archiveren

Tagarchief: terug herinneren

En dan de ervaring van de stilte van het oordeelloos zijn…
(Dit is geen advies, oefening, leermethode of wat dan ook, het is slechts een ervaring).
Te midden van wat voorheen ervaren werd als aanval die vervolgens verdedigd moest worden, was er het alleen maar kijken terwijl alle mogelijke scenario’s voorbij vlogen.
In eerste instantie was er een wanhopig stil alleen maar kijken vanuit een radeloos gevoel van onmacht, niets meer weten te zeggen, omdat het toch niet uitmaakt, want het wordt niet begrepen wat ik zeg, want er wordt niet geluisterd.
Maar daarna veranderde het terugtrekken in stilte in een ruimte die vrij kwam waar niets gebeurde, terwijl in een schijnbaar andere ruimte het script zich uitspeelde, zonder dat het werd gevoed en anders gemaakt dan het eruit zag.
En omdat het niet meer werd gevoed doofde het simpelweg uit en bleef “stilte” over in “mij”. De stilte van “ik hoef niets te doen”. De stilte van in het oog van de orkaan waar alleen de onveranderlijke stille rust is, de stilte van het oordeelloze.

Dit is niet iets wat gedaan wordt, het gebeurt als de denkgeest eraan toe is.
Zoals alles gebeurt, omdat dat is waar de denkgeest nu is.
En als daar een oordeel over is, dan is het dat wat de denkgeest op dat moment doet, meer niet. En als geprobeerd wordt dit na te streven of te oefenen, dan is het dat wat de denkgeest nu doet. Simpelweg zijn in wat is, zonder iets te doen aan het script wat zich tegelijkertijd uitspeelt dan zal “het” vanzelf opduiken als de denkgeest die klaar is voor “terug herinneren” er aan toe is.

Een cursus in wonderen is een van de vele paden die niets meer of minder de reflectie zijn en uitbeelden van de herinnering aan Onveranderlijkheid die onveranderlijk nog altijd aanwezig is in elk schijnbaar afgescheiden stukje denkgeest. De herinnering kan alleen herinnerd worden als de denkgeest die voor veranderlijkheid heeft gekozen binnen het Onveranderlijke er aan toe is en bereid is de herinnering aan het Onveranderlijke weer toe te laten, en al het veranderlijke weer terug te laten keren middels ware vergeving in het Onveranderlijke, omdat aanvaard wordt dat niets het Onveranderlijke werkelijk kán veranderen naar een staat van veranderlijkheid.

Als dat proces van terug herinneren aanvaard wordt dan wordt alles wat veranderlijk is omgekeerd tot hulpmiddel weer terug te herinneren in het Onveranderlijke.
Dat doel is universeel de paden die ernaar toe leiden en de middelen die daarbij behulpzaam kunnen zijn, zijn divers en individueel.
Daarom is een pad als Een cursus in wonderen en elke andere methode een leermiddel wat nodig is zolang het proces van (ont)leren nog bezig is, daarna heeft het geen functie meer.
Het is niet de bedoeling dat een methode die bedoelt is terug te herinneren in het Onveranderlijke dezelfde functie krijgt als dat wat moet worden (ont)leert op het niveau van het veranderlijke, door er bijvoorbeeld iets speciaals als; het enige ware pad van te maken.
Dan krijgt de methode, het pad, gewoon weer de status van het veranderlijke. En veranderlijkheid moet of verdedigd of aangevallen worden.

Het is dus vooral zaak alert te zijn en blijven op de voortdurende weerstand van het veranderlijke, wat veranderlijk wil blijven, door dat wat het Onveranderlijke vertegenwoordigt het veranderlijke binnen te lokken, waardoor het Onveranderlijke niet verdwijnt of verandert, maar wel wordt geblokkeerd.

Mocht dit allemaal abstract klinken, pas het dan gewoon toe op jezelf en observeer hoe de ‘ik’ voortdurend probeert alles te veranderen door het beter maken of slechter (dat maakt voor het veranderlijk ego niet uit) van alle vormen die we in ons eigen leven ervaren en denken en geloven dat we dat zijn. En kijk dan of je wilt gaan zien dat al dat beter of slechter maken helemaal niet gaat om het beter of slechter maken van allerlei vormen en ervaringen, maar slechts één doel heeft; in het veranderlijke te blijven en uit het Onveranderlijke.
En kijk naar de weerstand die dit oproept, ook de weerstand is niet wat het lijkt.
Weerstand is het domein van het veranderlijke en helpt het veranderlijke in stand te houden, een andere functie heeft het niet.

Welke methode men ook kiest of niet kiest het terug herinneren in het Onveranderlijke is onvermijdelijk, omdat alleen het Onveranderlijke IS.
En daarom heeft het geen enkele zin om welke methode dan ook aan te vallen en of te verdedigen, want dat zegt alleen: “nee, ik wil gelijk hebben dat alleen het veranderlijke bestaat en dat wil ik niet, nooit, never opgeven.”
Dat zou in ieder geval een heel eerlijke observatie zijn, waarna de keuze gemaakt kan worden of ik dat echt meen en wil, of dat het het begin is van het willen terug herinneren in het Onveranderlijke…

De symbolen Jezus en de Heilige Geest worden in de Cursus (her)gebruikt, omdat de Cursus het gebruikt om ons daar te kunnen ontmoeten waar we denken te zijn en tevens omdat het tevens de keuze voor de leiding van de egodenkgeest zo duidelijk maakt.
De zogenaamde historische Jezus uit de Bijbel en ook de Heilige Geest zijn projecties vanuit de egodenkgeest die juist de angst voor God uitbeelden. De angst voor een wraakvolle God die zich zal wreken op ons zondaren die hem vermoord hebben. Aldus de nachtmerrie van de Zoon van God, die als antwoord hierop een eigen God heeft bedacht met een zoon (Jezus) en een Heilige Geest, als inspiratiebron van de egodenkgeest, zoals we ze kennen uit de Bijbel.
Van daaruit zijn de bijbelse verhalen ontstaan, geprojecteerd en letterlijk genomen.
De egodenkgeest kan zielsveel van die Jezus houden, hem haten of negeren, maar al zulke vormen zijn hoe dan ook uitingen van de zonde, schuld en angst waarop de egodenkgeest is gestoeld. Ze nemen de historische Jezus en de Heilige Geest letterlijk, want ze blijven op het dualistische niveau van de wereld.
Als we dan de Cursus tegenkomen in ons leven en deze gaan ‘doen’, moeten we dit eerst onder ogen gaan zien, en dat is pijnlijk, want het lijkt of ons ‘knuffeldekentje’ wordt afgepakt en dat gaat onvermijdelijk met afkick verschijnselen gepaard.
De Jezus en de Heilige Geest waar we ooit naar toe gingen voor troost lijken nu ineens af te brokkelen en er lijkt even niets voor in de plaats te komen, want de weg naar een vervanging in de vorm lijkt ook afgesloten te zijn, omdat we ook leren dat wat we zien met de ogen van het lichaam een illusie is, een droom. Het is dus even slikken voor mensen die de Bijbel als woord van God beschouwden om te moeten gaan inzien dat de Bijbel voort is gekomen vanuit de egodenkgeest, want de Bijbel is 100% geschreven vanuit lichaamsidentificatie. Ook al lijkt het heel geïnspireerd te zijn, het wordt toch vereenzelvigd met bepaalde speciale personen (lichamen dus) die over lichamen schrijven.
Zelfs de Heilige Geest wordt als een aparte entiteit gezien.
En ja, ook de Bijbel kan symbolisch worden gezien en behulpzaam zijn als zodanig, maar niet om te rechtvaardigen dat wat in de Bijbel staat letterlijk moet worden genomen en er een echte Jezus en een echte Heilige Geest heeft bestaan, want dat is alleen maar weer het aloude egoverhaal van de afscheiding.
Dus het terug herinneren naar wat we werkelijk zijn, Geest en één in God is niet makkelijk, en ondanks het liefdevolle hergebruik in de Cursus van Jezus en de Heilige Geest als symbolen voor de terug herinnering in God, zal het niet ‘makkelijk’ zijn.
We krijgen allemaal te maken met ontwenningsverschijnselen en velen haken dan ook af en rennen terug naar hun comfortabele knuffeldeken, de aloude Jezus en de Heilige Geest van de Bijbel.
Dus voor diegene waarvoor Jezus een troost was als historische Jezus, maar ook voor diegene die niets van Jezus moeten hebben is de Cursus enorm confronterend en wel op dezelfde manier. Beide nemen de historische Jezus letterlijk en omarmen deze of wijzen hem af.
Kort gezegd is de Cursus confronterend voor iedereen die hem doet, want iedereen vereenzelvigd zich met een lichaam en maakt de wereld met al zijn vormen en situaties waar.
De liefdevolle aard van de Cursus uit zich dus hierin dat het de ‘kostbare’ troostende hulpmiddelen van de egodenkgeest, zoals een Jezus of een Heilige Geest hergebruikt. Het beoordeelt ze of veroordeelt ze niet, het laat zien, dat ze in hun egovorm onwaar zijn, dat moet eerst onder ogen worden gezien, zodat ze daarna als symbolen kunnen worden gebruikt om te leren vergeven.
We leren dan dat een Jezus en een Heilige Geest niet in wat we ons leven noemen kunnen komen, want ze vertegenwoordigen onze ware aard, die van Geest zijn één in God en dat gaat niet samen met het idee van lichamen zijn in een droomwereld van vormen en situaties.
We, als waarnemende en keuzemakende denkgeest, kunnen alleen al onze vergissingen terugbrengen naar hun bron de denkgeest en ze laten vergeven. De symbolen Jezus en de Heilige Geest (dus niet de historische Jezus en de Heilige Geest van de Bijbel, welke ook een verzinsel zijn binnen het egodenken, zoals alles een verzinsel is, een droom, een projectie) worden nu onze gidsen in het terug herinneren in God in Eenheid, dat wat we in werkelijkheid zijn.
Eigenlijk is de Heilige Geest en ook Jezus het symbool voor de waarnemende en keuzemakende denkgeest, (dat wat we in werkelijkheid zijn) ze nemen waar, maar treden niet binnen in de illusie. Want hoe kan je nu binnentreden in iets wat niet bestaat.
De waarnemende denkgeest is in staat de voorheen fantasiefiguren de Heilige Geest en Jezus die een rol speelde in het egodrama te hergebruiken door op dezelfde wijze met ze te communiceren, te praten, maar ze nu als symbool te zien voor wat we in werkelijkheid zijn, denkgeest en één met ons en daardoor altijd beschikbaar, terwijl de egoversie van de Heilige Geest en Jezus in zijn lichaamsgerichtheid, alleen beschikbaar leek als we het hadden verdiend dat ze ons misschien eventueel wel zouden helpen als we het niet te bont hadden gemaakt en gebukt gingen onder zonde, schuld en angst.
Dus uiteindelijk, als we de Cursus willen volgen, zullen we onder ogen moeten zien dat de historische Jezus en de Heilige Geest niet bestaan, net zomin als wij, en alle lichamen en aardse situaties bestaan.
Daarom is ECIW niet geschikt voor iedereen, hoewel het wel in de andere zin een verplichtte cursus is, van wegen zijn aard, omdat we in werkelijkheid nooit uit de Eenheid van God zijn weggegaan, er dus niets gebeurt is en het onvermijdelijk is dat het hele Zoonschap zich dat gaat herinneren.
De manier waarop en hoe en wanneer is een vrije keuze, beter, ‘lijkt’ een vrije keuze.

 

%d bloggers liken dit: