archiveren

Tagarchief: vrijheid

Het ego kent net zoveel variaties als er projecties zijn. Of omgekeerd, projecties zijn variaties van het ego.
Kijk om je heen, zie jezelf, zie anderen, zie dingen, zie situaties, stuk voor stuk variaties op het ene thema, ego.
En waar komen al die ego variaties vandaan, ze komen allemaal vanuit de keuze om afgescheiden te zijn en te blijven van Éénheid, dat is hun doel. Een ander doel hebben ze niet.
Om dat doel te verbergen, moet het doel vergeten worden en dat gebeurt door het doel te versplinteren in miljarden aparte doeletjes.
En dat zorgt voor het begeleidende gevoel van chaos, en chaos voelt verwarrend, paniekerig, machteloos, pijnlijk enz. En dat gevoel wordt gelijktijdig met het ontploffen van het ene doel geprojecteerd zodat het nu lijkt alsof die emoties buiten “mij” liggen en dat iets buiten “mij” de oorzaak is van de emoties.
Kort samengevat is dat waar Werkboekles 5 over gaat: Ik voel nooit onvrede om de reden die ik denk.
Dus alles wat ik tegenkom aan weerstand, en waarvan ik denk en geloof dat dat de oorzaak is van mijn lijden is een verdedigingslinie tegen de herinnering dat ik als ego maar één doel voor ogen heb, namelijk afscheiding.

Het leerproces is vooral het leren herkennen als er voor zo’n verdediginggedachte gekozen wordt. Dat lijkt onbewust te gebeuren, want dat hoort bij het proces van “vergeten”, maar ondertussen is het een hele doelbewuste ego keuze.
Door te leren kijken vanuit “iets” anders dan vanuit egodenkgeest, namelijk vanuit de waarnemende/keuzemakende denkgeest, dat gedeelte van de denkgeest waarin de herinnering aan Éénheid nog steeds onveranderlijk aanwezig is, kunnen al die zogenaamde onbewuste verdedigingsgedachtes bewust in het bewuste worden gebracht, waar ze gezien en bekeken kunnen worden.

Weerstandsgedachtes, het woord zegt het al, zorgen voor gevoelens van weerstand, dus bijvoorbeeld afkeer, opstand, boosheid, agressie, walging, ontkenning enz. enz. (vul zelf maar aan) en dáár kunnen ze dan ook aan worden herkend, dat is behulpzaam.
Al die weerstandsgedachtes hebben ook als doel te voorkomen dat er oordeelloos gekeken kan worden. Want als dat gebeurt en er door al die weerstandsgedachtes heen wordt geprikt, dan zal gezien worden dat er niets achter ligt en dat er geen echte afscheiding is en dat al die weerstandsgedachtes een illusionaire muur vormen.

Als weerstandgedachtes oordeelloos worden waargenomen en wordt gezien dat ik geen onvrede voel om de reden die ik denk, dan kunnen diezelfde weerstandsgedachtes een andere functie krijgen. Namelijk een reminder dat ze niet het doel hoeven te krijgen waar ze voor bedoeld waren; afscheiding, maar juist het tegenovergestelde doel terug helpen herinneren in Éénheid.
ECIW gebruikt hiervoor het middel Ware Vergeving, dat laat zien dat er niets gebeurt is en Éénheid, Waarheid onveranderlijk is gebleven en mijn vergissing dat afscheiding mogelijk is ongedaan maakt.

Dit betekent dat het begrip ‘doen’ een heel andere betekenis krijgt. Het doen is nu niet meer iets doen in de wereld en de wereld als oorzaak van alle pijn en lijden zien. Het “nieuwe doen” is nu het herkennen en erkennen van elke ego gedachte, deze terugnemen in de denkgeest, waar deze ontstond en te vergeven en erop te vertrouwen dat elke vergeven gedachte ruimte zal maken voor “Het Andere” en dat wat daaruit ook voort zal komen het meest liefdevol zal zijn in elke situatie. Niet fixen in de wereld, want dat is uiteindelijk fixen vanuit de keuze voor egodenkgeest maar helen vanuit de denkgeest die de verbinding vormt met onveranderlijke Denkgeest.
We her-gebruiken als het ware de voorheen egofilm die geprojecteerd werd met als doel afscheiding van Éénheid en er uitzag als een grote vechtende kluwe chaos, waardoor de kluwe langzaam ontward en ongedaan gemaakt wordt, stapje voor stapje.

Het lastigste in dit proces van ongedaan maken is het losweken van het idee van de identificatie een lichaam te zijn in een wereld.
Dat kost echt jaren van bereidwillige toewijding door bergen en bergen van weerstand willen en durven gaan. Want ook al is de weerstand niet meer dan één nietig dwaas idee en zou dus ook in één keer losgelaten kunnen worden, is dat niet hoe het proces van ongedaan maken verloopt.
Het is een stap voor stap proces waarin geleerd wordt steeds beter te observeren en te kijken zonder oordeel en te leren ware vergeving op alles toe te passen.

Welk doel geef ik aan alles wat voorbij komt dat is de enige vraag die de sleutel vormt in of uit de afscheiding.
En er zijn maar twee keuzes mogelijk, waarvan er maar één waar kan zijn: ego de wens voor afscheiding, (een onmogelijke wens eigenlijk), of Heilige Geest de wens voor terug herinneren in Éénheid, waar nooit uit is weggegaan.
En de reflectie van die keuze laat zien voor welk doel is gekozen. Het gevoel wat hiermee gepaard gaat is een belangrijke leiddraad om te herkennen welke keuze is gemaakt.
Zijn er heftige gevoelens van lijden en pijn, of vluchtige speciale geluksmomenten dan is dat een indikatie dat er voor ego, voor afscheiding gekozen is. Is er echter één gevoel van totale vrijheid, en ruimte die totaal vanzelfsprekend en volstrekt normaal voelt, dan is er voor het vergeven van afscheiding gekozen.
Dit alles is zeker geen droge theorie maar zal alleen herkend kunnen worden als ervaring, en maakt van dit proces een 100% praktisch proces.

Een nog weer meer verdiepend inzicht over het concept “dood” is dat het ego ook dit concept gebruikt om zijn eigen versie van “onveranderlijke werkelijkheid” te maken als verdediging tegen de ware onveranderlijke werkelijkheid van God.

Het hele egodenksysteem is opgezet als verdediging tegen Eénheid, non-dualisme, God, Liefde. En de enige manier om dat schijnbaar voor elkaar te krijgen is het tegendeel van non-dualisme, namelijk dualisme te bedenken. Ineens is er geen één meer, maar twee, precies het tegenovergestelde, of het op z’n kop zetten van wat onveranderlijke Éenheid, nondualisme is.

De ultieme truc van het ego om binnen zijn dualistische denksysteem toch onveranderlijkheid te suggereren is het concept “de dood”. De dood binnen het ego denken lijkt immers onveranderlijk, onoverkomelijk en eeuwig. We ervaren de dood als onvermijdelijk en als de enige zekerheid die we lijken te hebben in dat wat we ons leven noemen. En tegelijkertijd zijn we er bang voor, of dit nu aanvaard wordt of ontkend, in allerlei verhalen, we doen er alles aan om het uit te stellen, of zoals alles in de dualiteit nu eenmaal een tegenhanger heeft, door zelf voor de dood te kiezen.

En dit heeft allemaal slechts één doel te verbergen en vervolgens te vergeten, dat de dood zoals alle ego concepten onmogelijke concepten zijn binnen Éenheid, non-dualisme, God, Liefde.
Dit blijkt, ook al is het een onmogelijk idee, toch een zeer effectief en succesvol idee en gedachtesysteem te zijn. De dood is nu het ultieme symbool van het enige wat “waar” is binnen het volledig onware denksysteem van het ego, waardoor dat wat werkelijk “Waar” is verborgen blijft, diep in het onderbewuste, in de vergetelheid.

Het goede nieuws is, dat “Waar” altijd “Waar” blijft en “onwaar” derhalve “onwaar”.
We kunnen muren en bergen voor “Waar” oprichten, zodat wat “Waar” is uit het zicht verdwijnt, maar het is daardoor nog niet volledig verdwenen.
Het is dus zaak als de denkgeest er genoeg van heeft zich te verbergen achter onwaarheid dmv concepten (blokkades) die alleen maar pijn en lijden opleveren, eraan toe is zich weer te willen herinneren in wat hij werkelijk is, en dat alle obstakels die werden en worden opgeworpen tegen “Waarheid”, (Éenheid, non-dualisme, God Liefde) onder ogen worden gezien, worden doorzien en losgelaten oftewel vergeven, zodat wordt gezien en ten volle wordt beseft dat alleen Éen waar kan zijn en dat alles wat twee is (dualisme) niet gebeurt kan zijn, dan alleen in dromen van dualisme met als enig doel afgescheiden te zijn en blijven van Éen, God, Liefde, een wat dan duidelijk wordt onderkend en gezien als een onmogelijk doel.

Dat is de enige manier om het concept “dood” door te prikken en te ontkrachten.
Op die manier wordt het idee van de dood slechts nog een reminder voor wat het eigenlijk is, zoals hierboven beschreven, en krijgt het alleen nog de functie van ware vergeving.

Maar blijf alert, want aangezien er alleen maar denkgeest is en zich daarin zowel het juist-gerichte denken (HG/J) als het onjuist gerichte denken (ego) en het waarnemende/keuzemakende denken bevindt, het egodenken nog steeds in elke gedachte aanwezig is, zolang “we” nog ervaren, denken en geloven “hier” te zijn. Het egodenken zal dus altijd proberen elke gedachte af te scheiden van de juist gerichte denkgeest. Bijvoorbeeld door elke keer dat het concept “dood” langskomt, te denken “oh, het is niet echt hoor, het is maar een concept, de dood bestaat niet, denk er maar niet aan” en vervolgens het hele concept weg te mediteren in het licht. Daarmee wordt heel slim en schijnbaar heel spiritueel vermeden dat “ik” als waarnemende/keuzemakende denkgeest eerst zonder oordeel, wat alleen kan olv HG/J, oftewel de juist gerichte denkgeest, want anders is kijken simpelweg te angstig, ook weer een verdediging van het ego, kijk naar de projectie die ik als egodenkgeest heb opgezet. Dat eerlijk kijken precies zoals het verhaal met als onderwerp “de dood” is opgezet en wordt ervaren, is absoluut noodzakelijk om het hele concept los te kunnen laten oftewel te vergeven.
Dit niet doen, door het te vermijden (dus door te luisteren naar de leiding van het ego gedeelte van “mijn” denkgeest (=zonde, schuld en angst) is stappen overslaan.

Dus elke keer dat het concept “dood” in al z’n vormen als verhaal en ervaring voorbij komt is het zaak op de eerste plaats het te leren herkennen, het precies zo onder ogen te zien zoals het is opgezet door mijn keuze voor het egodenken, zonder er ook maar iets aan het verhaal en de ervaring te veranderen, en dan de keuze te maken (als de denkgeest eraan toe is, maar dat voel je vanzelf) het te vergeven, omdat ik dan echt doorzie dat het hele concept “dood” onmogelijk is, want het past op geen enkele manier binnen wat “Waar”, Onveranderlijk Éen is.

Ik merkte zelf na dit inzicht dat het hele egodenken eigenlijk volledig doordrongen is van het concept “dood” in talloze vormen, en het volledig doorzien ervan (dus door er eerlijk naar te kijken, en te voelen, zodat gezien kan worden dat het alleen maar een verdediging tegen terug herinneren in Éenheid, God, Liefde is) en het vervolgens willen en kunnen vergeven ervan werkelijk enorme deuren van vrijheid opent.

En maak je geen zorgen (wat ook weer een egogedachte is trouwens), want wakker worden uit deze nachtmerrie die we ons leven noemen, is onvermijdelijk, of je er nu bewust mee bezig bent, heel spiritueel denkt bezig te zijn of juist niet, het is onvermijdelijk. De denkgeest zal er uiteindelijk onvermijdelijk aan toe zijn om zich terug te willen herinneren in Éenheid, God, Liefde.
En dat is het enige ware onvermijdelijke, NIET het concept “dood”.

“Niet werkelijks kan bedreigd worden.
Niets onwerkelijks bestaat.
Hierin ligt de vrede van God”.
(ECIW Inl.2:1-4)

P.S. de inspiratie voor dit blog werd onder andere getriggerd door een blog van Frits Spoelstra (Snips) wat te vinden is onder deze link Momento Mori

 

De “echte vrijheid” om te kiezen is gelegen in de keuze te kiezen tegen het ego (de keuze voor zonde, schuld en angst, oftewel voor de onjuist gerichte denkgeest) en vóór de Heilige Geest (de keuze voor Liefde, Waarheid, Eénheid, God oftewel voor de juist gerichte denkgeest).

Dat is de enige keuze die gemaakt kan worden, binnen het concept: de droom, de illusie. Waarbij aanvaard wordt dat dan tegelijkertijd de keuze voor het egodenken volledig illusoir en daardoor volledig zinloos en onmogelijk is.

De enige overgebleven ware keuze, nog steeds binnen het concept van de droom, die van vóór Heilige Geest (juist gericht denken) is het logische gevolg van volledig oordeelloos inzien (doordat de (ego) angst verdwenen is) dat wordt ingezien dat de keuzen die tot nu toe gemaakt werden zonder waarde waren en alleen tot doel hadden af te scheiden van Waarheid, een onmogelijke en zinloze keuze, de keuze voor zinloze dromen van bedrog en illusies.

En het enige zinvolle wat overblijft aan de keuze voor het egodenken, zolang er nog ervaren wordt in de droom, is elke egogedachte+projectie als vergevingsmateriaal en vergevingskans te zien, en er op te vertrouwen dat de rest, de effecten vanzelf zullen volgen.

Twijfel gaat nooit over waar ik denk dat ik over twijfel.
Twijfel, of elke andere gedachten die een gevoel oproept is altijd alleen maar een egoreflex, die als enige functie heeft de denkgeest af te leiden van de bron (de gedachte, gedacht door de denkgeest en niet het lichaam) en zodoende de afscheiding in stand houdt. Dat is de enige eerste functie van elk gevoel dat lijkt te worden veroorzaakt door iets buiten mij en in mij door “mijzelf” als lichaam.

Het goede nieuws is dat dit in eerste instantie egomechanisme en functie, anders gebruikt kan worden, namelijk door eerst terug te gaan naar de bron, de denkgeest.
En daardoor te erkennen dat (bijvoorbeeld) de twijfel over iets buiten mij niet de oorzaak is, maar de gedachte, de twijfel, los van het iets buiten mijzelf op zich. En dan kan er opnieuw gekozen worden of deze gedachte die vanuit de eerste egoreflex alleen maar dient om in de afscheiding te blijven geloven opnieuw deze functie mag krijgen of dat er voor de andere functie, die van terug herinneren in wat Waar is (Eenheid, God, Liefde) kan worden gekozen, waarbij de eerste optie de keuze voor het ego verhaal en functie kan worden vergeven.

Dit lijkt in het begin wat omslachtig allemaal, maar als dit maar vaak genoeg wordt geoefend, en oefenmateriaal zat, dan zal het uiteindelijk net zo’n reflex worden als voorheen de ego reflex die automatisch en pijlsnel voor afscheiding koos.

Dus in de praktijk, de aankoop die ik net deed en de twijfel die even later de kop op stak, ging niet over de twijfel over de aankoop, maar was gewoon weer het serieus nemen van de egoreflex (in dit geval gevoeld/ervaren als twijfel) die het weer even overnam met als enig doel, de denkgeest in de afscheiding te doen laten blijven geloven.
En dat inzicht komt alleen als ik “twijfel” als afscheidingsmechanisme vergeef en dat heeft niets te maken met twijfel over de aankoop. Ik vergeef niet de twijfel over de aankoop, maar alleen “twijfel”.  En de rest wat het dan ook is zal automatisch volgen, maar nu vanuit totale Vrijheid van denken.

Dit voorbeeld kan op elk gevoel wat schijnbaar veroorzaakt wordt door “iets” buiten of in een “mij” worden toegepast.

 

 

 

Wat is vrijheid van meningsuiting eigenlijk?
En is dat niet hetzelfde als vrijheid tot belediging?
Interessante vragen waar ik graag even naar wil kijken.

Als ik vanuit mijn waarnemende denkgeest positie hiernaar kijk, dan zie ik dat vanuit de egokant van de denkgeest de uitgangspositie is: lichamen, personen die verschillend denken er verschillende principes, geloofsovertuigingen, conditioneringen erop na houden, kortom ik zie verschillen.
Verschillen die alleen gezien kunnen worden als er is gekozen voor projectie vanuit het serieus nemen van het idee dat afscheiding mogelijk en wenselijk is.
Ondanks het feit dat er alleen Eenheid bestaat, de Eenheid die Geest is, is er dan toch de wil afgescheiden te willen zijn. ECIW noemt dit ‘een nietig dwaas idee’.
En dit kan alleen als de Eenheid en de onveranderlijke aard van Geest ‘vergeten’ wordt achter een muur van projecties en de projecties nu als enig zichtbaar bewijs worden gezien van wat nu ‘waar’ lijkt en er miljarden afzonderlijk denkende en opererende fragmenten lijken te zijn. Dit wordt gezekerd en veilig gesteld door het ‘geloof’ erin. Dit is wat de wil tot afscheiden, de egodenkgeest wil zien en dus denkt te zien.

Vanuit egodenkgeest gezien is vrijheid van meningsuiting enkel en alleen een prachtige manier om de afscheiding ‘waar’ te maken. Er lijkt nu immers een apart lichaam te bestaan dat los staat van andere lichamen en die aparte lichamen hebben aparte gedachtes, die voortkomen uit opvoeding, plaats van geboorte, geslacht, leeftijd, conditioneringen, psychische gesteldheid, godsdienst enz. En dit hele licht ontvlambare mengseltje heeft zich genesteld in de afzonderlijke hersenen van al die afzonderlijke lichamen en dit alles wordt nu gezien en geloofd als zijnde ‘waar’.

Echter de natuurlijk drang naar eenheid is niet verdwenen, zelfs niet uit de egodenkgeest (waarvan er ook maar één is immers ook al is het doel van de egodenkgeest dit te vergeten en te ontkennen), ze is alleen in de vergetelheid geraakt. En deze natuurlijke drang naar eenheid uit zich dus ook onvermijdelijk in de wereld van afscheiding, maar dan in vermomming. Het vermomt zich bijvoorbeeld, als het naarstig zoeken naar partners in de strijd (speciale relaties noemt ECIW dat).
Men klontert samen in groepjes van gelijkgestemden, in een nu onbewuste poging om aan die onbewuste natuurlijke drang tot eenheid gehoor te geven en zo een einde te maken aan het pijnlijke gevoel wat juist komt door de poging gehoor te willen geven aan de onnatuurlijke drang tot afscheiding. Vandaar weer die uitspraak in ECIW ‘ik voel nooit onvrede om de reden die ik denk’ (les 5).

Het samen klonteren lijkt enige verlichting van de pijn en het lijden te geven, het voelt goed om met gelijkgestemden te zijn, veilig, hekje eromheen, vlaggetje erop, klaar, dit zijn ‘WIJ’. Maar zodra een groepje gelijkgestemden een ander groepje gelijkgestemden, die over iets anders gelijkgestemd zijn dan het eerste groepje gelijkgestemden tegenkomt, slaat de angst, de pijn, de haat, de woede weer toe. En de pijn en het lijden, de angst, de haat wordt dan geprojecteerd op dat andere groepje gelijkgestemden, want de nog steeds onbewuste boodschap van de egodenkgeest blijft: afscheiding in stand houden kost wat kost.

Deze ontmoeting van verschillende groepjes van het binnen de groepjes zelf gelijkgestemdheid kan zich ook wat schijnbaar mooier voordoen, bijvoorbeeld als de eis voor ‘vrijheid van meningsuiting’.
Het ene groepje tolereert het andere groepje, respecteert het, begrijpt het; ‘natuurlijk’, zeggen de lichamen en de samengeklonterde groepjes dan: ‘natuurlijk ben jij anders, je komt uit een ander land, bent anders opgevoed, hebt een andere denkwijze, een andere religie, andere huidskleur, ander uiterlijk, tuurlijk en weet je ‘dat mag’. Iedereen mag zijn wie hij/zij is. We zijn allemaal verschillend en dat is best leuk en gezellig…’
Dat zeggen de lichamen en de groepjes dan, maar met de onbewuste geprojecteerde (egodenkgeest nog steeds) boodschap, ‘allemaal leuk en aardig en je mag er zijn, maar we zijn wel degelijk verschillend, we tolereren dat, maar de grens ligt bij; jij mag mij niet jouw ideeën, gebruiken, opvattingen, geloofsovertuigingen opdringen, wij eisen hier vrijheid van meningsuiting en jij past je maar aan. En dat zeggen beide afgescheiden groepen, waarbij de een aan het moorden slaat en de andere aan het protesteren. En waarbij over het hoofd wordt gezien dat beide groepen hetzelfde zeggen en het slechts uitingen zijn van de beide zijden van de ene egodenkgeest.
Uitingen van angst, maar eigenlijk een roep om liefde, gezocht waar het niet te vinden is; ‘Een roepende in de woestijn’.
We zijn daar volkomen blind voor geworden, omdat het naar het onbewuste verdrongen is, dat het over elkaars grenzen gaan en elkaars gedachten proberen op te dringen eigenlijk een omgekeerde uiting is van de onbewuste natuurlijk drang van de denkgeest naar Eenheid, naar Liefde.

Deze natuurlijke drang is nu echter totaal vervormd en totaal omgekeerd, door het verschijnsel projectie, zodat het juist het tegenovergestelde lijkt te zeggen. En dat geldt dus voor beide kanten zowel voor de grensoverschijders, als de grensbewakers. Beide vertegenwoordigers van de twee verschillende zijden van de egodenkgeest, de dualiteit.

Door voor de egodenkgeest als raadgever en gids te kiezen zijn wij, die nog steeds onveranderlijke Geest zijn, volledig de weg kwijtgeraakt en denken en doen (projecteren) precies het tegenovergestelde van wat we eigenlijk ZIJN en eigenlijk WILLEN. En dit komt doordat we ‘vergeten’ zijn dat we één Geest zijn en dus ook één Denkgeest en daardoor alleen nog lichamen en dingen (projecties dus) zien.
We hebben onze projecties afgesneden van hun bron en zien alleen de projecties nog. En de projecties zien eruit als afzonderlijke lichamen, dingen en situaties, omdat we nu geloven in afscheiding en we zien wat we geloven en geloven wat we zien. Met als gevolg dat al onze pogingen om aan onze natuurlijke drang tot eenheid gehoor te geven op de ‘verkeerde’ plaats wordt gezocht.
Lichamen, dingen en situaties kunnen nooit een eenheid vormen, van wegen hun aard en hun doel, namelijk afscheiding.

Zolang we denken en geloven dat de wereld met al zijn, met opzet, met als doel afscheiding geprojecteerde zaken ooit één zal worden, is dat gedoemd tot mislukken en dat is precies wat wij als we voor de egodenkgeest kant van de denkgeest kiezen, willen.

Er is maar één uitweg uit deze krankzinnige doolhof, en dat is terugkeren naar het feit dat er alleen denkgeest is. En dit kan bereikt worden door dit eerst onder ogen te willen zien en dan al onze projecties terug te nemen in de denkgeest, waar ze overigens nooit uit vertrokken zijn, maar wat we wel geloofden dat mogelijk was. Dus door dat geloof terug te nemen en te zien dat er in werkelijkheid niets gebeurt is en dat eenheid alleen mogelijk is in de denkgeest en er alleen denkgeest is en wij niet onze projecties zijn.

En wat zal dit dan betekenen voor de ‘vrijheid van meningsuiting’?
Deze vraag, dit idee zal gewoon verdwijnen, omdat het een overbodige vraag is geworden.
Immers als we terugkeren naar onze bron, dan zien we de werkelijke Eenheid, die van de Geest weer. Alle bedachte grenzen verdwijnen dan eenvoudig vanzelf en wie heeft dan nog behoefte aan ‘vrijheid van meningsuiting’, welke ‘mening’ wil dan nog geuit worden, laat staan verdedigd?

Alleen het zeker weten Liefde te zijn en dat hoeft niet geuit te worden dat IS er gewoon en zal zich vanzelf uitbreiden omdat het simpelweg herkent wordt door de hele ene Denkgeest, die zich weer zijn natuurlijke staat herinnert.
En dat kan zich uiten, zolang we onszelf hier nog in een wereld zien en ‘ervaren’, terwijl we ontwaken uit de droom van afscheiding, via al onze projecties, die nu getuigen van de nu weer zichtbare achterliggende natuurlijke wens tot Eenheid, ook al ziet het er als droombeeld nog hetzelfde uit. Dat is de betekenis van de metafoor van ‘Christus zien in al je broeders’, en dat is niet iets wat je ‘doet’, dat is het logische gevolg van het ons weer herinneren van wat we ZIJN, Geest.

‘Vrijheid van meningsuiting’ kan dus een symbool zijn van de egodenkgeest wens tot afscheiding die bevochten en verdedigd moet worden, of een symbool voor Heilige Geest en dan alleen nog maar gezien als een kans om terug te herinneren in Eenheid in Liefde. Door te zien dat er niets gebeurt is, en onze vergissingen te vergeven, waarna ze simpelweg oplossen in het ‘niets’, wat ze ook al waren.

Ik had dus kunnen volstaan met deze laatste alinea, want dat is het enige wat er aan de hand is.
Maar misschien zijn al die woorden toch een beetje behulpzaam, voor mij in ieder geval wel…

De vrijheid die wordt gevoeld en ervaren als het diepe besef daagt en alle zonde, schuld en angst wegvalt ten opzichten van alle speciale relaties is onbeschrijfelijk. Het diepe vreugdevolle besef van ‘ik heb helemaal geen speciale relaties!’. Er is geen ‘ik’ met speciale relaties met mensen, dieren, dingen en situaties. Er is maar één relatie en dat is met alles en iedereen in elke ontmoeting, geen gradaties meer.
Als de angel van zonde, schuld en angst eruit is, blijft er niets over van speciaalheid en is er alleen nog maar ALLES.
De omslag van ik ben een lichaam ‘ikje’, met een man, kinderen, ouders, zussen, familie, vrienden, kennissen, voorkeuren, afkeuren, vijanden, naar; het ‘ikje’ is helemaal geen ‘ikje’ met man, kinderen, familie, vrienden, kennissen, huisdieren, vijanden enz.!
In de vorm verandert er ogenschijnlijk niets en zien al deze relaties er nog precies hetzelfde uit, maar op denkgeest niveau is er een totale omslag de omslag van zonde, schuld en angst naar de totale eenheid van Liefde.

Geen verlies dus, integendeel alles is juist gewonnen, niets is verloren, niets wordt gemist.
En ook op het niveau van de ervaring in een wereld is er geen verlies, alleen maar winst.
Denken en handelen zonder zonde, schuld en angst, kan dat verlies zijn? Ja alleen voor de aan zonde, schuld en angst verslaafde denkgeest. Maar voor de afgekickte denkgeest is het VRIJHEID.

Het heeft, weet ik uit ervaring, geen enkele zin om als ‘ikje’ actief te proberen door affirmaties, door uren meditatie, jaren van studie of door goed je best te doen van zonde, schuld en angst af te komen.
Integendeel dat zet het meestal juist vaster in het (ego)zadel.
Alleen niets ‘zelf’ willen doen, enkel alleen elke (ego)gedachte consequent te ondervangen, te herkennen, te onderkennen en leren vergeven door het aan HG/J te geven (het niet verslaafde gedeelte van de denkgeest) leidt uiteindelijk onvermijdelijk tot het wegsmelten van het geloof in het nietig dwaas idee van zonde, schuld en angst.
Ook de vraag wanneer dat gebeurt, of hoelang nog, of in dit leven of een volgende, is van geen belang en zijn alleen maar slim verborgen ego gerichte gedachten, die het hele proces van afkicken opzettelijk vertragen en uitstellen.
Echter afstellen is onmogelijk, want in Werkelijkheid is er niets gebeurt, het afkicken is eigenlijk niets anders dan een terug herinneren in dat wat opzettelijk vergeten wordt.

Elke handeling die nu los van zonde, schuld en angst wordt gedaan zolang ik hier nog lijk te ervaren zal precies dat zijn wat het meest liefdevol is om te doen, hoe het er in de vorm ook uit mag zien. Of het nu een nee of een ja, of een misschien is, of wat dan ook, het zal altijd de beste en meest liefdevolle optie zijn voor dat moment.
Het ‘ikje’ kan namelijk onmogelijk vanuit haar chaotische egodenken overzien wat het beste is om te ‘doen’. Het ‘ikje’ weet echt van niets de bedoeling, en de ‘ik’ (de waarnemende, keuzemakende denkgeest) draagt elke gedachte nu met liefde en zonder weerstand over aan HG/J (het niet aan het ego verslaafde gedeelte van de denkgeest).
Meer valt er niet te ‘doen’ 🙂

Oordeelloos kijken is niet het tegenovergestelde van oordelend kijken.
Het is namelijk geen activiteit, het is het automatische, natuurlijke resultaat van het vergeven van elk oordeel.
Oordeelloos kijken is niet aanleren hoe ik mijzelf en/of de zogenaamde ‘ander’, oordeelloos kan gaan zien.

Binnen het ego leren is oordeelloos zijn en ook oordelend zijn wel aangeleerd gedrag. Binnen het ego leren hebben we altijd te maken met dualiteit, met tegenstellingen.
Binnen dat (ego)geloof een lichaam te zijn leren we wat in de wereld goed en fout is. Een goed en fout dat geheel afhankelijk is van uiterlijkheden, zoals leeftijd, geslacht, staat van het lichaam, afkomst, cultuur, religie, klimaat, woonomgeving enz.

Oordeelloos leren kijken als natuurlijk resultaat van Ware Vergeving is het moeiteloze gevolg van eerlijk onder ogen durven zien dat de hele wereld die ik denk en geloof te zien voortkomt uit oordelen, oordelen tegen Waarheid, en mijzelf daarvoor niet opnieuw te veroordelen, maar te Vergeven.

Elk ego oordeel krijgt dan de functie van een herinnering te zijn dat ik me vergis en de oordelende gedachte ook zou kunnen Vergeven.

Oordeelloos kijken is dan niet meer de tegenhanger van oordelend kijken, maar totale grenzeloze vrijheid onafhankelijk van wat er in de wereld lijkt te gebeuren.

%d bloggers liken dit: