archiveren

Tagarchief: God

Perfectie….
Een woord een toestand die akelig dicht bij God komt en juist dáárom ontweken dient te worden, terwijl het streven ernaar wel moet blijven, alleen het bereiken ervan moet te allen tijden vermeden worden… aldus de gedachtegang van de ego-denkgeest.
Perfectie binnen de afscheiding is onmogelijk, maar toch wordt er onvermoeibaar naar gestreefd, lijkt het wel.
‘Je moet je best doen’,  ‘ je moet alles uit jezelf halen,’ al je talenten gebruiken, verkwist het niet’,  ‘streven naar perfectie’, ‘geen fouten maken’,  ’je doet niet genoeg je best, dat kan veel beter’, ‘laat zien dat je de beste bent’, ‘als je wilt kan je alles’, ‘Doorgaan tot het af is, tot het perfect is.’ enz.
Maar het was nooit perfect, nooit was het af, nooit goed genoeg, ik had gefaald, telkens weer…
En dat is precies het verdedigingsmechanisme van de ego-denkgeest, dat precies dat doet waar het voor is gemaakt/bedacht: afgescheiden blijven van de perfectie van God.
Als ik heel eerlijk kijk zonder geremd te worden door angst dat met opzet probeert te voorkomen dat er überhaupt gekeken wordt, dan lijkt die drang naar perfectie er te zijn, maar ook de drang om fouten te maken, want op de achtergrond is er altijd de angst voor de non-dualistische perfectie van wat God is.

Uit de Perfectie van God en de Zoon, ontsproot het (nietig dwaas) idee dat het nog perfecter kon…
Dat idee, vermenigvuldigde zich: het kan perfecter, het kan perfecter…. deze koortsdroom spon dromen van  beelden die dit leken te bevestigen, perfecter, meer, vermenigvuldigen, meer… maar 0 bleef 0 , al werd het miljoenen, oneindig veel keren verdubbeld.
Het vermenigvuldigen ontkoppelde zich schijnbaar van de Bron die genoeg was in zichzelf als eenduidige Bron, en de herinnering verdween achter de  sluier van vergeten. Maar de herinnering en het verlangen naar Perfectie, de Eenheid, God, bleef aanwezig, maar werd de omgekeerde motor voor het aandrijven van de nep perfectie, en draaide dol als een los geslagen projectiel, strevend en zoekend naar de perfectie die daar niet was en niet is te vinden.
Totdat de uitputting toesloeg, perfectie verder en onbereikbaarder leek dan ooit en de vlucht in de perfectie van de dood de enige perfecte uitweg leek.
Toen pas, op dat ene korte moment van alles loslaten vanuit totale wanhoop en uitputting, geen kant meer op kunnend, kreeg de herinnering en het verlangen een kans: dit werkt niet, er moet een andere weg zijn.
Toen werd heel even de sluier opgetild en werd de andere weg zichtbaar, de weg aan de andere kant van de spiegel, de weg terug naar Perfectie, de weg terug naar God, stapje voor stapje, langs al die vergeefse pogingen tot perfectie, ze stuk voor stuk aan het licht brengend en vergevend.

Ik zie nu ineens mijn drang tot perfectie, die drang en dat verlangen perfect te zijn en dat nastrevend, maar altijd als bijna de perfectie werd bereikt moest ik stoppen, een rem, alsof perfectie tot de dood zou leiden…. immers, zo dacht ik, bewust afgedekt, als ik de perfectie heb bereikt verdwijn ik. Altijd als alles goed ging, was er de angst, ‘oh, help hoe lang gaat het duren voordat het weer mis gaat’, en eigenlijk was dat de gedachte ‘het moet fout gaan, want als het perfect gaat verdwijn ik.  Kortom het hele plan was er op gericht uit de beurt van perfectie te blijven uit de beurt van het perfecte ‘goed’ of het perfecte ‘fout’, steeds net niet, balancerend op de rand van de afgrond. Met als hoofddoel, uit de buurt blijven van God.
En zo verweet ik me mijzelf mijn leven lang een middenmoot te zijn, niet goed en niet slecht, een 7entje. Hoe dan ook nooit perfect, in een soort van pseudo veiligheidszone verkerend.

Ik ben imperfect…

Dit alles verbergt de Perfectie van God een uitstekend werkende verdediging hier tegen….. maar….. niet perfect God-dicht…. gelukkig…
Een keer werkelijk zeggen en menen met heel mijn hart:  ik vergeef mezelf dat ik denk dat ik niet perfect kan zijn… en ik vergeef God dat het Hem niet gelukt is mij als imperfect te schapen, omdat dat onmogelijk is, zal de hele vergissing weer terug draaien naar wat ik, de denkgeest werkelijk ben: Geest, één, héél en Perfect. Het is mij, de denkgeest niet gelukt de perfecte eenheid van de Vader en de Zoon te scheiden, zelfs niet uitgespeeld in mijn eigen moeder en dochter (hetzelfde als vader en zoon) ego creatie versie. Het was niet mogelijk en het zal nooit mogelijk zijn.

Zo wordt imperfectie een vergevingspoort naar Perfectie, de non-dualistische Perfectie van God, waar het hele Zoonschap onverbrekelijk deel van uit maakt.

Wat gedachten naar aanleiding van een gedeelde ervaring van vriendin, na het met verbazing observeren van een kamikaze muisje die zich als het ware aanbood aan een kat.
Wat mij meteen door de gedachte ging was dat dit eigenlijk een demonstratie is (symbolisch gezien) van de aantrekkingskracht van de dood binnen wat wij denken en geloven en benoemen als “het leven” en ons persoonlijke leven als lichamen (ook dieren vanzelfsprekend). De dood als ultieme (ego)bewijs dat eindigheid bestaat versus Oneindigheid, Éénheid (God, Liefde, Waarheid).
Wij als schijnbaar afgescheiden deeltjes van Éénheid, die geloven afgescheiden deeltjes in lichamen te zijn, moeten wel met “verhalen” komen over afgescheidenheid, eindigheid, en met “ziel” verhalen die bewaard blijven en naar de hemel, of hel gaan of reïncarneren, of gerecycled worden door de aarde, teneinde “geloofwaardig” over te komen binnen het ego-denksysteem.
Want ergens zit die herinnering aan Werkelijke Onsterfelijkheid van Éénheid er nog, maar is nu vermomd in afscheidingsverhalen die aan onsterfelijkheid een eigen draai geven vanuit het schijnbare bestaan van lichamen, dingen en situaties.
Dus als ik naar dat kamikaze muisje kijk, zie ik daar dat hele proces van afscheiding en het willen bewijzen daarvan in terug.
Ook wij als schijnbare lichamen hebben dit denkgeest geloof en hebben daardoor dit kamikaze geloof en voeren dat keurig uit op wat voor manier dan ook, “natuurlijk”, “onnatuurlijk”, zelfmoord, moord, ongeluk, ziekte en verzin het maar.

De egodenkgeest is geprogrammeerd vanuit de wil tot afscheiding van Éénheid en daarom dromen wij (denkgeest die kiest in sterfelijkheid te geloven) in termen van de onvermijdelijkheid van de lichamelijke dood en dat alles hier in de wereld van deze droom sterfelijk is. En als extra beveiliging om dit geloof in het zadel te houden wordt dit vanuit angst en schuld geprojecteerd, waardoor het nog meer waar en geloofwaardiger lijkt te zijn.
En zo is de hele ene egodenkgeest, (want er is maar één egodenkgeest ook al lijken het er miljarden te zijn) het geloof erin, verslaafd geraakt aan dit zieke denkgeest geloof, dat ongeneeslijk lijkt en onvermijdelijk tot de schijnbare dood leidt.

Als dit hele verhaal serieus wordt genomen, (en dat wordt het door de egodenkgeest) betekent dit alleen dat de keuzemakende-denkgeest opnieuw kiest voor vanuit het ego hiernaar te kijken. Je kan er dan vreselijk depressief en hopeloos van worden, want dat is waarvoor het ego is gemaakt, om het tegenovergestelde van Éénheid te kunnen bedenken, en dat betekent eigenlijk dat we (de denkgeest die voor ego kiest) dit juist willen. Dus als je goed kijkt dan zal je zien dat er onder de depressiviteit en de schuld van waaruit de projectie komt, de tevredenheid en de “ego vreugde” schuilgaat van dat het weer gelukt is afgescheiden te blijven van Éénheid. (Vandaar als je heel eerlijk kijkt, is er het heimelijke genoegen om naar rampen vooral die van anderen, te kijken. wat “beschaafder” onder andere vermomd in de populariteit van het kijken naar de meest gruwelijke films. En denk ook aan “kijkers” naar een ongeluk, we doen het allemaal, of hebben in ieder geval de neiging, die we dan uitvoeren of onderdrukken, beide nog steeds een keuze voor het egodenksysteem).
Dit vereist heel eerlijk kunnen en vooral willen kijken, en dat kan pas als het ego denksysteem doorzien gaat worden. En uiteindelijk als het egodenksysteem volledig doorzien wordt, zal het vanzelf zijn aantrekkingskracht verliezen en de wil tot investeren en identifieren ermee vanzelf stoppen.

Wat niet wil zeggen dat er dan geen dood meer wordt gezien èn ervaren, nee, alleen er wordt dan geweten en doorzien dat het slechts een nietig dwaas idee is, alleen bedoeld om af te scheiden van Éénheid en wordt volledig gezien dat dat onmogelijk is en dat al dat lijden, sterven en vechten gewoon niet nodig is, omdat het zinloos is, want: “Niets werkelijks kan bedreigd worden. Niets onwerkelijks bestaat. Hierin ligt de Vrede van God.
Op die manier kan de film (het leven, de wereld) gewoon nog gezien en ervaren worden, inclusief sterven, (dus niet ontkend en afgedaan als, oh, het is toch maar een illusie) maar heeft het niet meer de macht van waar te lijken zijn, simpelweg omdat het geloof erin verdwijnt (als je ECIW doet middels ware vergeving).
En dan krijgt dit alles de functie van terug herinneren en niet meer de functie van afscheiding.
Dat is de diepere betekening van wat in ECIW staat:
“Maak dit jaar anders door het helemaal hetzelfde te maken” (T15.XI.10:11).

Ziek zijn is de goed verborgen wens van de denkgeest om afgescheiden te zijn en te blijven van God, Liefde, Éenheid.
En die wens wordt door de denkgeest geprojecteerd zogenaamd, schijnbaar buiten de denkgeest. Nu lijkt er een projectie te zien te zijn die ziek lijkt en lijdt.
Maar aangezien er in werkelijkheid geen “buiten de denkgeest” bestaat en het alleen “een nietig dwaas idee is”, een gedachte dus, en geen feit, en het een ongelooflijk geforceerde gedachte is, sterker nog een onmogelijke gedachte die toch mogelijk lijkt, kan het niet anders zijn dat zo’n gedachte-projectie pijnlijk moet zijn.
Vandaar dat alles wat wij in onze afscheidingsgedachte gelovende denkgeest als pijn ervaren, van een klein ongemakje tot niet te verdragen pijn, een poging tot afscheiding van Liefde, van God, van Éénheid moet zijn. Het onmogelijke (afscheiding) toch als mogelijkheid willen zien kan niet anders dan het tegenovergestelde van Liefde laten zien: pijn en lijden in alle gradaties die we kunnen bedenken.

Als alles alleen maar uit denkgeest kan komen, kan er niets ontstaan vanuit wat wij zien als lichamen, dingen en situaties. Wat wij “zien” zijn projecties vanuit de denkgeest, dat kan niet anders. Dus als we genezen van een ziekte, of niet genezen van een ziekte, komt dat niet door medicatie, of wat voor behandeling dan ook, maar door een besluit van de denkgeest, die dat besluit. En dat besluit is niet welke pillen, welke behandeling, of niet behandeling, of geen pillen, of wat voor vorm dan ook, maar het besluit (dat verborgen moet blijven) van de (waarnemende/keuzemakende) denkgeest om voor ego (voor afscheiding) of voor HG/J (voor terug herinneren in Liefde) te kiezen.
Aangezien deze besluitvormende gedachte verborgen blijft denken we dat genezing of niet genezing door het wel of niet nemen van medicatie of wat dan ook komt.
Er is geen keuze mogelijk los van de denkgeest.
Dat betekent dat wat wij de hele dag aan het “doen” lijken te zijn geen keuzes zijn op het niveau van de vorm (ook al lijkt dat zo te zijn, sterker nog daar zijn we 100% van overtuigd, dat moet eerst erkend worden), maar altijd onveranderlijk keuzes zijn op denkgeest niveau ALTIJD.

Is de ervaring nu sterke weerstand, (een kwestie van eerlijk kijken) dan is dat afkomstig van de keuze voor egodenkgeest, die niet in weerstand is van wegen wat gelezen wordt, maar voor weerstand kiest om maar in het idee van afscheiding te blijven geloven, uit pure angst voor God, Liefde, Éénheid.

Denk maar aan les 5 “Ik voel nooit onvrede [weerstand, pijn, ongemak, boosheid, speciale liefde enz. enz.] om de reden die ik denk”.

In de mogelijkheid geloven dat afscheiding van God, Liefde Éénheid mogelijk is, is het enige, ENIGE doel van het willen blijven geloven in egodenkgeest.
En als extra beveiliging wordt “vergeten” dat er alleen denkgeest is. Blijft over het zien en ervaren van alleen de projecties, schijnbaar zonder hun bron de denkgeest.
De denkgeest wordt dus een blinde vlek.

Gelukkig valt het hele egodenkgeest idee onder het onmogelijke en wordt alleen met veel moeite in stand gehouden door het geloof erin en in het geloof dat de projecties die we schijnbaar zien en ervaren waar zijn. De pijn het lijden, emoties of welk gevoel dan ook dat lichaamsgerelateerd is, dient als extra “beveiliging” om “het nietig dwaas idee” in stand te houden.

Maar er komt onvermijdelijk een moment dat dit onmogelijke geloof niet meer vol te houden is door de denkgeest en er “gaten” vallen in het schijnbaar goed dichtgetimmerde egodenksysteem.
En dan kan het proces van terug herinneren beginnen, stap voor stap.
Het proces bestaat grof gezegd uit alle egogedachtes, die in eerste instantie als doel hebben het geloof in afscheiding in stand te houden, te (ver)geven aan HG/J, het juist gerichte deel van de denkgeest, waar nog steeds de herinnering aan God, Liefde, Éénheid “huist”, waardoor hetzelfde in eerste instantie egodenkgeest-materiaal de functie krijgt van terug herinneren (HG functie) in plaats van vergeten (ego functie).
Daarvoor moet wel al dat egomateriaal wat in elke gedachte zit herkend, erkend en onder ogen worden gezien. Dat is een leerproces, een lang stap voor stap leerproces.
En de enige reden dat het “lang” duurt is dat onze eigen weerstand, die van de egodenkgeest dus, enorm is. Het leren kijken naar die enorme weerstand, die komt vanuit het geloof in zonde, schuld en angst, omdat we onbewust geloven dat we het voor elkaar gekregen hebben om ons echt af te scheiden van God, Liefde Éénheid, het leren kijken naar dit alles gaat niet werken als we er opnieuw vanuit de keuze voor egodenkgeest naar kijken. Wat we dan zien is dat we zonde, schuld en angst echt maken en daar door boetedoening, lijden, offeren, onderhandelen (zie elke religie) van proberen verlost te worden in de hoop dat God ons dan terugneemt of alsnog naar de hel stuurt als het niet genoeg blijkt wat we opgeofferd en geleden hebben.

Het leren kijken naar weerstand met als doel terug herinneren in God, Liefde Éénheid kan alleen werken olv dat gedeelte van de denkgeest waar de herinnering daaraan huist en dat noemen we symbolisch Heilige Geest met als bekendste manifestatie hiervan het symbool “Jezus”.
Dit is behulpzaam omdat het nodig is dat we aangesproken worden op het niveau waar we denken en geloven te zijn: in een wereld, in een lichaam, in situaties.

Vandaar dat ECIW 100% alleen maar praktisch genoemd kan worden, want het werkt met ons op het niveau van dat we kennen en denken te snappen. Vandaar dat ECIW zegt dat de Heilige Geest alles kan gebruiken. Alles wat ik denk, geloof en ervaar geef ik aan ego of aan HG, meer keuzes zijn er niet.
Dus als ik ziek denk en geloof te zijn, dan ga ik dat niet ontkennen of nog erger mezelf op de kop geven omdat ik zou moeten weten dat het lichaam niet ziek kan zijn en als ik dat wel zo ervaar ik dat over mezelf heb afgeroepen.
Het is ook niet “fout” als ik dat wel denk/doe, de vraag is alleen wat is het doel; afscheiding (ego) of terug herinneren (HG/J).
Ik hoef mijn gedrag niet te veranderen, maar alleen bewust te worden van onder leiding van wat/wie (ego of HG) ik er naar wil kijken.
De keuze voor het egodenken hoeft ook niet ontkend te worden of er bijvoorbeeld iets spiritueels van te maken door bijvoorbeeld te zeggen dat de Heilige Geest mij verteld heeft dit of dat te doen, dat is gewoon weer opnieuw kiezen voor egodenkgeest.
HG denkgeest en of Jezus geven nooit advies op vorm niveau. Het advies wat eventueel gehoord wordt is opnieuw zoals ik al eerder schreef, een keuze voor ego of voor HG.
Dus niet voor rechts of linksaf, maar voor ego of HG, voor afscheiding of voor terug herinneren.
MEER VALT ER NIET TE KIEZEN.

Dus als ik denk, ok ik weet zeker dat ik hier rechtsaf moet, dan zit daar niet de keuze voor rechtsaf gaan achter, maar EERST een denkgeest keuze voor ego (afscheiding) of voor HG (terug herinneren).
En dat kan er in beide gevallen uitzien als een projectie die “rechtsaf” gaat, maar de ervaring van die keuze, zal verschillen.
En dat nuance verschil leren zien en ervaren is het proces, waardoor we bewust leren kiezen.
En zoals we ongetwijfeld zullen merken naarmate we eerlijker durven kijken, komen we enorm veel weerstand tegen. Dat is niet goed of fout, dat is precies wat het ego “moet” doen, want zo is het geprogrammeerd. Als we dat zien hoeven we er ook niet meer zo bang voor te zijn. Dan is het een mechanisme wat doet wat het doet.

Uiteindelijk zal blijken, na veel, heel veel oefenen met elke gedachte/ervaring, eerst met een paar gedachtes die opvallen, maar uiteindelijk zichtbaar in elke gedachte, die elke seconde van de dag en nacht langskomen, dat de enige werkelijke bewuste keuze die kan worden gemaakt op denkgeest niveau ligt en wel voor ego of voor Heilige Geest.
De wijze waarop de projectie vervolgens op de door ons bekende wijze ervaren wordt zal getuigen van deze keuze. Dus niet de projectie zelf, maar de wijze waarop de projectie ervaren wordt.

Dus uiteindelijk is er geen lichaam dat ziek is of niet ziek is, maar de denkgeest die ziek is of niet ziek is, wat er geprojecteerd, als projectie uit ziet als een wel of niet ziek lichaam.
En kan een projectie ziek zijn, of niet ziek zijn?

De “miscreaties” die wij de schepping van god noemen, welke zich lijken te manifesteren als “onze werkelijkheid”, zijn de miscreaties ten gevolgen van de keuze voor ego. Geboren uit het onmogelijke nietig dwaas idee dat afscheiding van God mogelijk is. Dat idee is zo onnatuurlijk dat het niet anders dan grote angst, pijn en lijden en een alles overheersend gevoel van schuld oproept. Een gevoel dat zo’n sterke aantrekkingskracht lijkt te hebben dat vergeten wordt wat de oorzaak ervan is; het geloof in een nietig dwaas onmogelijk idee, dat vervolgens wel schijnbaar waar wordt gemaakt, en geprojecteerd moet worden teneinde de pijn en de angst en de schuld ogenschijnlijk kwijt te raken. Iets wat lijkt te lukken, doordat er nu ineens schuld, angst en lijden buiten “mijzelf” wordt waargenomen, of in “mij” als lichaam, wat ook nog steeds een projectie is buiten de denkgeest.
ECIW zegt hierover:

Het is slechts een kwestie van tijd tot iedereen de Verzoening heeft aanvaard. 2Door de onvermijdelijkheid van de uiteindelijke beslissing kan dit in tegenspraak lijken met de vrije wil, maar dat is niet het geval. 3Je kunt tijd rekken en je bent tot immens uitstel in staat, maar je kunt niet totaal afdwalen van je Schepper, die een grens stelt aan je vermogen tot miscreëren. 4Een geketende wil laat een situatie ontstaan die in het uiterste geval volslagen onverdraaglijk wordt. 5Je mag dan veel pijn kunnen verdragen, maar daaraan is een grens. 6Uiteindelijk begint iedereen in te zien, hoe vaag ook, dat er een betere manier moet zijn. 7Wanneer dit inzicht vastere grond krijgt, wordt het een keerpunt. 8Dit laat geestelijke visie uiteindelijk opnieuw ontwaken en tegelijk de investering in de fysieke blik afnemen. 9Het afwisselend investeren in de twee waarnemingsniveaus wordt doorgaans als een conflict ervaren, een dat zeer acuut kan worden. 10Maar de uitkomst is zo zeker als God.
T2.3:1-10)

En les 5 zegt dan: Ik voel nooit onvrede om de reden die ik denk.
Dus de onverdraaglijke pijn die ik denk en geloof te ervaren wordt niet veroorzaakt door gebeurtenissen buiten “mij” als lichaam, de eindeloze kluwen totaal krankzinnige gebeurtenissen die wij de wereld noemen, maar door de krampachtig in stand gehouden onnatuurlijk wens tot afgescheiden willen zijn van God.
Die onmogelijke wil tot afgescheiden willen zijn van God is de oorzaak van alles, van alle ondraaglijke pijn en lijden en wordt veroorzaakt door slechts één beslissing gemaakt door de keuzemakende denkgeest.

En aan het maken van die onmogelijke keuze, keer op keer miljarden keren, komt op een gegeven moment een onvermijdelijk einde als de onvermijdelijkheid ervan wordt ingezien en er niet meer voor wordt gekozen en ook dat is slechts één keuze.
Dus daardoor wordt het mogelijk al die schijnbare miljarden keuzes en problemen terug te brengen tot één schijnbaar probleem (de keuze voor afscheiding), één oplossing (de keuze voor terug herinneren in God).
Meer valt er niet te doen, want de uitkomst is zo zeker als God.
Dit betekent in de praktijk binnen de droom, dat elke “speciale” droom van pijn, en lijden een andere functie kan krijgen. Niet meer de functie onder leiding van het ego, voor afscheiding van God, maar de functie tot het terug herinneren in God.
En die keuze is de enige keuze die gemaakt hoeft te worden in alle schijnbare situaties die pijn en lijden lijken te veroorzaken.

The world, with everything in it, including “my” (and everyone’s) body (including the brain), is a never happened story, it is just a dream in the mind (not in the brain) which in its self is also a dream. And dreams are dreams, are dreams, are dreams, are dreams, never to become Reality.
Within this dream concept the whole thing is “a never ending story”, because it never began. the whole thing is just the answer, the effect to the impossible wish to be separated from Reality, Oneness, Love, God.
Only this one hidden wish keeps this impossible dream of separation going.
Until the mind is ready to let this impossible dream go and is ready to remember back into God, where it never left in the first place.
And this will “happen” inevitably, because it never really happened.

So seemingly trapped in this never happened, seemingly never ending dream the only real question would be: “what is it for?”: to keep the separation intact, or remembering back in Reality”.

That would be the only proper question to ask with everything that seems to happen in the dream, this seemingly “my” so called life.
There is no investigation needed in the outcome only in the minds input;
what is it for, and then choose again: ego or Holy Spirit, fear or Love. And the (dream) effects of this choice will “look after itself”.
There is nothing more to “do” than this: choose again, and again, and again, and again…

Een cursus in wonderen gaat over het leren oordeelloos observeren van al mijn gedachtes, en in het bijzonder al mijn gedachtes die ik gebruik als blokkades tegen Liefde. Want zoals ik nu wel weet werd/word “de wereld” gemaakt en gebruikt om een schijnbaar reusachtige ondoordringbare blokkade op te richten tegen Liefde, tegen God, tegen Éénheid, tegen volmaakt non-dualisme.
Dat betekent dat elke gedachte die ik heb zolang ik schijnbaar ervaar een lichaam te zijn dat leeft tussen andere lichamen en dingen en situaties in een schijnbare wereld, ik alleen maar heel druk bezig ben met me af te scheiden van Liefde, God, Éénheid.
Mezelf dubbel voor de gek houdend, door te denken dat ik alleen maar goed wil doen in de wereld en het kwade wil bestrijden, in naam van een zelf gemaakte substituut god.

Niet is minder waar, ik ben hier om het onmogelijke te bewijzen dat ik een autonoom wezen ben dat heel goed zonder God, zonder Liefde in een afgescheiden staat kan leven.
Dat betekent ook dat wat ik als blokkades gebruik tegen God, Liefde, Éénheid het tegenovergestelde daarvan moet zijn.

Één van die blokkades is “wantrouwen”.
Wantrouwen is een blokkade tegen “Vertrouwen”.
Dus achter elke wantrouwende gedachte die ik uitstuur gaat “Vertrouwen” schuil.
Wantrouwen blokkeert Vertrouwen, maar laat het niet werkelijk verdwijnen er staat alleen een schijnbare (gedachte) muur voor, zodat het niet meer wordt gezien en ervaren en zodoende vergeten. Een schijnbaar zeer effectief ego-denksysteem dat als enig (onmogelijk) doel heeft afgescheiden te blijven van Éénheid.
Voordat ik het ga hebben over de blokkade “wantrouwen”, wil ik even laten zien
wat ECIW zegt over Vertrouwen in het Handboek voor leraren:

“I. Vertrouwen

1.Dit is het fundament waarop hun vermogen om hun functie te vervullen rust. 2Waarneming is het resultaat van leren. 3In feite is waarneming leren, omdat oorzaak en gevolg nooit gescheiden zijn. 4De leraren van God hebben vertrouwen in de wereld, omdat ze hebben geleerd dat die niet wordt geregeerd door wetten die de wereld heeft ontworpen. 5Ze wordt geregeerd door een kracht die in hen maar niet van hen is. 6Het is deze kracht die alles geborgen houdt. 7Het is dankzij deze kracht dat de leraren van God een wereld zien die is vergeven.

2.Wanneer deze kracht eenmaal is ervaren, is het onmogelijk nog op je eigen onbeduidende vermogens te vertrouwen. 2Wie zou proberen met de nietige vleugels van een mus te vliegen wanneer hem de machtige kracht gegeven is van een adelaar? 3En wie zou zijn vertrouwen stellen in het schamele aanbod van het ego wanneer de gaven van God voor hem worden neergelegd? 4Wat is het dat hen ertoe aanzet de omslag te maken?” (H4.I.1:1-7,2:1-4).

Dit ligt dus verborgen achter de blokkade wantrouwen, waardoor wantrouwen niet meer kan worden gezien als een blokkade, maar nu gezien en ervaren wordt als een feit in plaats van een blokkade tegen Vertrouwen.
Wantrouwen is nu de vervanger van Vertrouwen geworden, sterker nog er wordt nu alleen nog vertrouwd in de ego versie van vertrouwen: wantrouwen.

Dit klinkt misschien wat theoretisch, maar “wantrouwen” is toch, mits de bereidheid er is om echt te “kijken” dwars door de blokkerende ego-functie heen, duidelijk te herkennen in mijn dagelijkse gedachtes en bezigheden.

Dit “kijken” gebeurt altijd vanuit de denkgeest (mind dus niet door de ogen), en wel door de waarnemende/keuzemakende denkgeest. Wordt er gekozen voor afscheiding uit éénheid, dan treed automatisch de egodenkgeest in werking welke als taak heeft te verbergen dat er een denkgeest is, waardoor het lijkt dat de oorzaak van alles wat ervaren wordt buiten mij ligt en de “ware” oorzaak, welke de denkgeest is, in het zogenaamde onbewuste verdwijnt.
Heb ik dit echter door en accepteer ik dat er niets buiten mij is waar ik mijn onbewuste schuld op kan projecteren, dan kan ik terug keren naar de bron, de denkgeest en daar opnieuw kiezen, nu voor HG/J denkgeest.
De waarnemende/keuzemakende denkgeest was en is er altijd, het verschil ligt hem in het er onbewust (ego keuze) of me er van bewust (Heilige Geest keuze) zijn.

Zonder het bewustzijn van de mogelijkheid hebben en de verantwoordelijkheid daarvoor te nemen te kunnen kiezen is ontwaken uit de droom, oftewel het terug herinneren in Éénheid onmogelijk.

Er zal dus door de denkgeest die daar aan toe is en bereid is, gekeken moeten worden naar alle blokkerende gedachtes die opgeworpen worden tegen het terug herinneren in Éénheid.

Één van die blokkerende gedachtes kan dus zijn: “wantrouwen”.
Als ik heel eerlijk kijk, dus olv HG/J,  (juist-gerichte-denkgeest) is de gedachte “wantrouwen” een altijd aanwezige gedachte muur.
En aangezien er ook maar één egodenkgeest is (ook al lijken het er miljarden te zijn) en maar één “nietig dwaas idee” van afscheiding, zal ieder schijnbaar afgescheiden fragmentje denkgeest (mensen, dieren, dingen, situaties in zijn geprojecteerde vorm) wantrouwen gebruiken als wapen tegen “Vertrouwen” en in staat zijn het te herkennen.

Als ik eerlijk kijk naar mijn gedachtes is wantrouwen er altijd de hele dag door, ook al lijk ik iemand te vertrouwen er is altijd ook de gedachte dat dat vertrouwen zomaar onverwacht kan omslaan in wantrouwen, doordat die (schijnbaar) andere toch niet te vertrouwen is, zich anders voordoet dan hij/zij leek te zijn, mijn vertrouwen schaad, een eigen agenda heeft, er op uit is mij te kleineren, te misbruiken, de baas te willen spelen, het beter denkt te weten, op eigen winst uit is, mij te min, te dom, te lui, onaardig, te afhankelijk, te dominant vindt, kortom erop uit is mij te vernietigen, en het gevoel geeft voortdurend op mijn hoede te moeten zijn voor het geval iemand een mes in mijn rug zal steken, zodra ik even niet oplet. Dus moet ik wel de hele dag ervoor zorgen dat ik de controle hou door voortdurend op mijn hoede te zijn; nooit met mijn rug naar de deur zitten, niets aan een ander over willen laten, me overal mee te bemoeien enz.

En zolang ik niet (wil) zien dat al deze gedachtes een keuze zijn, en getuigen zijn van en een middel om afgescheiden te willen blijven, en dus niet zijn wat ze lijken te zijn (les 5), zal ik blijven geloven dat al deze blokkerende gedachtes waar zijn en zal ik ze blijven voeden met meer blokkerende variaties, en zullen mijn ervaringen daarvan getuigen in de droom/film van afscheiding.

Kijk ik hier naar olv mijn keuze voor het ego denken dan worden deze gedachtes alleen maar versterkt en tuimel ik steeds dieper in een put van depressie, en dissociate, mijn zelfgemaakte hel.

Besluit ik echter, moe geworden van dat wat niet werkt (de keuze voor ego), te kijken olv HG/J denkgeest dan worden al deze getuigenissen, mits gewild door de denkgeest die eraan toe is, her-gebruikt als sleutels tot het opheffen van deze blokkerende gedachtes, zodat de denkgeest bevrijd zal kunnen worden van zijn blokkades tegen Éénheid, Liefde, God.

Het is dus belangrijk en heel behulpzaam me bewust te worden van mijn gevoelens, want die laten mij zien voor welke “leraar” ik heb gekozen en nodigen dan uit tot opnieuw te kiezen olv welke leraar ik wil denken.

Het is tevens (althans dat lijkt zo) ook heel lastig om naar al die gevoelens van in dit geval wantrouwen te kijken. Het zijn geen mooie plaatjes, het voelt rot, deprimerend. En als ik vervolgens niet door wil hebben dat dit gewoon weer blokkerende gedachtes zijn vanuit de keuze voor ego, zal ik blijven ronddraaien in dit rad van het ego denken.

Totdat ik door krijg (en weer, als de denkgeest eraan toe is) dat het “slechts” gedachtes zijn en de projecties ook niet waar zijn, en er de bereidheid is om er anders naar te kijken. Dan zal ik deze film/droom van afscheiding alleen nog gaan zien als kans om uit de wil tot afscheiding te stappen en me volledig te laten leiden door HG/J denkgeest in het vertrouwen dat ik van niets de bedoeling weet en ik bereid ben elke gedachte alleen nog te zien als vergevingsmateriaal en vergevingskans.

Ik verander niets aan de droom (want dat zou het advies van het ego zijn), want daardoor zou ik mijn vergevingskansen verpesten, ik kijk (olv mijn keuze voor HG/J denkgeest) en vergeef en de effecten daarvan zullen voor zichzelf zorgen en getuigen van mijn keuze.

En zo wordt wantrouwen door ware vergeving omgekeerd terug naar Vertrouwen en zoals ECIW zegt: “Wanneer deze kracht eenmaal is ervaren, is het onmogelijk nog op je eigen onbeduidende vermogens te vertrouwen” (H4.I.2:1)

Wat ware vergeving NIET is:
WV (ware vergeving afgekort voor het gemak) is niet een manier om van lijden en pijn over iemand of iets af te komen. Want dan moet immers eerst dat wat lijd en dat waarover pijn wordt geleden “echt” gemaakt worden.
Ik is immers niet een “ik” die lijd en pijn voelt over een iemand of iets.
“Ik voel nooit onvrede om de reden die ik denk” (WdI.5). (In plaats van het woord onvrede kan elk gevoel worden geplaatst, zoals lijden, pijn enz.)

Er is alleen denkgeest en zelfs dat is slechts een concept binnen het “nietig dwaas idee” van het geloof afgescheiden te kunnen zijn van Éénheid, God, Liefde, Waarheid, of hoe je het onnoembare onbestaande maar wilt noemen.

“Onbestaande” schrijf ik. Dus wat er lijkt te gebeuren is dat geprobeerd wordt dat wat onnoembaar en onbestaand, puur non-dualistisch is, in een benoembaar, bestaand concept om te toveren. Maar ook dat is onmogelijk, want wat onbestaand is kan onmogelijk werkelijk bestaand worden, oftewel wat één is kan geen twee worden wat dus niet anders kan resulteren dan in een opnieuw onbestaand onmogelijk concept; denkgeest die zichzelf uit Éénheid kan denken en dat ook nog eens extra “waar” probeert te maken door er lichtbeelden bij te maken (een “ikje” lichaam en een wereld van vormen), waardoor opzettelijk wordt vergeten en verborgen dat zowel de beelden als de projecterende denkgeest volledig onmogelijk en totaal onwaar zijn.

Dus (is de ervaring) WV gebruiken om het “ikje” beter te doen lijken voelen heeft niets met WV te maken en is hetzelfde als wat dan ook in wat voor vorm dan ook als troost te gebruiken.
Daar is niets mis mee, want er kan alleen dat ervaren worden waar de (schijnbare)  denkgeest+projectie op dat moment is, maar het is niet wat WV is.

Wat dan te doen met al dat pijnlijke lijden?

“[Ware] Vergeving daarentegen is stil en doet in alle rust niets. 2Ze schendt geen enkel aspect van de werkelijkheid, en probeert die evenmin te verdraaien tot een verschijningsvorm die haar aanstaat. 3Ze kijkt alleen, en wacht, en oordeelt niet. 4Wie niet wil vergeven, moet wel oordelen, want hij moet zijn onvermogen om te vergeven rechtvaardigen. 5Maar wie zichzelf vergeven wil, moet leren de waarheid te verwelkomen precies zoals die is.

5.Doe daarom niets en laat vergeving je tonen wat jou te doen staat, via Hem die je Gids is, je Verlosser en Beschermer, sterk in hoop en zeker van jouw uiteindelijk succes. 2Hij heeft jou al vergeven, want dat is Zijn functie, Hem gegeven door God. 3Nu moet jij Zijn functie delen en vergeven wie Hij heeft verlost, wiens zondeloosheid Hij ziet, en wie Hij eert als de Zoon van God” (WdII.1.4-5).

Het pijnlijke lijden krijgt hierdoor een andere functie, in plaats van het “waar” proberen te maken, wat op zich al lijden en pijn met zich meebrengt, omdat het onnatuurlijk is te proberen afgescheiden te raken van Éénheid, wordt dezelfde pijn en het lijden nu her-gebruikt als WV materiaal en kans. Het lijden en de pijn worden nu nog wel gezien en gezien als een ervaring, een projectie, een lichtbeeld op een scherm, maar niet meer als pijnlijk lijden ervaren.

Onnodig te zeggen dat dit een leerproces is, waarbij de waarnemende/keuzemakende denkgeest stapje voor stapje de enorme drang, met als motor zonde, schuld en angst, gaat doorzien en bereid is het onnodige onmogelijke geloof in zonde, schuld en angst los te laten weken door middel van het leren en toepassen van wat WV is.

Als WV wederom voelt als iets te moeten opofferen, verliezen en opgeven, dan is het geen WV en wordt er wederom gekozen voor voor het ego “veilige” afgescheiden blijven van Éénheid, God, Liefde.

Het mooie van WV is dat niets “fout” is. De keuze (want dat is het, de keuze voor het ego) voor pijn en het lijden is niet “fout”, het is slechts een vergissing van de denkgeest die in de war is en verstrikt is geraakt in de doolhof van afscheidingsgedachten en doelloos rondzwerft in deze doolhof zonder begin en einde en dat kan niet anders worden ervaren als lijden en pijn.
WV neemt, mits overgedragen, deze vergissingen in al zijn schijnbare vormen aan als geschenken en verandert het dolen in de doolhof in een labyrinth waarbij aan de hand van Juist-gerichtheid-van denken en WV een goede afloop onvermijdelijk is.

En natuurlijk speelt WV zich nog steeds af binnen het concept van de droom maar vormt het tegelijkertijd een brug naar het terug herinneren in Waarheid, de uitgang uit het labyrinth van het lijden.

 

%d bloggers liken dit: