archiveren

Tagarchief: Rust

En dan de ervaring van te zijn in wat is. Wat “wat is” dan ook mag zijn, het is altijd dat wat er is, op dat moment. Of het nu een ervaring is die er uitziet als paniek, angst, onrust, haast, jaloezie, achterdocht, lol, rust, tevredenheid, haat, noem het maar op, het is altijd dat wat is. En in dat wat is kan terwijl het er in z’n geprojecteerde vorm als “iets” uitziet de ervaring zijn van volmaakte rust, terwijl op “het toneel”, “het script”, “de film” door de “acteurs” uitgespeeld wordt wat er maar uitgespeeld wordt op dat moment.

 

“Vergeving daarentegen is stil en doet in alle rust niets. Ze schendt geen enkel aspect van de werkelijkheid, en probeert die evenmin te verdraaien tot een verschijningsvorm die haar aanstaat. Ze kijkt alleen, en wacht, en oordeelt niet” (WdI.1.4:1-3).

Wat vergeef ik eigenlijk, vergeef ik wat ik denk dat er mis is gegaan in de vorm, bijvoorbeeld dat ik nu weer loop te niezen van wegen pollen in de lucht en me nu een beetje benauwd en moe voel en ik weer terug wil naar de kust, want daar was de lucht een stuk schoner en had ik nergens last van, en ik wil dat als ik dat vergeef het als bij toverslag verdwijnt en ik me weer helemaal top voel?
Uh, nee dus, dat is niet wat ware vergeving is. Ware vergeving gaat niet over veranderingen in enige vorm. Want wat ik ervaar als vorm is een droom en waarom zou ik een droom willen veranderen als ik weet dat het een droom is, en ik dus weet dat dromen symbolen zijn voor iets anders, voor een gedachte die de droom projecteert.
Een droom is een droom is een droom en wordt nooit iets anders dan een droom, wat ik er ook van probeer te maken.
De droom (deze wereld, mijn leven) is een illusie van de werkelijkheid, een vermomming van de werkelijkheid. En die vermomming noemen we ons lichaam en verder alle andere lichamen, dingen en situaties. En net als kleine kinderen geloven we dat deze vermommingen ‘echt’ zijn en spelen we voor het ‘echie’ dat we lichamen zijn, een soort ‘vadertje en moedertje’.

Ik, de denkgeest, die gelooft in haar vermomming en denkt dat ze echt een lichaam is, gelooft dat er pollen in de lucht zitten die mij, het lichaam, niet lekker laat voelen.
Ik, de denkgeest, die dit zit te schrijven, gelooft dat eigenlijk niet meer, ik, de denkgeest, zit nu in haar observerende oordeelloze denkgeest positie en neemt waar.
Neemt dit alles waar als zijnde een gedachte, niet als een waar feit in een wereld waar pollen mij het leven zuur maken en ik maar beter aan zee kan gaan wonen, want dan wordt alles beter.
Ik, de waarnemende denkgeest, neemt dit alles waar en is bereid te vergeven. En wat ga ik dan vergeven?
Ik vergeef mijzelf dat ik denk en geloof dat iets buiten mij, pollen dus, mij ziek laten voelen en dat ik denk en geloof dat ik ergens anders naartoe moet om me beter te voelen.

Ik vergeef dus de gedachte, en mijn geloof in die gedachte want niet wat ik opgezet heb en geprojecteerd en als ‘echt’ zie (het verhaal van de pollen en de allergie) is de oorzaak, en moet vergeven worden, maar de gedachte die iets ‘waar’ probeert te maken wat niet ‘waar’ kan zijn, met als doel ‘Waarheid’ te verdraaien en zodoende te verbergen is de oorzaak en kan alleen via ware vergeving werkelijk vergeven worden.

En aangezien mijn focus nu ligt op de denkgeest die dit alles denkt en gelooft, is de vorm gewoon niet belangrijk meer. Ik zie alleen nog de film waarin een lichaam Annelies last heeft van pollen. En in die film die ik nu als vergevende denkgeest waarneem, wetende dat ik die droomfiguur met allergie niet ben en me er dus niet mee identificeer, en dus ook niet meer in zonde, schuld en angst geloof en daar vervolgens vanaf probeer te komen door het buiten mijzelf probeer te projecteren, doe ik wat ik doe als acteur in de droom. Dus in mijn geval neem ik even twee pollinosan tabletjes, en schrijf al mijn gedachten die opkomen op.
Niet met als doel van de allergie af te komen, maar om alles precies zo te zien zoals het is en niet zoals ik het heb opgezet.

Wat er aan de hand is, zoals het is dus, is mijn keuze voor egodenkgeest, dus voor afscheiding, dat is wat er is. Dat wat ik vervolgens heb opgezet, een filmpje van een lichaam dat allergisch is voor pollen, is zoals ik het heb opgezet, geprojecteerd, om te verbergen dat ik alleen maar gekozen heb voor mijn ego kant van de denkgeest, met als doel afgescheiden te blijven van Waarheid, van God, van Liefde.

Ik vergeef dus niet met als doel de verschijningsvorm (welke een gedachte is) te veranderen, ik vergeef mijn geloof in zonde, schuld en angst, die zich achter de verschijningsvorm bevindt, dat is de wortel, van het schijnbare ‘kwaad’ die door ware vergeving zal verdwijnen.
De verschijningsvorm, zal daardoor een compleet andere functie krijgen, namelijk die van reminder om de achterliggende oorzaak, de gedachte en het geloof in zonde, schuld en angst aan het licht te brengen.

De prettige bijwerking van ware vergeving is dan, in mijn geval, omdat de zonde, schuld en angst eraf zijn, ik niet meer lijd onder de allergie.
Ik heb ervaren dat ik ervaar, iets voel, maar tegelijkertijd het niet meer als ‘lijden’ ervaar.
En dan zou ik nog kunnen aanvoeren dat ik er nu geen last meer van heb, omdat ik die pollinosan tabletjes heb genomen, maar dan maak ik de allergie en de oplossing, de tabletjes als vorm weer waar, en vergeet ik weer dat het allemaal uit mijn denken en mijn geloof in iets buiten mij komt en er in werkelijkheid geen ‘echt’ lichaam is dat last heeft van ‘echte’ allergie en er geen ‘echte’ tabletjes zijn. Precies zo als ik me realiseer dat een droom een droom blijft en een film een film, en een projectie een projectie kortom het zijn allemaal gedachten.
Ik ben en blijf denkgeest en ik ben zeker niet mijn projecties. Ik ben denkgeest, en dus ook een gedachte, die kan projecteren en ik, de denkgeest, kan dat doen vanuit egodenkgeest of vanuit HG denkgeest.
En als ik besluit een betere droom te projecteren, zodat mijn leven prettiger wordt, dan kies ik duidelijk voor te projecteren vanuit egodenkgeest, omdat mijn denken dan vorm gericht is, gericht op een beter leven in de vorm, in de wereld dus, en niet op genezing van de denkgeest.
Als ik besluit de denkgeest te genezen, te genezen van zijn geloof in zonde, schuld en angst dan kies ik voor projectie vanuit HG denkgeest, waarbij al mijn projecties (dus gedachten als medicatie enz.) nog als enig doel hebben vergeving van al mijn zonde, schuld en angst gedachten, ik ervaar dan de wereld compleet anders, terwijl deze er ogenschijnlijk nog precies hetzelfde uitziet en ik nog steeds bepaalde handelingen verricht, zoals het nemen van medicatie bijvoorbeeld.
Alleen de functie is totaal verandert; namelijk die van ego gedachten  naar HG gedachten, oftewel van angst (afscheiding) naar Liefde (Eenheid).

De eenvoud van de leerweg van ECIW is eenvoudig dat ik me ervan bewust leer worden dat ik verkies onder leiding te staan van mijn egokant van de denkgeest, of van mijn HG kant van de denkgeest, meer valt er niet te kiezen en of te doen, alles zal vanuit deze keuzemogelijkheid automatisch volgen, omdat het alleen de gedachten zijn die kunnen veranderen.
Nogmaals de focus zal veranderen van focus op de vorm, naar de focus op de denkgeest. Alleen de denkgeest kan genezen, niet de vorm, want er is geen vorm, projecties blijven denkgeest materiaal, blijven een gedachte, en alleen gedachten genezen of zijn ziek.
Dus zelfs al lijkt een lichaam te genezen, is het nog steeds een gedachte, een projectie en alleen een weerspiegeling van de denkgeest.
Een lichaam dat als een genezen lichaam wordt waargenomen, laat slechts de weerspiegeling zien van de keuze voor welke denkgeest is gekozen. We zien of een genezen lichaam, of we zien de weerspiegeling van een genezen denkgeest. En dat geld natuurlijk ook voor het ‘zien’ van een ziek lichaam, het is hoe dan ook een gedachte weerspiegelt door de denkgeest.

Dit is niet te begrijpen zolang nog geloofdt wordt een lichaam te zijn. Dus ook het geloof een lichaam te zijn kan door deze gedachte van te geloven een lichaam te zijn, vergeven, omgekeerd worden naar het geloof denkgeest te zijn. En ook denken en geloven denkgeest te zijn is nog niet einde verhaal, want ook dat speelt zich nog af in de wereld van de ervaring, de wereld van de droom, weliswaar niet meer met de focus en het geloof op een ‘echte’ wereld van vormen, maar nu met de focus op de denkgeest die alleen kan ‘denken’ en projecteren, wat nog steeds alleen maar een uitbreiding is van denken en dus een gedachte is.
Maar het vertoeven in deze denkgeestwereld, waarin ik mij bewust ben van de kracht van mijn denken, en me bewust ben van de keuzemogelijkheid te kiezen voor ego of voor HG, geeft mij (denkgeest) wel de sleutel tot het volledig ontwaken uit de droom, of voor het toch nog even willen blijven in de droom en nog even door willen gaan met lijden afgewisseld met best wel leuke momenten.

Uiteindelijk is de keuze te ontwaken onvermijdelijk, omdat een droom een droom is en een illusie een illusie, en een gedachte een gedachte is en nooit werkelijk is geweest, of zal worden, en dat wat we werkelijk werkelijk zijn één in God, nooit verandert of vernietigd kán worden. De keuze kan wel worden uitgesteld, zolang we daar als denkgeest zelf voor kiezen. Maar uitstel zal nooit afstel kunnen zijn.
We zijn slechts één gedachte verwijderd van ontwaken uit de droom…

(*Pollens!, voor de jonkies onder ons, is een uitroep van verbazing, geïntroduceerd in de Barend Servet show bedacht door Wim T. Schippers, zie you tube: https://www.youtube.com/watch?v=vAVOOn-Ill4 )

Rust is wat de denkgeest werkelijk wil, verborgen achter onrust, het masker van lichamen, vormen, situaties, waarachter het werkelijke verlangen verborgen wordt gehouden en lijkt vergeten.
Dit hevige verlangen naar Rust zal nooit worden uitgedoofd, ook al wordt onrust gebruikt, om Rust te verbergen, en er in onrust worden geloofd en andere lichamen als veroorzakers en gevolg van onrust worden gezien.

Ik, jij, de denkgeest wil Rust, de hele denkgeest wil Rust, Rusten in God.

Vergeef elke vorm van onrust, vergeef elke vorm van afdwingen van rust en Rust zal herinnerd worden en ‘we’ de denkgeest zal Rusten in God, werkelijk levend en Liefde uitbreidend.



De sleutel tot Vrijheid, Vrede en Rust, Liefde, kortom God ligt verborgen in iedere speciale relatie.

Iedere speciale relatie, geen een uitgezonderd.

 

Dus zowel de speciale relatie die in het teken staat van totale woede tot en met de speciale relatie die in het teken staat van totale verliefdheid en alles daar tussenin.

Beide zijn gelijk, allen zijn gelijk, hoewel de ene makkelijker te vergeven lijkt dan de ander.

Bij woede wil je immers zo ver mogelijk bij de persoon vandaan, bij verliefdheid er zo dicht mogelijk bij zijn, maar het is hetzelfde.

Het speelt zich immers af op denkgeest niveau, daar ligt de bron,de oorzaak en daar bevindt zich ook de pijn, de zoete pijn en de pijnlijke pijn….

 

Achter die speciale bron verborgen ligt de hoofdbron en dat is de Liefde van en voor God, door de ego-denkgeest omgekeerd tot speciale liefde een zielig surrogaat voor de werkelijke Liefde van God, op z’n plaats gehouden door een krankzinnig ego denksysteem bestaande uit zonde/schuld/angst.

 

Als de denkgeest dit doorziet, zich herinnert en besluit terug te willen gaan naar God en onderkent wat de oorzaak is waardoor de liefde van God zo verminkt is geworden, dan begint de terugreis naar God, door alle speciale gedachtes te vergeven, één voor één.

Onversaagd, moedig en vol vertrouwen dat het miezerige surrogaat al lijkt het nog zo aantrekkelijk, (aantrekkingskracht, verleiding is de verdediging van de ego-denkgeest, tegen dat wat werkelijk trekt: de Liefde van God) dwars door alle verleiding heen, ingeruild gaat worden voor de Alles Omvattende Liefde voor en van God.

 

Als alle weerstand tegen de Liefde van God vergeven is, via de Brug; HG/J, is de denkgeest weer Thuis in de Geest en is er de vreugde van de herkenning van de Ware Liefde, en alle speciale relaties worden daarin meegenomen, allemaal, die van de woede en die van de verliefdheid en alles wat daar tussen zit, kortom de afscheiding is opgeheven. De Heilige Relatie met God is hersteld en omvat alles en kan niet anders dan zich uitbreiden over het hele Zoonschap.

 

Deze gedachtes kwamen in volle glorie tot mij, na een heftige droom van speciaalheid, en het nu definitief herkennen van de waanzin ervan en het definitieve besluit geen genoegen meer te nemen met surrogaat, maar alleen voor wat er werkelijk en alleen IS de Liefde van God.

 

Ik herkende het doel van de droom meteen en heb het samen met Jezus besproken en doorgenomen, heel eerlijk en totaal open niets achterhoudend.

Gaan voor Groot, voor het Hoogste, voor het Erfgoed van de Zoon van God dat is volstrekt Natuurlijk.

En dat is de enige bedoeling het enige Doel van elke speciale relatie wat door elke relatie heen bereikt kan worden, er is geen ander manier en geen ander doel.

En bestaan daarom alleen kansen, geen missers.

 

Verliefd op God, Verliefd op de Zoon, de Geest, Verliefd op het totaal, het Zelf….

 

 

zee

 

 

%d bloggers liken dit: