archiveren

Tagarchief: J

 

Het is een ‘eenzame’ weg die gegaan moet worden om bij Eenheid terug te komen, en te leren dat eenzaamheid niet bestaat…
Er komt een punt dat het onvermijdelijk is de eenzaamheid onder ogen te zien, en weten dat daar doorheen gegaan moet worden, omdat dat de enige manier is om te zien en te leren dat eenzaamheid een illusie is. 
Als er dan geen band is met de Innerlijke leraar, J of HG of een ander symbool voor de Brug, dan wordt er toch weer automatisch een beroep gedaan op het ego als leraar en dan wordt het kruispunt een rotonde waarop eindeloos rondjes gereden wordt zonder de keuze te durven maken en troost wordt gezocht in uitvluchten en bijzaken. 

In Logion 49 van het Thomas Evangelie wordt ook over ‘eenzaamheid’ gesproken:

‘Gelukkig zijn zij die alleen zijn en uitverkoren, want jullie zullen het Koninkrijk vinden. Want jullie komen er vandaan en zullen er terugkeren.’

Meer hierover te lezen onder: http://vliscony.proboards.com/index.cgi?board=general&action=display&thread=34

en:

http://rogierfvv.xanga.com/711807855/alone-and-chosen/

d1

 

 

 

 

Franz Schubert (1797-1828) – Die Winterreise
“Einsamkeit”

Wie eine trübe Wolke
Durch heit’re Lüfte geht,
Wenn in der Tanne Wipfel
Ein mattes Lüftchen weht:

So zieh ich meine Straße
Dahin mit trägem Fuß,
Durch helles, frohes Leben
Einsam und ohne Gruß.

Ach, daß die Luft so ruhig !
Ach, daß die Welt so licht !
Als noch die Stürme tobten,
War ich so elend nicht.

Hans Hotter, Bariton
Gerald Moore, Klavier

 


‘Woede is nooit gerechtvaardigd. Aanval heeft geen bestaansgrond. Hier is het dat de uitweg uit de angst begint, en hier ook zal die worden voltooid. Hier wordt de werkelijke wereld in ruil ontvangen voor dromen van verschrikking. Want op deze grond berust vergeving en is ze slechts natuurlijk.’ (T30.VI.1:1-5)

Ik heb dit erg misverstaan en alleen gelezen dat woede nooit gerechtvaardigd is en ik me juist schuldig ging voelen als er woede was. En daardoor weer voor de oude groef de verslaving van het ego koos, met als enige doel het ego instant te houden en woede als voedsel als brandstof aan het ego te geven.

Er zit meer achter heb ik ontdekt in de praktijk…

Inderdaad woede is niet te rechtvaardigen, maar dan in de betekenis dat ze niets is, ze vertegenwoordigt alleen maar de strijd binnen het ego droomgebied. Het gevecht van de egodenkgeest tegen zichzelf alleen gevoerd om hetzelfde ego in stand te houden. In die zin dient het geen enkel doel, vechten tegen windmolens. Heeft inderdaad geen enkele bestaansgrond.

Bedenk dan, leraar van God, dat woede een werkelijkheid ziet die er niet is; toch is de woede het zekere bewijs dat jij in de feitelijkheid ervan gelooft. Nu is een uitweg onmogelijk, tot je inziet dat je hebt gereageerd op je eigen interpretatie die je op de buitenwereld hebt geprojecteerd. (H17.9:7-8)

Maar zoals eerder is gezegd de Heilige geest kan alles gebruiken mits ik het hem aanbied.

En dat wordt bedoeld met dat door diezelfde woede helemaal onder ogen te zien en er samen met J naar, te kijken mij de uitgang uit de angst wordt getoond.

De woede aan het licht brengen er naar kijken samen met J, niet wegstoppen vanuit schaamte, schuld, zonde kortom angst. Dat is de enige uitweg, dan wordt niet op de eerste plaats de vorm als oorzaak gezien, maar het onderliggende angstmechanisme van de egodenkgeest, dáár ligt de oorzaak en daar ligt de oplossing, de enige uitweg uit de angst.

Woede geven aan HG/J ziet eruit als een klein woedend kind dat op de grond een driftaanval heeft en dan liefdevol opgepakt wordt door J en getroost wordt tot het kalm wordt.

En dan voelt vergeving als volstrekt natuurlijk en woede als volstrekt onnatuurlijk.

 

 

 

Hilf, Herr Jesu, laß gelingen,
Hilf, das neue Jahr geht an!
Laß es neue Kräfte bringen,
Daß aufs neu’ ich wandeln kann!
Neues Glück und neues Leben
Wollest du mir aus Gnaden geben.

 

 

 

De reden waarom en wanneer we denken geen contact te kunnen maken met HG/J of denken dat we niet gehoord worden, geen hulp krijgen, zijn precies die momenten dat we ons volledig identificeren met het lichaam, met de droom, met het ego.

Dat is de betekenis van je kunt J niet de droom in trekken. We moeten onze gedachtes naar J brengen, niet de pop, maar de gedachte dat we denken een pop te zijn en de identificatie ermee. Dáár ligt de connectie in de denkgeest. En dan kan ware communicatie plaatsvinden.

J ook als pop zien, als projectie en in de droom verwerken is wat we de wereld zien doen in o.a. 2000 jaar en nog wat christendom.

Dit zien en beseffen is het begin van het losmaken van de identificatie met de pop, met de projectie en de eerste stap terug naar de denkgeest, de bron, hierna kan de volgende stap gezet worden.

Zeggen ‘ik weet het niet meer’ heel oprecht zonder angst richting HG/J is toegeven dat de pop (de projectie) niets kán weten en er de wens is terug te schakelen naar de bron naar denkgeest. Zeggen ‘ik weet het niet’ vanuit wanhoop en angst is de wanhoop richten op de pop (de projectie) en zitten wachten tot de pop ineens met het antwoord komt en als de bron gezien wordt.

 

 

 

 


Tijdens een meditatie ontvouwt zich de volgende diepe vergevingservaring.

Ik heb geleerd om al mijn angsten samen met J onder ogen te zien en ik voel het heel duidelijk als er weer iets zit wat de aandacht vraagt en ga er dan uiteindelijk voor zitten, sluit mijn ogen vraag Hulp, pak de Hand wacht af en luister ….. het volgende gebeurde er:

Ik wordt binnen gevoerd geboeid in de arena van het Colosseum in Rome.
Een uitzinnige massa juicht en schreeuwt, ik ben zwanger, hoog zwanger, en ik ben een groot zondares…
De Keizer kijkt smalend en spottend toe…
Hij geeft het teken dat het kan beginnen.
In de arena bevinden zich een grote leeuw en zijn temmer een grote Romein in glimmende wapenuitrusting (goudkleurig)  schitterend in de zon.
Hij heeft een groot zwaard in zijn hand.
Dan wordt ik op een soort altaar gelegd, het witte kleed wat ik aan heb wordt van mijn lijf gerukt en met één haal haalt hij mijn buik open, ik zie mezelf het uitschreeuwen van angst en pijn.
Hij rukt de baby uit mijn buik houd het aan één been omhoog laat het aan het uitzinnige volk zien en gooit het dan met een grote zwaai voor de leeuw die zich er hongerig op stort en het verslindt.
Ik kijk ernaar als waarnemer stevig de hand van J vasthoudend, ik voel de tranen als vanzelf over mijn wangen stromen, maar voel me ook veilig, dit wil mij meer zeggen dan de gruwel die ik denk te zien.
Jezus vertelt mij dat het symbool staat voor de waangedachte dat mijn onschuld mij afgepakt is door God als straf voor mijn vermeende afscheiding van God. En eigenlijk over de schuld gaat die ik heb over dat ik denk dat ik God verlaten heb, en dat vervolgens omgekeerd heb uit angst voor wraak in een geprojecteerd verhaal waarin god mijn onschuld heeft vermoord als straf voor dat ik hem verlaten heb en ik voor eeuwig verdoemd ben, schuldig en verloren.

En ik ben zelf met de keizersnee geboren, passend in dit waanidee, als diep ‘schuldig’ geboren en wat kon dit anders dan een leven van schuld projectie tot gevolg hebben en een gevoel van altijd op het punt staan verslonden te worden, vernederd, aangevallen, en wat kon de schuld anders dan terug vechten teneinde de schuld in stand te houden, vechtend om de schuld in stand te houden, terugkeer naar god voor eeuwig onmogelijk makend, kortom het gesloten waan- angst-systeem van de egodenkgeest.
En ik zie nu dat ik al die figuren in deze ‘droom’ speel de Keizer, het uitzinnige volk, de Leeuw, de Romein, de vrouw, de baby… de vermoorde onschuld…

En ik vergeef, vergeef diep samen met J, ik ben onschuldig er is niets gebeurt, Ik rust in God…

Een half uur later:
Vervolg….

Nadat ik het allemaal vlug heb opgeschreven, omdat ik het niet wilde vergeten, maar echt onder ogen zien, voelde ik me alsof ik uit de bioscoop kom na een heel spannende film, een beetje zweverig en onwerkelijk, kwetsbaar ook. Dus ik besluit in plaats van boodschappen te gaan doen enz. nog weer even naar mijn rustige plek terug te gaan en even piano te spelen, na twee stukken moet ik nog even gaan zitten op mijn kleedje samen met J en dan voltrekt het volgende totaal verrassende, onverwachte  tafereel zich voor mijn geestesoog:
Ik zit achter de coulissen in een ruimte, coulissen stukken, kleding, rommelig, te midden van die rommel zit de Romein, helm naast zich, zwaard slordig in een hoek tegen de muur, borstschild afgegespt, in zijn hand een kop koffie voeten op tafel de krant lezend. De baby ligt op tafel, is een lappen pop, de leeuw ligt zoet aan de voeten van de Romein te slapen,  ik ben bezig mijn nep buik af te gespen…. de Keizer gooit zijn lauweren kroontje op de kapstok, verderop een hoop geroezemoes van alle figuranten die rondlopen en wat eten en drinken en kletsen en de regisseur komt langslopen en zegt: ‘goed gedaan jongens…. dit wordt een klapper.’  ….
en ik moet zo vreselijk lachen, dat ik omrol op m’n kleedje. En zie ook nu dat plaatje van J voor me wat ik een paar dagen geleden op internet tegen kwam:


…. ja samen kunnen we dit weglachen…. Een nietig dwaas idee.

 

En dan nog wat gedachten over wie wat en waar en waarom speelt in de drama’s van ons leven..
Ik ben er nu voorgoed achter dat de ene egodenkgeest al die rollen speelt.
Dat gebeurde toen ik probeerde te zien wie de verschillende rollen speelde in het drama wat ik net had mogen aanschouwen en daar kwam ik niet achter, omdat er niet verschillende personen zijn die de rollen speelde. Er zijn geen losse personen, poppetjes. Er is één egodenkgeest die het allemaal bedenkt en naar buiten projecteert.
Het is natuurlijk verleidelijk te weten en te zien wie in welk leven die je nu ook kent een bepaalde rol speelde, maar zo werkt het dus niet.
Er is één egodenkgeest die al die rollen speelt dus ook de rollen die nu schijnbaar gespeeld worden, de poppetjes staan niet op zichzelf, dus het heeft geen zin om te zeggen ik ken jou of jou uit een vorig leven toen was jij dit en ik dat… het is één egodenkgeest die al die rollen speelt. En dan kan het niet anders omdat het vanuit de ene denkgeest komt dat het allemaal tegelijkertijd plaatsvindt, want ook tijd en ruimte is niets anders dan de coulissen waarin het zich lijkt af te spelen. Dus het idee reïncarnatie is alleen behulpzaam om dit mechanisme te ontdekken meer niet. En het schijnbare toneelstuk is enkel en alleen leermateriaal, aanschouwelijk onderwijs door HG/J het heeft geen enkele andere functie of doel dan vergeving.

 

 


‘Ik ben niet een lichaam ik ben vrij.
Ik hoor de Stem die God gegeven heeft aan mij, en alleen hieraan gehoorzaamt mijn denkgeest.'(WdI.199.8:7-9)

Kijk goed naar al je gedachten die je over het lichaam hebt, is de opdracht.
Dat voelt erg onaangenaam, omdat ze zo opdringerig lijken en gewoon vervelend zijn en de ego denkgeest absoluut niet wil dat ik daarnaar kijk en alles zal doen om dat te voorkomen, en gevoelens als de pest erin hebben, boos worden kortom alle vormen van weerstand zijn een bewijs van die weerstand.

Dat betekent alleen al dat het ego gedachtes zijn, ego gedachtes gaan altijd gepaard met een emotie of die nu zgn negatief of positief is. Dat is niet fout of goed, dat is een waarneming, het waarnemen van de weerstand van de egodenkgeest, meer niet..

Het is de bedoeling dat ik dat goed ga zien zodat goed tot mijn denkgeest doordringt waar ik voor kies.

Mijn enige taak is de weerstand van dat gedeelte van mijn denkgeest dat zich identificeert met het lichaam te herkennen en te onderkennen samen met J en te vergeven.

En dat is nogal wat, ik zit middenin alles wat met lichamen te maken heeft, alles schreeuwt, ik ben een lichaam.
Ik moet dus leren en dat ook echt willen, als waarnemer naar het ego te kijken, als het ware vanaf een afstandje, boven het slagveld. Door er vanaf een afstandje naar te kijken zoals ik in een bioscoop naar een film kijk, kan ik los van de identificatie beter zien wat er aan de hand is en een keuze maken, samen met HG/J.

Maar ik hoef het lichaam niet op te geven, alleen te beseffen hoe het werkt, dat ik denkgeest ben en dat daar de aansturing zijn oorsprong heeft en niet in het lichaam en een onderscheid te maken tussen ego aansturing en HG/J aansturing.

En dan te leren kiezen voor HG/J aansturing, steeds maar weer. En ook te beseffen dat HG/J aansturing de enige echte aansturing is en al het andere gewoon niet.

Maar ik ben zo gewend aan al die weerstand, pijn, lijden, knokken, overeind blijven, overleven, speciale vormen van liefhebben dat ik denk dat ik dat ben en dan krijg je de vreemde uitdrukking waar vele variaties op zijn maar samenvattend laat deze de onzin ervan werkelijk zien:  ik ga dood dus ik ben….
Toppunt van tegenstrijdigheid en waanzin.
Het ego houdt zichzelf in stand door dit soort tegenstrijdigheden, daardoor blijft de egomolen draaien.

‘Het is voor jouw vooruitgang in deze cursus van wezenlijk belang dat jij het idee van vandaag accepteert en dat het jou heel dierbaar is. Bekommer je er niet om dat dit voor het ego volslagen krankzinnig is. Voor het ego is het lichaam dierbaar, omdat het erin huist en met het huis dat het gemaakt heeft verbonden leeft. Het maakt deel uit van de illusie die het heeft afgeschermd tegen de ontdekking dat het zelf illusie is.'(WdI.199.3:1-4)


 

Ik ben jij en jij bent ik, alter-ego’s telkens weer slechts één nietig dwaas idee, waarom de Zoon van God vergeet te lachen en het ineens een heel serieus idee wordt..

 

Het Zoonschap, onveranderlijk en héél, één in God.

Een flits van ‘wat als…?’ en dat wat is splitst zich in een vraag en een antwoord dat zich steeds verder afkeert van de vraag. Dat wat is wordt een begin en een eind, schijnbaar twee verschillende dingen die van elkaar vervreemd raken en een schijnbaar onontwarbare kluwen aan tegenstellingen veroorzaakt, die een oneindige reeks van vragen oproept die op zoek gaan naar antwoorden die schijnbaar van hun bron zijn afgedreven en onvindbaar lijken.

En dit heeft niet ‘ooit’ plaatsgevonden dit vind ieder NU moment plaats en is derhalve een keuze die elk NU moment gemaakt wordt.

De ene Zoon van God droomt zich apart van zijn Bron, ‘wat als…?, wat als…?’ en bij iedere ‘wat als?’, plopt er weer een schim op, het ene ego splitst zich op in miljoenen alter egootjes miljoenen vragen drijven af van het antwoord, zich in totale vervreemding afvragend: waarom, waarom, waarom???

 

Zoals in het Thomas evangelie staat te lezen in logion 18:

 

De volgelingen zeiden tot J: ‘Vertel ons hoe ons einde zal zijn.’Hij zei: ‘Hebben jullie dan het begin gevonden, dat jullie nu het einde zoeken? Want waar het begin is zal het einde zijn. Gelukkig is degene die aan het begin staat: Hij zal het einde weten en de dood niet proeven,’

(uit: JOW, Pursah evangelie van Thomas, pag.181, of uit: CTC pag. 91)

 

Is er een antwoord op elke vraag?

Ja er is maar één oorzaak en maar één gevolg, daarom maar één vraag en maar één antwoord.

De oorzaak is altijd afscheiding, het antwoord altijd Vergeving.

 

Correctie heeft één antwoord op dit alles en op de wereld die hierop berust:


Je ziet slechts interpretatie voor de waarheid aan.
En je vergist je. Maar een vergissing is geen zonde, en de werkelijkheid is door jouw vergissingen niet van haar troon gestoten. God regeert voor eeuwig, en alleen Zijn wetten heersen over jou en over de wereld.
Zijn Liefde blijft het enige wat er is. Angst is een illusie, want jij bent zoals Hij.

(ECIW H18.3:6-12)

 

 

 

Volledige overgaven en volledig loslaten, voelt vanuit de ego denkgeest als een falen, als een opgeven, instorten, iets wat kost wat kost bestreden moet worden, we zullen doorgaan tot we bij het gaatje zijn… en dan…. in het gaatje vallen? Ja val maar, als de pijn te groot wordt is er alleen ‘vallen’, niet in de angst maar dwars door de angst heen uit de angst. Symbolisch ‘aan de hand van “J”‘ is het een zegen, een grote gave, in dankbaarheid aanvaard.

 

 

%d bloggers liken dit: