archiveren

Tagarchief: onmogelijk

… eigenlijk heeft iedereen die in een “hier” in tijd en ruimte als lichaam denkt en geloofd te zijn “Zelfmoord” gepleegd. Met nadruk op “denkt en gelooft” omdat het mechanisme van “geloven” er voor zorgt dat het ervaren in tijd en ruimte als lichaam als enige waarheid wordt gezien en daardoor (opzettelijk) totaal blind is voor dat het onmogelijk is “Zelfmoord” te plegen.
Door opzettelijk, onbewust blind te zijn voor dit vreemde, eigenlijk onmogelijke geloof ervaren we deze onmogelijke Zelfmoord niet als onmogelijk, maar projecteren de onmogelijkheid (welke onbewust moet blijven) als mogelijkheid binnen het idee van het ego-geloof, waardoor zelfmoord wel degelijk mogelijk lijkt. Sterker nog elk zogenaamd “leven” leidt binnen het ego-geloof regelrecht en onvermijdelijk tot de dood. In principe is dus elke binnen het ego-geloof onvermijdelijke “dood”, zelfmoord, of zelfdoding.
Ondertussen heeft het oorspronkelijk doel van het ego-geloof het Zelf te vermoorden, geen enkel effect op het Zelf.

Deze gedachten kwamen in mij op, toen ik een verhaal las van een moeder wiens zoon zelfmoord pleegde en waarbij dan de tranen over mijn wangen lopen. En ik wilde daar toch even naar kijken, want les 5 “Ik voel nooit onvrede [of verdriet] om de reden die ik denk” zit stevig verankerd in mijn denkgeest.
Emoties hebben tegenwoordig voor mij de betekenis en waarde van kiezen voor iets wat onmogelijk waar kan zijn, maar waar ik dan kennelijk toch voor kies het wel waar te laten lijken zijn, wat niets anders kan betekenen dan kiezen voor de ego kant van de denkgeest, oftewel kiezen voor afscheiding van het non-dualistische Zelf.

Door dit te willen zien en volledig toe te laten krijgen emoties een andere functie.
Niet meer het oorspronkelijke doel van het ego, namelijk als manier om de afscheiding toch waarheidsgehalte te laten krijgen, maar juist om terug te herinneren in het Zelf, middels ware vergeving.
Les 34 “Ik zou in plaats hiervan vrede kunnen zien”

Dit besef en het opnieuw maken van de keuze is “stil binnenwerk”. In de wereld van de droom, de geprojecteerde wereld van het ego-geloof, in die film, op dat toneel speelt zich schijnbaar een emotioneel drama af, maar tegelijkertijd, doordat het een andere functie heeft gekregen, neemt de denkgeest een andere beslissing. Daardoor verdwijnt de blokkade die tot doel heeft af te scheiden en komt de herinnering aan de oneindige ruimte welke we het Zelf kunnen noemen weer volledig terug.

Het lijden in de droom zal daardoor beslist dragelijker worden, daar het niet meer “persoonlijk” wordt genomen en geweten wordt dat niets ooit werkelijk kan sterven:

“Niets werkelijks kan bedreigd worden.
Niets onwerkelijks bestaat.

Hierin ligt de vrede van God” (In.2:2-4)

Het allerlastigst om te begrijpen en ook echt toe te staan om te ervaren hoe het werkt, is het voortdurende bombardement van zonde, schuld en angst, welke de basis van aanval en verdediging zijn van de keuze voor het egodenken tegen Liefde, Eenheid, Waarheid, God (of hoe je het ook noemen wilt) en er tegelijkertijd niet mee te identificeren als iets wat een ik lichaam mee maak en uitlok en aanstuur.
Het er niet mee identificeren, betekent niet het eraan onttrekken of het afdoen als “ach het is maar een illusie, of een droom”, dat is dissociëren, maar het juist helemaal toe te laten en het te laten zijn zoals het zich lijkt voor te doen én er tegelijkertijd naar te kijken als het ware van boven het slagveld. Dit vraagt veel oefening en vooral de bereidheid er Hulp bij te vragen vanuit de Juist gerichte-denkgeest, die we kunnen zien als de Innerlijke Leraar die wél alles kan overzien, in tegenstelling tot het ego, de innerlijke leraar die alleen fragmentarisch en vormgericht kan “zien” en alleen op aanval/verdediging tegen Liefde, Waarheid, Eenheid, God uit is.
Door naar alle gedachten te kijken die in eerste instantie komen vanuit het egodenken, herkenbaar aan hun aanvallende en of verdedigende karakter kan er ook voor gekozen worden elke gedachte te laten her-gebruiken door te kiezen voor de Juist gerichte Innerlijke Leraar (Jezus en of de Heilige Geest of een ander symbool voor oordeelloosheid) maar nu als vergevingskans en vergevingsmateriaal.
En deze vorm van vergeving Ware Vergeving genoemd in ECIW is stil en doet in alle rust niets:

“Vergeving daarentegen is stil en doet in alle rust niets. 2Ze schendt geen
enkel aspect van de werkelijkheid, en probeert die evenmin te verdraaien
tot een verschijningsvorm die haar aanstaat. 3Ze kijkt alleen, en wacht, en
oordeelt niet. 4Wie niet wil vergeven, moet wel oordelen, want hij moet
zijn onvermogen om te vergeven rechtvaardigen. 5Maar wie zichzelf vergeven
wil, moet leren de waarheid te verwelkomen precies zoals die is.

5. Doe daarom niets en laat vergeving je tonen wat jou te doen staat, via
Hem die je Gids is, je Verlosser en Beschermer, sterk in hoop en zeker van
jouw uiteindelijk succes. 2Hij heeft jou al vergeven, want dat is Zijn functie,
Hem gegeven door God. 3Nu moet jij Zijn functie delen en vergeven
wie Hij heeft verlost, wiens zondeloosheid Hij ziet, en wie Hij eert als de
Zoon van God” (WdII.1.4-5).

Laat ik even heel duidelijk zijn en vooral eerlijk (naar mijzelf) over wat ik wel kan weten en wat ik absoluut niet kan weten.
Ik denk en geloof hier in een lichaam in een wereld te zijn, het heeft geen enkele zin dat te ontkennen, ook al is het niet waar. En dat denk en geloof ik, omdat verborgen moet blijven dat het niet waar is, omdat het onmogelijk is om een ik in een lichaam in een wereld te zijn.

Dit kan ik intellectueel vatten, terwijl ik ondertussen niet weet (want met opzet en om redenen vergeten), wat er is als ik niet meer denk en geloof een lichaam te zijn in een wereld.
“ik” kan, heb dus geen enkele voorstelling, en kan dat ook niet hebben, omdat het buiten het gebied van het voorstellingsvermogen, van wat non-dualisme, Eenheid, Waarheid, God Liefde, IS is.
Elk beeld of gevoel dat ik daarbij denk te hebben als ik mezelf in “het licht” mediteer is vals, en hooguit een zwak aftreksel van wat ik om redenen met opzet vergeten wil.
Het is niet fout, maar het is niet meer dan weer een fantasie, gefantaseerd door de denkgeest die wil vergeten en heeft gekozen voor een onmogelijke droom van afscheiding.
Wat ik wel weet en ervaar is de weerstand tegen waar geen voorstelling van mogelijk is.
Ik kan dus alleen dat zien wat ik als blokkers gebruik tegen dat waar geen voorstelling van mogelijk is en dus ook buiten het idee van een “ik ben” valt.
Het heeft geen enkele zin mijzelf de hemel in te mediteren, fantaseren of visualiseren, want daarmee blijf ik alleen stevig verankerd in de onmogelijke fantasieën van de in afscheiding gelovende denkgeest. En speel daarmee juist het onmogelijke spel van afgescheidenheid keurig mee.

Nogmaals het is niet fout om dat wel te doen, maar laat ik het dan doen voor de lol, omdat ik er plezier in heb, het goed voelt, het rust geeft of om wat voor redenen dan ook, en niet om spirituele redenen om zo snel mogelijk terug te keren in waar nooit uit vertrokken is en waar geen voorstelling van te maken is.

Denkend, gelovend en ervarend kan ik alleen dat weten en ervaren wat ik denk en geloof te weten en ervaar.
En als ik dan uiteindelijk onvermijdelijk wil gaan zien dat dat wat ik denk en geloof te weten en ervaar enkel en alleen mijn wens tot afgescheiden zijn uitbeeld, kan ik me dáár op gaan focussen, door bewust te worden van die functie die het denken, geloven en ervaren in een lichaam in een wereld heeft en me dan bewust gaan afvragen of ik dat nog wel wil.
En er komt een moment van genoeg is genoeg, het keerpunt waarop de denkgeest die tot dan toe voor afgescheiden zijn heeft gekozen, tot het bewustzijn komt dat er een andere manier moet zijn.

En dan kan het onvermijdelijke terug herinneren beginnen, waarbij het tot dan toe afscheidingsmateriaal, dus alles wat ik dacht, geloofde en ervoer en dacht dat dat was wat ik was, een totaal andere functie krijgt, en nu in plaats van een blokkerende functie een sleutel functie krijgt, die mijn blokkades kan doen laten oplossen.

Kortom ik kan alleen dat gebruiken om terug te herinneren in dat wat vergeten moest worden, wat ik ken, en herken, mijn leven, mijn ervaringen en dat stuk voor stuk, stap voor stap terug (ver)geven, totdat alles vergeven is…

En dan?
Een totaal vergeven denkgeest stelt geen vragen meer, omdat er geen vragen meer zijn.

Vergeving is mijn enige functie, en dat blijft het totdat het geen functie meer heeft.

Niets gebeurt zonder reden, maar nooit om de reden die ik denk.
Dat wat verborgen moet worden gehouden, namelijk dat Eenheid onmogelijk echt twee kan worden en dat wat lijkt te gebeuren daarom onmogelijk is en slechts een waanvoorstelling is, mag onder geen beding terug komen in het bewustzijn.

En zo wordt het onderbewuste bedacht, waar het geloof in zonde, schuld en angst er voor zorgen dat het onmogelijke daar veilig blijft opgesloten. En waaruit het zelfde geloof in zonde, schuld en angst geprojecteerd wordt weg van zijn nu onderbewuste bron via een wederom zelf bedachte uitweg, waar zonde, schuld en angst nu als projectie, als beeld, als script, als bron worden gezien en als waarheid.

Elke keer dat ik onvrede voel hoe groot of klein ook (vooral de kleintjes vergen veel oefenen in eerlijk kijken, maar zijn net zo belangrijk als de hele grote), realiseer ik me dat ik nooit in onvrede, of schijnbaar in vrede ben om de reden die ik denk.
Het lijkt alsof de onvrede of vrede komt door wat er buiten het “mij” lichaam gebeurt, maar dat is nóóit het geval. Er is immers alleen denkgeest (mind).

Zodra ik uiteindelijk en onvermijdelijk bereid ben er ánders naar te leren kijken, zoals hierboven beschreven, kan het grote Herinneren beginnen.
En ook van hoe dat Herinneren in z’n werk gaat weet ik niets. Al terugkerend leer ik al lerend en vergevend dwars door alle ervaringen heen wat de verborgen reden is achter elke ervaring en dat is altijd de wens tot afscheiding, hoe het er ook uit mag zien, en mag ik leren dat er een keuze is om voor de onware reden of de ware reden te kiezen, door de onware redenen stap voor stap te vergeven en de ware reden, namelijk de onvermijdelijk wens terug te herinneren in Eén, God, Liefde stap voor stap toe te laten.

Bewustzijn is de eerste stap die leidde en leidt tot afscheiding.
Vanuit het Niets dat Alles Is, ook wel Werkelijkheid, Waarheid, Eenheid, God, Liefde genoemd, allemaal woorden welke slechts symbolen zijn van wat perfect Eén en dus onnoembaar is, leek iets te ontstaan wat zich bewust leek te kunnen zijn van iets anders dan Eén.
Eén valt buiten het bewustzijn, omdat bewustzijn twee is, dus gescheiden.
Dat wat bewust is, is afgescheiden van Eén.
Dat wat bewust is en afgescheiden van Eén, is zich hier niet van bewust en denkt en geloofd dat het dit is wat het nu is; bewust levend in een lichaam in een wereld los van andere lichamen, dingen en situaties.
Bewustzijn wordt nu gezien als; ik ben mij bewust van mijzelf en wat ik doe en wat anderen doen, en van wat ik om me heen zie.
De herinnering aan en wat Eenheid, Waarheid, Werkelijkheid, God, Liefde vertegenwoordigt is diep weggestopt, en vergeten in het zogenaamde onbewuste.

Wij die zich bewust zijn van zijnde mensen, dingen en situaties in een wereld ervaren dit alles, omdat de keuze werd gemaakt om iets anders te zijn dan Eén, waardoor we nu afgescheiden lijken te zijn van Eén en dat ook lijken te ervaren.
Elke ervaring is dus een omkering van Eén naar twee. Elke keer breken we Eén door en maken er twee van. Dit kost enorm veel energie, pijn en lijden, omdat opsplitsing van Eén in twee onmogelijk is en vooral onnodig. Vandaar dat al onze ervaringen hoe mooi  of lelijk we ze ook denken te kunnen maken stuk voor stuk getuigen van deze onmogelijke poging van Eén twee te maken. Sterker nog in deze wereld van dualiteit wordt alleen maar opgedeeld in een oneindige reeks afsplitsingen, waardoor afscheiding als natuurlijk wordt gezien, in plaats van een onmogelijke poging om van Eén, Waarheid, Werkelijkheid, God, Liefde te maken.

Gelukkig maar dat werkelijk afsplitsen van Eén onmogelijk is en slechts een dwaas onmogelijk idee is, een bange maar onschuldige droom, vaak een nachtmerrie, waaruit de dromer van deze droom uiteindelijk onvermijdelijk zal ontwaken.

Dat wat verborgen ligt in het onbewuste, de herinnering aan Eénheid, Werkelijkheid, Waarheid, God, Liefde komt vroeg of laat, maar onvermijdelijk bovendrijven niet meer tegengehouden door het uitgeputte bewustzijn dat de kracht niet meer heeft om dat wat verborgen moest blijven nog langer tegen te houden. Dat wat vergeten moest worden en blijven komt naar boven in het bewustzijn en de dromer van de droom wordt zich “bewust” van dat deze droomt en niets is wat het leek te zijn.
Dit “nieuwe” bewustzijn vormt nu de brug, de verbinding naar het terug herinneren in wat door het afgescheiden bewustzijn (het ego) verborgen moest worden gehouden.

Dan kan de weg terug naar totale herinnering aanvangen stap voor stap, waarbij het oude bewustzijn materiaal (ego), getransformeerd wordt naar het bewustzijn dat kan waarnemen en kan kiezen tussen Eén of twee, en de verbinding vormt naar het terug herinneren in Eénheid, Werkelijkheid, Waarheid, God, Liefde.

Ik heb de sterke neiging om alle ‘alles overhoop gooiende’ gedachtes die ik heb op te schrijven. Noem het inzichten, openbaringen, het doorzien van overtuigingen, helderheid, wat dan ook en hoe dan ook, ik schrijf ze op.
Nu was er ook de sterke gedachte dat leraarschap in de zin van anderen iets leren waardoor ze beter worden, helderder worden, slimmer worden, wakker worden gewoon niet werkelijk bestaat en ook niet werkelijk kan bestaan.
Het lijkt natuurlijk wel zo in de wereld van de droom, daar wordt het wel als zodanig ervaren. Maar wat is een droom ervaring anders dan een droom en op z’n best een symbool voor iets wat het juist probeert te verbergen.

Bijvoorbeeld, ik ben bij die en die leraar geweest en ik weet het nu, deze leraar (of dit pad) ga ik volgen want daardoor zal ik ontwaken uit de droom.
Het lijkt zo te gaan, maar zo gaat het niet.
Een leraar de hemel in prijzen of een leraar vervloeken is precies hetzelfde, gewoon weer de verschillende zijde van de egomedaille.
Zolang ik mijn staat van zijn (eigenlijk denken en dan niet het denken van het brein) laat afhangen van de gedachten en overtuigingen van een ander en me daar afhankelijk van maak, en denk en geloof dat door het volgen van een bepaalde leraar of een boek/pad ik zal ontwaken, ben ik nog steeds aan het ego projecteren en wil ik eigenlijk precies het tegenovergestelde van wat het lijkt te zijn.
Als ik een bepaalde leraar of een pad volg en me daar afhankelijk van maak of me er tegen afzet, (beide hetzelfde) op wat voor manier dan ook, zeg ik eigenlijk (onbewust), nee ik wil helemaal niet ontwaken uit de droom, maar ik doe net of ik dat wel wil. Daarmee het idee van een droom echt makend als iets waaruit ontwaakt dient te worden.

Ontwaken is niet iets wat men (het lichaam) doet, ontwaken is ook niet iets wat de denkgeest ‘doet’, want er bestaat geen droom, illusie toestand, daarom heet het ook zo (haha), het is en blijft alleen maar een droom, illusie toestand. Dus waarom zou ik er iets anders van willen maken, als het toch al niets is?
Ik wil er iets anders van maken omdat het dan wel echt leek en ik het nu kan veranderen. Het enige wat ik dan doe is de droom, de illusie veranderen in misschien een iets betere droom, illusie. En het houdt nog steeds het ‘ik’ geloof in stand.

Bovendien wat is dan de ‘ik’ die dit ‘doet’, duidelijk niet het lichaam, maar de denkgeest die zich heeft vermomd in een droom over een lichaam dat vervolgens weer kan dromen dat het géén lichaam is…
Hoe dan ook gaat het hier over controle en angst voor machtsverlies, en dat allemaal om te verbergen middels vermomming dat de droom niet echt kan zijn, door deze wel echt te doen laten lijken en alleen te geloven in lichamen in een wereld, of een van de vele variaties hierop te geloven in lichamen die eigenlijk geen lichamen zijn maar denkgeest, maar dan wel denkgeest die net zo werkt als het lichaam. Dus nog steeds een persoonlijke denkgeest die door leraren en paden te volgen wakker kan worden uit de droom.
Het lijkt heel spiritueel, maar is precies hetzelfde als alle andere ego trucjes.

Het is eigenlijk heel simpel, ‘ik’ hoef niets te doen, de toestand waarin ‘mijn’ denkgeest zich bevindt zal automatisch daardoor dat tegenkomen wat het zelf projecteert. Alles wat ik ervaar geeft aan waar de denkgeest zich bevindt, namelijk in dat wat en hoe het ervaart. Ervaar ik dat ik een bepaalde leraar moet volgen of een bepaald pad/boek waardoor ik denk en geloof te zullen ontwaken, dan is dat waar de denkgeest zich bevindt. Het heeft verder geen functie dan dit op te merken en te doorzien. Ga ik hier over oordelen, dan kies ik gewoon weer voor de grote ego truc, en gaat het niet over oordelen over mijzelf of anderen, maar volg ik een cursus in ‘hoe blijf ik in de afscheiding’.

Dus ook de gedachte dat mijn opgeschreven gedachten anderen dichterbij ontwaken zullen brengen is ook een droom, een illusie. Ontwaken ´gebeurt´ niet, want er is was ook geen ‘in slaap vallen’.

Nee, een leraar, een methode, een pad, een boek als vorm, maar ook als projectie, kan mij niet helpen te ontwaken, het laat alleen zien, waar de denkgeest is in het toestaan van het herinneren van dat er helemaal geen spraken is van slapen/dromen en ontwaken.
Dat maakt alles wat op mijn pad komt zowel zinloos als zinvol.
Er is niets wat mij als denkgeest kan doen laten ontwaken, want er was ook nooit echt een besluit te gaan slapen. En wat voor leraar, pad/boek ik ook denk en geloof te volgen of juist helemaal niet, het verandert niets aan het volledig abstracte, het ‘niets’ dat waar we woorden voor hebben bedacht zoals, Eenheid, Waarheid, God, Liefde, maar ook abstract en niets.
Spiritueel denken en geloven te zijn of 100% atheist, of humanist of wat voor woorden we daar ook voor hebben bedacht maakt niets uit.

Dus ik (en alle andere ikjes), ervaar wat ik ervaar of dat nu een leraar, pad volgen is, of niet, of wat dan ook, dat maakt voor het totale abstracte niets uit, het wordt er niet minder of meer abstract van. Terugkeer in het abstracte is onvermijdelijk, omdat er nooit uit is weggegaan. Dus het idee van een pad te moeten volgen om het onvermijdelijke te doen laten gebeuren of bespoedigen is onzin.
Dat betekent dat het niets uit maakt wat we in het onmogelijke, binnen dat wat niet kán bestaan, bedenken en doen om eruit te geraken, integendeel het zal daardoor juist het onmogelijke het niet bestaande proberen waar te maken. Volop mee gaan in de stroom van ervaringen, welke dat ook mogen zijn, spiritueel of niet spiritueel, of wat dan ook, de stroom die ik mijn leven noem, dat is wat er overblijft. De denkgeest kan niets anders doen dan dat waar deze is en aan toe is…

Thats it…

 

De denkgeest die even de onmogelijke gedachte leek te denken dat er buiten Eenheid misschien toch nog ‘iets’ is. Wat meteen duidelijk maakt dat het ook onmogelijk is dat er een denkgeest is die dit kan denken, laat staan waarmaken. Wat vervolgens ook weer bewijst dat wat een ik (de denkgeest) lijkt te denken, geloven, projecteren ook onmogelijk is.
Hoe illusionair wil ik het verder nog hebben?

Dus wat dit zit te denken en te schrijven is een onmogelijke gedachte welke een onmogelijke projectie projecteert.
Hier kan de denkgeest die in deze waanzinnige opstelling gelooft en sterker nog denkt en gelooft dit te zijn, absoluut niet bij.
‘Ik’ ben/is onmogelijk.
Dat wat nu denkt… huh???, maar als ik in m’n arm knijp voel/ervaar ik echt wel ‘au’ is niets meer of minder dan een verdedigingsgedachte en heeft niets met ‘au’ te maken.
Binnen de (on)mogelijkheid tot begrijpen binnen dit (onmogelijke) gedachte concept kan dit min of meer duidelijk gemaakt worden door ‘mijzelf’ als de dromer van de droom te zien, als de denkgeest die droomt méér te kunnen zijn dan Eén.
Ook dat past niet binnen Eén, dus kan ook niet ‘Waar’ zijn, maar wel worden gedroomd, kennelijk.
Dat lijkt zo, maar is nog steeds niet waar, want het valt buiten Eén, wat precies ook de bedoeling is.
Wat dit dus allemaal zit te denken en te typen is niets anders dan de Herinnering aan Eén zijn, daar Eén nooit kan verdwijnen, zelfs niet als dat ‘gedroomd’ wordt.
En die Herinnering is nu precies de enige manier om terug te herinneren in Eén.
En als ik, de zich herinnerende denkgeest, deze sleutel gedachte toelaat zullen alle gedachten/projecties (niet losstaande vormen, maar projecties!) in dienst gaan staan van dat stukje zich terug herinnerende denkgeest.
Zo kan het zgn Hulp vragen en het onder leiding stellen van Heilige Geest en of Jezus in plaats van onder leiding van ego, zoals dat in de Cursus wordt beschreven misschien beter begrepen worden als de bereidheid van het los willen laten van een ‘persoonlijke’ (dus afgescheiden) identificatie als een lichaam dat Annelies wordt genoemd = een ego idee, naar tijdelijk als overbrugging het aannemen van de identificatie met HG/J of een ander symbool wat staat voor oordeelloze Liefde, totdat volledig Herinneren klaar is.
Dat is wat ECIW met kijken Met Jezus en of de Heilige Geest wordt bedoelt het is het Herinnerings-antwoord op kijken met het lichaam Annelies=ego.

Binnen het onmogelijke dat nooit gebeurt kan zijn is deze brug van herinneren, die er altijd is, juist omdat Eén onmogelijk kan verdwijnen, de enige mogelijkheid, die ‘ik’ die zich wil herinneren, heeft om terug te herinneren in Eén.
Een onvermijdelijke brug-herinnering die onvermijdelijk herinnerd zal worden, want nogmaals als er alleen Eén is, is iets anders dan Eén onmogelijk, hoe groot de weerstand ook mag zijn dit te willen herinneren.

En dit alles kan niet afgedwongen, maar ook niet volledig worden ontkend, want dat laat alleen zien dat de denkgeest er nog niet aan toe is dit onder ogen te zien. Maar een klein beetje bereidwilligheid en er een beetje aan toe zijn, zet het mechanisme van terug herinneren in beweging en dan rest er alleen Vertrouwen in het hele proces, meer valt er niet te doen aan het onvermijdelijke terug herinneren in Eén.

%d bloggers liken dit: