archiveren

Tagarchief: verschuiving

Daarnet weer dat sterke gevoel van weten weg te rennen door dat wat probeert weg te blijven van het “weten” waarvoor het weg rent.
Ik had gedachten als “sukkel”, “idioot”, en aangezien dat met de bijbehorende emoties gepaard ging, dus voelde als zeer onaangenaam, realiseerde ik me ook dat het weer niets anders kon zijn dan de keuze voor egodenken, oftewel de wil tot afscheiden. En het niets te maken heeft met de ogenschijnlijke oorzaak die zich ergens “buiten” een “ik” lijkt af te spelen, waardoor er een “ik” lijkt te zijn die zich aangevallen voelt en op de vlucht slaat en in de aanval gaat. Vluchten en aanvallen ineen, want de “ik” beschuldigen (wat ben ik toch een idioot en een sukkel) is ook wegrennen van “Zijn” en het aanvallen wordt ervaren als zelfhaat.

En terwijl ik dit alles ervoer, was er ook tegelijkertijd de observerende die zich hiervan bewust was. Het ervaren werd niet tegengehouden, niet verandert, niet beter gemaakt het werd gewoon geobserveerd, precies zoals het zich voordeed, oordeelloos en daardoor bewust gemaakt. Het wegrennen maakte plaats voor het oordeelloos observeren van het wegrennen, wat tevens de weg opent voor ware vergeving.

Dan wordt ook meer en meer bewust dat het niet het lichaam is dat dit alles ervaart, maar “iets” anders, dat wat kennelijk kan observeren en zich niet meer 100% identificeert met een lichaam en situaties.
Dat “iets” anders kunnen we denkgeest of mind noemen, voor het gemak omdat we nu eenmaal gewend zijn om met behulp van woorden te communiceren.
En dat “iets” blijkt eigenlijk de bron te zijn. Er vindt dus een verschuiving plaats in dat proces van bewustwording, van het lichaam en situaties als oorzaak, terug naar de denkgeest/mind als oorzaak.
Het is echter wel zo, dat denkgeest/mind voor de nog steeds in een schijnbare wereld en in een schijnbaar lichaam ervarende, een abstract concept blijft.
Vandaar dat ECIW het voor de “ervarende” nog steeds bekende en vertrouwde concept van lichamen en situaties (her)gebruikt, maar nu met een heel andere bedoeling en doel.

Er wordt nog steeds als vanouds “ervaren”, schijnbaar door een lichaam in situaties, maar het bewustzijn gaat groeien dat wat als oorzaak ervaren wordt door de ervarende, niet is wat het dacht en geloofde dat het was.

Er lijkt een “ik” te zijn die zelfhaat ervaart, maar langzaamaan al ervarend wordt steeds duidelijker dat die “ik” lichaamsgerichte zelfhaat, eigenlijk alleen maar vanuit denkgeest/mind komt en niet als doel heeft het zelf te haten, ook al wordt dat wel als zodanig ervaren als ik eerlijk kijk, maar als doel heeft zich af te scheiden van éénheid, of om het tegengestelde van haat te gebruiken, af te scheiden van liefde (non-dualistische liefde).
En nogmaals éénheid en non-dualistische liefde, zijn voor de in deze wereld en in een lichaam ervarende abstracte concepten, dus daarnaar streven en proberen mij daarin te mediteren werkt niet.
Wat wel werkt, en daar kan meditatie wel voor werken, is rustig en zonder oordeel onder ogen gaan leren zien welke blokkerende gedachten ik projecteer om maar uit die non-dualistische eenheid en liefde te blijven.

Het belangrijkste in het proces van bewustwording is dus 100% observerende te worden, terwijl “op het toneel” het script wordt uitgespeeld, want dat moet geobserveerd worden en niet ontkend of veranderd of aangepast. En 100% observerende worden is hetzelfde als “weten” 100% denkgeest/mind te zijn, wat dus niet een lichaam is dat speelt denkgeest/mind te zijn, want hou er rekening meer dat het “oude egobewustzijn” nog steeds mee doet, zolang er nog de beleving van “ervaren” is. Het wordt alleen steeds zwakker en verdwijnt meer en meer naar de achtergrond, terwijl het bewustzijn van denkgeest/mind te zijn steeds sterker, duidelijker en op de voorgrond komt.
En de keuze daarvoor steeds makkelijker gemaakt zal kunnen worden en tenslotte de automatische keuze voor het ego-denken geheel zal vervangen.

En nogmaals omdat denkgeest/mind abstract is voor de nog steeds ervarende, worden nog steeds woorden gebruikt als hulpmiddel. Woorden zoals de innerlijke leraar, of Jezus, of Heilige Geest, of welk woord dan ook wat maar behulpzaam kan zijn voor de observerende ervarende op zijn weg naar het terug herinneren in éénheid, waarheid, liefde, God.

 

Telkens als er weer een verschuiving heeft plaatsgevonden in de denkgeest, volgt er een periode van wat ik omschrijf als ‘herijken’. De denkgeest die als het ware moet wennen aan een hernieuwd hervonden evenwicht. Dit kan makkelijk verward worden met het denken en geloven dat het lichaam/brein de oorzaak is van de tijdelijke ervaring van onstabiliteit. Het is beter dit gewoon te onderkennen, en liever niet te ontkennen, want ontkenning is altijd kiezen voor de ego kant van de denkgeest, die maar één doel heeft het ondermijnen van het herijken van de zich stap voor stap Herinnerende denkgeest.
De moeheid, somberheid, depressiviteit die ervaren wordt tijdens deze perioden van herijken zijn onvermijdelijk. De manier waarop ze worden ervaren is wederom een keuze van de ervarende denkgeest, niet een keuze van een ervarend lichaam. De keuze voor leiding volgen van de egodenkgeest, symbool voor de keuze in afscheiding te blijven, of die van HG/J Denkgeest, het symbool voor het terug willen herinneren in Eenheid. Hierbij wordt niet het lichaam en de ervaring ontkend, maar ‘anders’ her-gebruikt. De ervaring van naar, depressief, down voelen van het lichaam zal worden gezien als de nog aanwezige weerstand in de vorm van de keuze voor (ego)denkgeest. En zoals we weten projecteert de keuze voor egodenkgeest altijd, zodat het lijkt alsof er een lichaam/brein is dat lijd in plaats van de egodenkgeest die kiest voor lijden om afgescheiden te blijven.

Herijken na een verdere denkgeest verschuiving gaat dus gepaard met een gevoel van onstabiliteit. De keuze is dit serieus te nemen, de keuze voor ego denken, de keuze voor afgescheiden te blijven, of het te zien als een stap in het terug herinneren van de Onvoorwaardelijke, Onveranderlijke Stabiliteit van Eenheid.

Het gaat bij het ego altijd om ‘mij’, alles draait binnen het egodenken alleen om ‘mij’.
Er moet aan ‘mijn’ behoeften worden voldaan, alles moet precies lopen zoals het mij het beste uitkomt. Ook als ik binnen het egodenken met anderen samenwerk, dan moeten de anderen aan mijn behoeften voldoen, het spel van geven en nemen moet gespeeld worden. Mijn lichaam heeft behoeften, jij, ander lichaam, moet er voor zorgen dat aan die behoeftes wordt voldaan. Zo niet dan gebruik ik jou, lichaam, om me van je af te keren. Hoe dan ook ik heb lichamen en dingen nodig om me af te scheiden, zowel door speciale liefde als door speciale haat.
Binnen het egodenken gaat het dus om mij, het lichaam en de ander, ook een lichaam, die ervoor moet zorgen dat steeds bevestigd wordt dat ik een lichaam ben, zodat verborgen blijft dat ik en dus ook de ander en alles wat ik zie en ervaar denkgeest projectie is, en dus ook verborgen blijft dat ik en de ander denkgeest is (‘is’, want er is maar één denkgeest).

Als dit denksysteem echter ontmaskerd wordt en we beginnen te vermoeden dat de ‘ik’, de ‘jij’, de ‘wij’ niet een lichaam is maar denkgeest, als deze verschuiving plaatsvindt in de denkgeest, dan gaat het niet meer om de ‘ik’, ‘jij’, ‘wij’ gezien als lichamen, maar dan zijn de ‘ik’, ‘jij’, ‘wij’ weer denkgeest en vallen de ‘ik’, ‘jij’, ‘wij’ grenzen weg en wordt ineens weer het gezamenlijke belang van ‘ons’ als denkgeest zichtbaar.
En dan gaat het nooit meer om ‘mij’ het lichaam, maar om ‘ons’ de denkgeest die één is, niet een lichaam, maar één denkgeest. En dan herkent de denkgeest dat alle pijn en lijden dat zichtbaar en ervaarbaar is via de projecties, hetzelfde is en dat alle pijn en lijden een roep om Liefde is, een verlangen om terug te keren in Eén.
Dan worden er niet meer slechte mensen of goede mensen, slechte bedoelingen of goede bedoelingen, vijanden of slachtoffers, uitingen van speciale liefde of speciale haat of wat voor tegenstellingen dan ook waargenomen, maar wordt alles gezien als één uiting van Liefde, of een schreeuw om Liefde.
Alles wat dan ervaren wordt in de wereld wordt dan een reminder voor deze volledige omkeer van denken de verschuiving van het gaat om ‘mij’ het lichaam (eigenlijk de egodenkgeest, die geloofd dat het een lichaam is), naar, het gaat om ‘hen’ die ‘mij’ helpt herinneren dat er alleen denkgeest is met een gezamenlijk doel en dat het dan om ‘ons’ gaat, dat zich zijn ware aard herinnerd, die van denkgeest te zijn.
Laat het in die betekenis en alleen in die zin nooit meer om ‘mij’ gaan, maar via ‘hen’ om ‘Ons’, om éénheid.

%d bloggers liken dit: