archiveren

Tagarchief: proces

Wie/wat zou ik zijn zonder gedachtes van zonde, schuld en angst?
Een onschuldig mens, of een onschuldige denkgeest?
Dat is het grote verschil tussen ECIW en andere paden.

De een is niet beter of slechter dan de andere, maar wel essentieel anders.

De meeste spirituele paden streven er toch naar een gelukkig of beter mens te worden, door ook gedachten verandering, maar dan wel gedachten verandering die vorm gericht is en uit de vorm (het lichaam) moet komen.
Daardoor wordt het ‘probleem’ alleen gezien in de vorm, en deze wordt als de oorzaak gezien van het probleem en wordt rechtstreeks gerelateerd aan de gedachte die het probleem veroorzaakt zou hebben. Dus probleem gedachten lokaliseren leidt tot oplossing van het probleem in enige vorm. Dat is hoe bijvoorbeeld The Secret werkt en nog een heleboel andere zgn spirituele paden.
Wordt de baas over je eigen leven en alles wat je maar wenst kan je laten uitkomen door het echt te willen en te visualiseren en er dan helemaal voor te gaan.

ECIW kijkt verder en wel naar de gedachte die niet vormgericht is, maar puur als functie heeft af te scheiden van Eenheid. Bewustwording van de keuze voor afscheiding die we maken iedere keer als we onze vorm wensen willen waarmaken. De vorm is nu niet het doel, maar een reminder voor dat er door denkgeest gekozen wordt om af te scheiden van Eenheid, van Liefde, van God.
ECIW laat zien dat er alleen denkgeest is die tot ervaren leidt, niet een wereld die ervaring veroorzaakt.
ECIW brengt terug in het bewustzijn dat de wereld wordt gemaakt om maar uit de herinnering te blijven dat er alleen denkgeest is die dit alleen kan projecteren en mij een illusie wereld laat zien als afleiding voor dat er alleen ervarende denkgeest is.

Een ieder gaat zover hij gaan kan in dit proces van bewustwording, met andere woorden, men kan zover gaan als waar de denkgeest aan toe. En volgens ECIW is de ‘men’ niet een lichaam dat kan vorderen in iets, maar de denkgeest.
Volgens ECIW is er geen wereld, dus ook geen lichaam, maar wel, ten minste zolang er ‘ervaren’ wordt ervaren, denkgeest. Denkgeest welke zich bewust is van dat er geen wereld kan zijn, dus dat wat ervaren wordt wel een projectie van de denkgeest moet zijn.
Een projectie, denkgeest materiaal dus, geen los van de denkgeest bestaande wereld die z’n eigen gang gaat.

En dan wordt zo’n vraag niet meer als ‘wie/wat zou ik zijn zonder de problemen die mijn lichaam ervaart, met als doel een gelukkiger lichaam met een gelukkiger leven in een betere wereld, maar wie/wat zou ik, denkgeest, zijn zonder gedachten van zonde, schuld en angst, zonder denkgeest… (*slik*)
En voordat die vraag zonder angst onder ogen kan worden gezien moeten eerst alle blokkerende gedachten van zonde, schuld en angst in het bewustzijn aan het licht worden gebracht en worden vergeven. Waarbij stap voor stap wordt geleerd dat er in Werkelijkheid niets gebeurt is en niet zoiets bestaat als een zondige wereld vol schuld en angst, maar alleen denkgeest die zich vergist heeft en nu bereid is zich weer te herinneren dat het een vergissing is en er alleen maar ‘Eén in Geest’ kan zijn.

En dit proces gaat stap voor stap, in een tempo waar de denkgeest op dat moment aan toe is. Hier is geen planning, hard werken, doelgerichtheid, verandering van vorm voor nodig, want ik als verblinde denkgeest is niet in staat dit proces te overzien, enkel Vertrouwen in het proces is nodig, Vertrouwen in de Herinnering dat alleen Eenheid mogelijk is en het herinneren van de Herinnering onvermijdelijk is.

Ondertussen is elke ervaring, welke deze ook mag zijn in deze schijnbare wereld, behulpzaam, behulpzaam in het onmogelijke proces van afscheiding of in het enige mogelijke onvermijdelijke proces van terug herinneren in Eenheid, Liefde, God.

“In de eeuwigheid, waar alles één is, sloop een nietig dwaas idee binnen waarom de Zoon van God vergat te lachen” (T27.VIII.6:2)

Ik heb een nietig dwaas idee over mijzelf, dat ik een lichaam ben, afgescheiden van andere lichamen en moet knokken voor mij bestaan, blootsta aan allerlei gevaren, en aanvallen, zoals ziekte, rampen, oorlog, armoe, schaarste. Ik alleen mezelf kan beschermen door middel van wapens, geld, kleding, voedsel, behuizing. Ik mezelf moet verdedigen tegen aanvallen van anderen, omdat niemand te vertrouwen is. Dat ik denk speciale anderen nodig te hebben die mij liefde geven als ik hun liefde geef onder bepaalde voorwaarden die strikt nageleefd dienen te worden. Dat ik mezelf alleen kan uitbreiden door kinderen te maken of andere dingen die iets in de vorm van mij doorgeven. En tenslotte denk ik dat ik dood ga een onvermijdelijk einde.

En zolang ik dit denk en geloof over mijzelf, het heel serieus neem en voor waar aanneem zal dat nooit veranderen, want er is niets en niemand buiten mij die dat kan veranderen. Pas als doordringt in de denkgeest van de dromer dat er een andere manier moet zijn, een vage herinnering, kan er iets gaan veranderen. Pas als het nietig dwaas idee als een nietig dwaas idee gezien wordt kan de droom terugkeren naar de dromer en kan het proces van ontwaken beginnen.

Een proces van ontleren, alles afleren waarvan ik dacht dat het waar was (zie eerste alinea). Een proces dat zich afspeelt in de geest, want dat leer ik te zien, dat ik niet een lichaam ben maar geest. Ik leer dat ik alles heb bedacht, dat de bron in de denkgeest ligt en niet in de geprojecteerde vorm, het resultaat. Ik leer dat ik niet het slachtoffer ben van een wereld buiten mij. Ik leer dat ik die wereld zelf heb gemaakt als verdediging tegen wat ik werkelijk ben; Geest en Een in God. En ik leer dat te vergeven. De terugkeer naar God, waar ik nooit ben weggeweest in werkelijkheid, het is slechts een droom, een nietig dwaas idee, gaat via de weg van vergeving, ik vergeef stap voor stap alle waanideeen over mijzelf en geef ze aan God waar ze oplossen in het Licht, omdat ze nooit waar zijn geweest.

Dit proces van ontleren, vergeven wordt onvermijdelijk als pijnlijk en als emotioneel ervaren, daar het ego (het ikje dat gelooft in het nietig dwaas idee) pijn en emoties als verdedigingswapens gebruikt. Ego pijn, en ego emoties zijn het voedsel de brandstof waarop het ego leeft. Daarom kan dit proces niet gedaan worden door het ego, mijn identificatie met het lichaam, maar wel door geest, door Heilige Geest, dat deel van de denkgeest dat zich herinnert dat het niet een lichaam is maar geest. Deze Heilige Geest ook symbolisch gezien als Jezus gebruikt de symbolen van mijn miscreaties als egodenkgeest als leermateriaal. Mits ik ze aan hem geef voor dat doel. Als ik dat doe leidt hij mij terug naar Huis door en gebruikmakend van de tijd terug naar het beginpunt waar geen vragen meer zijn en de vraag en het antwoord samenvallen. De emotie die dan gevoeld wordt is er een van totaal blijvend geluk en vrede, ongeacht wat zich op het ‘filmdoek’ afspeelt. Niet te verwarren met ongevoeligheid en ontkenning, want dat is de ego versie van ‘het niet serieus nemen’. Het ‘niet serieus nemen van de Heilige Geest kant van de denkgeest is het gevolg van het terugnemen van het geloof in zonde, schuld en angst. En het Vertrouwen dat als het geloof in zonde, schuld en angst verdwenen is, dát zal overblijven wat werkelijk behulpzaam is.

Een van de lastigste dingen die men tegenkomt als men de Cursus werkelijk serieus doet, is te erkennen dat elke gedachte die ik heb uit mijn eigen denken komt, uit mijn denkgeest, omdat ik louter denkgeest ben en niet een lichaam met hersenen die denken. Ik denk wat ik op enig moment denk en die gedachte wordt geboren in mijn denken. En dat denken zie ik terug als iets buiten mij, dat denken wordt geprojecteerd. Denk te zien dus, want wat ik buiten mij denk te zien is een projectie die reflecteert wat ik denk. Dus wat ik buiten mij denk te zien is een weerspiegeling en kan nooit de oorzaak zijn van wat ik denk. De oorzaak ligt in mijn eigen denken, en omdat er maar één denkgeest is, gaan die gedachten altijd over ‘mij’. In deze wereld bestaande uit schijnbaar persoonlijke projecties, kan ik alleen maar vanuit een zgn. ‘eigen’ focus ‘zien’ en ‘ervaren’.

Dus als ik denk en waarneem dat een ander mij onheus bejegend, aanvalt, onrecht aandoet dan is het enige wat aanvalt mijn eigen gedachten over mijzelf, welke ik weerspiegeld zie in iets buiten mij.
Dit is lastig, maar ook ‘lastig’ is een gedachte die geboren wordt in mijn denken. Ik heb dus vooral last van mijn eigen ‘lastig’ gedachte. En ervaar ik ‘lastig’ niet om de reden die ik denk. Er is niets ‘lastig’ buiten mij, er is een gedachte die ik als ‘lastig’ ervaar en losgekoppeld van de bijbehorende projectie, geen andere functie heeft dan mij (denkgeest) in de afscheiding, in on-werkelijkheid te houden.
Het gevoel van ‘lastig’ is dus wederom een van de verdedigingen van mijn keuze voor ego denken.
Dit wordt ervaren als een zeer krachtige reflex die door angst stevig op z’n plaats wordt gehouden. Want waar zou ik zijn zonder mijn angst + projecties?
Er is veel oefening en veel bereidwilligheid voor nodig mezelf te stoppen van de reflex alles en iedereen buiten mij te zien en alles en iedereen buiten mij als de oorzaak, de schuldige te zien van alles wat mij lijkt te overkomen.

Maar het is mogelijk, elke keer als ik me beledigd voel, genegeerd, afgewezen, boos, jaloers, gewantrouwd stop ik mijzelf en zeg, dit komt uit mijn denken en nergens anders vandaan. Ik ben degene die dit denkt op dit moment, ik kan beslissen hiermee door te gaan of dit te stoppen en er anders naar te kijken. Dat wat ik buiten mij zie is niet de oorzaak, maar slechts een reflectie van wat ik denk. Dan neem ik de gedachte + projectie terug in mijn denkgeest en beslis dan de gedachte + projectie aan de HG/J kant van mijn denkgeest te geven, terug te geven aan Liefde dus, in plaats van aan de ego kant van mijn denkgeest, aan angst dus, en Vergeef.
Verder doe ik niets en blijf rustig en stil op mijn waarnemende denkgeest post zitten. En laat elke nog voorbijkomende tegenstribbelende gedachte meteen afvloeien naar de HG/J kant van mijn denkgeest.

En mijn ervaring is altijd, dat de rust dan wederkeert in mijn denken en ik dan altijd plotseling heel anders tegen een zgn ‘situatie’ aan kijk en vanuit vrede precies weet wat te zeggen en of te doen. Dit proces gaat steeds sneller, omdat mijn bereidwilligheid nu zo groot is dat ik geen andere keuze meer wil maken dan voor HG/J denken (Liefde) in plaats van voor ego denken (angst).

Dit vereist veel oefening, elke seconde, bij elke gedachte, dag in dag uit, jaar in jaar uit, zolang als het nodig is.
En elke gedachte + projectie is mijn leermateriaal, mijn oefenmateriaal en mijn enige ‘werkelijke’ functie zolang ik ‘ervaar’ is nu Vergeving geworden. Dat is mijn Speciale Functie zolang ik mijzelf hier in een wereld ervaar, een wereld van louter gedachten en projecties, want ‘Er is geen wereld…”:

“Er is geen wereld! Dit is de kerngedachte die de cursus probeert te onderwijzen. Niet ieder is bereid dit te aanvaarden en ieder moet zo ver gaan als hij zich kan laten leiden langs de weg die hem naar de waarheid voert. Hij zal terugkeren en weer verder gaan, of misschien een tijdje ervoor terugwijken en terugkeren eens weer” (WdI.132.6:2-5).

De boodschap en de leerweg van ECIW is Eenduidig: er is geen wereld, ik ben niet een lichaam, maar denkgeest, dus wat ik denk te zien is niet wat het lijkt en er is een andere manier om hier naar te kijken.
Dit is een eenduidige regel die als basis geldt voor het doen van ECIW.
Vervolgens wordt het ondanks deze duidelijke eenduidige leerweg een individuele, persoonlijke leergang.
Met andere woorden ECIW ontmoet ons daar waar we denken te zijn. Een op maat gemaakt persoonlijk leerplan.
Ook al weet ik zelf niet waar op het pad dat precies is, ik zal de lessen alleen kunnen ontvangen en begrijpen op het denkgeest niveau waar ik me bevind.
Vandaar dat al lezen we de Cursus 1000x we steeds weer iets volkomen nieuws, wat we eerder niet zagen, tegenkomen. We begrijpen, en alleen dát komt binnen wat we kunnen aanvaarden, wat we nog niet kunnen aanvaarden zien we eenvoudigweg niet. En naarmate we stijgen op de ladder van het terug herinneren zullen we ook steeds meer zien en begrijpen. Een begrijpen wat zich niet afspeelt op het (illusoire) niveau van het lichaam, maar op het niveau van de denkgeest.

Dat ECIW mij precies daar ontmoet en onderwijst waar ik ‘ben’, is heel logisch, want als we uitgaan van ‘er is maar één denkgeest’, zowel op ego niveau als op Heilige Geest niveau, kan er dus niets buiten mij zijn, Dus wordt alles tegelijkertijd door de ene denkgeest ontvangen ook al lijkt het dan vervolgens op een heel persoonlijke manier te worden ontvangen en door de keuze voor egodenkgeest uit geprojecteerd.
Het beeld van één zender, die vervolgens dat ene signaal uitzend wat als verschillende programma’s door de ontvanger wordt ontvangen.

Wij (denkgeest) die geloven in een wereld van individuele vormen, lichamen en situaties te leven, kunnen alleen uitgaande van dat ‘begrijpen’ benaderd worden en als we dat onszelf toestaan van daaruit anders te leren kijken.
Een anders kijken wat eigenlijk een terug herinneren is van wat we met opzet, ook al blijft dat verborgen, willen vergeten, namelijk dat we onveranderlijke Geest zijn, Eén en Heel in God.

Aangezien we alleen dat kunnen begrijpen waar we op denkgeest niveau zijn, zal dat wat we willen en kunnen ontvangen en leren nooit te veel of te weinig zijn. Het zal altijd precies goed zijn, we zijn altijd dáár waar we zijn.
Ook al lijkt ons verzet tegen wat ECIW ons wil doen laten terug herinneren soms heel groot, het is toch precies dát wat het is en waar ik ben.
Het hoort bij het leerproces. ECIW noemt zichzelf niet voor niets ‘een cursus’.
Een cursus die tijd en ruimte gebruikt als leermateriaal en ons precies ontmoet waar we denken en geloven te zijn.
Dit drong echt bij mij door meteen toen ik de eerste keer in 1999 T1.II.3 las:

‘Ontzag is alleen op zijn plaats bij openbaring, want hierop is het volmaakt en met recht toepasbaar. Bij wonderen is het misplaatst, omdat een toestand van ontzag aanbidding in zich draagt en ervan uitgaat dat iemand van lagere orde voor zijn Schepper staat. Jij bent een volmaakte schepping, en hoort alleen ontzag te voelen in Tegenwoordigheid van de Schepper van volmaaktheid. Het wonder is dan ook een teken van liefde tussen gelijken. Gelijken behoren geen ontzag voor elkaar te koesteren, daar ontzag ongelijkheid veronderstelt. Daarom is het een misplaatste reactie tegenover mij. Een oudere broer verdient respect vanwege zijn grotere ervaring, en gehoorzaamheid vanwege zijn grotere wijsheid. Hem komt ook liefde toe omdat hij een broer is, en toewijding als hij is toegewijd. Slechts op grond van mijn toewijding heb ik recht op de jouwe. Er is niets aan mij wat jij niet kunt bereiken. Ik heb niets wat niet van God afkomstig is. Het huidige verschil tussen ons is dat ik niets ánders heb. Daardoor verkeer ik in een toestand die in jou alleen potentieel aanwezig is.
‘Niemand komt tot de Vader dan door mij’ betekent niet dat ik op enigerlei wijze van jou gescheiden ben of verschil, anders dan in tijd, en tijd bestaat niet werkelijk. De uitspraak heeft meer betekenis, indien beschouwd op een verticale dan op een horizontale as. Jij staat onder mij en ik sta onder God. In het proces van ‘opstijgen’ sta ik hoger, omdat zonder mij de afstand tussen God en mens voor jou te groot zou zijn om te omvatten. Ik overbrug die afstand, als een oudere broer voor jou enerzijds en anderzijds als een Zoon van God. Mijn toewijding aan mijn broeders heeft mij aan het hoofd van het Zoonschap geplaatst, dat ik completeer omdat ik erin deel.
Dit kan in tegenspraak lijken met de uitspraak ‘Ik en mijn Vader zijn één,’ maar die uitspraak is tweeledig, erkennende dat de Vader groter is.*’

Ik voelde me toen ‘persoonlijk’ aangesproken door ‘Jezus’, niet op het niveau van de vorm door een historische Jezus van de verhalen, maar op een veel dieper alomvattend eenheids niveau van herkenning, waarbij Jezus als symbool wordt gebruikt, omdat ik en wij hier in het westen bekend zijn met dit symbool, of we nu gelovig of atheïst zijn, iedereen in het westen is op de een of andere manier geconditioneerd door het christendom. En dat is waar ECIW ons ontmoet en ons van daaruit verder leidt naar het terug herinneren in wat we werkelijk zijn en waar we nooit echt uit vertrokken zijn, dan alleen schijnbaar in een onmogelijke droom.

Nadat ik die diepe ervaring, openbaring eigenlijk had van een persoonlijke band met Jezus (nogmaals als symbool, niet letterlijk, want als je ECIW letterlijk neemt dan ga je er niets van begrijpen, wat weer alleen maar duidt op de weerstand van je keuze voor de egokant van je denkgeest, die niet wil begrijpen) besloot ik me volledig onder leiding van dit symbool voor de brug terug naar het herinneren van Eenheid, te stellen en ‘zijn hand’ stevig vast te houden en nooit meer los te laten, wat er onderweg ook zou gebeuren. En vanaf toen is er nooit een moment geweest waarop ik wat ik in ECIW las en lees niet begreep, want ik stond en sta precies toe wat ik kán begrijpen op dit moment op mijn pad en wat ik nog niet begrijp zie ik niet eens, want ik vertrouw onvoorwaardelijk op de Leiding waarvoor ik koos en kies.
En dit heeft niets met intelligentie te maken, maar enkel en alleen met bereidwilligheid.
Dat wil niet zeggen dat ik geen weerstand tegen ben gekomen en kom, integendeel, weerstand is onvermijdelijk als we terug willen keren naar onze Ware Denkgeest.
Ik moet immers zien welke verdediging ik heb opgebouwd tegen wat ik Werkelijk ben. En dat kan heel zwaar zijn, maar omdat ik hoe dan ook, die ‘Hand’ blijf vasthouden kom ik altijd door de weerstand, hoe heftig ook heen.

Net als een leerplan dat we kennen in de wereld gaan we daarbij onvermijdelijk door een proces van, dat we gerust kunnen vergelijken met een afkickproces van een of andere verslaving aan iets, in dit geval onze verslaving aan het ego, verslaving aan zonde, schuld en angst. En dit zal ervaren worden als een zeer onstabiele toestand, want we laten het oude los (leren het te Vergeven) en zijn nog niet in de ‘nieuwe’ toestand aangekomen.
We worden nog heen en weer geslingerd tussen dat wat we dachten te zijn, een afzonderlijk lichaam met een brein dat denkt, en dat wat we ons weer langzaamaan aan het terug herinneren zijn, dat we geen lichaam zijn, maar denkgeest.
Dit proces wordt mooi beschreven in H4.1.A, ‘Het ontwikkelen van vertrouwen.’
lees het zelf maar even in de Cursus zelf, want het is een beetje veel om hier te kopiëren.

Kortom of ECIW voor jou werkt of niet hangt geheel af van je bereidwilligheid hem werkelijk te doen, zoals hij is bedoelt. En dat betekent dat ik mezelf wil laten onderwijzen in Vertrouwen in plaats van in vertrouwen. Het verschil tussen het Onderwijs volgen van Jezus/Heilige Geest, of toch weer het onderwijs van het ego.
We volgen altijd één van de twee, een derde mogelijkheid bestaat niet. ECIW leert ons bewust te kiezen vanuit onze post als waarnemende/keuzemakende denkgeest.

Ondertussen is het terug herinneren onvermijdelijk, omdat er niets gebeurt is en de Werkelijkheid, dat wat onveranderlijk Waar is en wat ‘wij’ dus ook Zijn nog steeds onveranderlijk is.

Het proces van het ongedaan laten maken van al mijn egogedachtes, gedachtes die zich vermomd hebben als projecties die heel echt lijken, omdat ‘vergeten’ is dat de ik, de denkgeest ze zelf heeft geprojecteerd, zal door de egodenkgeest ervaren worden als afscheid nemen van alle projecties die het als ‘waar’ heeft doen lijken.

En zo ontstaat dus heel makkelijk en onvermijdelijk, wat de Cursus noemt, niveau verwarring.
We, de denkgeest, die op dat moment zichzelf weer ziet als een lichaam, gelooft nu dat we ons lichaam en alle andere lichamen en dingen waar we zo aan gehecht zijn moeten loslaten.
Het is ook niet de bedoeling dat we ons lichaam en andere lichamen en dingen ontkennen, omdat ze toch ‘maar’ projecties zijn.

De Cursus begint altijd dáár waar wij, de denkgeest denkt te zijn. En dat is dat we denken én geloven een lichaam te zijn en dat er andere lichamen en dingen zijn, los en gescheiden van elkaar, en dat we met sommige lichamen en dingen een liefdes relatie hebben en met sommige lichamen en dingen een haat relatie.
Dat waar we denken te zijn wordt niet ontkend, of weggegooid, maar her-gebruikt.
Inclusief het onvermijdelijke gevoel van verlies en een rouwproces wat ermee gepaard gaat.
We leren naar dat waar we denken te zijn, te kijken, oordeelloos en dan te beslissen of we het zo willen laten zoals het is (de keuze voor egodenkgeest), of er anders naar te leren kijken, omdat we vermoeden en bereid zijn te ervaren dat ‘er een andere manier moet zijn’ (de keuze voor Heilige Geest denkgeest).

Niets, geen enkele gedachte met bijbehorende projectie wordt dus ontkend, weggestopt of vernietigd.

Een niet makkelijk proces, want het voelt gewoonweg ‘rot’, dat alles eerlijk onder ogen zien, het brengt heel wat gevoelens en emoties met zich mee.
Emoties die door de egodenkgeest gebruikt worden als verdedigingslinie, zodat ik, de denkgeest, veilig uit de beurt van de projecterende denkgeest blijf.
Echter deze zelfde emoties en gevoelens kunnen ook in handen van Heilige Geest denkgeest gegeven worden en dienen als reminder om er anders naar te willen kijken, door ogen van onschuld en oordeelloosheid.
Dat zijn de twee keuze die we als denkgeest (dat wat we in werkelijkheid zijn) kunnen maken, de keuze voor egodenkgeest of voor HG denkgeest)
En voor degene onder ons die allergisch zijn voor woorden als Heilige Geest en Jezus, wat ook niets anders is dan een van de vele verdediging van de egodenkgeest: de Juist-gerichte denkgeest, of de vertegenwoordiging van wat ‘Waar’ is.

We kunnen nooit iets los denken en dus doen los van deze twee keuzes.
We kunnen geen vrijaf nemen van de egodenkgeest of HG denkgeest en denken dat de wereld als vorm en alle lichamen en dingen en situaties iets is wat buiten de denkgeest bestaat.
We kunnen wel doen alsof en denken dat we vakantie kunnen nemen van de denkgeest, maar dan kan je er zeker van zijn dat je gekozen hebt voor egodenkgeest.
Want alleen de egodenkgeest kan als een briljante illusionist doen voorkomen dat er echt een wereld is bevolkt door mensen en dieren, waarmee dingen gebeuren en dingen zomaar verdwijnen, als bij toverslag.

Dus, ja, mijn ervaring is dat men als men door het proces van loslaten en anders willen leren kijken heen gaat, men door een rouwproces van afscheid nemen gaat, inclusief alle gevoelens die daarmee gepaard gaan. Maar als je dit proces consequent olv Heilige Geest (symbool van de Waarheid) aangaat, wordt je er liefdevol doorheen geleid en zal je ervaren dat waar je dacht afscheid van dacht te moeten nemen, gewoon niet waar is.
En zal uiteindelijk dat overblijven wat je werkelijk bent, en wat dat is kan je alleen weten als je het weet, tot die tijd kan je het proces alleen aan gaan als je het echt wilt en echt ‘anders’ wil gaan ‘zien’, niet met de ogen van het lichaam, maar vanuit wat je bent; denkgeest en uiteindelijk Geest.

Als de denkgeest zich herinnert, of ontwaakt is, of wat voor woorden we daar ook maar voor bedacht hebben, dan is het enige wat nog overblijft fulltime ‘Vergever’ zijn.
Want elke speciale gedachte die dan nog opkomt in de denkgeest die nog steeds hier in deze film lijkt rond te lopen en z’n rol speelt heeft dan nog maar één functie en dat is vergeving.
De fulltime Vergever, de volledig vergeven denkgeest dus, die zijn functie heeft aanvaard, (niet het lichaam), ziet alleen nog maar dat wat het de de zogenaamde ‘ander’ heeft toe bedacht niet gebeurt is en niet gebeurt kán zijn. Dat wordt dan volledig doorzien. De vergeven en daardoor de zich herinnerende, wakkere denkgeest kijkt niet meer door het filter van zonde, schuld en angst, en ziet dus dat wat een zgn. ‘ander’ hem heeft aangedaan slechts een ego rol is met als enige functie, afscheiding.
Vergeven is dan de enige overgebleven optie en tevens het grootste geschenk wat de denkgeest kan geven én tegelijkertijd ontvangen. Geven en ontvangen zijn dan hetzelfde.
Vergeving kijkt door de vormen van de film heen en ziet enkel en alleen de denkgeest die vraagt te helpen om terug te herinneren in Eenheid. Dus zowel de vrager als de gever zijn één, ze hebben het zelfde doel, en dat wordt volledig herkent.
De zich volledig herinnerende denkgeest volgt dit proces automatisch er is geen twijfel meer over zijn functie. De wereld en alles wat zich daarin af lijkt te spelen is nu volledig en alleen vergevingsmateriaal en niets anders meer.

De zich nog niet helemaal herinnerende nog lerende denkgeest zal eerst nog wat langer rond blijven dralen in de niet vergeven toestand die het waarneemt en het allemaal nog wat langer ‘waar’ maken, want het geloof in de afscheiding en dus in de wereld met lichamen voorwerpen en situaties is nog niet verdwenen, nog niet totaal vergeven. Maar dat is zoals het proces gaat, stap voor stap, bij elke vergeving zich meer herinnerend, totdat het klaar is en de dan nog wel in de droom rondlopende denkgeest als ‘vergever’,  zijn dan nog enige functie volledig kan vervullen.
De mooiste ‘baan’ die er is.

 

 

 

 

Toen ik 2 zomers geleden twee keer per dag een ezelstal uit mocht mesten had ik nooit kunnen bevroeden hoe dit symbolisch perfect aan zou sluiten bij het begrip ‘de augiasstal schoonvegen’ symbolisch voor het grote ‘schoonveeg’ proces zoals ik mijn leven op het moment zou willen omschrijven….

Afbeelding 1084

%d bloggers liken dit: