juist dat is de reden dat we de wereld willen blijven
zien als opgesplitst in goed en slecht. Zolang we dat doen kunnen
we die tweede stap vermijden, want bij de tweede stap zien we onze
eigen schuld en al onze gevoelens van zelfhaat onder ogen.
Bij de eerste stap erken ik dat mijn woede niets anders is dan de
beslissing mijn schuld te projecteren. Maar bij de tweede stap erken
ik dat de schuld zelf óók een beslissing vertegenwoordigt. De
schuld symboliseert de beslissing mijzelf als schuldig in plaats van
als schuldeloos te zien. In plaats daarvan moet ik onderkennen dat
ik een Zoon van God ben in plaats van een zoon van een ego; dat
mijn ware Thuis niet in deze wereld is maar dat mijn ware Thuis
eerder in God is. Dat kunnen we pas als we onze schuld onder ogen
zien en de uitspraak doen dat dit niet is wat we werkelijk zijn. En die
uitspraak kunnen we niet doen zolang we niet eerst iemand anders
aanzien en zeggen: ‘Jij bent niet wat ik van jou gemaakt heb. Je bent
in wezen wat God geschapen heeft .’
Er staan een paar heel indringende passages in de Cursus die beschrijven
hoe vreselijk beangstigend deze tweede stap is. Het komt
vaak voor dat mensen, vooral de eerste keren dat ze Een cursus in wonderen
inkijken, het verkeerde idee hebben dat het allemaal mooi
en makkelijk is. De Cursus kan je op het verkeerde been zetten als
je niet oplet. Op het ene niveau wordt er gezegd hoe eenvoudig het
is, hoe we in feite allemaal ‘thuis zijn in God, en dromen van ballingschap’
(T10.I.2:1) en hoe al die stappen in een ogenblik genomen
kunnen worden, louter door ons denken te veranderen, enzovoort.
Dan kan het dus gebeuren dat we die passages lezen en al die andere
passages maar vergeten, waarin er sprake is van de verschrikkelijke
angst die dat proces oproept: het onbehagen, de weerstand en
het conflict dat ontstaat wanneer we deze stappen zetten waarin we
onze schuld onderhanden nemen.
Niemand kan het ego loslaten zonder eerst zijn of haar eigen
schuld en angst aan te pakken, want dat is het ego. In het evangelie
zei Jezus: ‘Wie zijn kruis niet opneemt en mij niet volgt, kan mijn
volgeling niet zijn!’ (Matth. 10:38; Mk 8:34; Lk 14:27). Dan spreekt
hij dus hierover. Je kruis opnemen wil zeggen dat je iets doet aan je
eigen schuld en angst en daarmee het ego transcendeert. Je kunt dat
proces met geen mogelijkheid doorlopen zonder moeilijkheden en
pijn. Let op: dat is niet Gods Wil voor ons; het is onze eigen wil. Wij
zijn degenen die schuld in het leven hebben geroepen, dus voordat
we die kunnen loslaten moeten we hem onder ogen zien en dat kan
heel pijnlijk zijn. Er zijn twee plaatsen waar juist dit proces en de
hoeveelheid angst die dat met zich meebrengt beschreven wordt:
de lessen 170 en 196 ( WdI.170; WdI.196.9-12). Ook in ‘De twee werelden’
in de tekst (T18.IX.3) gaat het over de ogenschijnlijk gruwelijke
beklemming waar we doorheen moeten en de verschrikkingen
die gepaard gaan met het verwerken van deze vrees voor God. Dit
is het laatste obstakel voor vrede en daar ligt onze schuld het diepst
begraven.

Dus de tweede stap bestaat in feite uit de bereidheid onze schuld
onder ogen te zien en durven zeggen dat het een uitvinding is van
onszelf, erkennen dat de schuld geen symbool is voor Gods geschenk
aan ons maar voor de beslissing onszelf te zien zoals God ons niet
geschapen heeft. Dat wil zeggen dat we onszelf zien als kind van
schuld en niet als kind van liefde. Een cursus in wonderen benadrukt
heel duidelijk dat wij, omdat we degenen zijn die de schuld gemaakt
hebben, niet degenen zijn die hem ongedaan kunnen maken. Om
dat te kunnen doen hebben we hulp nodig die van buiten het ego
komt. Die hulp is de Heilige Geest. En de enige keuze die we hebben
is de Heilige Geest uit te nodigen het denksysteem van het ego te
corrigeren en de schuld van ons weg te nemen. Dat is de derde stap.
Bij de tweede stap zeggen we in feite tegen de Heilige Geest: ‘Ik wil
mezelf niet langer als schuldig zien; neem dat alstublieft van me weg’.

De derde stap is aan de Heilige Geest en hij neemt de schuld weg,
eenvoudig omdat hij die in feite al weggenomen heeft . Het enige
probleem is dat wij dat moeten aanvaarden.

Samenvattend: de eerste stap maakt de geprojecteerde woede ongedaan
door te zeggen dat het probleem niet buiten me ligt, maar
in me. De tweede stap maakt duidelijk dat het probleem dat in me
zit een probleem van eigen makelij is en dat ik het nu niet meer wil.
De derde stap volgt wanneer ik het heb overgedragen aan de Heilige
Geest en Hij het probleem van me wegneemt.”

Opmaak test6

Inleiding tot Een cursus in wonderen

%d bloggers liken dit: