archiveren

Maandelijks archief: mei 2016

illusje

Het Werk speelt zich puur af in de denkgeest die waarneemt, en samenvalt met HG/J denkgeest. Het idee van een droom en de droomfiguren is teruggebracht tot louter en alleen nog functioneel als herinneringsmateriaal om te vergeven.

De denkbeeldige droom-kloof wordt zodoende volgestort met vergeven droom-materiaal, waardoor de droom-kloof zich sluit, omdat er nooit een kloof is geweest, tussen de Vader en de Zoon… een droom is een droomis een droomis een droom…..

de_kloof2

 

View original post

De denkgeest die even de onmogelijke gedachte leek te denken dat er buiten Eenheid misschien toch nog ‘iets’ is. Wat meteen duidelijk maakt dat het ook onmogelijk is dat er een denkgeest is die dit kan denken, laat staan waarmaken. Wat vervolgens ook weer bewijst dat wat een ik (de denkgeest) lijkt te denken, geloven, projecteren ook onmogelijk is.
Hoe illusionair wil ik het verder nog hebben?

Dus wat dit zit te denken en te schrijven is een onmogelijke gedachte welke een onmogelijke projectie projecteert.
Hier kan de denkgeest die in deze waanzinnige opstelling gelooft en sterker nog denkt en gelooft dit te zijn, absoluut niet bij.
‘Ik’ ben/is onmogelijk.
Dat wat nu denkt… huh???, maar als ik in m’n arm knijp voel/ervaar ik echt wel ‘au’ is niets meer of minder dan een verdedigingsgedachte en heeft niets met ‘au’ te maken.
Binnen de (on)mogelijkheid tot begrijpen binnen dit (onmogelijke) gedachte concept kan dit min of meer duidelijk gemaakt worden door ‘mijzelf’ als de dromer van de droom te zien, als de denkgeest die droomt méér te kunnen zijn dan Eén.
Ook dat past niet binnen Eén, dus kan ook niet ‘Waar’ zijn, maar wel worden gedroomd, kennelijk.
Dat lijkt zo, maar is nog steeds niet waar, want het valt buiten Eén, wat precies ook de bedoeling is.
Wat dit dus allemaal zit te denken en te typen is niets anders dan de Herinnering aan Eén zijn, daar Eén nooit kan verdwijnen, zelfs niet als dat ‘gedroomd’ wordt.
En die Herinnering is nu precies de enige manier om terug te herinneren in Eén.
En als ik, de zich herinnerende denkgeest, deze sleutel gedachte toelaat zullen alle gedachten/projecties (niet losstaande vormen, maar projecties!) in dienst gaan staan van dat stukje zich terug herinnerende denkgeest.
Zo kan het zgn Hulp vragen en het onder leiding stellen van Heilige Geest en of Jezus in plaats van onder leiding van ego, zoals dat in de Cursus wordt beschreven misschien beter begrepen worden als de bereidheid van het los willen laten van een ‘persoonlijke’ (dus afgescheiden) identificatie als een lichaam dat Annelies wordt genoemd = een ego idee, naar tijdelijk als overbrugging het aannemen van de identificatie met HG/J of een ander symbool wat staat voor oordeelloze Liefde, totdat volledig Herinneren klaar is.
Dat is wat ECIW met kijken Met Jezus en of de Heilige Geest wordt bedoelt het is het Herinnerings-antwoord op kijken met het lichaam Annelies=ego.

Binnen het onmogelijke dat nooit gebeurt kan zijn is deze brug van herinneren, die er altijd is, juist omdat Eén onmogelijk kan verdwijnen, de enige mogelijkheid, die ‘ik’ die zich wil herinneren, heeft om terug te herinneren in Eén.
Een onvermijdelijke brug-herinnering die onvermijdelijk herinnerd zal worden, want nogmaals als er alleen Eén is, is iets anders dan Eén onmogelijk, hoe groot de weerstand ook mag zijn dit te willen herinneren.

En dit alles kan niet afgedwongen, maar ook niet volledig worden ontkend, want dat laat alleen zien dat de denkgeest er nog niet aan toe is dit onder ogen te zien. Maar een klein beetje bereidwilligheid en er een beetje aan toe zijn, zet het mechanisme van terug herinneren in beweging en dan rest er alleen Vertrouwen in het hele proces, meer valt er niet te doen aan het onvermijdelijke terug herinneren in Eén.

Dat wat wij angststoornissen noemen en ondergebracht hebben in diverse categorieën van geestesziekten, zijn eigenlijk niets anders dan als het ware uitvergrotingen van de angst gemaakt door de egodenkgeest die angst gebruikt voor maar één doel: afscheiding uit Eenheid.
Zolang wij denken en geloven een lichaam te zijn met hersenen die ziek kunnen worden en bijvoorbeeld aan angststoornissen kunnen lijden, zal het egodoel (afscheiding uit Eenheid) verborgen blijven en zullen deze ziektes van de geest bestreden worden op het niveau waar ze onmogelijk kunnen genezen; het niveau van het egodenken, wat betekent geloven dat we denken vanuit een lichaam met hersenen.
Dit ‘weten’ wil nog niet zeggen dat Ware Genezing dan ook plaats zal vinden.
De angst die de egodenkgeest projecteert als verdediging tegen Eenheid, Liefde, God (of hoe je het Onnoembare ook wil noemen) moet niet worden onderschat.
Deze verdediging moet wel gigantisch zijn, wil deze in staat zijn dat wat onveranderlijk Een is aan het oog te onttrekken en te doen laten vergeten.
Tevens is ‘vergeten’ ook hoever de verdediging kan gaan, het totaal ongedaan maken van Onveranderlijke Waarheid is natuurlijk onmogelijk, wat de egodenkgeest ook probeert. En het probeert heel wat, zie onze wat wij onze wereld en ons leven noemen. De fantasie van de egodenkgeest lijkt onuitputtelijk en merendeels gruwelijk. De egodenkgeest is een prima filmmaker in elk genre.

Gelukkig is de fantasie van de egodenkgeest niet in staat Onveranderlijke Eenheid/Werkelijkheid, Liefde God; het Onnoembare, te vernietigen.
Want dat zou betekenen dat angst werkelijkheid is en niet het Onveranderlijke Onnoembare. En dat spreekt zich sowieso al meteen tegen. Onveranderlijk is immers onveranderlijk…
Maar weer, dit begrijpen is niet voldoende, wel een begin.

Om die enorme niet te onderschatten weerstand van de egodenkgeest te doorbreken, is precies nodig wat de egodenkgeest als wapen gebruikt, namelijk ‘weerstand’. Maar niet het waar maken van weerstand, maar het vergeven van weerstand.
Daarvoor moet eerst elke weerstand onder ogen worden gezien, precies zoals deze is opgezet door de egokant van de denkgeest die niet anders kan dan voor angst kiezen, want zo is deze opgezet.
Ook dit ‘kijken’ tijdens het ervaren kan op twee manieren: vanuit angst (ego) of vanuit HG/J (de brug die nog steeds verbonden is met de herinnering aan het Onveranderlijke Onnoembare).
Vanuit angst zal angst naar angst kijken en zal de angst nog vergroot worden.
Vanuit HG/J zal de angst bekeken en ervaren kunnen worden op een oordeelloze waarnemende, maar wel deelnemende wijze.
En zo zal angst een andere functie krijgen olv HG/J en stap voor stap het terug herinneren bevorderen en begeleiden van de denkgeest die uiteindelijk onvermijdelijk niet anders kan dan terug herinneren in het Onveranderlijke Onnoembare.

Dus eigenlijk is de egodenkgeest een grote angststoornis waar we als ons met egodenkgeest geïdentificeerde denkgeest, allemaal aan lijden.
En eigenlijk staat dat heel duidelijk in de Inleiding van het Tekstboek van Een cursus in wonderen:

INLEIDING

1. Dit is een cursus in wonderen. Het is een verplichte cursus. Alleen
de tijd waarop je hem doet staat jou vrij. Vrije wil betekent niet dat
jij het leerplan kunt vaststellen. Het betekent alleen dat je kunt kiezen
wat je op een gegeven moment wilt doen. De cursus beoogt niet
de betekenis van liefde te onderwijzen, want dat gaat wat onderwezen
kan worden te boven. Hij beoogt echter wel de blokkades weg te
nemen voor het bewustzijn van de aanwezigheid van liefde, die jouw
natuurlijk erfgoed is. Het tegendeel van liefde is angst, maar wat alomvattend
is kent geen tegendeel.

2. Deze cursus kan daarom heel eenvoudig aldus worden samengevat:

Niets werkelijks kan bedreigd worden.
Niets onwerkelijks bestaat.

Hierin ligt de vrede van God.
(T.In.1-2)

Een verplichte cursus in de zin van dat het onmogelijk is uit het Onveranderlijke Onnoembare te geraken en het dus onvermijdelijk is dat onmogelijke ‘vergeten‘ weer terug te herinneren, maar wel gebruik makend van het voor de denkgeest verstaanbare en begrijpelijke concept van ruimte en tijd, waardoor het lijkt dat het een individueel proces is, waarbij de individuele denkgeest stap voor stap terug geleid wordt van angst terug naar Liefde.

De denkgeest die eraan toe is zich te Herinneren zal zich Herinneren.
De denkgeest die nog niet aan Herinneren toe is zal zich niet Herinneren, omdat de bereidheid er nog niet is. De denkgeest die nog niet aan Herinneren toe is kan wel doen alsof er wel de bereidheid is tot Herinneren een hele slimme manier van zelf sabotage.
Spiritualiteit wordt dan ingezet en gebruikt schijnbaar om te leren Herinneren, maar zet alleen maar het grote vergeten voort.
Het grote vergeten kijkt niet naar angst, het grote vergeten ontwijkt, en dissocieert, oordeelt, valt aan, verdedigt. En dat kan er uit zien als liefdevol, maar is ondertussen nog steeds angst vermomd als liefde.
De denkgeest die bereid is en eraan toe is te Herinneren, is bereid te leren kijken naar angst, zonder oordeel, vanuit Juist gerichte denkgeest.
En alleen dan kan de identificatie met angst losgelaten worden, omdat dan de herinnering wakker wordt van te weten niet de angst te zijn die zich lijkt af te spelen in een door mij vanuit angst (de keuze voor egodenken) geprojecteerde wereld.

 

Interview door Susan Dugan met Rosemarie LoSasso. Zij is een van de medewerkers rond Gloria en Kenneth Wapnick bij de Foundation For A Course in Miracles. Rosemarie werkte en werkt nog steeds als leraar en als editor van al Kenneth Wapnicks werk.
Het interview is te lezen onder deze link:
http://www.foraysinforgiveness.com/talking-with-rosemarie-losasso

I especialy liked the passages of this interview with Rosemarie, that talks about looking with J to this tremendes fear that is hidden behind every thought and daily experiences. This says it all:

Susan: “Right. And I know I’ve also heard you say a lot and you’ve said it to me that even though it’s counterintuitive, it’s important to stay with the painful emotion and not try to flee it.

Rosemarie: Yes, not try to judge it or fix it or make it go away. I really think that’s what it means to look with Jesus, because when you look with Jesus’ love, you’re not going to judge. You’re going to eventually be able to accept that nothing but that love is real. So if you have a very uncomfortable emotion that is so uncomfortable that you can’t even stay with it, then you’re saying something other than love is real and are reacting to it as if it were real.
When you allow yourself to stay with the discomfort of whatever the emotion is—the fear, the terror—even if you have to force yourself to do that, if you can do that and have just an instant of feeling OK with being there, then I think you’re learning that that can’t be who you are. And that’s what we want to learn, that detachment from, that disassociating of the ego. That’s not who I am. So when you can allow yourself to be present to an emotion, however uncomfortable it is, without trying to fix it or change it or judge it, I think you’re learning that’s not who you are. You’re looking at something that does not represent the truth about you so you can then learn to look at it without fear, without judging, and that strengthens your identification with the right mind. I think that’s really an essential part of what it means to look within with Jesus at whatever you think is there, without judging it as real.”

illusje


Listening in Silence

Being a listener,

Listening to the soft Whisper growing stronger bit-by-bit,

Leaving behind the daily shrieks of time,

The gentle, reassuring Whisper that I listen to,

Listening full of devotion, and attention,

Listening to the unifying Silence

That whispers a forgotten melody—

What else is there but to follow it

To where I belong

And awaken to the soft embrace

Of changeless,

Silent Love.

Joseph Ignaz Mildorfer

Bach Pinkstercantate,
Johann Sebastian Bach, Cantata “O ewiges Feuer, o Ursprung der Liebe”, BWV 34:

http://youtu.be/GcXgTnaK924

Dit gedicht werd eerder geplaatst Pinksteren 12 juni 2011

View original post

Een sleuteldroom die ik had in 2006, opschreef en sindsdien mijn reisgezel is, dag in dag uit, elke seconde, altijd:

De angst, de pijn, de schuld, het gepieker, de zorgen zijn enorm. Wat als….. en als dan…… wat nu als……. wat gebeurt er dan?…….
Omtrekkende bewegingen om de angst heen, de angst zien en dan er van weglopen door te vluchten in gepieker. En dan die droom, angst enorme angst, ik vraag Hulp, pak de ‘hand’ van Jezus en vraag om samen de angst binnen te gaan. De angst ziet er uit als de ingang van een spookhuis, donker, niet uitnodigend, dreigend. Ik besluit samen met Jezus toch naar binnen te gaan. We gaan het spookhuis binnen, even is de angst enorm. Ik knijp m’n ogen stijf dicht en knijp de hand van ‘mijn grote broer’ fijn, maar dan doe ik m’n ‘ogen’ open en zie dat de angst een bordkartonnen decor is. Het licht gaat aan en ik zie dat de enge schaduwen illusies zijn, in werkelijkheid niets zijn. Ik geloof eerst mijn ogen niet, probeer terug te grijpen naar de “veilige” angst, het voelt zelfs even als een verlies, (ja zo is het niet leuk meer, kan dat licht uit!) maar dan de opluchting. Angst is een illusie, die ik vrijwillig in stand kan houden of kan laten varen. Ik voel een enorme bereidheid alle spookhuizen binnen te gaan samen met Jezus, en nog meer verborgen angsten te ontmaskeren. Angsten die eruit zien als woede, verdriet, verlies, armoe, ziekte, pijn, lijden, verantwoordelijkheid, jaloezie, moeheid, maar ook als kortstondige momenten van geluk, tijdelijke momenten van bevrediging. De hele ‘kermis’ (wereld) staat vol met spookhuizen en ik zal er één voor één binnengaan, samen met Jezus, mijn grote broer. Zolang het nodig is, tot ik zie dat alle angsten hetzelfde zijn en allemaal op vergelijkbare manier zullen verdwijnen (door ware vergeving, door het anders te zien)  omdat ze hetzelfde zijn. Ja een wonder, wonderen staan voor vrijheid van angst. Dit smaakt naar meer. Angsten hoeven niet opnieuw doorleefd te worden, al mijn angsten (blokkades) worden nu vergevingsmateriaal die ik graag aan Heilige Geest/Jezus offer, die ze in het niets, waar ze ook vandaan kwamen, doet laten verdwijnen.

sleuteldroom

Laten we nou eens voor de lol heel rationeel, logisch en als het even kan oordeelloos, gewoon observerend kijken en denken.
En laten we dan voor het gemak de observerende denkgeest als uitgangspunt als bron nemen en al is het maar voor de duur van dit blogje, de aanname aannemen dat er in werkelijkheid alleen EEN mogelijk is en twee onmogelijk is, wat zich ook eigenlijk wel zelf bewijst door het simpele feit dat twee (dualiteit) niet blijkt te werken, ook al blijven we proberen tot de dood er op volgt en zelfs dat maakt aan het wanhopige proberen niet een einde.
Waarom we dat blijven proberen tegen beter weten (want voor het gemak vergeten) in, heb ik in het vorige blog uitgelegd. Wat ik ga schrijven geen idee ik laat gedachten gewoon komen en gaan en schrijf ze onderwijl op.

Als er alleen EEN mogelijk is, en twee daardoor logischerwijs onmogelijk, hoe kan er dan conflict zijn?
Kan EEN in conflict zijn met zichzelf? Uh, nee…
Hoe kan het dan dat er wel voortdurend de ervaring is van conflict. Voor conflict is ‘twee’ nodig. Kan Onveranderlijk EEN twee worden? Nee….. tenzij het onmogelijke gelooft wordt.
Maar maakt het in iets geloven het ook ‘echt’? Nee, want het blijft een (onmogelijke) gedachte waarin wordt gelooft, waardoor het onmogelijke ineens mogelijk lijkt, maar ondertussen nog steeds onmogelijk is.
EEN hoeft niet te denken of zich bewust te zijn laat staan te vergeven, want waarom zou dat nodig zijn?

“In de eeuwigheid, waar alles één is, sloop een nietig dwaas idee binnen waarom de Zoon van God vergat te lachen. Door dit te vergeten werd de gedachte een serieus idee, in staat tot zowel verwezenlijking als werkelijke gevolgen” (T27.VIII.6:2-3).

God staat voor EEN de Zoon van God staat voor uitbreiding van Een. Uitbreiding van Een is niet twee, uitbreiding van EEN is uitbreiding van EEN.

“God deelt Zijn Vaderschap met jou, die Zijn Zoon bent, want Hij maakt geen onderscheid tussen wat Hijzelf is en wat nog steeds Hijzelf is. Wat Hij schept staat niet los van Hem, en nergens eindigt de Vader en begint de Zoon als iets afzonderlijk van Hem” (WdI.132.12:3-4).

Twee is dus onmogelijk.
Voor de duidelijkheid: EEN staat voor non-dualisme, is vormloos, twee staat voor dualisme, dat wat we (twee) de wereld, het universum met alles drop en dran noemen.

Dit lijkt allemaal theorie en gefilosofeer, maar stel dan even de vraag; door wie/wat?
‘Iets’ moet van EEN afweten en kunnen observeren dat er kennelijk ‘iets’ een andere onmogelijke afslag heeft genomen, waardoor EEN nu ook ineens als en in twee kan denken.
Twee die zich niet meer bewust is van EEN (want vergeten zie vorig blog) kan dit niet bedenken. Twee, die een ernstig vermoeden krijgt dat hier iets vreemds aan de gang lijkt te zijn wat niet helemaal klopt, met andere woorden zich begint te herinneren en daardoor in staat is te observeren los van totale identificatie met twee, kan dat kennelijk wel.
Er is binnen twee kennelijk nog de herinnering aan EEN. Dat moet ook wel want EEN kan niet vernietigt worden, alleen verdrongen, en vergeten worden.
En dat stukje herinnering binnen twee is in staat tot observeren.

Kennelijk is dat stukje herinnering nu aan het woord en wordt herkend of resoneert met een ander stukje herinnering.

En dan komt het erop aan in hoeverre dat tot observeren instaat zijnde stukje twee, twee zat is en eraan toe is ‘twee’ stap voor stap op te geven, waardoor vanzelf onvermijdelijk het terug herinneren in EEN het gevolg zal zijn.
Terug herinneren, niet terug keren, want EEN is alleen ‘vergeten’, en niet vermomd als twee echt weg geweest, ook al lijkt dat zo.

Dat wat nu de vraag voelt opkomen: “WAAROM???”, moet wel dat stukje twee zijn wat twee wil blijven.
“Waarom??” is immers een vraag welke een antwoord impliceert en een vraag en een antwoord is een variatie op ‘twee’, en houdt alleen maar de dualiteit in stand, wat dan ook precies het doel van de vraag is. Twee wil helemaal geen antwoord, twee wil gewoon in twee blijven en doet dat door vragen te stellen, vragen die niets anders zijn dan opgesplitst EEN.
En kan het onmogelijke mogelijk gemaakt worden, oftewel kan van Onveranderlijk EEN twee worden gemaakt? NEEN.
Beide kunnen onmogelijk samen gaan, dus er is of EEN of twee.

Kiest twee voor EEN vanuit het referentiekader van twee, dan is terug herinneren in EEN onmogelijk. Gewoon weer een slim idee van twee die voordoet dat het zich wil herinneren, maar de boel saboteert, door toch twee als uitgangspunt en referentiekader te nemen.
Kiest twee voor EEN vanuit het Vergeven van twee, dan is terug herinneren in EEN onvermijdelijk. Ware Vergeving wel te verstaan, het soort vergeving dat ziet dat er in werkelijkheid niets gebeurt is en dat EEN nog steeds onveranderlijk EEN is en dat wat zich als twee lijkt te manifesteren slechts een dwaze vergissing is, niet in staat om ook maar wat binnen EEN aan te richten.
Twee hoeft niet vernietigt te worden, want waarom zou wat er niet kan zijn vernietigt moeten worden. De gedachte van vernietigen kan dan ook alleen afkomstig zijn van twee.
Dat wat het terug herinneren wel als vernietigend ervaart moet wel dat stukje twee zijn wat tegenstribbelt en zich niet wil herinneren, maar dit zogenaamd onbewust verbergt achter het ogenschijnlijk wel willen.
Ook dit is niet hopeloos, want de ervaring van vernietigd worden, een gedachte die overigens onvermijdelijk is maar wel onderkent dient te worden, kan weer worden Vergeven door het stukje twee wat zich wel wil herinneren.

Dit hele verhaal lijkt misschien behoorlijk abstract, maar wie/wat denkt dit?
Zonder kennis te hebben van wat metafysica, dus van de bron welke achter de wereld van projecties ligt, zal het heel moeilijk zijn om een pad als ECIW te begrijpen.
Alleen de metafysica begrijpen zonder deze toe te passen in dat wat ik als mijn leven zie en ervaar, is ook een dood lopende weg.
Kennis hebben van de metafysica van in dit geval ECIW werkt het beste als ik het gebruik als een soort anker, waar ik naar terug kan gaan als mijn leven weer eens een totale chaos lijkt doordat ik me weer helemaal laat opslokken door ‘twee’. Ik kan me dan bewust zijn van dat ik weer kies voor ‘twee’ (de keuze voor ego, dus vormgericht) en kan dan altijd terugkeren naar het idee van EEN, en weer inpluggen op de Hulp (de symbolen daarvoor Jezus en of Heilige Geest, oftewel denkgeest gericht zijn) die de brug vormen en de illusoire kloof tussen twee en EEN kunnen overbruggen en dichten.

ECIW is een 100% praktische cursus. Vandaar dat er ook een Werkboek gedeelte is dat onderwijst hoe terug te herinneren van twee naar EEN, daarbij gebruikmakend van het dagelijkse leven als vergevingsmateriaal. Dat wat als ‘leven’ wordt gezien hier in een wereld hoeft niet te worden vernietigd, het kan worden her-gebruikt en krijgt dus ‘alleen’ een andere functie.

En bedenk dat elke gedachte die gedacht wordt tegelijkertijd bestaat uit 1. ego, het (onmogelijke) idee van de mogelijkheid van ‘twee’. 2. Heilige Geest, de herinnering aan onveranderlijke EEN en 3. het waarnemende/keuzemakende gedeelte dat in staat is om te kiezen tussen te luisteren naar ego of naar Heilige Geest.
Zolang er de ervaring is van in een wereld te zijn in een lichaam zal er altijd de schijn zijn van twee, ook al komt alles nog steeds vanuit EEN en is er ook maar één ego, ook al is die gedachte illusoir. Vandaar dat elke gedachte uit bovengenoemde drie gedeelten lijkt te bestaan binnen één.
ECIW ontmoet ons waar we denken en geloven te zijn en werkt vandaar uit terug naar het herinneren terug in EEN.
ECIW is vooral een training in 100% waarnemende/keuzemakende denkgeest worden. Totdat totaal wordt ingezien en ervaren dat er eigenlijk maar één keuze mogelijk is omdat alleen EEN werkelijk is en twee onwerkelijk, dus onmogelijk. Dan zal het resterende nog ‘ervaren’ in een wereld nog maar één doel dienen; terug herinneren in EEN.

De allerbeste truc van de egodenkgeest is het geloof in dat het allemaal zo ‘echt’ lijkt.
Het geloof in de ‘echtheid’ van de wereld kan alleen maar zo sterk zijn, omdat de bron, de denkgeest, welke de grote illusionist is, zichzelf onzichtbaar, eigenlijk beter ‘ondenkbaar’ heeft getoverd, zodat alleen nog maar de uiterlijke weergave van de truc wordt gezien en gelooft.
Deze knapste illusionisten truc ooit is heel overtuigend, maar alleen overtuigend door het geloof erin. Slechts een simpele gedachte van het erin geloven houd de truc schijnbaar in leven. En dat geloof moet verdedigt worden, want als de illusie aan het licht komt betekent dat einde truc, einde wereld, einde ‘ik’.

En hoe wordt dat geloof  in stand gehouden? Door de illusie zo krachtig en heftig te doen laten lijken dat het alle aandacht opeist en de bron, de denkgeest zelf totaal uit het denken verdwijnt.

Alle projecties getuigen hiervan. Voel ik me niet lekker, haalt iemand een rotstreek uit, is er zorgen om geld, gaat er iemand dood, is er slecht nieuws, hou ik van de een en haat ik de ander, dan lijkt dat heel echt, en laat niemand me vertellen dat het niet echt is, want dan gooi ik er nog een schepje verdediging bovenop.

En dat is precies waar het allemaal voor dient, als verdediging tegen Eenheid, Waarheid, Liefde, God. Dus eigenlijk zijn al mijn projecties een verdediging tegen Eenheid, Waarheid, Liefde, God en heb ik ze zelf opgezet. Niet om de reden die ik denk als illusionist die vergeten wil dat hij zelf de illusionist is die zelf de illusies bedenkt en echt doet lijken, maar enkel en alleen om maar uit Eenheid, Waarheid, Liefde, God te blijven.

Boos en verontwaardigt worden om wat gedacht wordt dat hier geschreven wordt en zeggen: “oh, dan is het zeker m’n eigen schuld dat ik ziek ben, ongelukkig ben, grote schulden heb”, is wederom een verdediging van de denkgeest die alles uit de kast zal blijven halen om maar uit Eenheid, Waarheid, Liefde, God te blijven.

Ook beweren dat ik zo vreselijk veel van Jezus en God hou is een verdediging, een hele slimme, want het lijkt te ontkennen wat het ego wil ontkennen. Het ego wil ontkennen dat er alleen God (Onveranderlijke niet persoonlijke Eenheid/Liefde) is, wat natuurlijk niet lukt, dus wordt er een ego god neergezet die de plaats van God (Onveranderlijke niet persoonlijke Eenheid/Liefde) in neemt en alle eigenschappen van het egodenken heeft, zoals oordelend zijn, met twee maten wegen, denken in goed en in kwaad, voorkeuren hebbend, bestraffend zijn, belonend onder voorwaarden enz.

Deze ego god nu als buiten mij geprojecteerd gezien, wordt nu aanbeden en geliefd of gehaat, aanbeden en verdedigt, aangevallen niet van wegen zijn door het ego bedachte kenmerken, maar om te verbergen dat Eenheid, Waarheid, Liefde, God niet echt veranderen kan, dan alleen door de illusie van het ‘op z’n kop’ denken en geloven.
Waarheid, Eenheid, Liefde, Zelf, God (allemaal woorden die omschrijven maar het niet ‘zijn’, daar woorden en omschrijvingen Eenheid enz. niet kunnen beschrijven) kan worden ontkend, weggestopt, weggetoverd, maar nooit compleet verdwijnen.
Ook al lijkt de grote illusie show gepresenteerd door de beste illusionist (de egodenkgeest) die er maar te bedenken valt heel, heel echt, het is en blijft een illusie show.

%d bloggers liken dit: