archiveren

Tagarchief: Eenheid

Achter elke gedachte/vorm van afscheiding, beperking, schaarste, verlies, die ik waarneem en ervaar gaat het geschenk van héélheid, grenzeloosheid, eindeloosheid, overvloed schuil.

Denk en geloof ik dat ik last heb van andere lichamen, dingen, situaties die mij beperken in alles, dan zijn dat alleen symbolen voor mijn wens (voor mijn keuze) om afgescheiden, beperkt te zijn, en schaarste en verlies te ervaren. (WdI.5 Ik voel nooit onvrede om de reden die ik denk).
Ik als waarnemende/keuzemakende denkgeest kan op basis van oordeelloosheid, dus olv Juist gerichtheid van denken, oftewel Heilige Geest, opnieuw een keuze maken om mijn vorige nu aan het licht gebrachte ego keuze te vergeven (dmv ware vergeving WdII.1) en mij daardoor open te stellen voor het geschenk van grenzeloze, eeuwige, vrijheid en vrede.

Een keuze wordt bij elke gedachte sowieso gemaakt. Er kan geen andere keuze worden gemaakt dan op denkgeest (niet het brein) niveau, omdat er niets anders is binnen het kader waarin wij geloven en denken dan denkgeest. Er is geen wereld waarin door lichamen keuzes gemaakt kunnen worden.
Dat lijkt wel zo te zijn, maar het is niet zo. En dat komt doordat als voor de egodenkgeest gekozen wordt, het feit dat het überhaupt een keuze is onmiddellijk aan de aandacht ontrokken, zodat alleen de projectie (een schijnbaar ander mens, dier, ding, situatie) overblijft en de bron volledig is vergeten.

Wordt er voor ware vergeving gekozen (WdII.1), dan komt de bron, de denkgeest weer in de gedachte omhoog en het besef dat er altijd gekozen wordt en er nooit niet gekozen kán worden.
Vanaf dat moment kan het oefenen met het bewust maken van de keuze (voor ego of HG) beginnen.

En dan is elke situatie met wie of wat dan ook mijn leer-terrein, mijn vergevingsmateriaal  en vergevingskans. En staat dan symbool voor mijn bereidheid en het er aan toe zijn terug te herinneren in éénheid, waarheid, grenzeloze, eindeloze vrede, geluk, liefde, God, welke ver boven wat voor beschrijving dan ook uitstijgt ver boven de versie die de keuze voor het ego daarvan heeft gemaakt.

Dit geschenk van héélheid, grenzeloosheid, eindeloosheid, overvloed ligt geduldig op mijn acceptatie te wachten en gaat nooit verloren, omdat het mijn “recht” is in de zin van “er is in waarheid niets anders mogelijk”…

“Niets werkelijks kan bedreigd worden.
Niets onwerkelijks bestaat.

Hierin ligt de vrede van God”
(In.2:2-4).

 

 

ECIW ontmoet mij waar ik denk en geloof te zijn. En wat ik denk en geloof is dat ik een lichaam ben wat in een wereld leeft samen met miljoenen andere lichamen (mensen, dieren, dingen en situaties).
Nu is mijn geloof in de werkelijkheid van een “ik” als lichaam in een wereld enorm aan het wankelen geraakt. Kennelijk is er een ontwaken uit de droom van het werkelijk maken van wat ik denk en geloof aan de gang. Kennelijk zit er toch een grens aan het werkelijk kunnen en willen maken van deze droom en is ontwaken uit die droom onvermijdelijk.

ECIW is een denksysteem dat gebruikt wat ik snap, dat wat ik ken, dat waar ik mijn schijnbare veiligheid uit haal, dus waar ik denk en geloof te zijn. Dat waar ik denk en geloof te zijn wordt her-gebruikt, niet meer met als doel in de droom te blijven, maar om eruit te ontwaken. En de sleutel die ECIW hierbij gebruikt is Ware Vergeving (zie vorig blog).
De droom wordt niet ontkend, of afgewezen, aangepast, verandert, de droom wordt her-gebruikt. In plaats van de droom werkelijk te maken wordt dit alles vergeven. (Zie: Wat is vergeving (WdII.1 blz.404))

Natuurlijk doet het egodenksysteem nog steeds mee, er is immers maar één denkgeest waarin zich een schijnbare splitsing heeft voorgedaan, dat een droom (het nietig dwaas idee) heeft bedacht en houdt dat, omdat het zo is geprogrammeerd, automatisch in stand. Het heeft dan ook geen zin dit egodenksysteem te ontkennen, te verbergen of het mooier of slechter te maken.
Het is en blijft een denksysteem wat zich wil afscheiden van Waarheid, van God, van Liefde. Omdat de schijn te geven van dat dat mogelijk is moet het wel precies het tegenovergesteld zijn van God, van Éenheid, van Liefde. En dus kan het niet anders dan een denksysteem zijn van angst, haat, En die angst en haat moet wel enorm sterk en overweldigend zijn om het op te nemen tegen God, tegen Éénheid.
Ondertussen is er niets aan de hand en is er niets gebeurt, dan alleen in een angstige droom waarin het onmogelijke (afgescheiden raken van God, Liefde, Éénheid) mogelijk lijkt te zijn geworden.

Het egodenksysteem zal zich onmiddelijk aanpassen aan deze nieuwe gedachtes en op zijn eigen wijze hierop reageren. Het doet dit door schijnbaar mee te gaan met deze nieuwe (afscheidings)gedachtes. Zo zal het zogenaamd enorm gaan ageren tegen “het ego” en dat totaal afwijzen en er zogenaamde spirituele gedachtes voor in de plaats gaan zetten. Het zal bijvoorbeeld adviseren me uit de wereld terug te trekken, me te dissociëren van het lichaam, de wereld af te wijzen, al mijn woede en haat te richten op mijzelf en de wereld en me schuldig te laten voelen over alles wat ik denk en doe.
Het zal me eenzaam te midden van al die afgedwaalde “schuldige”, “kwaadaardige” lichamen laten voelen. En het zal vooral verbergen dat dit mij (“lichaam”) wordt aangedaan en verbergen dat het slechts een keuze is voor een denksysteem, een denksysteem van afscheiding, niet meer en niet minder dan dat.

En het egodenksysteem zal bijvoorbeeld adviseren vooral diep te verzinken in meditatie, me af te zonderen, me aan te sluiten bij groepen met bijbehorende goeroes, wel of niet wat dan ook te eten, of aan te trekken, eindeloos teksten als “ik ben niet een lichaam” als mantra te herhalen enz.
En ook zal het ego op dit alles reageren met goed of afkeuring, het zal hoe dan ook oordelen, positief of negatief. Het kenmerk is hoe dan ook dat het vormgericht is en dat wederom “vergeten” wordt dat ook dit egodenksysteem slechts een denksysteem is en niet een vormsysteem.
Het ego heeft als doel te doen laten vergeten dat er alleen denkgeest (mind) is en dat dat de bron is van alles wat gedacht, gezien en ervaren wordt en dat er geen andere bron is dan dat.
Dit lezen alleen al kan enorme weerstand oproepen, weet dan dat het niets te maken heeft met wat gelezen wordt, maar met de keuze voor het willen denken vanuit ego, de keuze voor het in stand houden van de afscheiding.

Wat wel werkt om dit denksysteem te doorbreken is hiernaar kijken, oordeelloos, er niets aan te veranderen, het terug te nemen in de denkgeest en het te vergeven.
“Doe daarom niets en laat vergeving je tonen wat jou te doen staat…” (WdII.1.5:1)
En wees er alert op dat het ego in elke gedachte gewoon mee doet, het egodenken zal denken “oh, ik hoef niets te doen” en dit denkt het omdat het de opdracht heeft te verbergen dat er geen “ik” lichaam is dat dingen moet doen, maar dat er alleen denkgeest is die afscheidingsgedachten heeft en deze projecteerd.
Kijk er gewoon naar en vergeef het.
Wat dan gebeurt is dat er automatisch gekozen wordt, doordat eerst het egodenken onder ogen is gezien en vergeven, voor het andere denksysteem, het denksysteem van HG, dat Éénheid, Liefde, God, vertegenwoordigt.

Dat HG denksysteem is dus niet een keuze voor het actief veranderen van het egodenksysteem in een beter spiritueel systeem, want dat zou weer gewoon de keuze voor ego zijn.
De keuze voor HG is een keuze op zich, de rest zal automatisch volgen, maar nu vanuit het HG denksysteem in plaats vanuit het egodenksysteem.

 

Wat ware vergeving NIET is:
WV (ware vergeving afgekort voor het gemak) is niet een manier om van lijden en pijn over iemand of iets af te komen. Want dan moet immers eerst dat wat lijd en dat waarover pijn wordt geleden “echt” gemaakt worden.
Ik is immers niet een “ik” die lijd en pijn voelt over een iemand of iets.
“Ik voel nooit onvrede om de reden die ik denk” (WdI.5). (In plaats van het woord onvrede kan elk gevoel worden geplaatst, zoals lijden, pijn enz.)

Er is alleen denkgeest en zelfs dat is slechts een concept binnen het “nietig dwaas idee” van het geloof afgescheiden te kunnen zijn van Éénheid, God, Liefde, Waarheid, of hoe je het onnoembare onbestaande maar wilt noemen.

“Onbestaande” schrijf ik. Dus wat er lijkt te gebeuren is dat geprobeerd wordt dat wat onnoembaar en onbestaand, puur non-dualistisch is, in een benoembaar, bestaand concept om te toveren. Maar ook dat is onmogelijk, want wat onbestaand is kan onmogelijk werkelijk bestaand worden, oftewel wat één is kan geen twee worden wat dus niet anders kan resulteren dan in een opnieuw onbestaand onmogelijk concept; denkgeest die zichzelf uit Éénheid kan denken en dat ook nog eens extra “waar” probeert te maken door er lichtbeelden bij te maken (een “ikje” lichaam en een wereld van vormen), waardoor opzettelijk wordt vergeten en verborgen dat zowel de beelden als de projecterende denkgeest volledig onmogelijk en totaal onwaar zijn.

Dus (is de ervaring) WV gebruiken om het “ikje” beter te doen lijken voelen heeft niets met WV te maken en is hetzelfde als wat dan ook in wat voor vorm dan ook als troost te gebruiken.
Daar is niets mis mee, want er kan alleen dat ervaren worden waar de (schijnbare)  denkgeest+projectie op dat moment is, maar het is niet wat WV is.

Wat dan te doen met al dat pijnlijke lijden?

“[Ware] Vergeving daarentegen is stil en doet in alle rust niets. 2Ze schendt geen enkel aspect van de werkelijkheid, en probeert die evenmin te verdraaien tot een verschijningsvorm die haar aanstaat. 3Ze kijkt alleen, en wacht, en oordeelt niet. 4Wie niet wil vergeven, moet wel oordelen, want hij moet zijn onvermogen om te vergeven rechtvaardigen. 5Maar wie zichzelf vergeven wil, moet leren de waarheid te verwelkomen precies zoals die is.

5.Doe daarom niets en laat vergeving je tonen wat jou te doen staat, via Hem die je Gids is, je Verlosser en Beschermer, sterk in hoop en zeker van jouw uiteindelijk succes. 2Hij heeft jou al vergeven, want dat is Zijn functie, Hem gegeven door God. 3Nu moet jij Zijn functie delen en vergeven wie Hij heeft verlost, wiens zondeloosheid Hij ziet, en wie Hij eert als de Zoon van God” (WdII.1.4-5).

Het pijnlijke lijden krijgt hierdoor een andere functie, in plaats van het “waar” proberen te maken, wat op zich al lijden en pijn met zich meebrengt, omdat het onnatuurlijk is te proberen afgescheiden te raken van Éénheid, wordt dezelfde pijn en het lijden nu her-gebruikt als WV materiaal en kans. Het lijden en de pijn worden nu nog wel gezien en gezien als een ervaring, een projectie, een lichtbeeld op een scherm, maar niet meer als pijnlijk lijden ervaren.

Onnodig te zeggen dat dit een leerproces is, waarbij de waarnemende/keuzemakende denkgeest stapje voor stapje de enorme drang, met als motor zonde, schuld en angst, gaat doorzien en bereid is het onnodige onmogelijke geloof in zonde, schuld en angst los te laten weken door middel van het leren en toepassen van wat WV is.

Als WV wederom voelt als iets te moeten opofferen, verliezen en opgeven, dan is het geen WV en wordt er wederom gekozen voor voor het ego “veilige” afgescheiden blijven van Éénheid, God, Liefde.

Het mooie van WV is dat niets “fout” is. De keuze (want dat is het, de keuze voor het ego) voor pijn en het lijden is niet “fout”, het is slechts een vergissing van de denkgeest die in de war is en verstrikt is geraakt in de doolhof van afscheidingsgedachten en doelloos rondzwerft in deze doolhof zonder begin en einde en dat kan niet anders worden ervaren als lijden en pijn.
WV neemt, mits overgedragen, deze vergissingen in al zijn schijnbare vormen aan als geschenken en verandert het dolen in de doolhof in een labyrinth waarbij aan de hand van Juist-gerichtheid-van denken en WV een goede afloop onvermijdelijk is.

En natuurlijk speelt WV zich nog steeds af binnen het concept van de droom maar vormt het tegelijkertijd een brug naar het terug herinneren in Waarheid, de uitgang uit het labyrinth van het lijden.

 

Het viel me al eerder op dat wat vaak “tussen haakje” , zo even “tussen neus en lippen door”  wordt gezegd en of geschreven, heel vaak een enorme eyeopener voor mij is. Ik zou ook kunnen zeggen wat tussen de regels door wordt gezegd. Zo kwam ik in een V&A de volgende tussen – zin tegen (door mij in vet weergegeven):

” Wanneer de Cursus nieuw voor ons is – en dat is meestal minstens de eerste dertig of veertig jaar van onze studie en de beoefening ervan – denken de meesten van ons dat we anderen proberen te vergeven voor wat ze hebben gedaan, en onszelf omdat we in de val gelopen zijn die zij voor ons hebben gezet.” (V&A #1019 op de V&A website eciw.nl: https://www.eciw.nl/index.php/nl/)

Dat is voor de ongeduldige (Ongeduld komt altijd van egodenkgeest) een kans om weerstand in te zetten tegen de bewustwording van de denkgeest dat er altijd een keuze wordt gemaakt, dus voor ego (de keuze voor afscheiding) of voor Heilige Geest (de keuze voor terug herinneren in God, Liefde, Eenheid, Waarheid, of hoe je het onnoembare ook maar wil noemen). Dat er een keuze mogelijkheid is zal door het ego altijd verborgen worden gehouden, want dat is zijn door mij geprogrammeerde taak en dus kan het niet anders dan dat.

En in verreweg de meeste gevallen is het bewust worden en het willen aanvaarden van het feit dat er altijd een keuze wordt gemaakt (tussen ego en HG) een langdurig proces.
Een langdurig vaak levenslang proces, waarbij de weerstand van de denkgeest laagje voor laagje afgepeld wordt op een schijnbaar heel persoonlijke wijze. Dit gebeurt niet doordat ” ik”  iets wel of niet moet doen vanuit gedragsperspectief, maar puur vanuit de keuze die gemaakt wordt voor egodenkgeest of voor HG denkgeest. (Ook wel de onjuist-  (ego) of juist- (HG) gerichte denkgeest genoemd.)
Dus die opmerking tussen neus en lippen door,  – en dat is meestal minstens de eerste dertig of veertig jaar van onze studie en de beoefening ervan – is op het eerste gezicht misschien teleurstellend en demotiverend (=gedacht vanuit het egodenken die zogenaamd of zo snel mogelijk wil ontwaken, of de andere zijde van de egomedaille; het zo lang mogelijk uit wil stellen), maar ook wel rustgevend in het bewustzijn dat alleen gekozen hoeft te worden of ik de rest van mijn bewuste denkgeest leven(s) onder leiding van het ego of onder leiding van Heilige Geest wilt zetten.
Dat is namelijk de enige keuze die we als denkgeest steeds maar weer maken, eerst volledig onbewust, maar als eenmaal (her)ontdekt is dat er een keuze te maken is op denkgeest niveau, en alleen daar, want er is niets anders dan denkgeest, dan is er de uitnodiging steeds maar weer opnieuw een bewuste keuze te maken, vanuit wat de (bewuste) keuzemakende denkgeest genoemd kan worden.

Als ” ik”  (denkgeest) mij laat leiden door de keuze voor HG denkgeest zal ik op een heel (schijnbaar) persoonlijke wijze door alle weerstanden ten gevolgen van de keuze voor het ego, heen geleid worden. Het zal dan nooit als te veel of te weinig worden ervaren, maar precies als waar de denkgeest op dat moment aan toe is.
En hoe sterker het vertrouwen in deze leiding wordt des te makkelijker zal het verlopen en hoef ik me niet meer bezig te houden met egogedachtes als: hoelang duurt het nou nog, waarom gaat het zo langzaam, ik ben er helemaal klaar mee, volgens mij ben ik nu verlicht, ik ben veel verder dan anderen, alleen ik bewandel het juiste pad, ik maak er een puinhoop van, Jezus en de Heilige Geest luisteren niet naar mij, ik ben zo slecht dat ik verloren ben, hij/zij is wel verlicht/ontwaakt, maar ik niet, ik wordt zo deprie van mijn ontwaakproces, ik voel me zoooooo hysterisch gelukkig, ik doe iets niet goed, ik moet eerst door de donkere nachten van mijn ziel, ik wil nu wel eens een leuk leven, het wordt tijd voor een ander (beter) pad, ik moet me in het zweet werken om dit te volbrengen, ik moet streng zijn voor mezelf, oh, lekker ik kan de hele dag in mn bed blijven liggen, want ” ik hoef niets te doen”, ik haat goeroes, ik ben dol op goeroe’s, en de mijne is de beste, spirituele paden, boeken, bijeenkomsten, leraren zijn heilig, ik stop met dit pad. Allemaal stuk voor stuk gedachtes (best wel interessant en komisch en verhelderend om dit lijstje voor jezelf te maken) die duidelijk te herkennen zijn als de keuze voor het egodenken+identificatie met de projecties (lichamen, dingen en situaties). Gedachten die niet gaan over waar ze lijken over te gaan, (WdI.5), ze zijn dus niet fout of goed, maar gaan alleen maar over de wens om afgescheiden te blijven van Waarheid, Eenheid, God, Liefde. En ook duidelijk te herkennen als gedachtes+projecties die voortkomen uit de onheilige drie-eenheid van het ego: zonde, schuld en angst, met als enig doel in de afscheiding blijven.

Dus die opmerking:  – en dat is meestal minstens de eerste dertig of veertig jaar van onze studie en de beoefening ervan – gaf en geeft mij (nadat ik er eerst heel hartelijk om moest lachen) een heel opgelucht en bevrijdend gevoel van; zo, daar hoef ik me niet meer druk om te maken, want ik kan onmogelijk weten hoe “mijn” pad verloopt, omdat ik simpelweg geen all-over overzicht kan hebben over al die duizenden opgeworpen verdedigingslagen van ” mijn”  egodenkgeest. Ik kan ze echter wel leren zien en terug (ver)geven aan de denkgeest, daar waar ze worden gemaakt en opnieuw de keuze maken, en ze nu bewust onder leiding zetten van de Heilige Geest (en of Jezus, beide symbolen voor oordeelloosheid), meer valt er niet te doen. Alles wat daar uit mag volgen zal hoe dan ook behulpzaam zijn, hoe het er ook uit mag zien.
En daar staat in ECIW ook wat over wat ik hier even zal plakken:

” 5. Een aanzienlijke belemmering bij dit aspect van zijn leerweg is de angst van Gods leraar over de geldigheid van wat hij hoort. 2En wat hij hoort kan zonder meer heel verbijsterend zijn. 3Het kan ook ogenschijnlijk helemaal niet van toepassing zijn op het voorliggende probleem zoals hij dat ziet, en kan de leraar zelfs met een situatie confronteren die hem in grote verlegenheid lijkt te brengen. 4Dit zijn allemaal oordelen die geen waarde hebben. 5Ze zijn van hemzelf en komen voort uit een armoedig zelfbeeld dat hij achter zich zou kunnen laten. 6Vel geen oordeel over de woorden die tot je komen, maar biedt ze in vertrouwen aan. 7Ze zijn veel wijzer dan de jouwe. 8Gods leraren beschikken over Gods Woord achter hun symbolen. 9En aan de woorden die ze gebruiken geeft Hij Zelf de kracht van Zijn Geest, en verheft ze van betekenisloze symbolen tot de Roep van de Hemel zelf” (H21.5:1-9).

 

Kan ik iemand kennen?
Nee, dat wat ik in een iemand anders of in iets anders zie, gaat over wat ik (nog) niet in mijzelf, hoe ik over mijzelf denk, wil zien. Dus in het beste geval kan ik mezelf daardoor leren kennen, althans zoals ik mezelf hebt gemaakt (geprojecteerd), opgezet als schijnbaar”ikje” als verdediging en afscheiding van het Zelf. Het non-dualistische Zelf waar ik (met opzet) niet meer bij lijk te kunnen komen, omdát ik uit angst en schuld niet mag (wil) zien dat ik deze wereld en alles en iedereen daarin, met opzet heb opgezet om vooral afgescheiden te kunnen blijven lijken van Eénheid die onveranderlijk is en waarvan afscheiden onmogelijk is.
Dus de wereld is één grote truc, een grote uitputtende droom (zeg maar gerust nachtmerrie) met maar één doel: afscheiding van Eén. Een onmogelijke opgave die nooit werkelijk zal kunnen lukken (God zij dank).

De oplossing?
Dit hele krankzinnige onmogelijke denk/geloof systeem doorzien, precies zoals het zich lijkt voor te doen, dus terwijl het ervaren wordt (dus niet door er mij aan te onttrekken, hoewel als ik dat mezelf zie doen het ook weer vergevingsmateriaal/-kans is) en het vergeven. Hetzelfde droommateriaal wordt niet verandert, maar anders gebruikt, niet meer als afscheidingsmateriaal, maar als vergevingsmateriaal-kans.
Dat is de betekenis van er anders naar kijken onder leiding van de juist gerichte (HG) denkgeest, in plaats van onder leiding van de onjuist gerichte (ego) denkgeest.
Dus jazeker ik heb “de ander”, of het “iets anders” (en de projectie die ik van mijzelf heb gemaakt) nodig om al mijn “speciale” verdedigingsgedachte tegen Waarheid aan het licht te brengen, zodat ze kunnen worden vergeven, volgens het principe van “ware vergeving”. Die functie kan ik geven aan elke ontmoeting, dat is tevens de enige keuzevrijheid die er is.
Zie (lees) WdII.1. Wat is vergeving?  (blz. 404 Werkboek)
Dáár gaat ECIW over.

Image may contain: 1 person, smiling, text

Hoe langer ik met ECIW bezig bent en ook echt toepas in het dagelijkse leven van alle dag en nacht, des te meer en duidelijker zie ik de truc van het egodenken om alles wat herinnert aan Waarheid eenvoudig weg om te keren, zodat het het tegenovergestelde van Waarheid laat zien. Als ik op die manier kijk naar wat het egodenken maakt kan ik ook beter zien wat het probeert te verbergen achter deze wisseltruc welke alleen maar een poging tot het verbergen en vergeten van Waarheid, Eenheid is.

Als de ervaring er een is van het leven van een ‘normaal’ rustig leven, met wat onvermijdelijke hobbels hier en daar afgewisseld met leuke en succesvolle ervaringen, valt de omkeer truc van het egodenken niet zo op en wordt het leven geaccepteerd zoals het is en berust men gelaten in zijn lot ondertussen een zo comfortabel mogelijk leventje te maken, door alle problemen die langskomen te negeren, of zo snel mogelijk uit de weg te ruimen.

Is de ervaring echter dat van een zeer intensief leven, met grote pieken en vooral zeer diepe dalen, dan zal vroeg of laat de vraag rijzen: ‘is dit nou leven, zoveel ellende dat kan toch niet echt de bedoeling zijn, dat moet toch anders kunnen?’
Dan wordt de waarnemer in ons wakker en groeit de bereidheid ‘anders te willen kijken’.

Als dat wat wij in de wereld van het ego denken waarnemen/ervaren als ‘weef foutjes’, als iets wat afwijkt van wat wij accepteren als ‘normaal’, dan kan ik dat zien als een reminder dat de wereld nu eenmaal niet perfect is, dat ‘shit happens’, of ja je hebt nu eenmaal slechterikken en braverikken, het is je eigen schuld, het zit in je genen daar doe je niets aan, het is de schuld van de ouders, kinderen, familie, buren, regering, dingen en situaties, maar ik kan het ook, als tot ontwaken bereid zijnde denkgeest zien als een reminder dat die ‘weef foutjes’ totaal niet passen binnen Waarheid, Eenheid, dus het ook gezien kan worden als slechts een poging Waarheid, Eenheid te verbergen achter het precies tegenovergestelde van Waarheid, Eenheid. Dat maakt het ‘weef foutje’ niet fout maar slechts een op z’n kop beeld van Waarheid, Eenheid.

Neem ik bijvoorbeeld waar dat het leven ervaren wordt als een aan ernstige angststoornis en depressiviteit lijdende persoon wat een ‘normaal’ leven onmogelijk maakt, dan kan ik dat als tot ontwaken bereid zijnde denkgeest ook zien als juist het omgekeerde van wat het lijkt te zijn.
Ik denk dan maar weer meteen aan les 5 uit het Werkboek:

“Ik voel nooit onvrede om de reden die ik denk:

1. Dit idee kan, evenals het voorgaande, gebruikt worden bij elke persoon,
situatie of gebeurtenis waarvan jij denkt dat die jou pijn bezorgt. Pas het
uitdrukkelijk toe op alles waarvan jij gelooft dat het de oorzaak van je onvrede
is, en gebruik daarbij de omschrijving van het gevoel in een bewoording
die je juist lijkt. De onvrede kan zich voordoen als angst, bezorgdheid,
depressiviteit, verontrusting, kwaadheid, haat, jaloezie en nog
talloze andere vormen, die je allemaal als verschillend zult waarnemen.
Dit is niet waar.
Maar tot je geleerd hebt dat de vorm er niet toe doet, is
elke vorm geschikt als onderwerp van de oefeningen van de dag.
Hetzelfde idee op elke vorm afzonderlijk toepassen is de eerste stap naar
de uiteindelijke erkenning dat ze allemaal hetzelfde zijn” (WdI.5.1).

Ik zie deze woorden: “Ik voel nooit onvrede om de reden die ik denk”, dan ook als een uitnodiging, om dat wat ik dacht te zien en te geloven en als waarheid aannam, binnen het egodenken, als precies het omgekeerde van Waarheid te zien en dus als een poging om mijzelf aan Waarheid, Eenheid, Liefde te onttrekken. Wat natuurlijk sowieso een onmogelijk idee is, wat alleen mogelijk lijkt te zijn door mijn geloof erin.

Dus de waarneming van een aan angststoornis en depressie lijdende persoon welke eigenlijk een projectie laat zien van de keuze voor afgescheiden te willen zijn van Waarheid, Eenheid, Liefde wordt nu een uitnodiging ‘anders’ te willen gaan zien, door dat wat ik dacht te zien als waarheid, als vergissing te onderkennen, en deze vergissing te Vergeven, (Ware Vergeving zie: WdII.1 blz. 404) waardoor de herinnering aan Waarheid, Eenheid, Liefde weer in het bewustzijn terug keert.
Les 34 helpt mij hieraan te herinneren:

“Ik zou in plaats hiervan vrede kunnen zien.

1. Het idee voor vandaag maakt een begin met de beschrijving van de voorwaarden
die gelden voor de andere manier van zien. Innerlijke vrede is
ontegenzeglijk een innerlijke zaak. Het moet beginnen bij je eigen gedachten
en zich dan naar buiten toe uitbreiden. Juist uit jouw vredige
denkgeest vloeit een vredige waarneming van de wereld voort” (WdI.34.1)

Een waarneming van een vredige wereld, niet een vredige wereld op zich als feitelijke vorm. (onthoud: “Er is geen wereld” (WdI.132.6:2))
Dus hoe dit zich als resultaat van Ware Vergeving zal projecteren in enige vorm, doet er dan niet meer toe, omdat ik dan werkelijk weet en ervaar dat niet de vorm de oorzaak is van angst en depressie, maar de keuze voor het denksysteem van zonde, schuld en angst en deze voor waarheid aan te zien en erin te geloven. Hoe dan ook zal er vanzelf de Inspiratie zijn om dat te doen wat het meest liefdevol is, hoe het er ook uit moge zien.

Dat wat ik in mijn broeder denk en geloof te zien is altijd een spiegel voor mijzelf die laat zien voor welk denksysteem ik kies; voor het geloof in zonde, schuld en angst (ego), of voor juist gerichtheid van denken (HG/J).
Zo zal de omkeer truc van het egodenken mij niet meer verblinden, maar juist een reminder worden voor wat het probeert te verbergen achter deze meester omkeer truc.

 

Het vaak enorm (door het ego expres) opgeblazen begrip “verlichting” is eigenlijk niets anders dan het terug herinneren van bewust-zijn van wat het om onduidelijke en volledig onnodige redenen dacht te moeten verduisteren als verdediging tegen het terug herinneren. Er gaat dus als het ware een “bewustzijnslampje” aan waardoor de duisternis als onwaar kan worden gezien en tevens stap voor stap kan verdwijnen.
Iets wat voor de hele éne denkgeest (mind) een onvermijdelijk herinneringsproces is.
En dus alles behalve bijzonder of speciaal!

Er is dus géén lichaam dat verlicht wordt. Deze bewustwording speelt zich af op denkgeest (mind) niveau en NERGENS ANDERS.
Dus elke gedachte van: “oh, ik ben nog lang niet zo ver”, of “wow, die is verlicht zeg!”, “wat een bijzonder mens is dat”, “ik voel me nederig bij zo’n verlichte man/vrouw”, “Als ik nu maar in zijn/haar buurt ben dan raak ik ook sneller verlicht”, of “wat een nep verlichte eikel is dat zeg”, komende vanuit het denken en geloven een lichaam te zijn met bepaalde lichamelijke en of geestelijke kenmerken is enorm misplaatst en gewoon weer een ego trucje om maar in afscheiding te kunnen blijven geloven: hij/zij (lichaam) versus ik (lichaam).

Op deze manier denken, dat overigens heel normaal en gebruikelijk wordt gevonden binnen het geloof in het concept “wereld”, “lichamen”, “situaties”, is niet “fout”, “stom”, “verwerpelijk” of “zondig”, want dat zou alleen het ego weer versterken en in stand houden, met als enig doel afgescheiden blijven van Éénheid.

Het kan in plaats van een observatie, vanuit egodenken ook vanaf boven het slagveld, op denkgeest (mind) niveau gezien worden. Dat is een keuze.
En dat er een keuze is, is iets wat langzaam aan helder wordt in de denkgeest die er aan toe is om terug te herinneren in een totaal bewustzijn, waarna uiteindelijk de volgende onvermijdelijke stap volgt; het niet meer nodig hebben van het licht van bewustzijn in de duisternis.

In het Handboek voor leraren in de Cursus: “26. KAN GOD RECHTSTREEKS WORDEN BEREIKT”  gaat daar over:
Maar bedenk als je dit leest dat ECIW ons nooit aanspreekt op het niveau van denken en geloven een lichaam te zijn dat “iets” moet doen, want doe je dit wel dan wordt volgende aanhaling gegarandeerd niet begrepen zoals deze is bedoelt, want dan denk je vanuit een niet bestaand lichaamsbewustzijn. En uit iets wat niet werkelijk bestaat kunnen dan ook alleen maar niet bestaande gedachtes van onbegrip voortkomen. Oftewel alleen maar vormen van angst- weestandsgedachten.

In ECIW is de term leraar gelijk aan die van leerling, want de denkgeest leert en onderwijst tegelijkertijd, altijd en voortdurend met elke gedachte.
Er zijn dus eigenlijk ook geen speciale onderwijs of leer gedachten, elke gedachte, letterlijk elke gedachte heeft deze twee eigenschappen in zich.
Het enige verschil is dat de denkgeest voor ego onderwijs/leren of voor HG onderwijs/leren kan kiezen, maar het is altijd onderwijzen/leren. Er zijn geen neutrale gedachten.

Ik plak hier dat hele hoofdstukje 26 uit het Handboek voor leraren wel even voor het gemak:

“26. KAN GOD RECHTSTREEKS WORDEN BEREIKT?

1.God kan inderdaad rechtstreeks worden bereikt, want er is geen afstand tussen Hem en Zijn Zoon. 2Het bewustzijn van Hem ligt in ieders herinnering en Zijn Woord staat geschreven in ieders hart. 3Maar dit bewustzijn en deze herinnering kunnen alleen daar boven de drempel van herkenning opkomen waar alle barrières tegen de waarheid zijn geslecht. 4Bij hoevelen is dit het geval? 5Hierin ligt dan ook de rol van Gods leraren. 6Ook zij hebben vooralsnog niet het nodige inzicht verworven, maar ze hebben zich wel met anderen verbonden. 7Dat onderscheidt hen van de wereld. 8En dat stelt anderen in staat de wereld samen met hen te verlaten. 9Alléén zijn ze niets. 10Maar in hun verbinding bevindt zich de macht van God.

2.Er zijn er die God rechtstreeks hebben bereikt, doordat ze aan niet de geringste wereldse beperking vasthielden en zich hun eigen Identiteit volmaakt herinnerden. 2Deze zouden de Leraren der leraren kunnen worden genoemd, want ook al zijn ze niet langer zichtbaar, op hun beeld kan nog altijd een beroep worden gedaan. 3En ze zullen verschijnen waar en wanneer het behulpzaam is. 4Aan hen voor wie zulke verschijningen beangstigend zouden zijn, geven zij hun ideeën. 5Niemand kan tevergeefs een beroep op hen doen. 6Ook is er niemand van wie zij zich niet bewust zijn. 7Alle noden zijn hun bekend en alle vergissingen worden door hen gezien en genegeerd. 8De tijd zal komen dat dit wordt begrepen. 9En intussen geven ze al hun gaven aan de leraren van God die zich tot hen wenden voor hulp en alles vragen in hun naam en in geen enkele andere.

3.Soms kan een leraar van God een korte ervaring hebben van rechtstreekse vereniging met God. 2In deze wereld is het bijna onmogelijk dat dit van blijvende aard is. 3Het kan, misschien, na veel inzet en toewijding worden verkregen en dan een groot deel van de aardse tijd in stand worden gehouden. 4Maar dit komt zo zelden voor dat het niet als een realistisch doel kan worden beschouwd. 5Als het gebeurt, laat het zo zijn. 6Als het niet gebeurt, laat het eveneens zo zijn. 7Elke wereldse toestand moet wel illusoir zijn. 8Als God in een aanhoudende bewustzijnstoestand rechtstreeks werd bereikt, zou het lichaam niet lang in stand kunnen worden gehouden. 9Zij die het lichaam hebben afgelegd eenvoudig om hun behulpzaamheid uit te breiden tot hen die achterblijven, zijn inderdaad gering in aantal. 10Enzij hebben helpers nodig die nog in slavernij en in slaap verkeren, zodat door hun ontwaken Gods Stem kan worden gehoord.

4.Wanhoop dus niet vanwege beperkingen. 2Het is jouw functie om aan ze te ontkomen, maar niet om zonder ze te zijn. 3Wil je gehoord worden door hen die lijden, dan moet je hun taal spreken. 4Wil je een verlosser zijn, dan moet je begrijpen waaraan men ontsnappen moet. 5Verlossing is niet iets theoretisch. 6Zie het probleem, vraag om het antwoord en aanvaard dat als het komt. 7En dat zal niet lang op zich laten wachten. 8Alle hulp die je kunt aanvaarden zal geboden worden en je hebt niet één behoefte die niet zal worden vervuld. 9Laten we ons dan niet te veel bekommeren om doelen waarvoor je nog niet klaar bent. 10God neemt je waar je bent en heet jou welkom. 11Wat zou je meer kunnen wensen, wanneer dit alles is wat jij nodig hebt.”

%d bloggers liken dit: