archiveren

Tagarchief: ego

Als alles, als elke gedachte in één keer ontstond, als één big bang, en net als een bliksemschicht ook weer in dat zelfde moment verdween en er in feite “niets” gebeurt is, wat/wie is de “ik” dan…
Daar gaat geen filosoof, geen wetenschapper, geen dromer uitkomen, want dat is niet te bevatten en volkomen abstract voor de denkgeest die “het nietig dwaas idee” opzettelijk serieus nam/neemt.
Net zo goed als de letters en woorden die nu ontstaan het niet kunnen bevatten laat staan uitleggen.
Want hoe kan dat wat nooit heeft plaatsgevonden worden uitgelegd binnen het geloven dat er wél iets heeft plaatsgevonden, en tegelijkertijd verborgen moet blijven?

ECIW appeleert aan de herinnering dat er in werkelijkheid niets gebeurt is, op een manier dat het geloof in dat er wel iets gebeurt lijkt te zijn en toch niet gebeurt kán zijn een beetje begrijpelijker wordt door ons dáár aan te spreken waar we denken en geloven te zijn; in een wereld, in een lichaam en door middel van woorden.
Maar woorden blijven dubbel verwijderd van de werkelijkheid.
Hier een korte tekst over de betekenis van woorden in ECIW:

“1.Strikt genomen spelen woorden helemaal geen rol bij genezing. 2De motiverende factor is gebed, of vragen. 3Waar je om vraagt, dat ontvang je. 4Maar dit verwijst naar het gebed van het hart, niet naar de woorden die je bij het bidden gebruikt. 5Soms zijn de woorden en het gebed met elkaar in tegenspraak, soms stemmen ze overeen. 6Het is van geen belang. 7God verstaat geen woorden, want die zijn gemaakt door afgescheiden denkgeesten om hen in de illusie van afgescheidenheid te houden. 8Woorden kunnen behulpzaam zijn, vooral voor de beginner, om je te helpen concentreren en het gemakkelijker te maken irrelevante gedachten buiten te houden of op zijn minst te beheersen. 9Laten we echter niet vergeten: woorden zijn slechts symbolen van symbolen. 10Ze zijn daarom dubbel van de werkelijkheid verwijderd.

2.Als symbolen hebben woorden heel specifieke verwijzingen. 2Zelfs wanneer ze uiterst abstract lijken, neigt het beeld dat zich in de denkgeest aandient ertoe zeer concreet te zijn. 3Als er geen specifieke verwijzing in de denkgeest opkomt in samenhang met het woord, heeft het woord weinig of geen praktische betekenis en kan het zodoende het genezingsproces niet helpen. 4Het gebed van het hart vraagt niet echt om concrete zaken. 5Het vraagt altijd om enigerlei ervaring, waarbij de specifieke zaken waar om gevraagd wordt de dragers zijn van de ervaring die naar de mening van de vrager wordt verlangd. 6De woorden zijn dus symbolen voor de zaken waarom wordt gevraagd, maar de zaken zelf staan slechts voor de ervaringen waarop wordt gehoopt” (H21.1,2).

Woorden gebruikt als symbolen om dat wat nooit gebeurt kán zijn, de herinnering aan dat wat IS terug te brengen in de herinnering, waar het Weten nooit uit is verdwenen.
En als krachtig middel hierbij biedt ECIW het begrip “ware vergeving” aan om in te zetten als antwoord op het geloof dat afscheiding van Één, van God, van Liefde wel heeft kunnen plaatsvinden en dat “de wereld, en het lichaam” daar de getuigen van zijn.

ECIW zegt over ware vergeving:

“4.Vergeving daarentegen is stil en doet in alle rust niets. 2Ze schendt geen enkel aspect van de werkelijkheid, en probeert die evenmin te verdraaien tot een verschijningsvorm die haar aanstaat. 3Ze kijkt alleen, en wacht, en oordeelt niet. 4Wie niet wil vergeven, moet wel oordelen, want hij moet zijn onvermogen om te vergeven rechtvaardigen. 5Maar wie zichzelf vergeven wil, moet leren de waarheid te verwelkomen precies zoals die is.

5.Doe daarom niets en laat vergeving je tonen wat jou te doen staat, via Hem die je Gids is, je Verlosser en Beschermer, sterk in hoop en zeker van jouw uiteindelijk succes. 2Hij heeft jou al vergeven, want dat is Zijn functie, Hem gegeven door God. 3Nu moet jij Zijn functie delen en vergeven wie Hij heeft verlost, wiens zondeloosheid Hij ziet, en wie Hij eert als de Zoon van God” (WdII.1.4,5).

Opvallend is, maar ook logisch want het ego denksysteem mechanisme doet aan elke gedachte mee, dat vaak bij 5. “Doe daarom niets” alleen dát wordt gelezen en het ego meteen met verdedigingsgedachten komt zoals “maar moet ik dan maar niets doen, en met mn armen over elkaar toekijken!”. En de rest van de zin, waar juist het antwoord hierop niet wordt gelezen, namelijk “laat vergeving je tonen wat jou te doen staat, via Hem die je Gids is…”.
Dat betekent dat als ik dat waarvan ik denk dat het gebeurt is “(ver)geef” aan Heilige Geest, wat symbool staat voor de nog steeds aanwezige herinnering aan de werkelijkheid, God, Liefde, vanzelf duidelijk zal zijn wat er eventueel mag gebeuren.
En aangezien kijken vanuit ware vergeving een oordeelloos kijken is vanuit HG denkgeest, zal er ook geen oordeel zijn over wat er lijkt te moeten gebeuren. Dat dit als “lastig” ervaren wordt begrijpt Jezus en zegt er dit over in het Handboek voor leraren:

“6Dit proces is niets anders dan een bijzonder voorbeeld van de les uit het werkboek die zegt: ‘Ik doe een stap terug en laat Hem de weg wijzen.’ 7De leraar van God aanvaardt de woorden die hem geboden worden en geeft zoals hij ontvangt. 8Hij beheerst niet de richting van zijn spreken. 9Hij luistert en hoort en spreekt.

5.Een aanzienlijke belemmering bij dit aspect van zijn leerweg is de angst van Gods leraar over de geldigheid van wat hij hoort. 2En wat hij hoort kan zonder meer heel verbijsterend zijn. 3Het kan ook ogenschijnlijk helemaal niet van toepassing zijn op het voorliggende probleem zoals hij dat ziet, en kan de leraar zelfs met een situatie confronteren die hem in grote verlegenheid lijkt te brengen. 4Dit zijn allemaal oordelen die geen waarde hebben. 5Ze zijn van hemzelf en komen voort uit een armoedig zelfbeeld dat hij achter zich zou kunnen laten. 6Vel geen oordeel over de woorden die tot je komen, maar biedt ze in vertrouwen aan. 7Ze zijn veel wijzer dan de jouwe. 8Gods leraren beschikken over Gods Woord achter hun symbolen. 9En aan de woorden die ze gebruiken geeft Hij Zelf de kracht van Zijn Geest, en verheft ze van betekenisloze symbolen tot de Roep van de Hemel zelf” (H21.4:7,5).

Op deze manier wordt dat wat onmogelijk gebeurt kan zijn, maar wat wel geloofd en geprojecteerd en dus schijnbaar ervaren wordt, her-gebruikt via symboliek en woorden, zodat het mogelijk wordt dat de zichzelf misleidende denkgeest welke in zonde, schuld en angst gelooft, terugkeert in waar deze nooit uit is weggeweest.

The world, with everything in it, including “my” (and everyone’s) body (including the brain), is a never happened story, it is just a dream in the mind (not in the brain) which in its self is also a dream. And dreams are dreams, are dreams, are dreams, are dreams, never to become Reality.
Within this dream concept the whole thing is “a never ending story”, because it never began. the whole thing is just the answer, the effect to the impossible wish to be separated from Reality, Oneness, Love, God.
Only this one hidden wish keeps this impossible dream of separation going.
Until the mind is ready to let this impossible dream go and is ready to remember back into God, where it never left in the first place.
And this will “happen” inevitably, because it never really happened.

So seemingly trapped in this never happened, seemingly never ending dream the only real question would be: “what is it for?”: to keep the separation intact, or remembering back in Reality”.

That would be the only proper question to ask with everything that seems to happen in the dream, this seemingly “my” so called life.
There is no investigation needed in the outcome only in the minds input;
what is it for, and then choose again: ego or Holy Spirit, fear or Love. And the (dream) effects of this choice will “look after itself”.
There is nothing more to “do” than this: choose again, and again, and again, and again…

…iedere keer dat “ik” (schijnbaar het lichaam) verdriet (alle soorten verdriet) voel, of spijt, schuld, boosheid, gekwetstheid, of me slachtoffer voel, of wat voor emotie dan ook ervaar dan wordt er eigenlijk bepaald op ego-denkgeest niveau (niet op lichaamsniveau, dus ook niet met de hersenen, want dat bestaat niet, er is alleen denkgeest (mind)) dat er een manier is om groter te zijn, beter te zijn, meer te zijn dan Waarheid, Liefde, oftewel God.
Dus dat wat ervaren wordt en voelt als iets heel negatiefs en pijnlijk is eigenlijk een poging om te triomferen over God.
Het is, als je dit begrijpt eigenlijk pure arrogantie om te bepalen dat “ik” veel meer ben dan God, door het tegenovergestelde van God in te zetten: ego=zonde, schuld, angst, haat, woede enz.
Het gevolg van dit ego besluit is, op ego niveau zelfs de ervaring van trots, door het tonen van nederigheid, opoffering, martelaarschap, enz. dat juist lijkt te zeggen dat “ik” minder ben dan God.

Zie daar weer een voorbeeld van de schizofrene aard van de egodenkgeest.

Beide ego opties; ik ben meer dan God en/of ik ben minder dan God, zijn onjuist.

Er is alleen Één mogelijk, en dat overstijgt sowieso “mogelijk” omdat het niet bestaat, in de zin zoals wat wordt verstaan onder “bestaan” in de “wereld”.

ECIW zegt hierover in WdI.169.5:1-7,6:1-7)

“Eenheid is eenvoudig het idee: God is. En in Zijn Wezen omvat Hij alles. Geen enkele denkgeest bevat iets anders dan Hem. We zeggen: ‘God is’, en doen er dan het zwijgen toe, want in die wetenschap verliezen woorden hun betekenis. Er zijn geen lippen om ze uit te spreken en er is geen deel van de denkgeest onderscheiden genoeg om te voelen dat hij zich nu gewaar is van iets dat niet hijzelf is. Hij heeft zich verenigd met zijn Bron. En als zijn Bron Zelf, is hij alleen maar.

6.We kunnen hierover absoluut niet spreken, schrijven, en niet eens denken. Het komt tot elke denkgeest, wanneer het totale inzicht dat zijn wil de Wil van God is, volkomen is gegeven en volkomen is ontvangen. Het brengt de denkgeest terug in het oneindige heden, waarin verleden en toekomst niet denkbaar zijn. Het ligt voorbij verlossing, voorbij elke gedachte aan tijd, voorbij vergeving en het heilige gelaat van Christus. De Zoon van God is eenvoudig opgegaan in zijn Vader, zoals zijn Vader in hem. De wereld is er helemaal nooit geweest. De eeuwigheid blijft een constante staat.”

Wat “heldere” gedachtes over “het script volgen”.
Alles wat ik doe, dus ook dat ik nu zit te typen achter mn pc, staat in het script. Letterlijk elke adembeweging, elke hartklop, elke celdeling, elke beweging, kortom elke geprojecteerde gedachte, want dat zijn het, geprojecteerde gedachten, is wat het script nu is. Ook de gedachte en projectie dat een “ik” hier zit achter “mijn” pc staat in het script.
Dus als “ik” nu denk, maar wat als…. dan is die gedachte het script, als ik nu besluit koffie te gaan maken, dan staat dat in het script, de gedachte dat ik opschrijf dat ik de gedachte heb koffie te gaan zetten staat in het script. Kortom ik kan nooit iets denken en doen wat niet in het script staat. Echt niets staat niet in het script. Dus ook de gedachte die ik nu projecteer, namelijk deze gedachtes opschrijven staat in het script, omdat het niet niet in het script kan staan. Ook de keuze die ik maak, voor ego of voor HG staat in het script. Het script kan in die zin niet verandert worden, omdat het besluit te veranderen, of in dit leven helderheid te krijgen ook in het script staat…. Dus alles wat ik denk en doe, altijd en overal, staat in het script, omdat dat is wat ik denk en doe. Daarom kan het script nooit fout zijn, ook dat “ik” kan denken en geloven dat het wel fout kan gaan. En ook het besluit mijn script olv HG/J te stellen staat in het script. En ook als ik weer voor ego kies staat in het script.
Het script lijkt zich dus te schrijven door middel van elke gedachte die zich uit het non-dualistische “NU” moment lijkt los te maken en zich door projectie lijkt waar te maken op de horizontale lijn van ruimte en tijd.

Met de nadruk op “lijkt”, omdat het losraken uit Non-dualisme onmogelijk is en dus nooit een “gebeurtenis” kan zijn, geweest is of zal worden.

En ieder schijnbaar afgescheiden stukje gedachte dat zichzelf los denkt te kunnen maken van het non-dualistische “NU”, lijkt nu door het besluit af te scheiden zijn eigen individuele script te hebben. Een script dat al geschreven is in dat ene dwaze besluit van geloven en serieus nemen dat afscheiden van Één mogelijk is. En door dat besluit rolt het “NU” ineens uit in een loper van ruimte en tijd in schijnbaar miljarden schijnbaar individuele aftakkingen elk met hun eigen variatie op het ene afscheidingsidee en lijkt het alsof elke variatie op het ene afscheidingsidee een individuele keuze is die nu “waar” lijkt en het “Ware Waar” wat onveranderlijk is gebleven vervangt.

Ik denk niet dat we zogenaamde anderen die buiten ons lijken te zijn kunnen beoordelen op hun ego uitingen. Immers alles wat ik denk te zien buiten mij, in anderen, dingen en situaties laat mij mijn eigen ego projecties van zonde, schuld en angst, kortom ego zien, die ik niet in mijzelf (de denkgeest (mind)) wil zien.
Dat wat ik denk en geloof buiten mij te zien zijn altijd in eerste instantie projecties vanuit het (ene) ego denken wat niets meer en minder als enig doel heeft afgescheiden te zijn en blijven van wat Waar, non-dualistisch, Één is (God, Liefde).

En dit hele mechanisme van de beste illusionisten truc ooit, moet ten alle tijden verborgen blijven, want als de illusie doorgeprikt wordt verdwijnt de illusie en de grootste angst is dan, dat de illusionist dan ook verdwijnt.

Ik kwam hier op nadat ik dacht dat wat wij hier in de illusie (droom) beschouwen als schurken, misdadigers, de vijand, helden, redders, (want bedenk daarbij dat wat voor de een een schurk is voor de ander een held en omgekeerd), slechts de geprojecteerde projecties (vormen) zijn van de weerspiegeling van wat zich afspeelt in het (met opzet verborgen) ego denken in de egodenkgeest.

Nu lijkt de egodenkgeest wel heel solide en uitstekend afgedicht tegen ontmaskering, maar het blijft slechts een illusionisten truc welke vroeg of laat onvermijdelijk ontmaskerd wordt, want het ego is niet God proof, en deep down weet de illusionist zelf heel goed hoe de truc in elkaar zit, ook al gaat deze er schijnbaar helemaal in op.

Wij die helemaal op gaan in onze eigen illusionisten truc zijn vergeten dat we de illusionist zijn en daardoor vergeten dat wij deze enorme uitgebreide illusionisten act zelf gemaakt hebben.

Maar vergeten is niet hetzelfde als verdwenen. Waarheid, Éenheid, non-dualisme, (God, Liefde) kan onmogelijke door zijn absolute onveranderlijke aard “verdwijnen”.

Dat betekent dat achter elke truc, dus achter elke projectie hoe verschrikkelijk of hoe mooi deze er ook uit mag zien, maar als gezamenlijk kenmerk heeft het waar maken van de projectie, “Waarheid” nog steeds schuil gaat en nog steeds als herinnering aanwezig is.

Aangezien het ego mechanisme, de verdediging tegen Waarheid, niet helemaal waterdicht God proof is sijpelt er zo nu en dan dwars door de (ego) verdediging heen het licht van Waarheid. En dat heeft niets persoonlijks, heeft niets met de ego vermomming (lichaam, ding, situatie) te maken het overstijgt alles en is niet tot bijna onmogelijk in woorden te beschrijven. En toch breiden dat soort weerspiegelingen van Waarheid zich uit over de hele ene denkgeest, en helpen in het proces van het onvermijdelijk terug herinneren van het hele ene Zoonschap in God, Liefde.

Natuurlijk breid het ego denken zich ook voortdurend uit, maar dan is het de uitbreiding van illusies die in bepaalde ego vormen gegoten worden en vervolgens als waar worden aangenomen.

Als dit proces van uitbreiden en het verschil tussen uitbreiden vanuit ego of het uitbreiden vanuit “Heilige Geest” gezien en ervaren wordt en geaccepteerd dan helpt dat de illusies niet meer 100%  serieus te nemen en stopt ook stap voor stap het in stand willen houden van de illusie door middel van het blijven voeden van de brandstof van het ego en zijn illusionisten show van ruimte en tijd: zonde (verleden), schuld (heden), en angst (toekomst).

Het wederom in de herinnering terugkomen van dit diepe weten helpt ook het proces van Ware Vergeving aan te gaan, waarbij gezien wordt “dat wat jij dacht dat je broeder jou heeft aangedaan, niet heeft plaatsgevonden” (WdII.1.1:1 (blz. 404 Werkboek)), dan alleen in illusoire dromen, van de ene Zoon van God die zogenaamd vergeten is wat hij in werkelijkheid is.

Er is nooit GEEN innerlijke stem. Het scheelt maar een “G” in deze dubbele ontkenning, maar deze is van essentieel belang. Het verschil tussen onjuist gericht denken (ego) en juist gericht denken (HG/J).
Het zogenaamde “horen” van een innerlijke stem is totaal niet bijzonder laat staan speciaal.
Waarom niet? Omdat “we” altijd een innerlijke stem horen. We kunnen niets anders dan een innerlijke stem horen, omdat niet het lichaam hoort, maar de denkgeest (mind).

We denken dat  als we een innerlijke stem horen dat wel van de heilige geest oftewel van onze juist gerichte denkgeest moet komen, alsof de stem van het ego niet uit de denkgeest komt, maar vanuit een lichaam (de onjuist gerichte denkgeest).

Dat komt omdat het ego denksysteem een manier heeft gevonden om te verbergen dat er alleen denkgeest is en dat alles uit denkgeest komt. En die manier is de ego gedachte, welke altijd een gedachte van afscheiding is, achter een scherm van vergetelheid verstopt door de gedachte te projecteren buiten de denkgeest en deze projecties als oorzaak en gevolg te zien, waardoor de werkelijke bron, de denkgeest geheel uit de aandacht verdwijnt.

Nu is het niet zo dat als we beslissen dat we vanaf nu alleen naar de juist gerichte denkgeest (HG/J denkgeest) willen luisteren het lichaam en zijn zogenaamde ervaringen moeten ontkennen, dat zou immers het ontkennen van de egodenkgeest zijn, want daar komen die projecties en zogenaamde ervaringen vandaan. En als we de egodenkgeest ontkennen en afdoen met “oh, het zijn maar illusies” dan ontnemen we onze kans om deze egogedachtes te herkennen en te zien.

De beslissing om vanaf nu alleen nog maar te luisteren naar onze juist gerichte gedachtes (HG/J denkgeest) houdt juist in dat we eerst kijken zonder oordeel, zonder ze te veroordelen dus, naar al onze onjuist gerichte gedachtes, alle gedachtes van afscheiding (ego denkgeest), zodat we de andere keuze kunnen maken en ware vergeving (WdII.1. Wat is vergeving?) erop toe kunnen passen.
Dat is het lange, eenvoudige, maar niet makkelijke leerproces van ECIW.

Dus hoe dan ook we horen altijd een innerlijke stem een stem afkomstig van onze keuze voor egodenkgeest of voor de keuze van HG/J denkgeest. Waarbij de keuze voor egodenkgeest altijd vanuit het lichaam lijkt te komen, omdat vergeten moet worden dat er alleen denkgeest is, en dat bij de keuze voor HG/J denkgeest altijd herinnerd wordt dat die keuze vanuit de denkgeest komt en via vergeving terug gegeven kan worden aan de juist gerichte denkgeest.

En natuurlijk kan een gedachte ook meteen vanuit HG/J denkgeest komen, maar ga er maar vanuit dat elke gedachte eerst vanuit egodenkgeest komt, en dit herkend dient te worden alvorens opnieuw de keuze te maken, maar nu voor HG/J denkgeest.

Hoe herken ik dit? Als een gedachte niet 100% vredig is en 100% (ver)oordeelloos is komt de gedachte 100% zeker vanuit de keuze voor het egodenken en is de enige juiste stap, de gedachte herkennen, terug te nemen naar de bron de denkgeest en opnieuw te kiezen voor HG/J denkgeest en te vergeven.

Zo verloopt het leerproces van ECIW, het stap voor stap (gedachte voor gedachte) terug herinneren in de juist gerichte denkgeest (HG/J denkgeest) een (vele) levenslang leerproces dat onvermijdelijk is of men nu wel of niet bezig is met een zgn spiritueel pad.
Want de afscheiding heeft nooit werkelijk plaatsgevonden en is slechts een nietig dwaas idee van de denkgeest die even dacht dat deze afgescheiden kon zijn van Éénheid, God, Liefde of hoe je het onnoembare ook mag noemen. En dat ene nietig dwaas idee herhaalt zichzelf bij iedere volgende gedachte. En wat anders kan deze vergissing terugdraaien dan ware vergeving, welke ziet dat er in werkelijkheid niets gebeurt is dat afscheiding van Één mogelijk zou kunnen maken?

Achter elke gedachte/vorm van afscheiding, beperking, schaarste, verlies, die ik waarneem en ervaar gaat het geschenk van héélheid, grenzeloosheid, eindeloosheid, overvloed schuil.

Denk en geloof ik dat ik last heb van andere lichamen, dingen, situaties die mij beperken in alles, dan zijn dat alleen symbolen voor mijn wens (voor mijn keuze) om afgescheiden, beperkt te zijn, en schaarste en verlies te ervaren. (WdI.5 Ik voel nooit onvrede om de reden die ik denk).
Ik als waarnemende/keuzemakende denkgeest kan op basis van oordeelloosheid, dus olv Juist gerichtheid van denken, oftewel Heilige Geest, opnieuw een keuze maken om mijn vorige nu aan het licht gebrachte ego keuze te vergeven (dmv ware vergeving WdII.1) en mij daardoor open te stellen voor het geschenk van grenzeloze, eeuwige, vrijheid en vrede.

Een keuze wordt bij elke gedachte sowieso gemaakt. Er kan geen andere keuze worden gemaakt dan op denkgeest (niet het brein) niveau, omdat er niets anders is binnen het kader waarin wij geloven en denken dan denkgeest. Er is geen wereld waarin door lichamen keuzes gemaakt kunnen worden.
Dat lijkt wel zo te zijn, maar het is niet zo. En dat komt doordat als voor de egodenkgeest gekozen wordt, het feit dat het überhaupt een keuze is onmiddellijk aan de aandacht ontrokken, zodat alleen de projectie (een schijnbaar ander mens, dier, ding, situatie) overblijft en de bron volledig is vergeten.

Wordt er voor ware vergeving gekozen (WdII.1), dan komt de bron, de denkgeest weer in de gedachte omhoog en het besef dat er altijd gekozen wordt en er nooit niet gekozen kán worden.
Vanaf dat moment kan het oefenen met het bewust maken van de keuze (voor ego of HG) beginnen.

En dan is elke situatie met wie of wat dan ook mijn leer-terrein, mijn vergevingsmateriaal  en vergevingskans. En staat dan symbool voor mijn bereidheid en het er aan toe zijn terug te herinneren in éénheid, waarheid, grenzeloze, eindeloze vrede, geluk, liefde, God, welke ver boven wat voor beschrijving dan ook uitstijgt ver boven de versie die de keuze voor het ego daarvan heeft gemaakt.

Dit geschenk van héélheid, grenzeloosheid, eindeloosheid, overvloed ligt geduldig op mijn acceptatie te wachten en gaat nooit verloren, omdat het mijn “recht” is in de zin van “er is in waarheid niets anders mogelijk”…

“Niets werkelijks kan bedreigd worden.
Niets onwerkelijks bestaat.

Hierin ligt de vrede van God”
(In.2:2-4).

 

 

%d bloggers liken dit: