archiveren

Tagarchief: projecteren

Het egodenksysteem is een zichzelf instandhoudend en een zichzelf vernietigend denksysteem. Het houdt zichzelf in stand door zijn eigen onmogelijkheid. Door in het onmogelijke te geloven (het afscheiden van Eén) rijst het op en omdat het onmogelijk is vernietigt het zichzelf ook weer meteen. Zo lijkt het egodenksysteem voort te duren, terwijl het er nooit werkelijk ‘is’.

Dit kan alleen doorbroken worden door het geloof in dit zichzelf vernietigende denksysteem terug te nemen en te vergeven.
Het andere alternatief om het egodenksysteem op te laten lossen binnen zijn eigen denksysteem is onmogelijk.
Dit is ongetwijfeld al vele malen gebeurt en zal weer gebeuren.
Het egodenksysteem is door de bedenkers ervan, de egodenkgeest welke zijn eigen maaksels heel serieus neemt en ‘vergeet’, met opzet, dat het slechts een denksysteem is alleen denkbaar door erin te geloven, zal zichzelf blijven wijsmaken dat een betere wereld mogelijk is. Dit zal op vele manieren uitgeprobeerd worden, zowel op een zogenaamde liefdevolle manier als op een agressieve manier. Beide methoden zijn hetzelfde en laten alleen de beide mogelijkheden van de egodenkgeest zien. Beide zijn echter even vernietigend en zullen uiteindelijk eindigen in een schijnbare vernietiging van de wereld. Schijnbaar want zolang het geloof in dit denksysteem er niet uit is, blijft het terug komen, zoals dat al vele malen gebeurd is.
Let wel het is niet de wereld die weer zal herrijzen, maar het geloof  in een wereld. Een geloof wat doordat het geloof zich projecteert de schijn van waarheid krijgt.

Alleen als echt alle geloof uit het idee van het bestaan van een wereld is teruggetrokken zal de wereld als idee (nietig dwaas idee) oplossen en dit zal niet met geweld gepaard gaan zoals de ego versie van het verdwijnen van de wereld, maar automatisch als logisch gevolg van stoppen erin te geloven, want dan stopt ook automatisch het projecteren.

Al kijkend vanuit de waarnemende oordeelloze denkgeest positie kan het hele zelfvernietigende egodenksysteem worden overzien en door zijn projecties (alles wat zich in deze tijd lijkt af te spelen in de wereld) worden doorzien.

Even een herfstig filosofisch gedachte blokje om in de denkgeest, niet wetende wat er om de volgende bocht zal opdwarrelen in het denken.

Neem even aan dat wat de ‘ik’ nu ervaart een gedachte is, een gedachte gedacht door de denkgeest die deze gedachte denkt en projecteert, zodat er in de gedachte een denk-beeld opdoemt, nog steeds gedacht door de gedachte die denkt. De ‘ik’ kan dan niets anders zijn dan ook een gedachte, gedacht door de gedachte die denkt en projecteert.
Maar wat is de gedachte dan, wat is de denkgeest die denkt?
Het lichaam? Nee natuurlijk niet, want het lichaam is een gedachte van de gedachte die denkt. En een gedachte blijft een gedachte een gedachte verandert nooit in iets anders dan een gedachte. Gedachten zelf zijn veranderlijk, dus projecties (welke ook gedachten zijn en niets anders) ook. Gedachten verlaten nooit hun bron de denkende denkgeest. Gedachten kunnen nooit veranderen in autonome los van de gedachte staande vormen, zoals de wereld, lichamen, dingen en situaties.
Alles is dus alleen maar gedachte, gedacht door de denkgeest die alleen in staat is te denken/projecteren. Nogmaals, projecties zijn 100% gedachten.
Zijn gedachten dan ‘echt’, ‘waar’?
Nee, als ik voorgaande gedachtegang logisch doortrek, dan zijn gedachten ook niet ‘echt’, niet ‘werkelijk’. Waar komen gedachten dan vandaan?
Uit de gedachte dat het mogelijk is te denken dat gedachten waar zijn.
En zo zit de gedachte gevangen in een gesloten gedachten systeem, dat zichzelf in stand houd door zijn eigen gedachten.
En de gedachte kan hier niet mee stoppen, want dan verdwijnt de gedachte in het ophouden van de gedachte, wat nog steeds een gedachte is…

Dit gaat verder dan “wat zou ik zijn zonder deze of deze gedachte”.
Want dan wordt er nog vanuit gegaan dat er een ‘iets’ (ik) is wat iets denkt en daardoor denkt te bestaan.
Wat echter, zou de gedachte zijn zonder de gedachte…
En dan staat de gedachte op het randje van zijn zelf bedachte gedachte wereld, een bedachte gedachte wereld, gedacht met maar één doel, een gedachte zijn en blijven.
De gedachte houdt zichzelf in stand door zijn eigen gedachte en bedachte gedachten en de vraag “wat zou de gedachte zijn zonder gedachte”, roept enorme weerstandsgedachten op.
Waarom? Omdat de gedachte (denkgeest) zonder gedachte niet meer de gedachte kan hebben dat er een gedachte is…

De gedachte die op dit gedachtepunt uitkomt zal er alles aan doen de gedachte gaande te houden om de gedachte, dat er ook geen gedachte is die denkt, dus ook geen denkgeest die denkt, te ontlopen. Daarom komt elke gedachte die gedacht wordt door de denkgeest die denkt dat hij bestaat omdat deze denkt, voort uit angst, vermomd in miljarden gedachte variaties hiervan, welke alleen maar gedacht worden als verdediging tegen het verdwijnen van gedachten…
En dan staat de gedachte aan die afgrond van angst. Een afgrond welke ook een gedachte is bedacht door de gedachte zelf, niet als waarschuwing of als uitnodiging om wel of niet te springen, maar als wederom een gedachte om de gedachte in stand en gaande te houden.

Er is dus ook geen denkgeest die gedachte heeft, dan alleen in de denkgeest die denkt gedachten te hebben en zichzelf daarmee denkt in stand te houden.
Een niet bestaande perpetuum mobile van gedachten…
Hoe daar een einde aan komt?
Wie/wat stelt deze vraag?
Dat kan niets anders zijn dan de gedachte die met deze vraag het perpetuum mobile van gedachten in stand wil houden.

“Er is geen wereld!” (WdI.132.6:2)

Ik noem voortaan het afreageren van mijn eigen verborgen zonde, schuld en angst gedachten af-projecteren. Want dat is wat het mechanisme van afreageren op een ander of op iets eigenlijk is.
Onze ‘ogen’ zijn de hele dag en nacht naarstig op zoek naar vluchtwegen om maar niet te hoeven kijken naar onze eigen zonde, schuld en angst gedachten en daar is het egodenken geniaal in geworden, en daardoor moeilijk te onderkennen als zodanig.

Bovendien is het nogal ontluisterend en roept het ook weer meer zonde, schuld en angst gedachten op vermomd als gevoelens van woede, haat, verdriet, pijn, lijden enz., als we dit ego-denk-mechanisme in beeld krijgen. Het ego-denken zal er dan ook alles aan doen om ook deze ontmaskering te voorkomen, door alle vormen van ontkenning en dissociatie die we maar kunnen bedenken.

We doen aan af-projecteren om aan dat vreselijke gevoel dat zonde, schuld en angst met zich meebrengt af te raken, door het te projecteren en dan te ‘zien’ in iets of iemand anders zodat we deze de schuld kunnen geven van wat ‘mij’ lijkt te overkomen. Zo rolt de hele wereld over elkaar heen elkaar steeds de zonde, schuld en angst bal toespelend.
En we doen het allemaal, niemand uitgezonderd.
En als we het al niet buiten ons af-projecteren, projecteren we wel af op onszelf, wat ook weer gewoon een vorm van af-projecteren is, ook al lijkt het over onszelf te gaan. Het lichaam, het persoonlijke ‘ikje’ is immers ook een projectie, geprojecteerd door de denkgeest die gelooft dat deze een lichaam is en ook gemaakt is om dienst te doen om op af te projecteren.

Al dit af-projecteren dient als vluchtmiddel om aan Waarheid, Eenheid, Liefde, God te ontkomen. Alleen al als we dit ontdekken kunnen we de waanzin ervan inzien, want dan zal de onvermijdelijke vraag rijzen: WAAROM??!! Waarom doen we ons dit zelf aan?
En waarom stellen we deze uitstekende vraag? Omdat het een onmogelijke vraag is en door hem te stellen komt dat boven water en kan deze vraag onder de loep gehouden worden.
Daarmee is de verslaving aan het mechanisme af-projecteren nog niet in één keer over en uit. Nee, net als met een verslaving binnen het veld van de projecties, want het is ook weer niets anders dan af-projecteren, kost het moeite en tijd en vooral doorzettingsvermogen en wil om ervan af te kicken.

Wie/wat zou ik zijn zonder gedachtes van zonde, schuld en angst?
Een onschuldig mens, of een onschuldige denkgeest?
Dat is het grote verschil tussen ECIW en andere paden.

De een is niet beter of slechter dan de andere, maar wel essentieel anders.

De meeste spirituele paden streven er toch naar een gelukkig of beter mens te worden, door ook gedachten verandering, maar dan wel gedachten verandering die vorm gericht is en uit de vorm (het lichaam) moet komen.
Daardoor wordt het ‘probleem’ alleen gezien in de vorm, en deze wordt als de oorzaak gezien van het probleem en wordt rechtstreeks gerelateerd aan de gedachte die het probleem veroorzaakt zou hebben. Dus probleem gedachten lokaliseren leidt tot oplossing van het probleem in enige vorm. Dat is hoe bijvoorbeeld The Secret werkt en nog een heleboel andere zgn spirituele paden.
Wordt de baas over je eigen leven en alles wat je maar wenst kan je laten uitkomen door het echt te willen en te visualiseren en er dan helemaal voor te gaan.

ECIW kijkt verder en wel naar de gedachte die niet vormgericht is, maar puur als functie heeft af te scheiden van Eenheid. Bewustwording van de keuze voor afscheiding die we maken iedere keer als we onze vorm wensen willen waarmaken. De vorm is nu niet het doel, maar een reminder voor dat er door denkgeest gekozen wordt om af te scheiden van Eenheid, van Liefde, van God.
ECIW laat zien dat er alleen denkgeest is die tot ervaren leidt, niet een wereld die ervaring veroorzaakt.
ECIW brengt terug in het bewustzijn dat de wereld wordt gemaakt om maar uit de herinnering te blijven dat er alleen denkgeest is die dit alleen kan projecteren en mij een illusie wereld laat zien als afleiding voor dat er alleen ervarende denkgeest is.

Een ieder gaat zover hij gaan kan in dit proces van bewustwording, met andere woorden, men kan zover gaan als waar de denkgeest aan toe. En volgens ECIW is de ‘men’ niet een lichaam dat kan vorderen in iets, maar de denkgeest.
Volgens ECIW is er geen wereld, dus ook geen lichaam, maar wel, ten minste zolang er ‘ervaren’ wordt ervaren, denkgeest. Denkgeest welke zich bewust is van dat er geen wereld kan zijn, dus dat wat ervaren wordt wel een projectie van de denkgeest moet zijn.
Een projectie, denkgeest materiaal dus, geen los van de denkgeest bestaande wereld die z’n eigen gang gaat.

En dan wordt zo’n vraag niet meer als ‘wie/wat zou ik zijn zonder de problemen die mijn lichaam ervaart, met als doel een gelukkiger lichaam met een gelukkiger leven in een betere wereld, maar wie/wat zou ik, denkgeest, zijn zonder gedachten van zonde, schuld en angst, zonder denkgeest… (*slik*)
En voordat die vraag zonder angst onder ogen kan worden gezien moeten eerst alle blokkerende gedachten van zonde, schuld en angst in het bewustzijn aan het licht worden gebracht en worden vergeven. Waarbij stap voor stap wordt geleerd dat er in Werkelijkheid niets gebeurt is en niet zoiets bestaat als een zondige wereld vol schuld en angst, maar alleen denkgeest die zich vergist heeft en nu bereid is zich weer te herinneren dat het een vergissing is en er alleen maar ‘Eén in Geest’ kan zijn.

En dit proces gaat stap voor stap, in een tempo waar de denkgeest op dat moment aan toe is. Hier is geen planning, hard werken, doelgerichtheid, verandering van vorm voor nodig, want ik als verblinde denkgeest is niet in staat dit proces te overzien, enkel Vertrouwen in het proces is nodig, Vertrouwen in de Herinnering dat alleen Eenheid mogelijk is en het herinneren van de Herinnering onvermijdelijk is.

Ondertussen is elke ervaring, welke deze ook mag zijn in deze schijnbare wereld, behulpzaam, behulpzaam in het onmogelijke proces van afscheiding of in het enige mogelijke onvermijdelijke proces van terug herinneren in Eenheid, Liefde, God.

Als projecteren uit de Werkelijkheid geen zin meer heeft, omdat gezien wordt en ervaren is dat het simpelweg niet werkt, omdat het onmogelijk is en niet meer gewenst, dan is daar de stilte.
De stilte van het diepe besef dat de wereld die een denkbeeldig ‘ik’ dacht en geloofde te zijn en ervoer en wat eerst als de enige waarheid werd gezien, alles behalve en juist het tegenovergestelde van Waarheid is en werd gebruikt om Waarheid te verbergen achter de ontkenning ervan.
De stilte van de denkgeest die stopt met luisteren, en beslissen op basis van de vluchtimpuls voor Waarheid, een vluchtimpuls die altijd vormgericht is.
Een vluchtimpuls die voortkomt uit de keuze voor angst, de angst voor Waarheid, de angst voor Liefde.
De stilte van de onzinnigheid van dit alles inzien en er gewoon niet meer op willen reageren, op geen enkele manier. Niet door het te ontkennen, niet door het te bestrijden, niet door het te omarmen, er gewoon in Zijn.
Midden in de stilte van de woestijn, midden in de stilte van ‘niets’.
Het is niet de stilte van depressiviteit, want ook dat is een vlucht uit Waarheid.
Het is de ‘Ik rust in God’ (WdI.109) een metafoor die door ECIW gebruikt wordt om dit soort stilte in woorden te vatten:

LES 109
Ik rust in God.
1. We vragen om rust vandaag, en een kalmte ongeschokt door wereldse verschijnselen.
2We vragen om vrede en stilheid, te midden van alle beroering,
ontstaan uit botsende dromen. 3We vragen om veiligheid en geluk, hoewel
we naar gevaar en ellende schijnen te kijken. 4En we bezitten de gedachte
die ons vragen beantwoorden zal met datgene waarom we verzoeken.
2. ‘Ik rust in God.’ 2Deze gedachte zal jou de rust en kalmte, vrede en stilheid,
en de veiligheid en het geluk brengen die je zoekt. 3‘Ik rust in God.’
4Deze gedachte heeft de kracht de sluimerende waarheid in jou te wekken,
wier visie voorbij verschijningsvormen ziet naar diezelfde waarheid in
alles en iedereen. 5Dit is het eind van lijden voor heel de wereld en voor iedereen
die ooit gekomen is en nog komen zal om hier een tijdje te verwijlen.
6Dit is de gedachte waarin Gods Zoon opnieuw geboren wordt, om zo
zichzelf te herkennen.
3. ‘Ik rust in God.’ 2Volkomen onversaagd zal deze gedachte jou door storm
en strijd heendragen, voorbij ellende en pijn, voorbij verlies en dood, tot
aan de zekerheid van God. 3Er is geen lijden dat ze niet genezen kan. 4Er is
geen probleem dat ze niet kan oplossen. 5En er is geen verschijningsvorm
die niet in waarheid zal verkeren voor de ogen van jou die rust in God.
4. Dit is de dag van vrede. 2Jij rust in God, en terwijl de wereld wordt verscheurd
door stormen van haat, blijft jouw rust volkomen onverstoord.
3De rust van de waarheid is de jouwe. 4De schijn der dingen kan zich niet
meer aan je opdringen. 5Je roept allen op zich bij jou aan te sluiten in jouw
rust, en ze zullen horen en tot je komen, omdat jij rust in God. 6Ze zullen
geen andere stem horen dan de jouwe, omdat jij jouw stem aan God gegeven
hebt, en nu rust je in Hem en laat Hem door jou spreken.
5. In Hem ken je geen kommer en geen zorgen, geen lasten, geen onrust en
geen pijn, geen angst voor de toekomst en geen spijt om het verleden. 2In
tijdloosheid rust je, terwijl de tijd voorbijgaat zonder zijn stempel op jou
te drukken, want jouw rust kan nooit veranderen, op geen enkele manier.
3Jij rust vandaag. 4En wanneer jij je ogen sluit, verzink je in de stilheid.
5Laat door deze perioden van rust en verademing je denkgeest worden gerustgesteld
dat al zijn uitzinnige fantasieën slechts koortsdromen waren
die voorbij zijn. 6Laat hij stil zijn en dankbaar zijn genezing aanvaarden.
7Geen angstige dromen zullen er meer komen, nu jij rust in God. 8Neem
tijd vandaag om uit dromen weg te glijden naar vrede toe.
6. Elk uur dat jij je rust neemt vandaag, wordt iemands vermoeide denk-
geest plotseling verblijd, breekt een vogel met gebroken vleugels in zingen
uit, en gaat een beek die lang heeft drooggestaan weer stromen. 2De
wereld wordt opnieuw geboren iedere keer wanneer jij rust en je elk uur
herinnert dat je gekomen bent om de vrede van God in de wereld te brengen,
opdat die, samen met jou, tot rust mag komen.
7. Met elke vijf minuten dat jij rust vandaag, is de wereld dichter bij ontwaken.
2En het tijdstip, dat rust het enige is wat er zal zijn, nadert voor alle
uitgeputte en vermoeide denkgeesten, te moe nu om hun weg alleen te
gaan. 3En ze zullen horen dat de vogel begint te zingen en zien dat de beek
opnieuw begint te stromen, met herboren hoop en hernieuwde energie
om lichtvoetig de weg te kunnen bewandelen die al gaande plotseling gemakkelijk
blijkt.
8. Jij rust in de vrede van God vandaag en roept je broeders op vanuit jouw
rust om hen te leiden naar hun rust, tezamen met jou. 2Je zult getrouw aan
je vertrouwen zijn vandaag, niemand vergetend, iedereen binnenhalend
in de grenzeloze cirkel van jouw vrede, het gewijde heiligdom waarin jij
rust. 3Open de tempeldeuren en laat hen komen, van over heel de wereld
en ook van heel nabij; je verre broeders en je naaste vrienden; vraag hen
allen hier naar binnen om te rusten met jou.
9. Je rust in de vrede van God vandaag, kalm en onbevreesd. 2Elke broeder
komt nu zijn rust vinden en biedt jou die aan. 3We rusten samen hier, want
zo wordt onze rust compleet gemaakt, en wat wij vandaag geven, ontvingen
we reeds. 4Tijd is niet de behoeder van wat we geven vandaag. 5We
geven aan ongeborenen en aan hen die zijn heengegaan, aan elke Gedachte
van God, en aan de Denkgeest waarin deze Gedachten werden geboren
en waarin ze rusten. 6En we herinneren hen aan hun rustplaats iedere
keer als we onszelf vertellen: ‘Ik rust in God.’
(WdI.109)

En bedenk als je dit leest dat ECIW ons altijd aanspreekt als denkgeest niet als lichaam.
Wordt dit gelezen vanuit het bewustzijn en het geloof een lichaam te zijn, dan kan het niet begrepen worden, omdat juist identificatie met het lichaam de verdediging is tegen Waarheid, tegen Liefde.
Hoe het ook wordt beleefd het zal altijd op wat voor manier dan ook de herinnering triggeren aan Waarheid, of het nu het aanvaarden van Waarheid is of het blijven ontkennen.
Waarheid is onveranderlijk Waarheid, welke denkgeest omweg we ook zullen bedenken, geloven en ervaren.
Een troostrijke gedachte…

Alleen voor de liefhebber:

 

 

En dan, echt ‘weten’, zonder enige twijfel nog, dat alles wat ik zie en ervaar projectie is, gemaakt vanuit de zonde, schuld en angst waarin ik geloofde, omdat ‘ik’ de denkgeest dacht en geloofde iets vreselijks en onvergefelijks te hebben gedaan, namelijk ‘mezelf’ af te scheiden uit Eenheid, Waarheid, uit Liefde, uit God. Deze ogenschijnlijk vreselijke herinnering kan ik eenvoudigweg niet meer ontkennen, vervormen, verstoppen achter projecties. Het ligt nu open en bloot in alle eerlijkheid voor me.
Ik kijk vanuit oordeelloosheid naar de onpersoonlijke stuiptrekkingen van de keuze voor de egokant van de denkgeest. Het werkt gewoon niet meer, ik ‘weet’ teveel, ik ‘weet’ beter nu. En dan is er het moment van … en dan…
Even de onwennigheid van het niet meer werkende projectie mechanisme van de keuze voor de egokant van de denkgeest. Losse flodders nog, die geen doel meer hebben, geen functie meer.
De egokant probeert nog paniek te projecteren, maar ook dat vindt geen voedingsbodem meer. Niets is schuldig, ook niet een ‘ik’, ‘hij’, ‘zij’, ‘wij’, ‘jullie’, ‘het’, projecties zijn niet schuldig, zondig en angstig en de denkgeest die het projecteert ook niet. Ik kan nog maar één kant op nu, de éne kant die wel werkt, de keuze voor Heilige Geest.

De dissociatie van de egodenkgeest, is vervangen door de Dissociatie van HG Denkgeest. Het verschil tussen niet willen accepteren en ontkenning, door zonde, schuld en angst te projecteren, en volledige acceptatie, door eerlijke, herkenning en erkenning, als gevolg van Ware Vergeving van al mijn projecties van zonde, schuld en angst.

Dissociatie van ego: het verbergen/ontkennen van het feit denkgeest te zijn en te denken, geloven en projecteren; ‘ik ben een lichaam’.
Dissociatie van Heilige Geest: openlijk erkennen, zonder angst, ik ben niet een lichaam, maar onveranderlijke Geest in God.

… en dan…
Verder in Vertrouwen.

Als de reden waarom ik iets doe verschuift van vormgerichtheid naar denkgeestgerichtheid, gaat alles wat ik ‘doe’met plezier en zonder moeite.

“Ik voel nooit onvrede om de reden die ik denk”(WdI.5).

Ik voel nooit onvrede, omdat er iets mis lijkt te zijn in enige vorm. Ik voel nooit onvrede, omdat mijn lichaam problemen heeft, of omdat er iets mis is met andere lichamen om mij heen, of omdat dingen niet gaan zo als ik het wil, of omdat anderen of ikzelf er een zooitje van maken.
Ik voel onvrede, omdat mijn denkgeest in onvrede is en ik dat projecteer, zodat de oorzaak niet meer in mij ligt, maar buiten mij. Ik ben onschuldig en alles en iedereen buiten mij is nu schuldig. Dit pleit mij vrij van alle schuld.
De schuld projecteren op mijzelf gebeurt ook, dan krijgt mijn lichaam de schuld, ook dat is schuld zien en projecteren buiten mijzelf, de denkgeest.

Het iets met grote moeite en inspanning doen, of het iets met plezier en gemak doen is het verschil tussen doen vanuit ego, dus met zonde, schuld en angst als drijfveer, of doen vanuit Juist gerichte-denkgeest, vanuit Liefde.

De verschuiving is niet iets wat de ‘ik’ Annelies lichaam doe, want dat is immers net als de hele wereld ook een projectie vanuit schuld, het is het resultaat van het besluit van de denkgeest, van de waarnemende/keuzemakende denkgeest, om alle opdoemende gedachten die komen vanuit zonde, schuld en angst eerlijk te herkennen, te onderkennen en vervolgens te vergeven en te accepteren wat van daaruit vanzelf op zal komen in de dan genezen denkgeest.

Ik kwam laatste dit bericht tegen over aardig zijn tegen jezelf op de eerste plaats, door mijn zelfhaat eerst onder ogen te zien, zonder er zelf iets aan te willen veranderen, zonder erover te oordelen dus.
Onder aardig zijn tegen jezelf verstaat ECIW uitgelegd door Kenneth Wapnick:

12075039_950880211638387_4476232818932808793_n

En hieraan nog toevoegend, wat ik Kenneth Wapnick ook vaak heb horen zeggen, dat ik in plaats van mijzelf aan te vallen als ik weer eens een oordeel heb over mijzelf of over een ander, wat eigenlijk hetzelfde is, dat ik dan tegen mijzelf kan zeggen, oké ik viel mijzelf of iemand anders weer aan, maar dat doe ik alleen maar omdat ik weer bang werd en dat is geen zonde, ik werd alleen maar weer even bang.
Angst in welke vorm dan ook geprojecteerd is altijd afkomstig van de keuze voor ego en dus niet vanwege iets wat in een of andere vorm buiten mij lijkt te komen.
De angst zit veel dieper verstopt en is de angst voor de angst, de angst voor het kijken naar de angst en het loslaten van de angst en te ontdekken dat er ‘niets’ achter die angst schuilt:

“Achter jouw angst om vanwege de zonde naar
binnen te kijken, gaat nog een andere angst schuil, en wel een die het ego
doet sidderen en beven.
Wat als je naar binnen keek en geen zonde zag?” (T21.V.2:8-3:1).

Ja, wat dan, dan zou ik kunnen zien dat ik angst alleen maar gebruik om mij te verdedigen tegen mijn Schuldeloosheid en dus wel schuld moet projecteren op mijzelf als persoon/lichaam of op iemand anders, het tegengestelde van Onschuld is immers schuld.

Dus ik heb schuld nodig om mij te verdedigen tegen dat ik als denkgeest nog steeds onveranderlijk Onschuldig één ben in God. Om dat voor elkaar te krijgen moet ik dus iets (mijn, of een ander lichaam, een ding of situatie) buiten mij bedenken wat mijn onschuld heeft afgepakt, zodat ik nu als lichaam een onschuldig slachtoffer lijk; hij, zij, iets, deze situatie is nu ‘schuldig’ en ik ga vrijuit.

Echter het is niet makkelijk om dit zelfvernietigende denksysteem onder ogen te zien. Als ik me schuldig voel is het heel lastig om dat niet ‘persoonlijk’ te nemen. Op de eerste plaats moet ik eerst kunnen en willen opmerken dat ik schuld voel, want schuld zit altijd verstopt achter een emotie en achter iets wat lijkt te gebeuren in een of andere vorm buiten mij.
Ik kan bijvoorbeeld denken dat ik schuld in iemand anders zie, maar er dan aan voorbij ga, dat degene die dit denkt, de ‘ik’ ben de denkgeest die zelf schuld voelt, maar dat niet wil zien en dus schuld naar buiten projecteert.
De weerstand om dit te zien is enorm en ook die weerstand kan weer schuld oproepen, want dat is wat weerstand is: zonde, schuld en angst en dat tegelijkertijd ontkennen en naar buiten projecteren.

Dit vereist enorm veel eerlijkheid, oordeelloze eerlijkheid. Leren te kijken, zonder het persoonlijk te maken of te nemen. En dus ook te zien als ik dat wel doe en als ik het weer doe, ik schuld op schuld op schuld stapel.

Het is het rechtvaardigen van schuld via van mijn zogenaamde schuldeloosheid, een dualistische schuldeloosheid die juist bedoelt is, om mijn ware non-dualistische Schuldeloosheid te ontkennen en te verbergen, achter de als verdedigingsmuur opgeworpen muur van ego schuld en ego onschuld.

Maar met dit buitengewoon onvriendelijke en zelfvernietigende egodenksysteem kan ik ook eerlijk in contact komen, als ik daarvoor kies, zonder me schuldig te voelen. ik heb er immers zelf voor gekozen en kan er dus ook NIET voor kiezen, het is een keuze, meer niet.

Dus inderdaad zoals Kenneth zegt: “The way you are kind is to look at all the unkindness in yourself, but not to attack yourself for it.”

Elke tegenspartelende beweging, die toch telkens weer de schuld en mijn persoonlijke onschuld wil rechtvaardigen en bewijzen, houd mij vast in de afscheiding, en dat is dan ook het enige doel van mijn gelijk willen krijgen en hebben in een wereld die enkel en alleen draait op het geloof in de brandstof: zonde, schuld en angst.

%d bloggers liken dit: