archiveren

Tagarchief: vraag

De grote en enige juiste vraag is, wil ik echt ontwaken uit de droom en terug herinneren in Waarheid?
Het enige echt eerlijke antwoord dat eerst gegeven zou moeten worden is “nee!”, want het feit dat ik geloof in een “hier” te zijn als een “ik+ lichaam” betekent dat ik niet wil ontwaken uit de droom.
Wil ik dit niet eerst onder ogen zien, dan kan het wel lijken alsof ik m’n best aan het doen ben uit de droom te ontwaken, maar eigenlijk ben ik dan alleen maar m’n best aan het doen in de droom te blijven steken.
En wat is het meest slimme idee om “veilig” in de droom te blijven (geloven): doen alsof ik uit de droom wil ontwaken.
Op deze manier blijft er heel slim een “ik” die zogenaamd wil ontwaken uit de droom, zich daarmee juist vaster verankerend in de droom, want er is namelijk geen “ik” die moet of kan ontwaken uit de droom. Dus zolang er een “ik” lijkt te zijn die wil ontwaken uit de droom, bevestig ik mijn wil om een “ik” te blijven en bescherm ik mijzelf tegen ontwaken uit de droom.
De “ik” en het daarbij behorende lichaam en het geloof erin, blokkeert het zicht op de bron waar dit “idee”, van een “ik+lichaam” vandaan komt, namelijk uit een gedachte, gedacht door de denkgeest die gelooft afgescheiden te kunnen zijn van de ene geest. En daar zo sterk in gelooft dat het nu “waarheid”, de enige waarheid lijkt te zijn.

Echter als dit zichzelf verblindende denksysteem stap voor stap onvermijdelijk in het bewuste bewustzijn komt en het eerlijk zonder oordeel onder ogen wordt gezien, dan pas kan de eerste vraag echt gemeend worden beantwoord met een “ja, dat wil ik” en kan het terug herinneren in Waarheid echt beginnen.

En dit kan niet worden “gedaan”, of geforceerd door de “ik+lichaam”.
Die “ik” identificatie is precies de reden waarom het zo lang lijkt te duren en waarom we ons afvragen waarom duurt het zolang, wanneer gebeurt het nou eens, ik ben al 30 jaar bezig te vergeven en er gebeurt niets. Dat komt omdat het tijd nodig heeft om als het ware af te kicken van de verslaving aan de gedachte en het geloof een “ik+ lichaam” te zijn. En die verslaving kan alleen maar stap voor stap afgebouwd worden. En zelfs al gaat het stap voor stap zal het nog bij tijd en wijle als cold turkey ervaren worden. Werkelijk alles wat wij als “ik+lichaam” als normaal ervaren zoals het belangrijkste wat we als normaal zien; ademhalen, is een verdediging tegen Waarheid, tegen Eenheid.
Beweren dat ik dan moet stoppen met ademhalen, gaat echter ook niet werken, omdat er dan eerst het geloof is dat we moeten ademen om te kunnen leven. Stoppen met iets houdt in dat er eerst iets is waarmee gestopt kan worden, namelijk een “ik+lichaam”.
Het enige waarmee gestopt kan worden, stap voor stap, middels Ware Vergeving, is ophouden met geloven een “ik+lichaam” te zijn en erkennen dat er alleen een gedachte is, gedacht door de denkgeest die wil geloven in afscheiding. Meer (maar ook niet minder) is er aan de hand.

Ware Vergeving biedt een uitweg, omdat het dat vergeeft wat nooit gebeurt is.
En het heet vergeving, omdat we eerst onder ogen moeten willen zien wat we allemaal denken/doen om maar niet uit de droom te ontwaken. En dat is letterlijk elke gedachte+projectie van zonde, schuld en angst die we hebben tijdens dat wat we ons leven noemen.
Dus bij alles wat ik denk en geloof te beleven op een dag zou ik me moeten afvragen helpt dat wat ik nu doe, wat ik denk, wat ik voel, geloof en ervaar en zeg op mijn pad naar het ontwaken uit de droom, of houdt het dat juist tegen.
De op zich simpele constatering of iets waar of onwaar is (onveranderlijk of veranderlijk) helpt daarbij.
En wat ook helpt is de aanvaarding van de gedachte dat er maar één probleem is, het geloof in afscheiding, en dus ook maar één oplossing het terugtrekken van het geloof in afscheiding.

Vraag jezelf bij elke vraag, opmerking, oordeel dat je jezelf hoort denken af: “wie of wat vraagt dit”.Wie of wat stelt deze vraag, je brengt jezelf met deze vraag terug naar de ‘blauwe stip’, de denkgeest waar alles begint. Het is niet iets of iemand buiten mij die mij deze vraag, of deze opmerking of dit oordeel laat maken. De oorzaak van wat dan ook wat ik maar kan bedenken ligt nooit buiten mij, het bevindt zich allemaal binnen de ‘blauwe stip’, de denkgeest en nergens anders.

De oplossing ligt dan ook in het terugnemen van elke gedachte naar de ‘blauwe stip’.
Steeds maar weer de vraag stellen: “wie of wat zegt en denkt dit”, is een prachtig hulpmiddel om steeds maar weer terug te keren naar de bron, de denkgeest. Zonder het terugnemen in de denkgeest, in de ‘blauwe’ stip, is Ware Vergeving onmogelijk.
Het is dan ook niet waar dat de Cursus niet werkt, maar dat ik niet ‘doe’ wat de Cursus zegt.
Dus als de Cursus niet lijkt te werken, komt dat omdat ik niet wil dat hij werkt, en dat komt omdat de angst om terug te keren naar de denkgeest te groot is. Maar nooit te groot om te voorkomen dat terug herinneren in de denkgeest onvermijdelijk is…
Bereidwilligheid, geduld en vertrouwen zullen het uiteindelijk altijd winnen van angst.

Vraag:
Ik ben bij het lezen van het Tekstboek dit jaar aangekomen bij pag. 520 van het Tekstboek Hfst 24, De vergeving van speciaalheid dus en daar lees ik bij 5: ‘God vraagt om jouw vergeving … en bij 6: ‘Vergeef de grote Schepper van het universum…’
Ik begrijp wel dat ik alles hier moet vergeven maar raak in de war bij God of de Schepper vergeven…?
Ook staat er in de Cursus dacht ik dat Jezus vraagt hem te vergeven,..
Kun jij me daar wat meer helderheid in/over verschaffen?

Antwoord:
Het is eigenlijk heel logisch dat we God en Jezus moeten vergeven mits je echt begrijpt wat Ware Vergeving inhoud.
Het staat al in de eerste zin in WdII.1. Wat is vergeving? (blz. 404):
‘Vergeving ziet in dat wat jij dacht dat je broeder jou heeft aangedaan niet heeft plaatsgevonden.’
En met broeder wordt niet alleen een andere persoon bedoelt, maar alles wat we hier denken te zien menselijk, dierlijk, plantaardig, mineraal enz. en dus ook het beeld dat we van God en zijn Zoon Jezus hebben gemaakt, dus zoals de Bijbel deze beschrijft. De Jezus en de God van de Bijbel zijn 100% gemaakt door de egodenkgeest, dus zijn ze net zo illusoir als alles wat de egodenkgeest verder nog heeft bedacht en geprojecteerd.
De woorden Jezus, Heilige Geest en God worden in de Cursus niet als symbolen van de egodenkgeest gebruikt, maar als symbolen voor de herinnering aan wat we werkelijk zijn; 100% Geest volmaakt Heel in Eenheid.
Ware Vergeving ziet dit hele waanzinnige dwaalspoor en ziet dat het niet gebeurt kan zijn en kan niet anders dan dit hele onmogelijke verhaal vergeven.
Dus dan wordt ook duidelijk waarom we God en Jezus moeten vergeven, we vergeven het beeld wat we van hen gemaakt hebben, want dat is een egodenkgeest beeld (projectie) wat niet waar kan zijn en zeker niet gebeurt kan zijn.

Ik ben jij en jij bent ik, alter-ego’s telkens weer slechts één nietig dwaas idee, waarom de Zoon van God vergeet te lachen en het ineens een heel serieus idee wordt..

 

Het Zoonschap, onveranderlijk en héél, één in God.

Een flits van ‘wat als…?’ en dat wat is splitst zich in een vraag en een antwoord dat zich steeds verder afkeert van de vraag. Dat wat is wordt een begin en een eind, schijnbaar twee verschillende dingen die van elkaar vervreemd raken en een schijnbaar onontwarbare kluwen aan tegenstellingen veroorzaakt, die een oneindige reeks van vragen oproept die op zoek gaan naar antwoorden die schijnbaar van hun bron zijn afgedreven en onvindbaar lijken.

En dit heeft niet ‘ooit’ plaatsgevonden dit vind ieder NU moment plaats en is derhalve een keuze die elk NU moment gemaakt wordt.

De ene Zoon van God droomt zich apart van zijn Bron, ‘wat als…?, wat als…?’ en bij iedere ‘wat als?’, plopt er weer een schim op, het ene ego splitst zich op in miljoenen alter egootjes miljoenen vragen drijven af van het antwoord, zich in totale vervreemding afvragend: waarom, waarom, waarom???

 

Zoals in het Thomas evangelie staat te lezen in logion 18:

 

De volgelingen zeiden tot J: ‘Vertel ons hoe ons einde zal zijn.’Hij zei: ‘Hebben jullie dan het begin gevonden, dat jullie nu het einde zoeken? Want waar het begin is zal het einde zijn. Gelukkig is degene die aan het begin staat: Hij zal het einde weten en de dood niet proeven,’

(uit: JOW, Pursah evangelie van Thomas, pag.181, of uit: CTC pag. 91)

 

Is er een antwoord op elke vraag?

Ja er is maar één oorzaak en maar één gevolg, daarom maar één vraag en maar één antwoord.

De oorzaak is altijd afscheiding, het antwoord altijd Vergeving.

 

Correctie heeft één antwoord op dit alles en op de wereld die hierop berust:


Je ziet slechts interpretatie voor de waarheid aan.
En je vergist je. Maar een vergissing is geen zonde, en de werkelijkheid is door jouw vergissingen niet van haar troon gestoten. God regeert voor eeuwig, en alleen Zijn wetten heersen over jou en over de wereld.
Zijn Liefde blijft het enige wat er is. Angst is een illusie, want jij bent zoals Hij.

(ECIW H18.3:6-12)

 

 

 

%d bloggers liken dit: