archiveren

Tagarchief: gedachte

Iedere gedachte bevat de wil tot afscheiding, de keuze voor en het geloof in ego en de herinnering aan wat mijn keuze voor ego mij wil laten vergeten; de keuze voor en het geloof in HG.
Dit helpt enorm om elke gedachte, uit de schijnbare (met opzet) vorm chaos van projecties, terug te brengen naar zijn bron, de denkgeest de enige “positie” waar ik kan leren dat niet op de eerste plaats de vorm waarin deze keuze worden geprojecteerd er toe doet, maar de achterliggende keuze voor afscheiding. Alleen in die denkgeest positie kan er opnieuw gekozen worden, voor afscheiding (vergeten) of voor Herinneren.
Dit helpt ook om de vormen waarin de wens tot afscheiding geprojecteerd wordt niet meer in zijn vorm als zodanig serieus te nemen. Immers de projectie op zich is nooit wat deze lijkt te zijn. Allereerst is het een projectie, een soort filmbeeld en het wordt geprojecteerd om de achterliggende reden, de wil tot afscheiding van Één, te verbergen.
Mijn ego zal hier onvermijdelijk een reactie op geven (het ego is in elke gedachte aanwezig), maar al lerende dat het niet is wat het lijkt, dus niet echt of waar is, kan ik er ook beter met steeds minder wordende angst (angst=verdediging) naar leren eerlijk oordeelloos te kijken (=kijken olv HG/J), zodat de gedachte geschikt wordt als vergevingsgedachte en vergevingskans.

Wat metafysische gedachten:
Als alles een gedachte is en alles wat ik denk en geloof te zien een geprojecteerde versie van die gedachte is, dan is de logische conclusie dat alles komt van een gedachte uit de denkgeest. (Denkgeest is niet het brein!).
Dat betekent onder andere, dat als ik me van A naar B beweeg en of dat nou van mijn pc naar de keuken is of een wandeling naar de plaatselijke super, de trein, bus, auto of de fiets neem om ergens naar toe te gaan, of vanaf Schiphol naar NYC of LA het eigenlijk altijd teleportatie is.
We (de denkgeest) doen non stop aan teleporteren.
Zowel het lichaam dat lijkt te bewegen als het vervoermiddel als de afstand die afgelegd wordt komt voort uit een geprojecteerde gedachte. In die zin is de denkgeest die dit allemaal projecteerd voortdurend met magie bezig.
In die zin is bijvoorbeeld een Jezus die over het water loopt of een Gary die ineens Arten en Pursha op zijn bank aantreft, of een Sai Baba die dingen materialiseerd of een ik die over straat naar AH loopt en dingen koopt precies hetzelfde. Het zijn allemaal projecties vanuit de denkgeest.
In de vorm waarin het zich schijnbaar laat zien lijkt het heel verschillend en vinden we het één abnormaal, of wonderlijk en het andere “normaal”. Maar laten we eerlijk zijn, en logisch, als alles afkomstig is vanuit de denkgeest en dus een gedachte blijft, dan is alles hetzelfde, omdat de bron hetzelfde is. En gedachten, ideeën verlaten nooit hun bron (de denkgeest).

Het feit dat we wel verschillen zien en helemaal niet (willen) zien dat de bron van alles de denkgeest is, betekent alleen dat we hebben gekozen voor de ego optie van de denkgeest. Het ego heeft als enig doel zijn bron (de denkgeest) te verbergen en deze bron te verplaatsen naar zijn projecties, die daardoor afgescheiden en los zijn komen te staan van de denkgeest en nu ineens de bron lijken te zijn.
Ondertussen is en blijft deze poging tot afscheiding ook een magische truc welke niet werkelijk tot afscheiding van de werkelijke Bron kan leiden.
Daarmee wordt elke magische beweging (en dat is alles wat “we” lijken te doen in een wereld in een lichaam) die “we” onbewust (onbewust als bescherming tegen het uitkomen van wat onmogelijk is) onwaar en eigenlijk volkomen ongevaarlijk.

Dit wat zich nu opschrijft en dit kan observeren, moet wel de terugkerende herinnering zijn welke het verschil kan waarnemen tussen Waar en onwaar. Wat tevens betekent dat het realiseren van dat er kennelijk een keuze gemaakt kan worden ook steeds duidelijker wordt.
Als alles gedachte is afkomstig vanuit de denkgeest kan er een keuze gemaakt worden, de keuze voor magie (alles wat het “ik” lichaam lijkt te doen in de wereld) met als doel afscheiding of voor het laten her-gebruiken van diezelfde magie, door de magie te vergeven, waarmee wordt gekozen voor het opgeven (vergeven) van wat niet gebeurt kán zijn in de wetenschap dat wat onveranderlijke waarheid is, nooit kan veranderen in iets anders.

Daardoor zal alle “magie” een andere functie krijgen.
De wat we eerst zagen als extreme vormen van magie of materiële wonderen, zoals lopen over water, verlichte meester in de woonkamer, of dingen materialiseren uit het “niets”, maar ook dat wat we niet beschouwen als magie, maar het wel is (ons dagelijkse leven) zal dan kunnen worden gezien en worden her-gebruikt als symbolen voor het doorbreken van de schijnbare begrenzingen welke het geloof in het afgescheiden egodenken met zich meebrengt. En zal er een opening komen voor de onvermijdelijke wil terug te herinneren in Waarheid.

Als iets of iemand buiten gesloten wordt dan is dat niet om de reden die gedacht wordt. Niet omdat de persoon gehaat wordt (of andere gradatie daarvan), maar omdat de keuze voor zonde, schuld en angst welke zich in de denkgeest bevindt, geprojecteerd wordt, zodat het zich nu buiten de “mij” lijkt te bevinden en de “ik” de schuld-vinger naar “de ander” kan laten wijzen, zodat de “ik” onschuldig lijkt.
Hiermee verdwijnt niet de ego keuze voor zonde, schuld en angst die zich nog steeds in de denkgeest bevindt, het verplaatst zich slechts.
Elke oordeel wat hier weer op volgt is weer enkel en alleen en niets anders dan opnieuw kiezen voor ego-denken. En dit gaat door tot de “denkgeest” besluit zich in zijn observerende positie op te stellen en alleen nog maar kijkt naar wat de zelf geprojecteerde projecties, die voortkomen uit de keuze voor zonde, schuld en angst schijnbaar laten zien.

In de praktijk betekent dat elke seconde en wat daarin lijkt te gebeuren geaccepteerd wordt als dat wat er op dat moment is, omdat dat is wat er is. Wat het ook is, of het nu over iets van vroeger, in de toekomst of dat het zich nu afspeelt, het is wat het nu is, als geprojecteerde gedachte. Niet de situatie is wat er nu is, de gedachte die het projecteerd is wat er nu is en dat ziet eruit als een projectie die we een situatie noemen. Maar er is geen situatie er is een projectie=gedachte die er nu is. Tot een volgende nu, welke geen volgende nu is, maar steeds weer tijdloze nu.
Ook als dit idee niet geaccepteerd wordt is dat de gedachte die er op dat moment is, en ook de gedachte die daar weer op volgt en de gedachte die daar weer op volgt, het is steeds dat wat er nu is en er is geen “volgt op”. Ook als ik de situatie wil veranderen, dan is dat de gedachte die er nu is. Er is geen situatie die in een toekomst kan veranderen, er is een gedachte nu, die nu denkt dat er in de toekomst iets kan veranderen. Dat is niet zo, er kan alleen een nu gedachte zijn, waar die gedachte ook maar over mag gaan.
En zo kan ik nog uren doorgaan, wat ook niet waar is, want het is steeds een herhaling van de ene nu gedachte. NU… en elke gedachte die mogelijk is “gebeurt” NU… er is niets anders…
Het onveranderlijke “nu” blijft onveranderlijk “nu”, en daardoor is alles wat zich daarin lijkt af te spelen niet waar.

Onderschat niet de kracht van de egodenkgeest.
De bron, de kracht, en de motor van de egodenkgeest is “geloof”.
Enkel en alleen “geloof” houdt de egodenkgeest in stand.
Enkel het terugnemen van “geloof” kan de egodenkgeest doen oplossen als het “niets” wat het is: een geloof.
Want wat is “geloof” anders dan een “geloof”, een gedachte, een nietig dwaas idee.

“Geloof” kan alleen effect hebben op dat wat uit “geloof” is ontstaan. Dat wat uit “geloof” is ontstaan is nog steeds “geloof”, het verandert niet ineens in “waarheid”.
“geloof” zelf is enorm krachtig, door het “geloof” zelf.
“Geloof” kan bergen verzetten, omdat de berg zelf ook een “geloof” is.
Alles wat ik “geloof” te zien, is dus inderdaad ook een “geloof”.
En zo wordt de denkgeest geconditioneerd door “geloof”.
Ik “geloof” dat ik een mens ben, ik “geloof”dat ik Annelies heet, dat ik een vrouw ben, dat ik…. een bijna eindeloze hele lijst conditioneringen over wat ik “geloof” te zijn.
Alles wat ik denk, letterlijk iedere gedachte die ik heb, inclusief de gedachte dat er een ik is, is “geloof”.

Ik (wat een geloof is, dus lees elke volgende “ik” maar als “geloof”) “geloof” dat er een ik is in een wereld waar van alles gebeurt. Aangezien die wereld ontstaat uit de keuze voor het denken en geloven in afscheiding, het egodenken, en dus het tegenovergestelde moet zijn van waarheid, eenheid, liefde, God, richt ik mijn “geloof” op het tegenovergestelde daarvan, het “geloof” in onwaarheid, tweeheid, haat en een god versie die denkt vanuit zonde, schuld en angst.

Nu geheel gelovend en opgaand in dat “geloof”, kan ik (ander woord voor geloof) niet anders dan dat “geloof” uitbreiden vanuit het “geloof” in onwaarheid, tweeheid, haat met altijd op de achtergrond het geloof in een oplettende god, zodat er altijd een vaag gevoel van zonde, schuld en angst op de achtergrond van alles wat ik denk/doe loert.
Dit “geloof” in zonde, schuld en angst bepaalt nu mijn hele leven en ben ik (geloof) totaal vergeten dat er alleen maar  “geloof” aan ten grondslag ligt en verder helemaal niets.

Zolang ik (geloof), “geloof” in alles wat ik (geloof) “geloof” te zien en “geloof” te doen, is “geloof” in afscheiding veilig en zal dat “geloof” zich blijven uitbreiden, tot het “geloof” erin gaat wankelen en de “gelover” zich al is het maar heel even, zich ineens afvraagt…. “is dit wel zo?”.
Dat kan dan het signaal zijn om “geloof” stap voor stap te laten ontmaskeren, gedachte voor gedachte, te laten ont-geloven.

Dit is wat ECIW ware vergeving noemt, het ego “geloof” laten vervangen door Heilige Geest “geloof”, een “geloof” dat weet dat er niets gebeurt is dan enkel “geloven” dat er iets gebeurt is.
En ja, het is nog steeds “geloof”, omdat wij die “geloof” zijn alleen die taal kunnen begrijpen, maar nu omgekeerd her-gebruikt wordt, zodat kan worden teruggekeerd naar dat ene nietig dwaas idee (“geloof”), dat afscheiden van waarheid, eenheid, liefde, God wenselijk en mogelijk is.

Onderschat de kracht van het egodenken als “geloof” niet, en dat dat “geloof” niet zomaar in één keer op kan houden. Het is een geleidelijk proces van stap voor stap ont-geloven, met een groeiend vertrouwen dat ik (geloof) en de wereld en alles wat ik (geloof) zie en ervaar niet is wat ik (geloof) “geloof” dat het is.
En dat elke angst gedachte die de in een “ik” gelovende gedachte in dit proces van ont-geloven tegen kom slechts ook maar weer “geloof” in verdediging is, niet meer en niet minder.
Uiteindelijk is het verdwijnen van “geloof” onvermijdelijk, omdat er in werkelijkheid niets anders gebeurt is dan erin geloven…
En met het verdwijnen van “geloof” verdwijnt ook vanzelf de “ik” en de wereld, omdat het slechts een geloof is wat geloofd wordt.

Deze gedachte kwam naar boven:
“Laat deze relatie over aan het Onpersoonlijke (J/HG) en breng elke persoonlijk gerichte gedachte (ego) welke de neiging heeft uit het Onpersoonlijke weg te vluchten in het persoonlijke, terug naar zijn bron de Onpersoonlijke Denkgeest, de enige “plaats” waar Ware Vergeving zal werken.
Elk persoonlijk (ego) gericht oordeel zal dit proces blokkeren, vergeving van elk persoonlijk (ego) oordeel zal de blokkade ongedaan maken.
Meer kan en hoeft er niet gedaan te worden.
Alleen vanuit deze denkgeest toestand kan ware Inspiratie komen.”

Dit hele proces zal duidelijker worden naarmate het eerlijk observeren van elke gedachte, van elk oordeel, groot en klein, door dit veel te oefenen, beter zal worden geleerd.
En eerlijk observeren wordt geleerd door elke oneerlijk gedachte te leren herkennen en onderkennen.

Zo kan het zijn dat als men net begint met het proces van ontwaken, wat een “natuurlijk” niet te vermijden proces is trouwens, wat op z’n “best” uitgesteld kan worden zolang men dat wenst, zo kan het zijn dat men dermate enthousiast wordt van het idee van ontwaken en men het intellectueel of vanuit het hart helemaal denkt te snappen, men in een soort gelukzalige roes van liefde komt en denkt en gelooft er al te zijn. Dit vervolgens ook met groot enthousiasme uitdragend naar de rest van de wereld. Dit is stappen overslaan en duidelijk de onmiddellijke reactie vanuit het persoonlijke (ego), en niets anders dan een verdediging juist tegen het proces van ontwaken. Geniaal bedacht, want het voelt zóóóó goed, dus moet het wel van HG/J, de juist-gerichte denkgeest komen, meestal niet dus.

Ook hier geldt weer kijk er eerlijk naar het is niet goed of fout, het is (mits dat toegelaten wordt) de bedoeling om er oordeelloos naar te leren kijken, zo ook elk  eventueel volgend oordeel over het oordeelloos kijken en zo verder.

Omgekeerd kan ook, dat als men begint met het proces van ontwaken toe te laten, de weerstand zo enorm is, dat het pad onmiddellijk verlaten wordt en met walging opzij geschoven en de hele wereld moet horen hoe slecht, ongezond en gevaarlijk dit pad is. En iedereen die anders suggereert wordt aangevallen.

Al deze gedachten zijn niet “verkeerd”, sterker nog een ieder die de bereidheid voelt kriebelen om te ontwaken zal één van deze twee vormen van weerstand (en er zijn er nog veel meer) op zijn onvermijdelijke reis naar ontwaken uit deze droom tegenkomen.
Ontwaken zonder enige weerstand is onmogelijk. Mocht je het idee hebben dat jouw reis van terug herinneren in Eenheid gladjes verloopt zonder ook maar enige weerstand te voelen met alleen maar halleluja gevoelens en inspirerende ervaringen, dan moet het proces van eerlijk kijken waarschijnlijk nog beginnen.

Aangezien het onmogelijk is weerstand te vermijden, (hooguit te omzeilen zoals ik net beschreef) blijft alleen over diezelfde weerstand in al zijn geniale vormen oordeelloos onder ogen te leren zien, zodat het in plaats van afscheidingsmateriaal nu als vergevingsmateriaal kan dienen.
Doet men dit werkelijk eerlijk, dan zal het “script” (mijn leven zoals het zich voordoet) ook eerlijker gespeeld worden, zonder eigen bedachte oplossingen die het script leuker en dragelijker maken, door het ego voor HG/J (juist-gerichtheid van denken) te laten spelen
Ook dit is een mechanisme wat onvermijdelijk langs zal komen en dus opgemerkt zal moeten worden en ook weer terug gebracht kan worden naar de bron, de denkgeest, waar het als afscheidingsgedachte (ego) begon en vertrok en nu als vergevingsmateriaal her-gebruikt kan worden.

Kortom het terug herinneren in Eenheid is onvermijdelijk, omdat afscheiding van Eenheid simpelweg onmogelijk is. De manier waarop zal vanuit een ogenschijnlijke persoonlijke focus moeten starten, omdat we geloven iets persoonlijks te zijn en de weg naar terug herinneren alleen kan verlopen door elke persoonlijk gerichte gedachte terug te nemen en te laten vergeven.

 

 

 

 

Even een herfstig filosofisch gedachte blokje om in de denkgeest, niet wetende wat er om de volgende bocht zal opdwarrelen in het denken.

Neem even aan dat wat de ‘ik’ nu ervaart een gedachte is, een gedachte gedacht door de denkgeest die deze gedachte denkt en projecteert, zodat er in de gedachte een denk-beeld opdoemt, nog steeds gedacht door de gedachte die denkt. De ‘ik’ kan dan niets anders zijn dan ook een gedachte, gedacht door de gedachte die denkt en projecteert.
Maar wat is de gedachte dan, wat is de denkgeest die denkt?
Het lichaam? Nee natuurlijk niet, want het lichaam is een gedachte van de gedachte die denkt. En een gedachte blijft een gedachte een gedachte verandert nooit in iets anders dan een gedachte. Gedachten zelf zijn veranderlijk, dus projecties (welke ook gedachten zijn en niets anders) ook. Gedachten verlaten nooit hun bron de denkende denkgeest. Gedachten kunnen nooit veranderen in autonome los van de gedachte staande vormen, zoals de wereld, lichamen, dingen en situaties.
Alles is dus alleen maar gedachte, gedacht door de denkgeest die alleen in staat is te denken/projecteren. Nogmaals, projecties zijn 100% gedachten.
Zijn gedachten dan ‘echt’, ‘waar’?
Nee, als ik voorgaande gedachtegang logisch doortrek, dan zijn gedachten ook niet ‘echt’, niet ‘werkelijk’. Waar komen gedachten dan vandaan?
Uit de gedachte dat het mogelijk is te denken dat gedachten waar zijn.
En zo zit de gedachte gevangen in een gesloten gedachten systeem, dat zichzelf in stand houd door zijn eigen gedachten.
En de gedachte kan hier niet mee stoppen, want dan verdwijnt de gedachte in het ophouden van de gedachte, wat nog steeds een gedachte is…

Dit gaat verder dan “wat zou ik zijn zonder deze of deze gedachte”.
Want dan wordt er nog vanuit gegaan dat er een ‘iets’ (ik) is wat iets denkt en daardoor denkt te bestaan.
Wat echter, zou de gedachte zijn zonder de gedachte…
En dan staat de gedachte op het randje van zijn zelf bedachte gedachte wereld, een bedachte gedachte wereld, gedacht met maar één doel, een gedachte zijn en blijven.
De gedachte houdt zichzelf in stand door zijn eigen gedachte en bedachte gedachten en de vraag “wat zou de gedachte zijn zonder gedachte”, roept enorme weerstandsgedachten op.
Waarom? Omdat de gedachte (denkgeest) zonder gedachte niet meer de gedachte kan hebben dat er een gedachte is…

De gedachte die op dit gedachtepunt uitkomt zal er alles aan doen de gedachte gaande te houden om de gedachte, dat er ook geen gedachte is die denkt, dus ook geen denkgeest die denkt, te ontlopen. Daarom komt elke gedachte die gedacht wordt door de denkgeest die denkt dat hij bestaat omdat deze denkt, voort uit angst, vermomd in miljarden gedachte variaties hiervan, welke alleen maar gedacht worden als verdediging tegen het verdwijnen van gedachten…
En dan staat de gedachte aan die afgrond van angst. Een afgrond welke ook een gedachte is bedacht door de gedachte zelf, niet als waarschuwing of als uitnodiging om wel of niet te springen, maar als wederom een gedachte om de gedachte in stand en gaande te houden.

Er is dus ook geen denkgeest die gedachte heeft, dan alleen in de denkgeest die denkt gedachten te hebben en zichzelf daarmee denkt in stand te houden.
Een niet bestaande perpetuum mobile van gedachten…
Hoe daar een einde aan komt?
Wie/wat stelt deze vraag?
Dat kan niets anders zijn dan de gedachte die met deze vraag het perpetuum mobile van gedachten in stand wil houden.

“Er is geen wereld!” (WdI.132.6:2)

Elke gedachte, elke ervaring heeft, zodra deze zich aandienen eerst als doel afgescheiden te zijn en te blijven van Eenheid, van God, van Liefde. Door dit volledig te gaan leren doorzien, oordeelloos, zonder zonde, schuld en angst wordt dit doel omgekeerd, door elke gedachte, elke ervaring nu als vergevingsmateriaal en vergevingskans te zien en onvermijdelijk terug zal leiden naar de Bron die nooit verlaten is.

Laten we nou eens voor de lol heel rationeel, logisch en als het even kan oordeelloos, gewoon observerend kijken en denken.
En laten we dan voor het gemak de observerende denkgeest als uitgangspunt als bron nemen en al is het maar voor de duur van dit blogje, de aanname aannemen dat er in werkelijkheid alleen EEN mogelijk is en twee onmogelijk is, wat zich ook eigenlijk wel zelf bewijst door het simpele feit dat twee (dualiteit) niet blijkt te werken, ook al blijven we proberen tot de dood er op volgt en zelfs dat maakt aan het wanhopige proberen niet een einde.
Waarom we dat blijven proberen tegen beter weten (want voor het gemak vergeten) in, heb ik in het vorige blog uitgelegd. Wat ik ga schrijven geen idee ik laat gedachten gewoon komen en gaan en schrijf ze onderwijl op.

Als er alleen EEN mogelijk is, en twee daardoor logischerwijs onmogelijk, hoe kan er dan conflict zijn?
Kan EEN in conflict zijn met zichzelf? Uh, nee…
Hoe kan het dan dat er wel voortdurend de ervaring is van conflict. Voor conflict is ‘twee’ nodig. Kan Onveranderlijk EEN twee worden? Nee….. tenzij het onmogelijke gelooft wordt.
Maar maakt het in iets geloven het ook ‘echt’? Nee, want het blijft een (onmogelijke) gedachte waarin wordt gelooft, waardoor het onmogelijke ineens mogelijk lijkt, maar ondertussen nog steeds onmogelijk is.
EEN hoeft niet te denken of zich bewust te zijn laat staan te vergeven, want waarom zou dat nodig zijn?

“In de eeuwigheid, waar alles één is, sloop een nietig dwaas idee binnen waarom de Zoon van God vergat te lachen. Door dit te vergeten werd de gedachte een serieus idee, in staat tot zowel verwezenlijking als werkelijke gevolgen” (T27.VIII.6:2-3).

God staat voor EEN de Zoon van God staat voor uitbreiding van Een. Uitbreiding van Een is niet twee, uitbreiding van EEN is uitbreiding van EEN.

“God deelt Zijn Vaderschap met jou, die Zijn Zoon bent, want Hij maakt geen onderscheid tussen wat Hijzelf is en wat nog steeds Hijzelf is. Wat Hij schept staat niet los van Hem, en nergens eindigt de Vader en begint de Zoon als iets afzonderlijk van Hem” (WdI.132.12:3-4).

Twee is dus onmogelijk.
Voor de duidelijkheid: EEN staat voor non-dualisme, is vormloos, twee staat voor dualisme, dat wat we (twee) de wereld, het universum met alles drop en dran noemen.

Dit lijkt allemaal theorie en gefilosofeer, maar stel dan even de vraag; door wie/wat?
‘Iets’ moet van EEN afweten en kunnen observeren dat er kennelijk ‘iets’ een andere onmogelijke afslag heeft genomen, waardoor EEN nu ook ineens als en in twee kan denken.
Twee die zich niet meer bewust is van EEN (want vergeten zie vorig blog) kan dit niet bedenken. Twee, die een ernstig vermoeden krijgt dat hier iets vreemds aan de gang lijkt te zijn wat niet helemaal klopt, met andere woorden zich begint te herinneren en daardoor in staat is te observeren los van totale identificatie met twee, kan dat kennelijk wel.
Er is binnen twee kennelijk nog de herinnering aan EEN. Dat moet ook wel want EEN kan niet vernietigt worden, alleen verdrongen, en vergeten worden.
En dat stukje herinnering binnen twee is in staat tot observeren.

Kennelijk is dat stukje herinnering nu aan het woord en wordt herkend of resoneert met een ander stukje herinnering.

En dan komt het erop aan in hoeverre dat tot observeren instaat zijnde stukje twee, twee zat is en eraan toe is ‘twee’ stap voor stap op te geven, waardoor vanzelf onvermijdelijk het terug herinneren in EEN het gevolg zal zijn.
Terug herinneren, niet terug keren, want EEN is alleen ‘vergeten’, en niet vermomd als twee echt weg geweest, ook al lijkt dat zo.

Dat wat nu de vraag voelt opkomen: “WAAROM???”, moet wel dat stukje twee zijn wat twee wil blijven.
“Waarom??” is immers een vraag welke een antwoord impliceert en een vraag en een antwoord is een variatie op ‘twee’, en houdt alleen maar de dualiteit in stand, wat dan ook precies het doel van de vraag is. Twee wil helemaal geen antwoord, twee wil gewoon in twee blijven en doet dat door vragen te stellen, vragen die niets anders zijn dan opgesplitst EEN.
En kan het onmogelijke mogelijk gemaakt worden, oftewel kan van Onveranderlijk EEN twee worden gemaakt? NEEN.
Beide kunnen onmogelijk samen gaan, dus er is of EEN of twee.

Kiest twee voor EEN vanuit het referentiekader van twee, dan is terug herinneren in EEN onmogelijk. Gewoon weer een slim idee van twee die voordoet dat het zich wil herinneren, maar de boel saboteert, door toch twee als uitgangspunt en referentiekader te nemen.
Kiest twee voor EEN vanuit het Vergeven van twee, dan is terug herinneren in EEN onvermijdelijk. Ware Vergeving wel te verstaan, het soort vergeving dat ziet dat er in werkelijkheid niets gebeurt is en dat EEN nog steeds onveranderlijk EEN is en dat wat zich als twee lijkt te manifesteren slechts een dwaze vergissing is, niet in staat om ook maar wat binnen EEN aan te richten.
Twee hoeft niet vernietigt te worden, want waarom zou wat er niet kan zijn vernietigt moeten worden. De gedachte van vernietigen kan dan ook alleen afkomstig zijn van twee.
Dat wat het terug herinneren wel als vernietigend ervaart moet wel dat stukje twee zijn wat tegenstribbelt en zich niet wil herinneren, maar dit zogenaamd onbewust verbergt achter het ogenschijnlijk wel willen.
Ook dit is niet hopeloos, want de ervaring van vernietigd worden, een gedachte die overigens onvermijdelijk is maar wel onderkent dient te worden, kan weer worden Vergeven door het stukje twee wat zich wel wil herinneren.

Dit hele verhaal lijkt misschien behoorlijk abstract, maar wie/wat denkt dit?
Zonder kennis te hebben van wat metafysica, dus van de bron welke achter de wereld van projecties ligt, zal het heel moeilijk zijn om een pad als ECIW te begrijpen.
Alleen de metafysica begrijpen zonder deze toe te passen in dat wat ik als mijn leven zie en ervaar, is ook een dood lopende weg.
Kennis hebben van de metafysica van in dit geval ECIW werkt het beste als ik het gebruik als een soort anker, waar ik naar terug kan gaan als mijn leven weer eens een totale chaos lijkt doordat ik me weer helemaal laat opslokken door ‘twee’. Ik kan me dan bewust zijn van dat ik weer kies voor ‘twee’ (de keuze voor ego, dus vormgericht) en kan dan altijd terugkeren naar het idee van EEN, en weer inpluggen op de Hulp (de symbolen daarvoor Jezus en of Heilige Geest, oftewel denkgeest gericht zijn) die de brug vormen en de illusoire kloof tussen twee en EEN kunnen overbruggen en dichten.

ECIW is een 100% praktische cursus. Vandaar dat er ook een Werkboek gedeelte is dat onderwijst hoe terug te herinneren van twee naar EEN, daarbij gebruikmakend van het dagelijkse leven als vergevingsmateriaal. Dat wat als ‘leven’ wordt gezien hier in een wereld hoeft niet te worden vernietigd, het kan worden her-gebruikt en krijgt dus ‘alleen’ een andere functie.

En bedenk dat elke gedachte die gedacht wordt tegelijkertijd bestaat uit 1. ego, het (onmogelijke) idee van de mogelijkheid van ‘twee’. 2. Heilige Geest, de herinnering aan onveranderlijke EEN en 3. het waarnemende/keuzemakende gedeelte dat in staat is om te kiezen tussen te luisteren naar ego of naar Heilige Geest.
Zolang er de ervaring is van in een wereld te zijn in een lichaam zal er altijd de schijn zijn van twee, ook al komt alles nog steeds vanuit EEN en is er ook maar één ego, ook al is die gedachte illusoir. Vandaar dat elke gedachte uit bovengenoemde drie gedeelten lijkt te bestaan binnen één.
ECIW ontmoet ons waar we denken en geloven te zijn en werkt vandaar uit terug naar het herinneren terug in EEN.
ECIW is vooral een training in 100% waarnemende/keuzemakende denkgeest worden. Totdat totaal wordt ingezien en ervaren dat er eigenlijk maar één keuze mogelijk is omdat alleen EEN werkelijk is en twee onwerkelijk, dus onmogelijk. Dan zal het resterende nog ‘ervaren’ in een wereld nog maar één doel dienen; terug herinneren in EEN.

We zijn niet een lichaam maar Geest.
Zolang we onszelf als een ‘hier’ ervaren zijn we bewuste denkgeest, maar ook dat is nog steeds een gedachte.
Is dat een ‘lastige’ gedachte? Ja dat wordt als een lastige gedachte ervaren. Is de ervaring dan lastig? Nee, de ervaring is nog steeds een gedachte, dus alleen de gedachte hoe die gedachte ook ervaren of gezien wordt, blijft een gedachte.

Zo dacht ik aan de gedachte ‘verslaving’. We zeggen het lichaam is verslaafd aan alcohol, nicotine, drugs, suiker, vet, enz. enz….
Dat is niet zo, er is geen lichaam er is alleen een gedachte, die het idee ‘lichaam’ (be)denkt.
Niet het lichaam is verslaafd, maar de gedachte. Dat maakt toch wel een heel verschil in beleving denk ik en ervaar ik. Er is alleen maar een gedachte welke denkt en gelooft verslaaft te zijn, ik kan dus niet meer beweren (denken en geloven) dat mijn lichaam verslaafd is en ik daar het slachtoffer van ben. Want er is geen lichaam, dus ook geen verslaafd lichaam.

Dat is alleen maar een slim trucje van de egodenkgeest die dit als trucje gebruikt om mij, die nu denkt een lichaam te zijn dat verslaafd is aan iets, uit het herinneren van weten denkgeest te zijn te houden.
Er is alleen denkgeest welke denkt en gelooft verslaafd te zijn.
Het heeft dan ook geen enkele zin het lichaam te behandelen om van een verslaving af te komen. Want er is geen lichaam er is alleen een gedachte welke een lichaam (be)denkt, ook wel projectie genoemd.
Ook al geloven we heilig in dat het lichaam verslaafd kan zijn en dus behandelt kan worden dan is het nog steeds een gedachte projectie en is het nog steeds de denkgeest die behandelt wordt.
Alleen mijn geloof in een verslaafd lichaam houdt deze illusie in stand.

Ja maar het is toch heel echt, ik voel het toch?
Ja, klopt, maar bedenk dan hoe echt je je lichaam en dat van anderen ervaart in je slaap droom.
Hou je dan nog steeds vol dat wat je in je droom ervoer ‘echt’ was?
Nee, en precies zo is het met dat wat wij ons dagelijks  leven noemen.
Het is één grote droom, een grote egotruc.

Moet ik dan maar niet meer m’n lichaam behandelen?
Nee, want het maakt niet uit wat je doet, het is altijd gedachte materiaal, gedacht door en afkomstig van de denkgeest, en nooit afkomstig vanuit het lichaam als bron. Ik doe dus nooit iets lichamelijks, want er is geen lichaam, ik ‘doe’ dus altijd iets op denkgeest niveau. Ook al ziet het eruit als iets lichamelijks doen het is niet zo.

Dus ook al geloof je heilig in de genezing van het lichaam en zie je daar alle bewijzen van, er is nooit een lichaam dat ziek was, en nooit een lichaam dat genas.
Het speelt zich alleen maar af in de denkgeest die een wereld heeft gemaakt om te verbergen dat er alleen maar ‘gedachte’ is gedachte door de bedenker, de denkgeest.

Uiteindelijk als we zover zijn dat we dit willen zien, is dit goed nieuws.
We hoeven geen lichamen te genezen, maar de denkgeest die maar één ziekte verschijnsel heeft, en dat is geloven dat er lichamen zijn die ziek zijn.
Dat is dus niet hetzelfde als het lichaam verwaarlozen, en ziekte van het lichaam ontkennen.

De denkgeest kan echter niet genezen door hetzelfde idee welke gelooft in het idee van een lichaam te zijn; de egodenkgeest.
De egodenkgeest is alleen geprogrammeerd om te geloven dat er geen denkgeest is, maar een wereld met lichamen, dingen en situaties. Vandaar dat het zo ‘echt’ lijkt. Het is letterlijk gezichtsbedrog.

Wat is het dan dat het bewustzijn terug herinnert denkgeest te zijn en niet een lichaam?
Dat is dat gedeelte van de denkgeest dat zich bewust wordt van de herinnering aan nog steeds verbonden te zijn met en in Waarheid, Eenheid, God, Liefde. We kunnen dit het waarnemende gedeelte van de denkgeest noemen. Tevens het gedeelte van de denkgeest dat uit zijn slachtoffer rol kan stappen en zijn verantwoordelijkheid als keuzemaker op zich kan nemen.

De denkgeest kan heel lang denken en geloven dat er wel een wereld is met lichamen enz. maar kan het niet echt ‘Waar’ maken, het is en blijft een nietig dwaas idee dat tot verwezenlijking in staat leek te zijn, maar dat niet echt kan en ook nooit zal kunnen.
Vroeg of laat is het waanzinnige geloof in iets wat onmogelijk is, namelijk afscheiden van Eenheid, gewoon klaar. Het is niet meer vol te houden, de kracht die het kost om het krankzinnige idee van afscheiding in stand te houden neemt af. De weerstand verzwakt, gaat gaten vertonen, en steeds vaker komt de gedachte bovendrijven, ‘dit kan niet waar zijn, er moet een andere manier zijn’.
En die andere manier is door alles wat de denkgeest (dat wat we zijn zolang we nog ervaren) in eerste instantie heeft gebruikt om zich af te scheiden van Eenheid, dus bijvoorbeeld in een verslaafd lichaam te geloven, te vergeven en terug te geven aan de Herinnering van Eén Geest te zijn, (in ECIW symbolisch heilige Geest of Jezus genoemd) zodat Eenheid herinnerd wordt.
De denkgeest zal dan genezen zijn, want er was geen lichaam dat ziek was, maar een gedachte, gedacht door de denkgeest die in afscheiding geloofde.
Het egoscript waarbij er wel een lichaam lijkt te zijn dat ziek is en weer geneest of niet zal nog wel ervaren worden, maar het bewustzijn van niet een lichaam en of een ziekte te hebben of zijn zal volledig zijn.
Het lichaam en of ziektes worden niet ontkend, maar gezien voor wat het is, een ‘geprojecteerde gedachte’, maar nu met een ander doel; het genezen van de denkgeest.
Blijf ik nog steeds de vraag op zien komen: ‘ja maar geneest het lichaam dan ook?’ dan betekent dat alleen dat het terug herinneren in het bewustzijn van te weten denkgeest te zijn, nog niet voltooid is. De volledig ontwaakte denkgeest heeft geen behoefte meer deze nog steeds op weerstand duidende vraag te stellen. Het is niet fout, of iets waar ik me zondig of schuldig over moet voelen, maar een vaststelling die middels Ware Vergeving een oordeelloze vaststelling kan worden.

Terug herinneren in dat wat Waarheid, Eenheid, God, Liefde wordt genoemd, ook nog steeds een idee, een gedachte, maar dan een ‘Herinnerings idee’ is dan onvermijdelijk en het proces van ‘weglopen’, wordt omgekeerd naar ‘terugkeren’.

Stap voor stap worden alle gedachten die eerst tot doel hadden af te scheiden omgekeerd (en in ECIW gaat dat middels Ware Vergeving), zodat tenslotte de volledig terugkeer voltooid is.

 

%d bloggers liken dit: