archiveren

Tagarchief: vergevingsmateriaal

Een sleuteldroom die ik had in 2006, opschreef en sindsdien mijn reisgezel is, dag in dag uit, elke seconde, altijd:

De angst, de pijn, de schuld, het gepieker, de zorgen zijn enorm. Wat als….. en als dan…… wat nu als……. wat gebeurt er dan?…….
Omtrekkende bewegingen om de angst heen, de angst zien en dan er van weglopen door te vluchten in gepieker. En dan die droom, angst enorme angst, ik vraag Hulp, pak de ‘hand’ van Jezus en vraag om samen de angst binnen te gaan. De angst ziet er uit als de ingang van een spookhuis, donker, niet uitnodigend, dreigend. Ik besluit samen met Jezus toch naar binnen te gaan. We gaan het spookhuis binnen, even is de angst enorm. Ik knijp m’n ogen stijf dicht en knijp de hand van ‘mijn grote broer’ fijn, maar dan doe ik m’n ‘ogen’ open en zie dat de angst een bordkartonnen decor is. Het licht gaat aan en ik zie dat de enge schaduwen illusies zijn, in werkelijkheid niets zijn. Ik geloof eerst mijn ogen niet, probeer terug te grijpen naar de “veilige” angst, het voelt zelfs even als een verlies, (ja zo is het niet leuk meer, kan dat licht uit!) maar dan de opluchting. Angst is een illusie, die ik vrijwillig in stand kan houden of kan laten varen. Ik voel een enorme bereidheid alle spookhuizen binnen te gaan samen met Jezus, en nog meer verborgen angsten te ontmaskeren. Angsten die eruit zien als woede, verdriet, verlies, armoe, ziekte, pijn, lijden, verantwoordelijkheid, jaloezie, moeheid, maar ook als kortstondige momenten van geluk, tijdelijke momenten van bevrediging. De hele ‘kermis’ (wereld) staat vol met spookhuizen en ik zal er één voor één binnengaan, samen met Jezus, mijn grote broer. Zolang het nodig is, tot ik zie dat alle angsten hetzelfde zijn en allemaal op vergelijkbare manier zullen verdwijnen (door ware vergeving, door het anders te zien)  omdat ze hetzelfde zijn. Ja een wonder, wonderen staan voor vrijheid van angst. Dit smaakt naar meer. Angsten hoeven niet opnieuw doorleefd te worden, al mijn angsten (blokkades) worden nu vergevingsmateriaal die ik graag aan Heilige Geest/Jezus offer, die ze in het niets, waar ze ook vandaan kwamen, doet laten verdwijnen.

sleuteldroom

Ik ontdekte dat achter het zogenaamd gechoqueerd zijn, of beledigd zijn over wat iemand durft te zeggen zonder terughoudendheid, verborgen ligt dat ik eigenlijk zeg/denk dat ik niet wil kijken naar mijn eigen rechtstreekse gedachten, die precies hetzelfde zijn, als ik heel eerlijk durf te zijn, maar te ‘eng’, te ‘gevaarlijk’ lijken, om eerlijk oordeelloos onder ogen te zien. Want ze laten eigenlijk mijn door het ego goed verborgen wil tot afscheiding zien. Ik word dan ook niet boos, of beledigd (vormen van angst) van wegen de rechtstreekse uitspraken, en/of boos op een iemand die deze rechtstreekse uitspraken lijkt te doen. Ik word boos om zo mijn eigen weerstand, welke een bescherming is tegen Liefde (Eenheid, Waarheid) te beschermen. Boos of beledigd zijn is dus niet de reden en heeft niet het doel wat het lijkt te hebben, namelijk boos of beledigd zijn op of door iemand, of iets buiten mij. Het doel van mijn naar buiten gerichte boosheid, is mijn op mijzelf gerichte boosheid te verbergen, met daaronder weer verborgen het gebruiken van de emotie boosheid om mijn wens voor afgescheidenheid van Eenheid, van Liefde, van God in stand te houden.

Maar tegelijkertijd door dit te doorzien, kan het ook weer behulpzaam zijn door deze gedachten terug te nemen en te onderkennen dat het ‘mijn’ gedachten zijn over mijzelf, niet over mijzelf als lichaam, maar over de door mijzelf gekozen vormen van afscheidingsgedachten en dat ik deze gedachten=projecties ook kan vergeven.
(Les 5 en les 34)

Door te erkennen en te herkennen dat wat ‘ik’ in de zgn ander zie en of over de zgn ander denk, altijd over mij gaat, niet over een ‘mij’ als lichaam, maar over een ‘mij’ als denkgeest die kiest voor afscheidingsgedachten en verkiest te geloven in afscheidingsgedachten, leer ik werkelijk eerlijk en oordeelloos kijken, met als enig doel al mijn oordelen over anderen, dingen, situaties, mijzelf als vergevingsmateriaal en vergevingskans te laten hergebruiken.

De valkuil die onvermijdelijk ook onder ogen zal moeten worden gezien, is dat ik mijn boosheid probeer te maskeren, door de gedachte in te zetten dat ik niet boos mag worden, ik altijd liefdevol moet zijn, ook al kook ik van binnen van woede. En dat kan nog versterkt worden door de spirituele gedachte dat ik liefde ben, dus me ook als zodanig dien te gedragen.
Dit is alleen maar weer, zoals ik hierboven illustreer een vorm van niet eerlijk durven kijken, uit angst dat mijn egodenken ontmaskerd wordt en mijn muren van opgeworpen verborgen vormen van angst mij niet meer zullen beschermen tegen waar ze voor bedoelt zijn, namelijk in afscheiding te blijven ‘veilig’ buiten Eenheid, Waarheid, Liefde God te blijven.

De maten van werkelijk eerlijk kunnen kijken naar al mijn gedachten, noodzakelijk voor het vergevingsproces, loopt evenredig aan het minder worden van de schuld en de angst, die uitnodigt tot oordelen en in al mijn projecties terug te ‘zien’ is.
En de maten van eerlijk kunnen en willen kijken loopt ook evenredig aan het groeiende vertrouwen als eenmaal het resultaat van eerlijkheid en de bereidheid tot vergeven gezien en ervaren wordt.

Eerlijk kijken vanuit schuld en angst is onmogelijk, Ware Vergeving vanuit schuld en angst is onmogelijk.
Schuld en angst zijn er nu juist voor bedacht om eerlijk kijken te blokkeren. Want eerlijk kijken is de vijand van de egodenkgeest die enkel en alleen kan overleven dankzij het geloof in schuld en angst.
Kijken vanuit schuld roept alleen nog maar meer schuld en angst op.
Dus het minder worden van de blokkerende schuld en angst gedachten, die in elke gedachte aanwezig zijn, leid de denkgeest vanzelf uit de schuld en angst, het enige wat we als denkgeest daarvoor hoeven te ‘doen’ is eerlijk kijken naar elke gedachte en deze (ver)geven aan de Juist gerichte denkgeest kant van de denkgeest, die nog altijd verbonden is aan de herinnering van wat ‘we’ werkelijk zijn: Liefde.

Onschuld, angstloosheid, waarheid, eenheid, god, liefde, ‘spelen’ is niet wat ‘gedaan’ moet worden, het enige wat ‘gedaan’ kan worden is de bereidheid elke gedachte te vergeven, zonder resultaatgerichtheid in enige vorm, maar enkel in het groeiende vertrouwen dat als we, dat wat we ervaren alleen nog maar als vergevingsmateriaal en vergevingskans zien we automatisch terug herinneren in wat we Zijn, in Waarheid, Eenheid, God, Liefde.

Laat ik met een conclusie beginnen wat betreft beloften.
De enige belofte die onmogelijk verbroken kan worden is de belofte dat er alleen Eenheid is, en de eigenschap van Eenheid is dat deze nooit verbroken kan worden.
Dus eigenlijk is de belofte niet eens nodig, want een belofte doen is suggereren dat er iets verbroken kan worden.
En suggereren dat de belofte van Eenheid wel verbroken kan worden, en werkelijkheid kan worden, is wat we ons leven noemen en wat onze wereld uitbeeld en weerspiegeld.

We maken dus een big deal van het verschijnsel onze beloften houden en waarmaken.
Maar niet om de reden die we denken (denk aan les 5).
Daarbij gaat het helemaal niet om bepaalde beloften die gedaan zijn over iets wat dan wel of niet nagekomen moet worden in enige vorm.
De achterliggende verborgen agenda is de onmogelijkheid van het verbreken van Eenheid toch waar te maken. Dus eerst wordt de onmogelijkheid om Eenheid te verbreken omgedraaid naar het toch mogelijk maken door zgn de belofte met Eenheid te verbreken. Dit verbreken van de belofte van Eenheid, wat dus onmogelijk is, moet wel tot zonde, schuld en angst gedachten/gevoelens lijden, welke ook eigenlijk onmogelijk zijn, omdat ze uit een onmogelijk idee stammen. Dit geeft wel even een andere kijk op de uitdrukking: “belofte maakt schuld”, bedenk ik me ineens.
Maar omdat de herkomst van zonde, schuld en angst ‘vergeten’ wordt en dus schijnbaar losgeraakt is van hun oorzaak, lijkt ons basisgevoel steeds uit vormen van zonde, schuld en angst te bestaan dat voor een constant onveilig, onzeker, op je hoede gevoel zorgt, dat weer opgelost moet worden door zoiets als het houden van beloften te verzinnen.
En daarbij hoort dus ook het verbreken van beloften. We eisen, om een soort van pseudo veilig gevoel te creëren, dat men zijn beloften nakomt, maar aangezien we zgn de belofte van Eenheid hebben geschonden en dit geloven en tegelijkertijd vergeten en daardoor ontkennen dat we die belofte hebben gedaan, blijven we dit projecteren. En die projecties zien we terug in ons eigen leven en dat van anderen, wat hetzelfde is.
En dus doen we ons hele leven lang beloften, die bij voorbaat al zijn gedoemd te mislukken, wat ook de achterliggende verborgen agenda en doel is van onze keuze voor te denken vanuit de ego kant van de denkgeest, die deze gedachte constructies bedenkt, om maar uit Eenheid te blijven.

Maar die verborgen agenda blijft verborgen, zodat we beloften blijven eisen en afdwingen en vervolgens weer verbreken.
Op die manier blijft het mogelijk schuldigen aan te wijzen buiten ons, als er weer eens een belofte geschonden lijkt te zijn, en we zodoende ons diepere schuldgevoel van dat we het voor elkaar hebben gekregen de belofte van Eenheid te schaden, maar niet hoeven te voelen, omdat dat ondragelijk is. En waarom is het ondragelijk, omdat het onmogelijk is. De belofte van Eenheid, van Waarheid, de belofte aan God kan niet geschonden worden. Gedachten, ideeën verlaten nooit hun bron, de denkgeest.

Dus in een dualistisch gedachtesysteem, dat wat ons leven is, is het nakomen van beloften onmogelijk, van wegen de dualistische aard, die door zijn aard veranderlijk is. Een onveranderlijke beloften doen is onmogelijk binnen dit denksysteem van dualiteit.

Dat wil niet zeggen dat ik nu geen beloften meer moet maken, want dit zijn nu eenmaal de spelregels binnen dit dualistische denksysteem. Ik hoef ze echter niet meer voor waar aan te nemen, ik hoef me er niet mee te identificeren. En, het belangrijkste, ik kan door te zien dat wat ik probeer te bereiken binnen de onmogelijkheid van het verbreken van de belofte van Eenheid, ik opnieuw de keuze kan maken hier anders naar te kijken en mijzelf vergeven dat ik geloof in het krankzinnige idee dat ik de belofte aan Eenheid, aan God kan verbreken.
Zodoende krijgt het verbreken van beloften een nieuwe functie, namelijk dat van vergevingsmateriaal en vergevingskans.

Dus, als ik zie dat iemand zijn belofte verbreekt en ik daar kwaad over wordt, dan word ik niet kwaad om de reden die ik denk. Ik zie dan eigenlijk mijn eigen angst weerspiegeld voor de zgn ‘zonde’ die ik heb begaan, en de straf die daar wel op moet volgen, door mijn belofte aan Eenheid, aan God te hebben verbroken. Deze verborgen gedachte is ondragelijk en de enige uitweg is het rot gevoel snel naar buiten te projecteren, zodat ik iemand anders als de schuldige voor het verbreken van beloften aan kan wijzen en ik onschuldig blijf.

Maar aangezien er alleen denkgeest is en de wereld en ik en anderen en verder alles ook een gedachte is, ook al worden ze geprojecteerd, is er maar één verantwoordelijk voor zijn gedachten en dat is de dromer van de droom. Een ‘ik’ fragmentje dat denkt te zijn losgeraakt uit Eenheid, en niet door heeft, vergeten is, dat dat onmogelijk is en dat er nog steeds maar Een Geest is die alles omvat.
Dit betekent dat we allemaal dezelfde strijd voeren en we ook allemaal als één zullen Ontwaken.
Dat is de enige belofte die niet verbroken kan worden.

“We are here to forget that we Know, and when we remember that we are here to forget that we Know, we can start remembering that we already Know, using the forgetting as forgiveness material.”

“We zijn hier om te vergeten dat we Weten, en zodra we ons herinneren dat we hier zijn om te vergeten dat we Weten, kan het terug herinneren in wat we Weten beginnen, het vergeten gebruikend als vergevingsmateriaal.”

De droom beweegt zoals ik denk.
Zoals mijn schaduw mij altijd volgt, wat ik ook doe, wat voor gekke sprongen ik ook maak.
Ik herinner me ineens dat ik vroeger wit-heet werd als iemand elk woord en elke beweging die ik maakte precies na deed, dat waren van die ‘leuke’ kinderspelletjes. Vooral als ik dan schreeuwde ‘hou op’, en er meteen een echo volgde ‘hou op’. Totale machteloosheid en paniek voelde ik dan, het voelde als een plakkerig iets waar ik maar niet los van kon komen, hoe kwaad ik ook werd.
Maar zo gaat het eigenlijk ook met elke gedachte, elke gedachte blijft aan me kleven, en hoe ik die gedachte ook kwijt probeer te raken door ze te projecteren, ze blijft aan me ‘plakken’, want gedachten verlaten nooit hun bron.
Dus de projectie beweegt zoals ik denk. Ik heb aanvalsgedachten en de projectie laat dat zien, en hoe ik ook probeer de projectie los te snijden, hakken, met of zonder geweld, te vloeken, te tieren, te slijmen, te paaien, te verleiden, een hak te zetten, misleiden, verstoppen, ontkennen, kortom op alle mogelijke manier ver van me vandaan te schoppen, ten einde er vanaf te komen, het lukt niet en het kan ook niet lukken. De gedachte blijft verbonden aan de denkgeest die ze denkt.
De enige oplossing is de aandacht terug te trekken uit de projectie en terug te gaan naar de projector, de denkgeest. Waar gezien kan worden dat de projectie op zich niets is, maar slechts een poging is de aandacht van de bron, de denkgeest af te leiden, waardoor de projectie ‘echt’ lijkt en dus daar bestreden moet worden.
Het is als vechten met je eigen schaduw, je wordt er doodmoe van, maar het schiet absoluut niet op.

De droom van de dromer van de droom is dus enorm individueel, want nogmaals de droom beweegt zoals ik, de denkgeest die de droom droomt, denkt.
Ik, de dromer van de droom, ben dus 100% verantwoordelijk voor al mijn gedachten en niet mijn plakkerige shaduw projecties, die daar aan vast zitten, zijn de oorzaak of zijn verantwoordelijk voor mijn woede. Ze laten enkel en alleen zien wat ik denk en dat dat over mij (de dromer van de droom) gaat. En als ik deze gedachte wil toelaten en zien, dan kunnen die plakkerige shaduw projecties een andere functie krijgen, namelijk als vergevingsmateriaal. Zodat ik leer dat er geen wereld buiten mij (de denkgeest) is die mij op de hielen zit en gek maakt, maar dat het mijn eigen gedachten zijn.

Nu ik dit doorzie zal ik als ik een volgende keer weer eens wit-heet dreig te worden als mijn projecties precies doen wat ik denk, simpelweg voor Vergeving kiezen…
Vergeving is mijn enige functie, dus hebben al mijn dromen dat ook…

“Life’s but a walking shadow, a poor player
That struts and frets his hour upon the stage
And then is heard no more. It is a tale
Told by an idiot, full of sound and fury,
Signifying nothing.”

“Het leven is een zwervend schaduwbeeld,
Een arme speler die op het toneel
zijn uurtje praalt
en raast en dan verdwijnt.
Het is een sprookje door een gek verteld,
vol dolheid en rumoer dat niets beduidt.”

(Macbeth, W. Shakespeare).

 

Als ik over iemand, iets of een situatie vervelende, oordelende, aanvallende gedachten heb, ben ik degene die last heeft van die gedachtes, dus eigenlijk val ik mezelf aan en met succes, want ik voel me er vervelend, naar, moe enz. onder.
Ik kan mezelf dan weer verdedigen en tevens aanvallen door te denken dat het heel terecht is dat ik boos wordt, want dit wordt mij aangedaan, door iets of iemand buiten mij, het is niet mijn schuld.
Maar ja kijk wie eronder lijdt, de persoon, het iets, waar ik mijn boosheid en oordeel op projecteer? Geen idee, het enige wat ik weet is dat ik eronder lijd, nu op het moment dat ik gedachtes van boosheid, en oordeel heb.
En is dat wat ik wil? Kennelijk wel, want het is ‘ik’ die het denkt. Ik ben dus verantwoordelijk voor mijn gedachten en niet iets buiten mij.
Deze conclusie kan ik dan vervolgens ook weer tegen mezelf richten en projecteren op mijzelf en me dus schuldig voelen over wat ik zelf kennelijk wil en doe.
Maar dit is dezelfde aanvallende en oordelende keuze die ik eerst over een schuldige of een schuldig iets buiten mij had.
Beide keuzes zijn afkomstig van mijn keuze voor de egodenkgeest kant van mijn denkgeest.
ECIW leert ons dat er een andere keuze mogelijkheid is, eentje die we zijn ‘vergeten’, waardoor we alleen nog maar ogenschijnlijk gefocust zijn op een wereld buiten ons, inclusief onszelf, waar van alles mee lijkt te gebeuren, waar we niet goed van worden.
Alvorens te kunnen kiezen voor dat andere denkgeest systeem, wat in ECIW de Heilige Geest Denkgeest wordt genoemd moet ik eerst eerlijk leren kijken naar al mijn gedachten die afkomstig zijn vanuit mijn egodenken en daar oordeelloos de verantwoordelijkheid voor nemen en leren zien dat deze egogedachten enkel en alleen dienen als verdediging tegen en om te verbergen wat ik en de zgn anderen, dingen en situaties, in werkelijkheid zijn.
En dan, als ik daar aan toe ben besluiten, dat ik hier ook anders naar kan leren kijken.
En wil leren zien dat ik me gewoon vergis en het niet waar is wat ik denk te zien en te ervaren en dat ik er ook anders naar kan leren kijken dmv het proces van Ware Vergeving.
Dat is verantwoordelijkheid nemen olv HG Denkgeest, een schuldeloze verantwoordelijkheid.

En dan zullen al die aanvallende, oordelende, vervelende, pijnlijke, vermoeiende gedachten alleen nog maar als vergevingskansen en vergevingsmateriaal gaan dienen en mij doen terug herinneren in wat ik werkelijk ben. Dan is de wereld een klaslokaal geworden, waar alles wat ik ervaar onschuldig lesmateriaal is en meer niet.

%d bloggers liken dit: