archiveren

Tagarchief: speciale haat

Alle vormen van speciale haat en speciale liefde zijn niets meer of minder dan de beide zijde van de ego medaille. Ze lijken verschillend maar beide hebben één gemeenschappelijk doel: het geloof in afscheiding (van de Liefde van God, Waarheid, Éénheid, non-dualisme) te bevestigen en daardoor het onmogelijke (afscheiding van Één) mogelijk te doen laten lijken.

De keuze voor het geloof in het egodenken is de keus voor het geloof in de ego eigenschappen speciale haat en speciale liefde.
Dat is de matrix van het egodenken. En zoals een koe alleen maar melk kan geven kan het ego alleen maar ego gedachten geven, want zo is het met opzet geprogrammeerd.

Pas als de pijn en het lijden hun dieptepunt hebben bereikt kan echt worden doorzien wat het kost om hardnekkig en koppig te blijven geloven in het waarheidsgehalte van het ego, en kan er ruimte komen voor de gedachte, “er moet een andere manier zijn”…

De speciale relatie is een dualistische relatie, die dus uit twee kanten bestaat, de twee zijde van de egomedaille: speciale liefde en speciale haat.
De speciale relatie is altijd persoonlijk gericht. Persoonlijk gericht zowel op personen, dieren, als dingen en situaties, kortom op alles wat leeft en beweegt en niet beweegt, in onze bij elkaar geprojecteerde wereld. De speciale relatie kan zowel als speciale haat beginnen of als speciale liefde. De twee zijde van de egomedaille afzonderlijk lijken te verschillen en de een lijkt beter dan de andere, maar allebei, omdat ze beide vanuit de egodenkgeest voortkomen, hebben als doel af te scheiden van Liefde, als tegenhanger en verdediging tegen de non-dualistische Liefde die voor God staat.
Dus ook al lijkt speciale liefde beter te zijn dan speciale haat, beide vertegenwoordigen de beide zijde van de ene ego medaille, en ego kan alleen maar verschillende vormen van zonde, schuld en angst voortbrengen, daar is het voor bedacht.
Dus ook al lijkt speciale liefde in een betere, prettiger, mooiere verpakking (projectie) te komen dan speciale haat, beide komen voort uit zonde, schuld en angst, met als enig doel, het in stand houden van de afscheiding van God, van Liefde.

En weer is het herkennen en onderkennen van dit mechanisme in de eigen denkgeest, of gespiegeld terug te herkennen in zgn ‘anderen’, wat zich ook in de eigen denkgeest afspeelt, enorm belangrijk in het proces van Ware Vergeving.
Het alleen herkennen en erkennen is niet genoeg, pas als ik ernaar wil kijken olv de HG kant van de denkgeest (oordeelloos kijken) in plaats van met de ego kant  van de denkgeest (oordelend kijken), kan de gedachte oplossen in Ware Vergeving.

Dit wordt een stuk wat waarschijnlijk alleen begrepen kan worden door diegene die de Cursus doen. Want speciale haat onder ogen durven en leren zien is onmogelijk als niet begrepen wordt waar het vandaan komt en waar het voor dient.

Haat, de wereld is gemaakt vanuit haat, want haat is een projectie van afscheiding. Dat kan niet anders want het enige wat IS is Liefde, Eenheid en deze is onveranderlijk. Dat wat wij ervaren in onze wereld is alles behalve een uiting van Liefde en onveranderlijke Eenheid, dus moet het wel het tegenovergestelde zijn, en het tegenovergestelde van Liefde is haat en het tegenovergestelde van Eenheid is afscheiding, ziedaar dat wat wij onze wereld noemen, inclusief hoe we over onszelf denken.
Deze geprojecteerde zelfhaat en ‘alles-en iedereen haat gedachten’ zit verborgen achter de bijbehorende projecties.
Heel slim verborgen, zodat het bijna niet te zien is en simpelweg wordt ‘vergeten’.

Een lichte irritatie over iets of iemand, er lukt iets niet, er gaat iets niet zoals ik dat wil, ik heb een oordeel over iets of iemand, iets of iemand valt tegen, iets of iemand doet iets raars in mijn ogen, er gebeurt iets onverwachts, die politiek deugt niet, de financiële wereld deugt niet, enz. enz. het komt allemaal voort uit de pure haat die maar één doel heeft: afscheiden van Liefde. Ook als het er als liefdevol uitziet, dat zijn de lastigste om te onderkennen: ik hou van mijn kinderen, van mijn partner, van mijn familie, vrienden, vooral dat ‘mijn’, ze zijn ‘mijn’ vlees en bloed (de kinderen dan), ze zijn zoals ik en ze horen bij mij, ze denken zoals ik, ze behoren tot mijn clan en ik moet ze beschermen tegen de boze buitenwereld. En als iemand binnen die clan moeilijk gaat doen dan moet deze tot de orde worden geroepen en als dat niet lukt verstoten. Speciale liefde/haat noemt ECIW dit en komt voort uit het waar maken van de gedachte dat ‘wij’ mensen zijn, lichamen en dingen die met elkaar in contact staan en een leven leiden van geboorte tot de dood, een leven vol met strijd en lijden met hier en daar een snufje vreugde en geluk.

En dan is er nog de zelfhaat, die helemaal lastig is om onder ogen te zien, en terug te zien is achter projecties zoals: ik ben dom, lelijk, te dik, te dun, te streng, te lief, te meegaand, ze mogen me niet, alles wat ik doe gaat fout, ik ben de beste, laat mij dat maar doen, ik kan dit niet, ik ben de baas, ik voel me altijd in een hoek getrapt, ik heb geen geld, ik ben arm, ik ben stinkend rijk, ik moet mijzelf verdedigen, niemand kan mij raken, ik wil niet aangeraakt worden, raak mij aan, ik geef me over, blijf uit m’n buurt, ik mag dit niet, ik moet dit enz. enz. allemaal zelfhaat die niet gaat over waar het over lijkt te gaan in een wereld van lichamen, maar over de daarachter liggende ‘vergeten’ wil tot afscheiden van Liefde.

Willen we het pad van ware vergeving volgen en dat als onze enige functie zien, en full time ‘vergever’ worden, dan moet dit eerst allemaal onder ogen worden gezien, precies zoals het zich voordoet, inclusief alle emoties en gevoelens die hierbij horen. En dat maakt het lastig, want emoties en gevoelens zijn pijnlijk, zeer pijnlijk, en de egoreflex zal dan ook zijn, wegrennen van pijn, wegrennen van lijden. Niet omdat het pijnlijk is, maar omdat dat wat erachter verborgen ligt, dat wat we zijn: Liefde, en dus zonder lijden is, en niet herinnerd mag worden. Want einde lijden, einde haat betekent einde egodenkgeest, einde ‘ik’.
Einde aan iets wat er nooit is geweest overigens, dus ook niet verdedigt hoeft te worden.
Terug herinneren in Liefde is maar één gedachte verwijdert, niet een hele wereld, maar slechts één gedachte, en de taak van de egodenkgeest kant van de ene denkgeest is, om dat te vergeten en te verstoppen achter muren van projecties.

In de praktijk waar we ons nu eenmaal in lijken te ervaren, zal eerst de verdediging tegen Liefde onder ogen moeten worden gezien, stap voor stap, en stap voor stap moeten alle haat gedachten onder ogen worden gezien en als we dat willen, worden vergeven.
Dat is hard werken, want wil ik onder ogen zien dat ik bijvoorbeeld ‘mijn moeder/vader’ haat, of ‘mijn kinderen’? En dat ze zoals ik ze zie als lichamen ze helemaal niet geboren zijn uit liefde, maar uit de pure haat van de afscheiding?
En dat ik zolang ik ze als lichamen zie de haat alleen maar voortzet?
Dat is hard werken en heel veel bereidwilligheid hebben om het ‘anders’ te gaan zien.
En als ik het anders wil gaan zien, houdt dat in dat ik bereid ben de gedachte aan te nemen dat ik en alles wat ik zie en ervaar een gedachte is die zich projecteert in een vorm die ik dan lichamen, dingen en situaties noem en vervolgens autonoom maak en zodoende ‘vergeet’ dat het projecties zijn vanuit de denkgeest en ze niet zijn wat ik denk dat ze zijn, omdat ik ze zelf die betekenis heb gegeven.
Dit onder ogen gaan leren zien kan alleen onder leiding van de symbolen Jezus en of Heilige Geest, symbolen voor de verbindingsbrug met dat wat ‘we’ nog steeds onveranderlijk zijn: onveranderlijke, oordeelloze Liefde en Eenheid in God.

Pas als ik bereid ben dat te zien, en mijn (ego) functie als ‘vergeter’ te vergeven en bereid ben full time ‘vergever’ te worden, kan ik leren er anders naar te kijken. De vorm waarin het uit geprojecteerd werd kan dezelfde blijven, ik zal nog steeds een moeder zien, nog steeds kinderen enz., maar mijn gedachten erover zal zich 180 graden omkeren, ongeacht wat zich in de vorm afspeelt. Ik zal terugkeren naar het enige wat er is: Liefde en ik zal alles ervaren in het Licht van die Liefde. En niets zal daarvan uitgezonderd zijn.
En daar gaat ECIW over, niet over gedragsverandering, en of een betere wereld te maken, maar over gedachteverandering van de denkgeest.
Mijn haat gedachten, die ik eerst vol onder ogen moet zien, en vergeven, kunnen dan pas omgekeerd worden en zodoende in plaats van middelen tot afscheiding, de sleutels worden tot het terug herinneren in Liefde, de allesomvattende Liefde in God.

De wereld zal niet veranderen, want de wereld van de vorm is en blijft een projectie vanuit het geloof in zonde, schuld en angst en haat, daar is hij voor bedacht, maar mijn gedachten erover kunnen wel veranderen, en ik als denkgeest kan het voeden van zonde, schuld, angst en haat stoppen door deze te vergeven.
En dan ben ik op denkgeest niveau Werkelijk Behulpzaam voor de hele ene denkgeest, de Denkgeest die dan alleen nog vanuit Liefde denkt en uitbreid, en vanzelf zal alles wat ik dan nog doe in de wereld liefdevol zijn…

De vraag is dus steeds ben ik bereid dat wat ik nu als speciale liefde/haat zie en ervaar en onderken, om te laten keren terug naar Ware Liefde door mijn functie als full time ‘vergeter’ in te ruilen voor full time ‘vergever’ ?
En bij dit alles ook niet vergeten dat deze speciale haat en speciale liefde voortkomen uit een onmogelijk waanidee, dat we serieus zijn gaan nemen. Laten we dus niet vergeten te lachen om deze vergissing en het allemaal niet zo vreselijk serieus nemen…:

“In de eeuwigheid, waar alles één is, sloop een nietig dwaas idee binnen waarom de Zoon van God vergat te lachen. Door dit te vergeten werd de gedachte
een serieus idee, in staat tot zowel verwezenlijking als werkelijke gevolgen.
Samen kunnen we ze beide weglachen, en begrijpen dat de tijd geen
inbreuk kan maken op de eeuwigheid. Het is ridicuul te denken dat de
tijd de eeuwigheid kan omringen, die juist betekent dat er geen tijd bestaat”
(T27.VIII.6:2-5).

We, de (waarnemende/keuzemakende) denkgeest, moeten door het ´zwarte gat´, van de speciale haat, speciale liefde heen, teneinde te herinneren dat er alleen Liefde is. Vormloze alles omvattende Liefde.
Maar alleen omdat alle speciale liefde, speciale haat, projecties (vorm) zijn, en dus illusies, een droom, kunnen we, de waarnemende/keuzemakende denkgeest, dit volbrengen als we, waarnemende/keuzemakende denkgeest, daarvoor willen kiezen.
Zou de wereld geboren uit speciale haat en speciale liefde werkelijk zijn, wat wij, die willen vergeten denkgeest te zijn en denken dat deze wereld werkelijk is, geloven, dan is ontwaken of herinneren wat we werkelijk zijn, onmogelijk, we blijven dan een in dromen gelovende denkgeest.
Dus ons geloof in een wereld die werkelijkheid is, houdt ons, de denkgeest die wil vergeten, in de afscheiding.
Zonde, schuld en angst houdt ons in de illusie, het geloof in zonde, schuld en angst houdt de illusie waarin de denkgeest wil geloven in stand.
Alleen aan de ‘Hand’ van de herinnering (HG/J) die altijd nog aanwezig is in dat deel van de denkgeest dat weet dat de zonde, schuld en angst die ervaren wordt niet is wat deze lijkt te zijn zoals deze in de vorm waarin zonde, schuld en angst worden uit geprojecteerd en verschijnt, kan er worden terug herinnert, dwars door de ´zwarte gaten´ van de ervaringen heen.
Aan de ‘hand’ van het vergeten (ego), is dit niet mogelijk. Angst kan onmogelijk angst uit angst leiden, het zal de angst juist vergroten.
En ook dit moet onderkend worden, bijvoorbeeld als we uitroepen “die cursus werkt niet”, of we iets of iemand anders de schuld geven dat het niet werkt.
Allemaal zelf sabotage, wat eerst onderkend dient te worden.
Alleen de herinnering aan Liefde (HG/J) kan uit angst leiden, terug in Liefde.

Eerst moet onder ogen worden gezien dat alle speciale relaties, zowel liefde als haat relaties, die ik heb niet lijken te zijn wat ik bedacht heb dat ze zouden moeten zijn.
Ze hebben niets met liefde of haat te maken, ze zijn enkel en alleen een verdediging tegen wat ik, denkgeest, werkelijk ben: Één in God, Liefde alleen in staat tot uitbreiding van non-dualistische Liefde.
Dat wat ik als zogenaamd lichaam in een zogenaamde wereld met andere lichamen en dingen en situaties ervaar is slechts een afspiegeling van wat ik wens te denken en te zien, vanuit de wil tot afscheiding van Liefde. En daardoor kan ik, denkgeest, alleen speciale liefde en speciale haat uitbreiden. Ik kan het bewijs hiervan in al mijn relaties terug zien, als ik dat ten minste wil zien.

Besluit ik, als denkgeest, want lichamen beslissen niets, omdat ze niets zijn, slechts projecties vanuit denkgeest, dat er een andere manier moet zijn om te ‘zien’, dan begint de weg van het terug herinneren, dwars door alles wat diende als verdediging tegen het herinneren, en juist daardoor een verdediging werd. Dat wat ik mijn leven noem en als zodanig ervaar, is de verdediging tegen Liefde.

Elke ervaring uit verleden (zonde), toekomst (schuld) en nu (angst), kan nu als ik (denkgeest die zich wil herinneren) dat besluit het aan de ‘Hand’ van de herinnering (HG/J) anders laten gebruiken, nu als vergevingskans en vergevingsmateriaal.

En ja dit vereist bereidwilligheid en hard werken.
Niet in de zin van wat wij als zogenaamde lichamen als hard werken denken en geloven te ervaren, maar hard werken op het enige niveau wat er is, het denkgeest niveau, door elke gedachte die geprojecteerd wil worden onder ogen te gaan zien, inclusief de bijbehorende emoties en gevoelens, en louter en alleen als vergevingskans en vergevingsmateriaal te gaan willen zien.
Dwars tegen de aantrekkingskracht van de verslaving aan de egodenkgeest die opgericht is als verdediging tegen Liefde in.
Maar het is een liefdevol hard werken als we dit olv de altijd nog aanwezige Herinnering aan wat we werkelijk zijn: ‘Liefde’ doen.
Een hard werken, precies op maat gemaakt, nooit te veel, nooit te weinig, precies goed helemaal gebaseerd op ons eigen geloof in ons eigen nietig dwaas leventje, aan de hand van HG/J (de nog steeds aanwezige herinnering aan wat we werkelijk zijn) wat ons het benodigde vertrouwen zal geven dit aan te gaan in het vertrouwen dat de afloop alleen maar goed en liefdevol kan zijn.

 

Iedere vorm van relatie die we aangaan in deze wereld van de droom, heeft in eerste instantie als enig doel af te scheiden van God. Dus in elke relatie wordt speciale haat en speciale liefde uitgespeeld, op duizenden manieren of het nu om een speciale liefdesrelatie gaat tussen twee mensen, of een speciale haat relatie tussen twee mensen, of wat dan ook, elke vorm van strijd, dus ook als het eruit ziet als speciale liefde, heeft als doel afscheiding van wat werkelijk Liefde is; de Liefde van God.

Pas als wordt ontdekt dat speciale liefde en of speciale haat in welke vorm dan ook niet tot werkelijk blijvend onveranderlijk geluk leid, komt de vraag naar boven, of er misschien een andere weg moet zijn.

En dan krijgt de herinnering en het verlangen die nog altijd aanwezig zijn in de Zoon van God aan wat werkelijk Liefde is, weer een kans. En kunnen de symbolen voor deze herinnering: Heilige Geest en of Jezus worden ingezet. En kan de Zoon van God die dromen had van speciale liefde en haat, deze vergissing (ver)geven aan de Heilige Geest en of Jezus, zodat de herinnering weer helder wordt en de weg naar Huis, naar de Liefde van God weer zichtbaar wordt. En deze aan ‘de Hand’ van Jezus en of de Heilige Geest verder gegaan kan worden.

Zo worden alle relaties die we hebben in de droom omgezet van speciaal naar Heilig met als enig doel terugkeer naar Liefde.

In de praktijk gaat dat niet zonder slag of stoot, de weerstand van de ego-denkgeest en zijn verdediging door het inzetten van pijn en emoties zijn enorm en worden niet als makkelijk ervaren. Maar het is te doen, en uiteindelijk onvermijdelijk, zolang we maar inzien dat alles altijd met alles verbonden is, dat de Zoon niet afgescheiden kan zijn van zijn Vader, ook niet binnen een afscheidings droom van een ego-denkgeest.  En we de Heilige Geest en Jezus als de Troosters zien en de herinnering aan de Eenheid, met wiens hulp de kloof gedicht wordt die er in werkelijkheid nooit geweest is.

Op deze manier worden de symbolen van afscheiding, onze broeders, weer terug gebracht tot één Geest en dat geschenk geven we dus aan al onze broeders en aan ons zelf als we dát vergeven wat nooit heeft plaatsgevonden namelijk:  nachtmerries van afscheiding uitgespeeld in speciale haat/liefdes relaties.

 

c_v_earth_oceans

 

 

%d bloggers liken dit: