archiveren

Tagarchief: film

En dan de ervaring van te zijn in wat is. Wat “wat is” dan ook mag zijn, het is altijd dat wat er is, op dat moment. Of het nu een ervaring is die er uitziet als paniek, angst, onrust, haast, jaloezie, achterdocht, lol, rust, tevredenheid, haat, noem het maar op, het is altijd dat wat is. En in dat wat is kan terwijl het er in z’n geprojecteerde vorm als “iets” uitziet de ervaring zijn van volmaakte rust, terwijl op “het toneel”, “het script”, “de film” door de “acteurs” uitgespeeld wordt wat er maar uitgespeeld wordt op dat moment.

 

…als ik dan weer eens zo’n meditatief mijmer steegje in wandel:

als alles al gebeurt is, want alles gebeurde in die ene flits, die daarna ook meteen over was, omdat het onmogelijke niet kán gebeuren, dan kan ik (als waarnemende denkgeest) die deze ene flits steeds weer elke seconde opnieuw denkt te beleven toch niets anders dan alleen maar naar deze onmogelijke fantasie kijken, binnen dat beperkte onmogelijke idee van geloven, en steeds maar weer de gedachte vergeven dat het onmogelijke mogelijk is?
Alles is al gebeurt, de hele film. De hele film van de wereld en het universum, maar dus ook dat wat ik “mijn” persoonlijke film noem.
De film “mijn” leven lijkt zich al doende te ontwikkelen, met als enige zekerheid dat alle films beginnen met de geboorte, en eindigen met de dood, en daar tussenin bevindt zich de tijdlijn die ik “mijn leven” noem en door mij lijkt geregisseerd én gespeelt.
Dat lijkt zo te gaan, omdat besloten is dat te geloven.
Dat het niet gebeurt is, niet kán gebeuren, omdat het onmogelijke niet kán gebeuren, kan de denkgeest die wel geloofd dat het mogelijk is van Eénheid weg te lopen en er twee van te maken, niet bevatten.

Of beter, niet wil bevatten, want dit idee ook maar enigszins toelaten, dus de verdediging even laten vieren, leidt onvermijdelijk tot het gaan doorzien van wat onmogelijk is, waardoor het vanzelf zal oplossen in het enige wat mogelijk IS.
Dit gaan doorzien van wat onmogelijk is, gaat via de omgekeerde route. Het onmogelijke, en dat is het hele universum, de wereld, en alles wat binnen dat onmogelijke idee valt, wordt terug gegeven aan dat wat Waar is, dat wat niet in projecties of woorden kan worden gevat, maar er wel achter wordt vermoed, omdat de herinnering aan wat Waar is, omdat het waar is niet helemaal kan worden uitgewist en vergeten.
Terugkeer in de totale Herinnering is onvermijdelijk, omdat er een grens zit aan het volhouden van het onmogelijke.

Alles wat de “ik” denkt en geloofd te beleven is een continue her-beleving van wat al gebeurt is in die ene onmogelijke flits, die meteen ook weer uitdoofde. Welke keuze ik ook denk en lijk te maken in “mijn” leven is al gebeurt. Welke keuze ik maak, maakt niet uit, het is een keuze uit de miljarden keuzen die al gemaakt en gebeurt zijn in die ene onmogelijke flits.
Dit inzicht verlost mij uiteindelijk van slachtofferschap, oftewel van het geloof in zonde, schuld, en angst. Er blijft dan nog maar één keuze over, de keuze voor vergeving van wat niet kan hebben plaatsgevonden, namelijk afgescheiden raken van wat Waar, Eén, God, Liefde IS, uit geprojecteerd in al die miljarden onmogelijke verhalen van zonde, schuld en angst.
Telkens wanneer de keuze wordt gemaakt te vergeven van wat de “ik” (denkgeest) dacht en geloofde dat kon gebeuren binnen een eigen afgescheiden wereld van (on)waarheid, komt de Herinnering die nog altijd onvermijdelijk aanwezig is, sterker naar voren. Deze flitsen van herinnering van wat Waar is noemen we het wonder. En uiteindelijk zal de loper van de tijdswaan wonder voor wonder weer helemaal terug gerold zijn tot het Ene punt en dan oplossen…

Tot slot nog twee aanhalingen uit de Cursus die ook gaan over dat alles al gebeurt is en voorbij:

“1. Het wonder doet niets. 2Al wat het doet is: het maakt ongedaan. 3En zo
ruimt het de belemmeringen op ten opzichte van wat werd gedaan. 4Het
voegt niets toe, maar neemt alleen weg. 5En wat het wegneemt is allang
verdwenen, maar doordat het in herinnering is gehouden lijkt het directe
gevolgen te hebben. 6Deze wereld was lang geleden al voorbij. 7De
gedachten die haar hebben gemaakt, zijn niet meer in de denkgeest die
ze gedacht heeft en een tijdje liefhad. 8Het wonder laat slechts zien dat
het verleden voorbij is, en wat werkelijk voorbij is heeft geen gevolgen
meer. 9Het zich herinneren van een oorzaak kan alleen maar illusies van
haar aanwezigheid voortbrengen, geen gevolgen.

2. Al de gevolgen van schuld zijn hier niet langer aanwezig. 2Want schuld
is voorbij. 3En met haar voorbijgaan verdwenen ook haar consequenties,
achtergelaten zonder oorzaak. 4Waarom zou jij je er in de herinnering
aan vastklampen, als jij haar gevolgen niet verlangde? 5Herinneren is
even selectief als waarnemen, waarvan het de verleden tijd is. 6Het is de
waarneming van het verleden alsof het nu plaatsvond, en hier nog altijd
te zien was. 7Herinneren, net als waarnemen, is een vaardigheid die jij
hebt bedacht om de plaats in te nemen van wat God bij jouw schepping
ten geschenke gaf. 8En net als alle dingen die jij hebt gemaakt, kan het
worden gebruikt om een ander doel te dienen, en middel voor iets anders
te zijn. 9Het kan worden aangewend om te genezen en niet om te
kwetsen, als jij dat zou wensen” (T28.I.1,2).

en:

“14. Vergeef het verleden en laat het gaan, want het is voorbij. 2Jij bevindt je
niet langer in het gebied dat tussen die werelden ligt. 3Je bent verdergegaan,
en hebt de wereld bereikt die bij de Hemelpoort ligt. 4Er is geen hindernis
voor de Wil van God, noch enige noodzaak voor jou om opnieuw
een reis aan te vangen die lang geleden al beëindigd werd. 5Kijk met zachtmoedigheid
naar jouw broeder, en aanschouw de wereld waarin de waarneming
van je haat getransformeerd werd tot een wereld van liefde” (T26.V.14:1-5).

Wat een grap hè, denk ik dat ik hier ben als lichaam in een wereld om gelukkig te worden, blijkt dat ik hier ben om zo ongelukkig mogelijk te zijn, zodat het onmogelijke nietig dwaze ongeluk van de afscheiding echt gebeurt lijkt te zijn, zodat ik veilig in het ongelukkig zijn kan schuilen voor het Ware Geluk, waarvan ik ben vergeten wat dat is… duh?

Gelukkig herinner ik me steeds vaker en sneller deze “grap” steeds minder serieus te nemen en kan er steeds vaker om glimlachen en alleen nog maar als vergevingsmateriaal en kans laten gebruiken.
Het script, de film verliest daardoor zijn aantrekkingskracht, daar ik me steeds vaker herinner dat ik de film al ken en ook de afloop, dus steeds sneller “door kan spoelen” naar het einde, wat tevens het begin is.
En daar wordt “ik” steeds vaker “echt” gelukkig van.

De grap is dat er nooit iets gebeurt is, dan wat onmogelijke dwaze projecties welke het onmogelijke ene nietig dwaze idee in stand proberen te houden.

 

Heel behulpzaam bij het ware vergevingsproces is me eerst af te vragen als ik weer eens onvrede ervaar over iets of iemand of “mijzelf”, en dat is in principe altijd het eerste gevoel bij elke gedachte.
Want wees eerlijk, komt het heel vaak voor dat ik me bij een gedachte in totale vrede voel? En als ik nu denk, nou soms wel soms niet, dan zou ik eigenlijk, ook weer als ik heel eerlijk kijk, moeten constateren dat het eigenlijk nooit is. Omdat elke gedachte die er is altijd eerst als een speciale, dus als ego gedachte verschijnt.
Ontken ik dat, dan is dat meteen weer een ego gedachte, want ontkennen gaat (als ik eerlijk kijk) met een gevoel van onvrede gepaard, dus komende van de keuze voor ego, oftewel de keuze om in de afscheiding te blijven, oftewel de (onmogelijke) wens uit Eenheid, Liefde, God te blijven.

Mocht ik tijdens het lezen van deze zin gedachten voorbij zien komen als: ja, hallo, mag ik dan niets meer denken, of ja dááág, dat is toch niet te doen…, moeten we het nu altijd over dat ego hebben!.. vertel eens wat leuks… ik ben toch liefde, potverdorie!? Of wat voor onvrede gedachte dan ook, dan kies ik gewoon weer voor afgescheiden te blijven: de ego reflex, welke niet anders kan. Dat is immers het doel van elke ego gedachte: niets anders dan in afscheiding te blijven, uit de buurt blijven van Eenheid, van Liefde, van God, of hoe je het onnoembare non-dualistische ook wilt noemen. Dáár is het ego, het afgescheiden dualistische denken voor gemaakt en nergens anders voor.

Ik voel helemaal geen onvrede, ook al lijkt dat zo, omdat iemand mij iets aandoet, of dat alles tegen lijkt te zitten, of ik ziek ben of m’n stinkende best doe om gezond te blijven, of dat ik alles alleen moet doen, of dat iedereen zich met mij bemoeit, of dat ik geen geld heb, of juist te veel, geen werk, of te veel werk, of wat dan ook. Alles van een piepklein gevoel van onvrede tot een lawine van onvrede, het heeft enkel en alleen als doel in de afscheiding te blijven, afgescheiden van Eenheid, Liefde, God. Er is géén rangorde in ego ervaringen, want ook al zien ze er allemaal verschillend uit en voelen ze allemaal verschillend, ze hebben maar één doel: in afscheiding te blijven, en dat is een keuze. Niet de vorm (ziekte, armoe en noem nog maar een paar miljard verschijningsmogelijkheden) waarin het gevoel zich toont is een keuze, maar wel de keuze voor afgescheiden te willen blijven. Er ligt dus eigenlijk maar één keuze ten grondslag aan elke ervaring die ik denk en geloof te hebben: de wens om afgescheiden te zijn en blijven.
En die keuze ziet er op een bepaalde manier uit (mijn persoonlijke projecties), omdat de keuze voor afgescheiden te blijven verborgen moet blijven, en het moet lijken alsof iets buiten mij, of ikzelf als lichaam, de oorzaak is van alle persoonlijke ellende en overwinningen die ik behaal op anderen of situaties.

Als ik dat eerst weet te constateren als ik weer eens onvrede voel, (hoe groot of klein ook) dan is het enorm behulpzaam dát eerst te constateren: ik voel nooit onvrede om de rede die ik denk (les 5).
Het is een geweldige reminder even stil te staan op het denkgeest kruispunt van de keuze, de keuze voor afscheiding of dat wat ik voel en ervaar als reminder te laten gebruiken om juist terug te herinneren in Eenheid, Liefde, God, in plaats als een reminder om af te scheiden daarvan.

De valkuil eerst te gaan analyseren, richt de focus weer op de vorm waarin het gevoel van onvrede zich wil weg-projecteren, weg van de bron de denkgeest die alleen voor afscheiding wil kiezen en dat verbergt achter de projectie die dan weer alle aandacht krijgt en als oorzaak wordt gezien, in plaats van de (onbewust gehouden) keuze voor afscheiding.

Er is overigens niets mis met analyseren, als maar eerst het verborgen doel ervan onder ogen wordt gezien; en dat is altijd de wens tot afscheiding. Analyseren kan dan voor in ieder geval begrip zorgen waarom iets leek te gebeuren, zodat het proces van ware vergeving makkelijker kan worden voltooit.
Op die manier krijgt elke gedachte en gevoel van onvrede die ik herken achter de projectie nu een andere functie. Niet meer die van de wens om af te scheiden van Eénheid, Liefde, God, maar juist van die van reminder om pas op de plaats te maken en opnieuw te kiezen en nu voor ware vergeving van wat leek te gebeuren, maar nu wordt ontmanteld als enkel en alleen de onnodige, onmogelijke wens van de denkgeest om zich af te scheiden van Eénheid, Liefde God.

Er valt niets anders te doen dan dat.
De film die “ik” als denkgeest die kiest voor afscheiding heb gemaakt, vanuit een geloof in afscheiding, wat onbewust (verborgen) voor een gigantisch schuldgevoel zorgt, geprojecteerd, kan nu ook alleen nog gezien worden als reminder voor welke keuze “ik” de denkgeest heeft gekozen.
Niet de film dient daarom verandert te worden in iets beters, want hoe kan dan nog mijn vergevingsmateriaal en kansen worden gezien? Nee, laat de film de film, alleen nog gebruikt als reminder voor waar hij voor staat (afscheiding) en verander alleen het denken erover door middel van ware vergeving.
En omdat het denken kan veranderen zal dat automatisch voor een andere ervaring zorgen, welke kan Inspireren tot een meer liefdevollere beslissing, vanuit de denkgeest die heel goed beseft dat niet de film is wat hij is, maar de gedachte achter de film.
Het wonder gaat over een omslag in het denken niet om een omslag in de film.
Net zo goed als het in de afspiegeling ervan in de wereld onzin zou zijn als ik naar een film zit te kijken en ter plekke de film wil gaan veranderen op het doek of in de tv.
Ik kan hooguit weglopen of de tv uitzetten.
En dat is precies wat we voortdurend doen als denkgeest die met opzet “vergeten” is dat deze denkgeest is en niet een lichaam. We weigeren te kijken naar de bron van wat we lijken te ervaren, de denkgeest, die kiest voor afscheiding en zetten dat bewustzijn uit en zien dan niet dat het dan slechts gewoon weer een andere interpretatie is, nog steeds de keuze voor afgescheiden te willen zijn.

Maar…. er is een andere manier, die weliswaar “vergeten” kan worden, maar er altijd nog is en onvermijdelijk weer herinnerd zal worden.

 

 

Alle twijfel gedachtes komen van die waarnemende denkgeest ‘plek’ waar de keuze is gemaakt voor afgescheiden (ego) denken, maar is tegelijkertijd de ‘plek’ die de mogelijkheid in zich draagt ánders te kiezen. En dan heb ik het niet over de keuze links of rechts te gaan, dit/dat/iets wel of niet te doen in welke vorm dan ook, maar over de keuze voor afscheiding (ego) te kiezen of voor het pad in te gaan wat leidt naar terug herinneren in Waarheid, Eenheid, Liefde, God.
Dat kan, als ik daarvoor kies, de nieuwe functie worden van alle vormen van angst, zoals twijfelen, minderwaardigheid, overmoed enz. enz.  een eindeloze lijst.

Als ik ergens over twijfel, schijnbaar over iets in de vorm; zal ik wel of niet dit of dat doen, gepaard gaande met gevoelens van zorg, schuld, angst enz, dan zeg ik sowieso ‘ik weet het niet’, en neem de gedachte + projecties terug, vergeef deze (ik weet immers in middels dat wat er lijkt te gebeuren in de vorm een projectie is vanuit de keuze voor angst, dus een waanbeeld) en kies nu, deze keer bewust voor ‘Heilige Geest’, het symbool voor dat gedeelte van de denkgeest, dat niet standaard vlucht in de vorm, zoals de keuze voor het egodenken doet, maar de projectie her-gebruikt, niet door deze te veranderen, maar te zien voor wat het is en als poort gebruikt terug te herinneren in Waarheid, Eenheid, Liefde, God.
Dat is de betekenis van ‘ik hoef niets te doen’, ik hoef niet de vorm te veranderen in een ‘betere’ aangenamere versie, ik hoef alleen mijn denken erover te laten veranderen, door al mijn waanideeën te vergeven. De ‘film’ die ik mijn leven noem, draait gewoon door, maar krijgt nu een totaal andere functie.
En vergeet niet dat het nooit het lichaam is dat kiest, maar altijd de bron van alle denken, de denkgeest (mind). Het lichaam is altijd een projectie van de denkgeest, niets meer en niets minder.

 

Vanaf geboorte tot de dood zijn we bezig iets te worden, zijn we bezig ons zoveel mogelijk te ontwikkelen, zoveel mogelijk te vergaren, zo ver mogelijk te komen, te groeien, zo gezond mogelijk te blijven of te worden, kortom ons best te doen zoveel mogelijk uit dat interval tussen geboorte en dood te halen. En we hebben voortgeduwd door zonde, schuld en angst enorme haast want het moet allemaal gebeuren voordat de onvermijdelijke dood onvermijdelijk volgt.

Als ik hiernaar kijk vanuit het perspectief van ‘niets is wat het lijkt te zijn’, is dat hele gedoe wat ik ‘mijn leven’ noem hoogstwaarschijnlijk ook niet wat het lijkt te zijn en is het doel van dat alles ook niet wat het lijkt te zijn.

Het idee van iets willen/moeten bereiken is als het achter de bekende voorgehouden wortel aanrennen, welke steeds net buiten bereik blijft, hoe hard ik er ook achteraan ren. Ik word er alleen moe van, ziek en uitgeput, en uiteindelijk val ik dood neer, zonder mijn schijnbare en tevens onmogelijke doel bereikt te hebben. Het doel is namelijk nooit het doel te bereiken.

Wat een bevrijding is het dan ook dit mechanisme op een gegeven moment, en ook dat is onvermijdelijk, als de (inmiddels uitgeputte) denkgeest eraan toe is, volledig te leren doorzien en de mogelijkheid te herontdekken dat er ook een andere manier is van ‘kijken’, niet met de ogen maar met de denkgeest, dat wat we zijn, zolang er nog ervaren lijkt te worden.
Er wordt nog hetzelfde waargenomen, maar compleet anders ‘gedacht’ erover.

Ik doorzie nu het ‘doel’ achter wat ik eerst via ego waarneming waarnam. Het doel van het ego waarnemen is niet wat het lijkt te zijn. De vorm (de projectie) waar iets mee lijkt te moeten gebeuren is slechts een rookgordijn om het ‘ware’ (onmogelijke) doel van het ego denken te verbergen, namelijk afgescheiden blijven uit Waarheid, uit Eenheid, Liefde, God, het Onveranderlijke te veranderen in het veranderlijke, symbolische termen voor het totale onveranderlijk abstracte wat wij niet kunnen begrijpen, zolang we denken en geloven in een ‘hier’ (de wereld)  te zijn, maar gelukkig nog wel een vage herinnering is achter de met opzet door het ego opgetrokken rookgordijn der vergetelheid.

Zoals ik al eerder schreef, het doel kan namelijk niet bereikt worden, omdat het het doel juist is dat het niet bereikt kan en mag worden.
Het vormgerichte egodoel bestaat niet, want is een droom, waardoor het daar achter verborgen ego doel in de afscheiding blijven ook onmogelijk is, want een droom is een droom en blijft een droom en kan daardoor niets veranderen aan het Onveranderlijke, Waarheid, Eenheid, Liefde, God.

Wat moet ik dan nu in vredesnaam met dat script wat ik mijn leven noem?
Wat heeft het nog voor zin, als ik de onmogelijke egodoelen doorzie, ik verveel me dan vast dood.
Nou, als dat zo zou zijn heb ik alsnog het onmogelijke egodoel bereikt en dus waargemaakt: de dood.

Van seconde tot seconde loopt de film welke ik mijn leven noem. In plaats van er tegen te vechten zolang ik nog in ‘ervaren’ verkeer, kan ik er ook voor kiezen het gewoon te aanvaarden als ‘mijn film’ en deze gewoon als bewuste waarnemende denkgeest te spelen maar niet te vermengen/verwarren met de Waarheid welke het egodenken juist probeert te verbergen.
Waarheid, Eenheid, Liefde, God de droom van afscheiding binnen slepen om daarmee de droom te veranderen, zal niet werken, want dan wordt Waarheid, Eenheid, Liefde, God opgenomen in de droom en verandert in een droom versie, oftewel in een ego versie van Waarheid, Eenheid, Liefde, God. Daardoor lijkt de droom misschien spiritueler, maar is en blijft nog precies hetzelfde ego verhaal van afscheiding, er verandert niets.
Het Onveranderlijke en het veranderlijke gaan niet samen.

Ik leef dus mijn (droom) leven van seconde tot seconde zonder het meer of minder te maken dan het zich voor lijkt te doen, zonder het spiritueel te maken, zonder er meer of minder van te willen maken dan zoals het zich voordoet, gewoon zoals het egoscript is geschreven en gespeeld door het karaktertje (droomfiguur) met al haar eigenschappen. karaktertrekken, drama, verdriet, vrolijkheid, woede, pleziertjes, voorkeuren, afkeuren enz.
De ‘ik’ is nu bezig waarnemer te worden en aan het leren zich niet meer met de droomfiguur te identificeren, maar is nog wel tegelijkertijd de acteur.
De bewust wordende acteur stelt zich nu steeds minder vaak onder leiding van het egodenken welke alleen de veranderlijke middelen zonde, schuld en angst kan gebruiken om het ego script van afscheiding mee uit te spelen en uit te beelden, maar steeds vaker onder leiding van de Herinnering aan het Onveranderlijke, Eenheid, Waarheid, Liefde, God, waardoor automatisch de veranderlijke eigenschappen zonde, schuld en angst, terug genomen worden (het proces van Ware Vergeving), en als het ware oplossen in het Onveranderlijke.

De ervaring leert dat dit een proces is, dat onmogelijk van de ene op de andere dag geleerd en doorzien kan worden. Het onvermijdelijke proces voert de denkgeest door alle mogelijke fasen van zeer heftige en minder heftige weerstand afgewisseld met loslaten van weerstand heen, stap voor stap terug naar het Onvermijdelijke terug herinneren in het Onveranderlijke.

Ondertussen ben ik waar ik ben, omdat ik ben waar ik ben en dus nergens anders kan zijn dan waar ik ben, midden in ‘mijn’ schijnbaar persoonlijke van seconde tot seconde leer-vergevings-terug herinner-materiaal.
Dat is de nieuwe functie van het voorheen egoscript.

Voor de liefhebber:

 

Mezelf depressief voelen, somber, energieloos, is nu eenmaal een van de mogelijke denkstaat vormen waarin de egodenkgeest zich kan denken, geloven en ervaren.
Meer is het niet. Het is zeer verleidelijk de redenen voor die staat van ervaren in oorzaken buiten mij te projecteren, zoals het weer, gebrek aan zon, de toestand in de wereld, familieomstandigheden, de leeftijd, griep enz. enz., maar daar geloof ik niet meer in.

Ondertussen speelt die film zich nog wel gewoon af in zijn geprojecteerde egodenkgeest vorm. De persoonlijk geprojecteerde ego film, waarvan, zo weet ik, niet de oorzaak is gelegen in wat ik denk te zien en te ervaren, maar alleen maar tot doel heeft af te scheiden van Waarheid, van Eenheid, van Liefde.
En ook al lijkt de verleiding erg groot door het gevoel wat gepaard gaat met de verslavende verleiding, ‘ik’ de waarnemende/keuzemakende denkgeest hoef niet mee te gaan in de projecties die zich af lijken te spelen in de film die de egodenkgeest wenst te projecteren. Ik ben niet mijn projecties, ik projecteer ze alleen maar.
Ik de waarnemende denkgeest kan er naar kijken en het ervaren en tegelijkertijd weten dat het niet is wat ‘ik’ denkgeest ben, en dat het juist de ontkenning is van wat ‘ik’ denkgeest ben.
Ik geloof het niet, maar ontken het ook niet.
Ik rust in het gevoel en vergeef.
Ware Vergeving is stil en doet in alle rust niets.
Ik doe niets en laat vergeving mij tonen wat mij te doen staat, via Hem die mijn Gids is…

%d bloggers liken dit: