archiveren

Maandelijks archief: februari 2015

De droom beweegt zoals ik denk.
Zoals mijn schaduw mij altijd volgt, wat ik ook doe, wat voor gekke sprongen ik ook maak.
Ik herinner me ineens dat ik vroeger wit-heet werd als iemand elk woord en elke beweging die ik maakte precies na deed, dat waren van die ‘leuke’ kinderspelletjes. Vooral als ik dan schreeuwde ‘hou op’, en er meteen een echo volgde ‘hou op’. Totale machteloosheid en paniek voelde ik dan, het voelde als een plakkerig iets waar ik maar niet los van kon komen, hoe kwaad ik ook werd.
Maar zo gaat het eigenlijk ook met elke gedachte, elke gedachte blijft aan me kleven, en hoe ik die gedachte ook kwijt probeer te raken door ze te projecteren, ze blijft aan me ‘plakken’, want gedachten verlaten nooit hun bron.
Dus de projectie beweegt zoals ik denk. Ik heb aanvalsgedachten en de projectie laat dat zien, en hoe ik ook probeer de projectie los te snijden, hakken, met of zonder geweld, te vloeken, te tieren, te slijmen, te paaien, te verleiden, een hak te zetten, misleiden, verstoppen, ontkennen, kortom op alle mogelijke manier ver van me vandaan te schoppen, ten einde er vanaf te komen, het lukt niet en het kan ook niet lukken. De gedachte blijft verbonden aan de denkgeest die ze denkt.
De enige oplossing is de aandacht terug te trekken uit de projectie en terug te gaan naar de projector, de denkgeest. Waar gezien kan worden dat de projectie op zich niets is, maar slechts een poging is de aandacht van de bron, de denkgeest af te leiden, waardoor de projectie ‘echt’ lijkt en dus daar bestreden moet worden.
Het is als vechten met je eigen schaduw, je wordt er doodmoe van, maar het schiet absoluut niet op.

De droom van de dromer van de droom is dus enorm individueel, want nogmaals de droom beweegt zoals ik, de denkgeest die de droom droomt, denkt.
Ik, de dromer van de droom, ben dus 100% verantwoordelijk voor al mijn gedachten en niet mijn plakkerige shaduw projecties, die daar aan vast zitten, zijn de oorzaak of zijn verantwoordelijk voor mijn woede. Ze laten enkel en alleen zien wat ik denk en dat dat over mij (de dromer van de droom) gaat. En als ik deze gedachte wil toelaten en zien, dan kunnen die plakkerige shaduw projecties een andere functie krijgen, namelijk als vergevingsmateriaal. Zodat ik leer dat er geen wereld buiten mij (de denkgeest) is die mij op de hielen zit en gek maakt, maar dat het mijn eigen gedachten zijn.

Nu ik dit doorzie zal ik als ik een volgende keer weer eens wit-heet dreig te worden als mijn projecties precies doen wat ik denk, simpelweg voor Vergeving kiezen…
Vergeving is mijn enige functie, dus hebben al mijn dromen dat ook…

“Life’s but a walking shadow, a poor player
That struts and frets his hour upon the stage
And then is heard no more. It is a tale
Told by an idiot, full of sound and fury,
Signifying nothing.”

“Het leven is een zwervend schaduwbeeld,
Een arme speler die op het toneel
zijn uurtje praalt
en raast en dan verdwijnt.
Het is een sprookje door een gek verteld,
vol dolheid en rumoer dat niets beduidt.”

(Macbeth, W. Shakespeare).

 

‘Mijn denkgeest kan alleen maar dienen’ (WdII.236.1:5).

Mijn denkgeest kan alleen of egodenkgeest dienen of Heilige Geest Denkgeest, meer smaken zijn er niet. De keuze is niet de keuze voor wat er in de vorm moet gebeuren, maar op de eerste plaats voor welke denkgeest kiest de waarnemende/keuzemakende denkgeest. De keuze moet worden gemaakt, voortdurend, ik ben nooit op wat voor manier dan ook een slachtoffer van effecten van buitenaf. En de ‘ik’ die de keuze maakt is niet de projectie, is niet de droomfiguur, is niet de vorm, niet het lichaam, het is dat wat werkelijk de bron is en dat is altijd de denkgeest. Aan de mogelijkheid tot kiezen voor de egodenkgeest wordt meer en meer en steeds sneller voorbijgegaan en zie ik steeds duidelijker dat kiezen voor Heilige Geest Denkgeest geven en ontvangen is in één.

De keuze voor egodenkgeest resulteert altijd in geven en ontvangen is twee. En gaat uit van gebrek, schaarste, ongelijkheid; ik heb iets wat jij niet hebt en ik geef dat jou. Of andersom jij hebt iets wat ik niet heb, dus moet jij dat wat ik nu mis aan mij geven. Allemaal duidelijk gebaseerd op zonde/schuld en het geloof daarin.

Werkelijk dienstbaar zijn gaat via het vergeven van wat het niet is.
Het is niet zo dat Heilige Geest ons vertelt hoe we dienstbaar kunnen zijn, HG vertelt ons niet hoe we in de vorm dienstbaar kunnen zijn door bijvoorbeeld bepaalde diensten te verlenen aan anderen omdat we denken dat ze daar om vragen, of waarvan we denken dat ze het nodig hebben.
Werkelijk dienstbaar zijn werkt niet door te zien dat er gebrek wordt geleden of dat er schaarste is in een of andere vorm en dat ik dan Heilige Geest en of Jezus kan vragen mij te vertellen hoe ik daar iets aan kan doen.
Werkelijk dienstbaar zijn is ook niet denken dat ik iets weet wat de ander nog niet weet, maar wel moet weten en dat ik met behulp van HG/J wel even zal doorgeven wat de ander dient te weten.
Werkelijk dienstbaar zijn is ook niet denken dat ik speciaal ben en door HG/J uitgekozen ben ‘Waarheid’ te verkondigen en door te geven via lezingen, het leiden van groepen, het schrijven van een blog, het uitgeven van boeken, enz. enz. omdat ik denk en geloof dat anderen daarom vragen.
Dat is allemaal dienstbaar zijn gebaseerd op ongelijkheid, op het zien van ‘twee’: jij lichaam en ik lichaam, waarvan de een iets weet of heeft dat de ander niet heeft of weet en de een denkt de ander iets te moeten geven wat deze niet heeft of weet en alleen ik jou als nederige dienaar van HG/J jou kan geven. Dat is ego dienstbaarheid, gebaseerd op ongelijkheid.
Dat is dienstbaar zijn ter vernietiging.
Hetzelfde als vergeving-ter-vernietiging; ik vergeef jou wat jij fout gedaan hebt in een bepaalde situatie (vorm) en omdat ik ‘beter’ ben, het beter weet, mag ik jou onder leiding van HG/J redden:

‘Vergeving berust hier op een houding van genadige hooghartigheid, zo ver van liefde verwijderd dat arrogantie nooit ver te zoeken is’ (LII.2.2:2).

Dit alles heeft niets met ware dienstbaarheid te maken, omdat ze lichaamsgericht is, dus alleen afscheiding, onwaarheid, egodenkgeest kan dienen.
Ware dienstbaarheid kan nooit gericht zijn op het zien van schaarste en gebrek in enige vorm en dat werkelijk maken en het dan vanuit die schijnwerkelijkheid op gaan lossen in de vorm onder het mom van HG/J heeft mij hiertoe opdracht gegeven.
En nogmaals Heilige Geest denkgeest is niet iets buiten mij dat mij opdrachten geeft en helpt, HG/J denkgeest is wat ik (denkgeest) in werkelijkheid ben, maar slechts ben ‘vergeten’, zoals ik ook ben ‘vergeten’ dat ik de egodenkgeest bedacht heb als afscheidingsmiddel en daardoor nu alleen maar denk en geloof een lichaam te zijn.

Alleen (HG) denkgeest kan werkelijk dienstbaar zijn:

‘Mijn denkgeest kan alleen maar dienen. Vandaag geef ik zijn dienstbaarheid aan de
Heilige Geest om die naar Zijn goeddunken te benutten. Zo bestuur ik mijn denkgeest, die alleen ik regeren kan. En zo maak ik hem vrij om de Wil van God te doen’ (WdII.236.1:5-8)

Mijn enige verantwoordelijkheid is als waarnemende/keuzemakende denkgeest te kiezen voor mijzelf als denkgeest onder leiding te stellen van of egodenkgeest of HG denkgeest de rest zal vanzelf volgen.

En zo zal door middel van Ware vergeving, vanzelf Ware dienstbaarheid volgen.

Van totaal afgescheiden zijn naar totaal Heel zijn via en door de poort van eenzaamheid.
Er komt een punt op de weg naar Huis waar ik inderdaad moet erkennen dat ik niet weet wat ik ben, niet weet wat ik doe, waar ik ben, of hoe ik de wereld of mijzelf moet bezien.

Het ‘niets punt’ waar de tijd stilstaat, waar alleen de waarnemende-denkgeest de definitieve keuze maakt. De keuze voor het luisteren naar de ego-denkgeest of de Heilige Geest Denkgeest, voor de onjuist- of juistgerichte denkgeest.

Dit is de keuze die de ene Zoon van God moet maken, de Verzoening voor zichzelf moet aanvaarden. Niemand buiten hem kan daarbij helpen, alleen de Innerlijke leraar Jezus die hem hierin is voorgegaan kan hem hierbij terzijde staan.
Alle verleidingen worden terzijde gelegd, alle verleidingen die uit een buitenwereld lijken te komen. Alle gedachtes van dat het mogelijk is dat dingen buiten mij, mij pijn kunnen doen, verstoren, afleiden, tot gebrek en schaarste kunnen leiden, ziekte kan veroorzaken maar ook dat ik niet zonder ze kan, ze nodig heb enz.

En dan komt er onvermijdelijk het gevoel van eenzaamheid, leegte, de laatste blokkade, schijnbaar de schuld van de buitenwereld, in de steek gelaten voelen, nergens meer aansluiting vinden, vijandigheid. En de waarnemende-denkgeest observeert al deze gedachtes en maakt de keuze. En zo worden al deze gedachtes de poort verder de hel in of de poort naar de Hemel.
De Cursus heeft troostrijke woorden voor tijdens dit schijnbare eenzame proces door te laten zien hoe waanzinnig de gedachtes en de keuze voor de ego-denkgeest eigenlijk is:

Alleen zijn betekent afgescheiden zijn van de oneindigheid, maar hoe kan dit als de oneindigheid geen einde kent? Niemand kan zich buiten het onbegrensde bevinden, want wat geen grenzen heeft moet wel overal zijn. In God, wiens universum Hijzelf is, is geen begin of eind. Kun jij jezelf uitsluiten van het universum, of van God, die het universum is? Ik en mijn Vader zijn één met jou, want jij bent deel van Ons. Geloof jij werkelijk dat een deel van God kan ontbreken of voor Hem verloren kan zijn? Als jij niet een deel van God was, zou Zijn Wil niet een eenheid zijn. Is zoiets denkbaar? Kan een deel van Zijn Denkgeest niets bevatten? Als jouw plaats in Zijn Denkgeest door niemand anders dan door jou kan worden ingenomen, en het innemen ervan jouw schepping was, dan zou er zonder jou een lege plaats zijn in Gods Denkgeest. Uitbreiding kan niet belemmerd worden, en ze kent geen leemten. Ze gaat eeuwig voort, hoezeer ze ook wordt ontkend. Jouw ontkenning van haar werkelijkheid kan haar tegenhouden in de tijd, maar niet in de eeuwigheid. (T11.I.2-3)

Alleen mijn ontkenning het vasthouden aan de gedachte van afscheiding houdt mij gevangen in een zelfgeschapen eenzaamheid. Niet het eenzaam zijn in een wereld is het probleem met alle bijbehorende schijnoplossingen, maar alleen maar één waangedachte, voortkomend uit schuld:

‘Alleen zijn is schuldig zijn. Want jezelf als alleen ervaren is de Eenheid van de Vader en Zijn
Zoon ontkennen, en aldus de werkelijkheid aanvallen.’ (T15.V.2:6)

Alleen, eenzaam zijn is dan ook alleen schijnbaar mogelijk in een wereld waar afscheiding een reële optie lijkt te zijn en daardoor onmogelijk:

‘Je kunt nooit alleen zijn, omdat de Bron van alle leven je vergezelt, waar je ook gaat. Niets kan jouw innerlijke vrede tenietdoen, omdat God je vergezelt, waar je ook gaat.’ (WdI.41.4:3-4)

En dan kan ik niet anders dan me afvragen hoe ik ooit heb kunnen denken dat het onmogelijke heeft kunnen plaatsvinden:

‘Hoe kan ik alleen zijn als God mij altijd vergezelt? Hoe kan ik twijfelen en onzeker zijn over mezelf als volmaakte zekerheid in Hem rust? Hoe kan ik door iets verstoord raken als Hij in absolute vrede in mij woont? Hoe kan ik lijden als liefde en vreugde mij dankzij Hem omringen? Laat ik geen illusies koesteren over mezelf. Ik ben volmaakt, omdat God me vergezelt waar ik ook ga.’ (wdI.herh.59.1.(41):2-7)

En tot de conclusie komen dat het niet heeft plaatsgevonden ómdat het onmogelijk is en het slechts ‘Een nietig dwaas idee is’. (T27.VIII.6:2)

En waarom nog tijd en energie steken in iets wat niet waar is en niet kan en precies om die reden zo vermoeiend, uitputtend en uiteindelijk dodelijk is.
En zo wordt het totale ‘niets punt’ een ‘Alles punt’ waarop de waarnemende- denkgeest de enige keuze maakt die mogelijk is…

Vandaag maandag 23 februari komt er een nieuwe uitgave uit van Inner Peace Publications in de serie Een cursus in wonderen in de praktijk’ van Kenneth Wapnick: ‘Je vlucht voor liefde loslaten. Van dissociatie naar acceptatie van Een cursus in wonderen.’

JVVLL-S
Uitgeverij Inner Peace Publications presenteert een nieuwe vertaling uit de serie ‘Een cursus in wonderen in de praktijk’, van Kenneth Wapnick: ‘Je vlucht voor liefde loslaten. Van dissociatie tot acceptatie van Een cursus in wonderen.’
De oorspronkelijke titel: ‘Ending Our Escape From Love. From Dissociation to Acceptance of A Course in Miracles’, is gebaseerd op een audio-uitgave van ‘Escape from Love’, en bevat eveneens verzamelde discussies van workshops die ook gericht waren op het bekende probleem van de weerstand. Hierdoor kan het gezien worden als een metgezel van het eerder verschenen boekje: ‘Ending Our Resistance to Love. The Practice of A Course in Miracles.’ In het Nederlands vertaald en uitgebracht door Miracles in Contact (2006) als: ‘Je weerstand tegen liefde loslaten. Een cursus in wonderen in de praktijk’.

Het thema van de weerstand raakt precies de kern van de moeilijkheden met de Cursus, omdat deze weerstand de bron blijkt te zijn van het onvermogen van zelfs de trouwste aanhangers om de Cursus te leren, laat staan om de principes van vergeving en het loslaten van oordelen in praktijk te brengen. Het liefdevolle pad naar de Verzoening begint met je angst ervoor te herkennen, om niet te spreken van je angst voor de liefde daarachter, om daarna verder te gaan door oordeelloos te kijken naar je verdedigingen (weerstand) tegen de keuze terug naar huis te gaan. Op deze manier lost de muur van dissociatie op, en staan we Een cursus in wonderen toe het middel te zijn om de Correctie te aanvaarden die het ontwaken uit de afscheidingsdroom van het ego aankondigt, en het doel te bereiken dat we zoeken.
O mijn broeder, kende je enkel de vrede die jou omhullen en zuiver en lieflijk bewaren zal, geborgen in de Denkgeest van God, je zou niet anders kunnen dan Hem tegemoetsnellen waar Zijn altaar is. Geheiligd zij jouw Naam en de Zijne, want hier in deze heilige plaats zijn ze verenigd. Hier buigt Hij Zich voorover om jou tot Hem te verheffen, weg uit illusies naar heiligheid, weg uit de wereld naar de eeuwigheid, weg uit alle angst en teruggegeven aan de liefde.

De uitgave ‘Je vlucht voor liefde loslaten. Van dissociatie naar acceptatie van Een cursus in wonderen. Een cursus in wonderen in de praktijk.’ is vanaf 23 februari heel gemakkelijk te bestellen via onze webwinkel: www.innerpeacepublications.nl

.

Gegevens boek:
isbn: 978-94-90829-10-0
prijs: € 14,95
formaat: 14,0 x 21,0 cm
uitvoering: paperback
omvang: 120 pagina’s
verschenen: 23 februari 2015

illusje

De dood vertegenwoordigt onze grootste angst, de angst voor God, dat laatste wordt verborgen gehouden, ‘vergeten’, waardoor alleen het gevoel van angst overblijft, de angst voor het onbekende noemen we dat dan, en de angst voor het verlies van het lichaam waarvan we geloven dat dat is wat we zijn. We kunnen echter, omdat alles een gedachte is, niet gedacht door het lichaam, maar door de denkgeest, deze gedachte laten sterven door deze te vergeven, en wat dan overblijft is de dan weer tevoorschijn komende Liefde van God. Deze manier van het laten sterven van een idee heeft niets met het sterven van een lichaam te maken.
Ontwaken is het sterven (verdwijnen) van de gedachte een lichaam te zijn en weer te herinneren dat er alleen denkgeest is.
De projecties (lichamen, dingen, situaties) zullen in stand worden gehouden, zolang ze nog een functie hebben voor de ontwaakte denkgeest.

De angst…

View original post 187 woorden meer

Naarmate het wantrouwen, wat een verdediging tegen vertrouwen is, duidelijker en eerlijker onder ogen wordt gezien, en daardoor vergeven kan worden, zal het vertrouwen vanzelf groeien.

illusje

Wantrouwen is de weerspiegeling van de keuze voor egodenkgeest, naar buiten geprojecteerd als uitbeelding daarvan.
Het ego, de egodenkgeest is nooit te vertrouwen, want het komt voort uit wantrouwen (vorm van zonde, schuld en angst) en kan derhalve alleen maar vormen van zonde, schuld en angst projecteren.
Vertrouw nooit lichamen, of dingen, op zich, want dit zijn de projecties van de egodenkgeest, voortkomend uit zonde, schuld en angst. Het ego is dus ‘wantrouwen’.
Richt je vertrouwen op de bron, de denkgeest, want daar kan het wantrouwen, wat eerst onder ogen moet worden gezien vergeven worden en zal olv HG/J Vertrouwen opnieuw geprojecteerd worden wat zich zal weerspiegelen door lichamen en dingen.
Dit HG/J projecteren is van een andere orde dan de projectie van de egodenkgeest.
Het blijft in beide gevallen een projectie, alleen de egodenkgeest koppelt het los van de denkgeest, de projector dus, zodat het nu lijkt alsof er…

View original post 1.377 woorden meer

%d bloggers liken dit: