archiveren

Tagarchief: leerplan

“Het doel van het leerplan is, ongeacht de leraar die je kiest: ‘Ken uzelf.’
Iets anders valt er niet te zoeken. Ieder is op zoek naar zichzelf en naar
de kracht en de heerlijkheid die hij meent te hebben verloren. Telkens
wanneer jij met iemand samen bent, heb je een nieuwe gelegenheid om ze
te vinden. Jouw kracht en heerlijkheid zijn in hem, omdat ze de jouwe zijn.
Het ego probeert ze uitsluitend in jou te vinden, omdat het niet weet
waar het zoeken moet. De Heilige Geest leert jou dat als je alleen naar jezelf
kijkt, jij jezelf niet kunt vinden, want dat is niet wat jij bent.
Telkens wanneer jij met een broeder samen bent leer je wat jij bent,
omdat je onderwijst  wat jij bent. Hij zal of met pijn of met vreugde reageren,
al naargelang de leraar die jij volgt. In overeenstemming met jouw beslissing
zal hij gevangen of bevrijd zijn, en jij eveneens. Vergeet nooit jouw
verantwoordelijkheid tegenover hem, want het is je verantwoordelijkheid
tegenover jouzelf.
Geef hem zíjn plaats in het Koninkrijk en jij zult de jouwe hebben

Alleen kun jij het Koninkrijk niet vinden en alleen kun jij, die het
Koninkrijk bent, jezelf niet vinden. Wil je het doel van het leerplan bereiken,
dan kun je niet naar het ego luisteren, want zijn bedoeling is het juist
zijn eigen doel te ondermijnen. Het ego weet dit niet, omdat het totaal
niets weet. Maar jij kunt het weten, en zult dat ook weten, als jij bereid
bent te kijken naar wat het ego van jou maken wil. Dit is jouw verantwoordelijkheid,
want als je er eenmaal werkelijk naar gekeken hebt, zul je de Verzoening voor jezelf aanvaarden. Welke andere keuze zou je kunnen maken? Als je deze keuze gemaakt hebt, zul je begrijpen waarom jij ooit geloofde dat wanneer je iemand anders ontmoette, je ook dacht dat hij iemand anders was. En iedere heilige ontmoeting die jij volledig aangaat zal jou leren dat dit niet zo is.

Jij kunt uitsluitend een deel van jezelf ontmoeten, omdat jij een deel van
God bent, die alles is” (T8.III.5,6,7:1).

Het lijkt hier alsof de Cursus ons aanspreekt als individuele lichamen die elkaar ontmoeten en daarin een Heilige Relatie kunnen ontwikkelen.
Niets is minder waar. ECIW spreekt ons nooit aan als individuele of collectieve lichamen.
ECIW spreekt ons altijd aan op het niveau van de bron en dat is altijd de denkgeest/mind.
De lichamen die wij denken en geloven te zien en waarvan we zijn gaan geloven dat het dat is wat we zijn, zijn slechts projecties van de denkgeest die voor afscheiding van de denkgeest kiest, waardoor er van de denkgeest afgescheiden lichamen lijken te zijn.
Slechts het geloof hierin, lijkt deze waanvoorstelling waar te maken.
ECIW is er op gericht ons terug te laten herinneren denkgeest/mind te zijn, zodat we kunnen gaan zien dat we ons als denkgeest hebben vergist, en dat wat we denken en geloven te zien ook een vergissing is.

ECIW ontmoet ons waar we denken en geloven te zijn, dus denkend en gelovend een lichaam te zijn. Onvermijdelijk dat de nog volop in lichamen gelovende denkgeest, die daardoor geen feeling meer heeft met de bron de denkgeest en zeker weet dat alles wat hij denkt en gelooft uit het brein/lichaam komt, in de valkuil loopt en de metafysica van de Cursus, dat er geen wereld is en dus ook geen lichamen, maar alleen denkgeest die projecteert, gewoon (expres, uit (ego) zelfbescherming) “vergeet”.
En zo wordt de taal van de Cursus die in ECIW als symbool bedoelt is, weer gewoon letterlijk genomen en is de egodenkgeest vooralsnog “veilig” en verandert er niets in de denkgeest, de enige “plek” waar verandering mogelijk is.
En wordt ECIW gebruikt om de wereld te verbeteren en een aangenamer leven te krijgen.

(Daar is trouwens op zich niets mis mee, maar geloof en beweer dan niet dat je ECIW doet, en probeer dan niet ECIW toch in dat hokje te wurmen.)

Als daarom bovenstaande tekst letterlijk wordt genomen lijkt er te staan dat als twee lichamen elkaar ontmoeten er tussen die lichamen een Heilige Relatie kan ontstaan.
“Ken uzelf” gaat over het kennen van “mijn” gedachten als denkgeest, niet als lichaam.
Moet daarom het lichaam ontkent worden, of genegeerd? Nee, natuurlijk niet het is slechts een uitnodiging er “anders” naar te leren kijken en het “anders” te laten her-gebruiken, omdat nogmaals, ECIW de taal gebruikt die wij ogenschijnlijk als lichaam, maar ondertussen als denkgeest/mind, daar waar we nu denken en geloven te zijn, kunnen begrijpen.

Als oefening is het een idee bovenstaande tekst eerst eens heel bewust vanuit lichaamsidentificatie te lezen, dus ik het lichaam ontmoet een ander lichaam enz. En dan nog een keer maar nu vanuit het niet persoonlijke begrensde denkgeest/mind zijn, waar ontmoetingen gedachten zijn met gedachten/ideeën.
De zogenaamde lichamen kunnen dan ook makkelijker gezien worden als projecties, welke nog steeds gedachten zijn, want ideeën verlaten nooit hun bron. En er is alleen maar denkgeest, ge- en bedacht door de denkgeest.
Daardoor zal er ook een andere ervaring van verbinding mogelijk worden, die niet meer begrenst wordt door lichamen die aanwezig moeten zijn om een ontmoeting te hebben.
Een denkgeest ontmoeting is niet afhankelijk van tijd en ruimte en ook niet van de vorm waarin en waarmee de ontmoeting plaats heeft. Menselijk, dierlijk, dingen, situaties het maakt niet meer uit, de ware ontmoeting is altijd in de denkgeest en gaat over een ontmoeting met het eigen denken die weerspiegelt wordt herkend in de zgn “ander”.

De projecties (dus de schijnbare lichamen waar we een ontmoeting mee hebben) blijven gedachtes, ideeën, maar dienen nu een compleet ander doel. Niet meer als afscheiding, dus olv het egodenken, maar als terug herinnering in waarheid, olv Heilige Geest (symbool voor denkgeest die weet in verbinding te staan met waarheid, eenheid, liefde, God.

Dus bovenstaande tekst, en dat geldt voor de hele Cursus kan olv egodenkgeest gelezen worden door alles letterlijk te nemen vanuit lichaamsgerichtheid, of olv Heilige Geest, door alles symbolisch te zien en gezien vanuit denkgeest.
Onderzoek zelf het verschil.

Deze volledige omslag in het denken, vereist natuurlijk veel oefening. De denkgeest gaat niet zomaar overstag. Intellectueel kan het heel snel begrepen worden, maar het werkelijk begrijpen gebeurt pas als de denkgeest/mind er echt aan toe is. En hoewel dat onvermijdelijk is, is het proces naar de omslag ook onvermijdelijk. En dat duurt zolang het duurt.

Als ik dan eindelijk durf toe te geven dat ik (denkgeest, niet het lichaam) voortdurend op zoek ben naar redenen om in onvrede te geraken, om maar hoe dan ook in afscheiding te blijven geloven, uit angst voor Eenheid, God, Liefde, Waarheid, dan kan ik na bekomen te zijn van de eerste verbijstering over dit idiote denksysteem, toch alleen maar uitroepen: er moet toch een andere manier zijn, want dit kan niet waar zijn!?
En het is ook niet waar.

Ik neem dan ook geen enkel gevoel van onvrede in al z’n variaties+projecties, van woede, t/m lichte irritaties en alle tinten grijs daar tussen in, meer serieus en wil ze allemaal stuk voor stuk als vergevingsmateriaal en vergevingskans zien. Niet omdat wat ik voel en ervaar zondig is of dat ik schuldig ben of me angst aanjaagt, maar omdat ik zie dat ik kan kiezen wat het doel is van wat ik voel en ervaar.
En er zijn maar twee doelen:
1. afscheiding
2. terug herinneren in Eenheid

En mijn belevingswereld, dat wat mijn leven wordt genoemd is mijn klas en ik kan kiezen het leerplan van de egokant: zonde, schuld en angst (onjuist gerichte denkgeest) van de denkgeest te volgen of de HG kant: Liefde (Juist Gerichte Denkgeest).

Meer valt er niet te weten, te snappen, te kiezen en te doen.

De belangrijkste uitspraken in ECIW zijn dan ook voor mij:

“Er is geen wereld” (WdI.132.6:2).
“Ik voel nooit onvrede om de reden die ik denk” (WdI.5).
“Ik zou in plaats hiervan vrede kunnen zien”(WdI.34).
“Ik rust in God” (WdI.109).

En het prachtige ‘gebed’:

“Ik ben hier alleen om werkelijk behulpzaam te zijn.
Ik ben hier om Hem te vertegenwoordigen die mij gezonden heeft.
Ik hoef me geen zorgen te maken om wat ik zal zeggen
of wat ik moet doen, want Hij die mij gezonden heeft zal mij leiden.
Ik ben tevreden daar te zijn waar Hij me wenst,
wetend dat Hij me vergezelt.
Ik zal genezen zijn, wanneer ik toelaat dat Hij mij
genezen leert” (T2.V.18:2-6).

Als ik onder leiding van Jezus en of Heilige Geest, wat betekent met mijn Juist gericht Denkgeest, de Cursus lees, zal ik alles begrijpen.
Althans zo zal het lijken te zijn, zo is de ervaring.
Onder leiding van mijn Juist gerichte Denkgeest zal het Leerplan zich al doende ontvouwen.
En net als elk leerplan gaat leren in fasen, het is een proces, daarom heet het ook een cursus.
Onder leiding van mijn Juist gerichte Denkgeest zal ik alles snappen wat ik op dat moment van mijn proces kán snappen. Wat ik nog niet kan snappen zal volledig aan me voorbij gaan, omdat ik het nog niet kan en nog niet hoef te snappen. Ik vertrouw op het leerplan van Jezus/Heilige Geest, omdat ik weet dat ik in mijn onjuist gerichtheid van denkgeest simpelweg het proces van het leerplan niet kan overzien.
Ik maak me dan ook geen zorgen als ik iets niet snap, want onder leiding van HG/J word ik stap voor stap geleid via het pad wat op maat voor mij gemaakt lijkt te zijn, omdat ik de waarnemende/keuzemakende denkgeest, besluit ECIW te doen en de Cursus mij ‘ontmoet’ waar ik ‘ben’.
Vandaar het verschijnsel wat iedereen die de Cursus leest en doet tegenkomt, namelijk dat ik ECIW vele malen kan lezen, maar het telkens weer een nieuw boek lijkt, waar in ik dingen lees die me eerder nooit zijn opgevallen. Dat komt doordat ik zelf door allerlei lagen van leren heen ga en ik precies dat lees waar mijn denkgeest aan toe is om te leren op dat moment. Zo leer ik nooit te veel of te weinig, maar precies dát wat ik kan leren op dit moment.

Aangezien de egokant van de denkgeest onvermijdelijk ook meeleest en studeert, zal ik ook de nodige weerstand tegenkomen, zoals eindeloos blijven hangen op zinnen die ik niet begrijp, maar wel wil begrijpen zogenaamd, tot ik van pure frustratie en woedende onmacht het boek opzij gooi en er de brui aan geef. Of denk dat het te moeilijk, te intellectueel, te dit, te dat in ieder geval iets ‘te’ is. Het enige wat ik dan doe is mijzelf onder leiding van mijn onjuist gerichte denkgeest stellen, en het heeft niets met het boek te maken, maar alleen maar met de keuze voor welke leraar ik kies.

Ik kan de Cursus, ogenschijnlijk omdat ik het ‘wil’, gaan doen, maar ondertussen tegelijkertijd het besluit hebben genomen de Cursus hoe dan ook NIET te doen. Dat komt omdat in elke gedachte ook de egokant van de denkgeest verpakt zit, naast de Juist gerichte kant en de waarnemende/keuzemakende kant.
Mij heeft het enorm geholpen dat toen ik begon met de Cursus de ervaring te hebben dat de inhoud van de Cursus mij als het ware direct in het hart trof. Dat was om precies te zijn toen ik T1.II las. Ik voelde mij ‘persoonlijk’ aangesproken en besloot op dat moment dat alles wat ik verder zou lezen ‘waar’ was, ook al zou ik het niet meteen begrijpen en ik geen idee had waar dit alles naar toe zou gaan.

Vanaf dat moment had ik nooit de ervaring dat ik iets niet snapte. En dat was zeker niet omdat ik zo ‘slim’ ben, maar gewoon omdat ik bereid was, en nog steeds ben, en ‘vertrouwen’ had/heb, in het proces en mij daarvoor helemaal open stel. Daardoor begreep ik alles wat ik op dat moment in mijn proces kon begrijpen en wat ik nog niet kon begrijpen had niet mijn aandacht. Ik was niet intellectueel gericht puur op het lezen en begrijpen van wat ik las als tekst, maar ‘hart’ gericht op het begrijpen van de inhoud. Het intellectuele werkte als het ware naadloos samen met het hart.

Met andere woorden ik kies voor de leiding van mijn Juist gerichte denkgeest, wat meteen betekent dat ik alle onjuiste gerichtheid (ego) bereid ben te vergeven. Want ik als denkgeest kan niet beide tegelijkertijd volgen, het is het een of het ander, en ook dat heb ik voorbij zien komen in mijzelf en mogen leren.

Kiezen voor de Juist gerichte leiding wil niet zeggen dat ik dan maar soepeltjes door mijn proces heen ga, oh nee, maar ik weet in ieder geval waar de weerstand vandaan komt en wat het doel is. Ik bevind mij niet in een doolhof, maar in een labyrint als het ware. Ik kan niet zien hoe de weg loopt, maar weet wel dat het doel, de uitkomst, ondanks alle schijnbare obstakels en weerstanden onderweg, onvermijdelijk is, en onvermijdelijk terug herinneren in Waarheid, Vrijheid, Vrede, Liefde, God betekent.
En ondanks de ook onvermijdelijke angst die dat ook oproept is dat wat ik (denkgeest) werkelijk wil, omdat het onvermijdelijk is, omdat het allemaal nooit gebeurt is…
Zoals ECIW dit zo mooi zegt, nog maar eens:

“In de eeuwigheid, waar alles één is, sloop een nietig dwaas idee binnen waarom de
Zoon van God vergat te lachen. Door dit te vergeten werd de gedachte
een serieus idee, in staat tot zowel verwezenlijking als werkelijke gevolgen” (T27.VIII.6:2-3).

Dus door het serieus te nemen lijkt het allemaal ‘echt’ te gebeuren.
Het is als kijken naar een film in de bioscoop of op tv en dan geloven dat het echt gebeurt en ik me volledig identificeer met de film en alles wat daarin gebeurt, inclusief met alle personages.
Zo werkt het ook met het serieus nemen van de wereld, mijzelf en anderen en alles wat daarin lijkt te gebeuren.

Het pad van ECIW leert mij dat wat ik eerst geloofde en serieus nam nu als vergevingsmateriaal en kans kan her-gebruiken.
Het niet serieus nemen is niet een ontkenning, maar een eerlijke onderkenning en een uitnodiging het voorheen door mij als ‘serieus’ geziene te vergeven, want er is in werkelijkheid niets gebeurt, het was ‘een nietig dwaas idee’, meer niet.

De boodschap en de leerweg van ECIW is Eenduidig: er is geen wereld, ik ben niet een lichaam, maar denkgeest, dus wat ik denk te zien is niet wat het lijkt en er is een andere manier om hier naar te kijken.
Dit is een eenduidige regel die als basis geldt voor het doen van ECIW.
Vervolgens wordt het ondanks deze duidelijke eenduidige leerweg een individuele, persoonlijke leergang.
Met andere woorden ECIW ontmoet ons daar waar we denken te zijn. Een op maat gemaakt persoonlijk leerplan.
Ook al weet ik zelf niet waar op het pad dat precies is, ik zal de lessen alleen kunnen ontvangen en begrijpen op het denkgeest niveau waar ik me bevind.
Vandaar dat al lezen we de Cursus 1000x we steeds weer iets volkomen nieuws, wat we eerder niet zagen, tegenkomen. We begrijpen, en alleen dát komt binnen wat we kunnen aanvaarden, wat we nog niet kunnen aanvaarden zien we eenvoudigweg niet. En naarmate we stijgen op de ladder van het terug herinneren zullen we ook steeds meer zien en begrijpen. Een begrijpen wat zich niet afspeelt op het (illusoire) niveau van het lichaam, maar op het niveau van de denkgeest.

Dat ECIW mij precies daar ontmoet en onderwijst waar ik ‘ben’, is heel logisch, want als we uitgaan van ‘er is maar één denkgeest’, zowel op ego niveau als op Heilige Geest niveau, kan er dus niets buiten mij zijn, Dus wordt alles tegelijkertijd door de ene denkgeest ontvangen ook al lijkt het dan vervolgens op een heel persoonlijke manier te worden ontvangen en door de keuze voor egodenkgeest uit geprojecteerd.
Het beeld van één zender, die vervolgens dat ene signaal uitzend wat als verschillende programma’s door de ontvanger wordt ontvangen.

Wij (denkgeest) die geloven in een wereld van individuele vormen, lichamen en situaties te leven, kunnen alleen uitgaande van dat ‘begrijpen’ benaderd worden en als we dat onszelf toestaan van daaruit anders te leren kijken.
Een anders kijken wat eigenlijk een terug herinneren is van wat we met opzet, ook al blijft dat verborgen, willen vergeten, namelijk dat we onveranderlijke Geest zijn, Eén en Heel in God.

Aangezien we alleen dat kunnen begrijpen waar we op denkgeest niveau zijn, zal dat wat we willen en kunnen ontvangen en leren nooit te veel of te weinig zijn. Het zal altijd precies goed zijn, we zijn altijd dáár waar we zijn.
Ook al lijkt ons verzet tegen wat ECIW ons wil doen laten terug herinneren soms heel groot, het is toch precies dát wat het is en waar ik ben.
Het hoort bij het leerproces. ECIW noemt zichzelf niet voor niets ‘een cursus’.
Een cursus die tijd en ruimte gebruikt als leermateriaal en ons precies ontmoet waar we denken en geloven te zijn.
Dit drong echt bij mij door meteen toen ik de eerste keer in 1999 T1.II.3 las:

‘Ontzag is alleen op zijn plaats bij openbaring, want hierop is het volmaakt en met recht toepasbaar. Bij wonderen is het misplaatst, omdat een toestand van ontzag aanbidding in zich draagt en ervan uitgaat dat iemand van lagere orde voor zijn Schepper staat. Jij bent een volmaakte schepping, en hoort alleen ontzag te voelen in Tegenwoordigheid van de Schepper van volmaaktheid. Het wonder is dan ook een teken van liefde tussen gelijken. Gelijken behoren geen ontzag voor elkaar te koesteren, daar ontzag ongelijkheid veronderstelt. Daarom is het een misplaatste reactie tegenover mij. Een oudere broer verdient respect vanwege zijn grotere ervaring, en gehoorzaamheid vanwege zijn grotere wijsheid. Hem komt ook liefde toe omdat hij een broer is, en toewijding als hij is toegewijd. Slechts op grond van mijn toewijding heb ik recht op de jouwe. Er is niets aan mij wat jij niet kunt bereiken. Ik heb niets wat niet van God afkomstig is. Het huidige verschil tussen ons is dat ik niets ánders heb. Daardoor verkeer ik in een toestand die in jou alleen potentieel aanwezig is.
‘Niemand komt tot de Vader dan door mij’ betekent niet dat ik op enigerlei wijze van jou gescheiden ben of verschil, anders dan in tijd, en tijd bestaat niet werkelijk. De uitspraak heeft meer betekenis, indien beschouwd op een verticale dan op een horizontale as. Jij staat onder mij en ik sta onder God. In het proces van ‘opstijgen’ sta ik hoger, omdat zonder mij de afstand tussen God en mens voor jou te groot zou zijn om te omvatten. Ik overbrug die afstand, als een oudere broer voor jou enerzijds en anderzijds als een Zoon van God. Mijn toewijding aan mijn broeders heeft mij aan het hoofd van het Zoonschap geplaatst, dat ik completeer omdat ik erin deel.
Dit kan in tegenspraak lijken met de uitspraak ‘Ik en mijn Vader zijn één,’ maar die uitspraak is tweeledig, erkennende dat de Vader groter is.*’

Ik voelde me toen ‘persoonlijk’ aangesproken door ‘Jezus’, niet op het niveau van de vorm door een historische Jezus van de verhalen, maar op een veel dieper alomvattend eenheids niveau van herkenning, waarbij Jezus als symbool wordt gebruikt, omdat ik en wij hier in het westen bekend zijn met dit symbool, of we nu gelovig of atheïst zijn, iedereen in het westen is op de een of andere manier geconditioneerd door het christendom. En dat is waar ECIW ons ontmoet en ons van daaruit verder leidt naar het terug herinneren in wat we werkelijk zijn en waar we nooit echt uit vertrokken zijn, dan alleen schijnbaar in een onmogelijke droom.

Nadat ik die diepe ervaring, openbaring eigenlijk had van een persoonlijke band met Jezus (nogmaals als symbool, niet letterlijk, want als je ECIW letterlijk neemt dan ga je er niets van begrijpen, wat weer alleen maar duidt op de weerstand van je keuze voor de egokant van je denkgeest, die niet wil begrijpen) besloot ik me volledig onder leiding van dit symbool voor de brug terug naar het herinneren van Eenheid, te stellen en ‘zijn hand’ stevig vast te houden en nooit meer los te laten, wat er onderweg ook zou gebeuren. En vanaf toen is er nooit een moment geweest waarop ik wat ik in ECIW las en lees niet begreep, want ik stond en sta precies toe wat ik kán begrijpen op dit moment op mijn pad en wat ik nog niet begrijp zie ik niet eens, want ik vertrouw onvoorwaardelijk op de Leiding waarvoor ik koos en kies.
En dit heeft niets met intelligentie te maken, maar enkel en alleen met bereidwilligheid.
Dat wil niet zeggen dat ik geen weerstand tegen ben gekomen en kom, integendeel, weerstand is onvermijdelijk als we terug willen keren naar onze Ware Denkgeest.
Ik moet immers zien welke verdediging ik heb opgebouwd tegen wat ik Werkelijk ben. En dat kan heel zwaar zijn, maar omdat ik hoe dan ook, die ‘Hand’ blijf vasthouden kom ik altijd door de weerstand, hoe heftig ook heen.

Net als een leerplan dat we kennen in de wereld gaan we daarbij onvermijdelijk door een proces van, dat we gerust kunnen vergelijken met een afkickproces van een of andere verslaving aan iets, in dit geval onze verslaving aan het ego, verslaving aan zonde, schuld en angst. En dit zal ervaren worden als een zeer onstabiele toestand, want we laten het oude los (leren het te Vergeven) en zijn nog niet in de ‘nieuwe’ toestand aangekomen.
We worden nog heen en weer geslingerd tussen dat wat we dachten te zijn, een afzonderlijk lichaam met een brein dat denkt, en dat wat we ons weer langzaamaan aan het terug herinneren zijn, dat we geen lichaam zijn, maar denkgeest.
Dit proces wordt mooi beschreven in H4.1.A, ‘Het ontwikkelen van vertrouwen.’
lees het zelf maar even in de Cursus zelf, want het is een beetje veel om hier te kopiëren.

Kortom of ECIW voor jou werkt of niet hangt geheel af van je bereidwilligheid hem werkelijk te doen, zoals hij is bedoelt. En dat betekent dat ik mezelf wil laten onderwijzen in Vertrouwen in plaats van in vertrouwen. Het verschil tussen het Onderwijs volgen van Jezus/Heilige Geest, of toch weer het onderwijs van het ego.
We volgen altijd één van de twee, een derde mogelijkheid bestaat niet. ECIW leert ons bewust te kiezen vanuit onze post als waarnemende/keuzemakende denkgeest.

Ondertussen is het terug herinneren onvermijdelijk, omdat er niets gebeurt is en de Werkelijkheid, dat wat onveranderlijk Waar is en wat ‘wij’ dus ook Zijn nog steeds onveranderlijk is.

%d bloggers liken dit: