archiveren

Tagarchief: ik hoef niets te doen

Dat wat ik hier schrijf is een weerslag en weerspiegeling van mijn schijnbaar persoonlijke proces tot ontwaken uit de droom.
Dat lijkt een persoonlijk proces, zo wordt het ook ervaren, omdat dat binnen het concept van de droom waar we in geloven nu eenmaal de enige manier is, maar is dat feitelijk niet, ontwaken uit de ene droom van afscheiding is onvermijdelijk voor het hele “zoonschap”. Echter omdat we geloven in de droom en geloven in een wereld en geloven een lichaam te zijn, kunnen we alleen die droom taal begrijpen. Vanuit de keuze voor het vergeven van alle droom ervaringen wordt de droom taal omgezet naar her-bruikbaar terug herinner materiaal en krijgt daardoor een totaal andere functie.
Het her-gebruik van het eerst als afscheidingsmateriaal bedoelde denksysteem (het ego) lijkt dus heel persoonlijk te zijn, daar we dat kunnen begrijpen en daar iets mee kunnen.
Het proces van ontwaken uit de droom lijkt dus om redenen van verstaanbaarheid heel persoonlijk.
Ik kan dus ook alleen maar denken en schrijven over hoe ik het ervaar.
Dat wil zeggen dat ik niet de intentie heb om ook maar iets van wat ik schrijf als zijnde “waarheid” over te brengen naar wie of wat dan ook. Ik kan absoluut niet weten wat de bedoeling is, en al helemaal niet hoe het onvermijdelijke proces van de denkgeest in een ander stukje denkgeest (de ander) verloopt of zou moeten verlopen.
Ja, het kan resoneren in anderen die er op denkgeest niveau aan toe zijn, maar dat heeft niets met de “mij” te maken.
Dat betekent dat alles wat ik over anderen denk en wat anderen over mij denken ook een weerslag is een afspiegeling van hoe ik denk en in die zin behulpzaam kan zijn voor mijn eigen vergevingsproces.
Dat kan als egoïstisch worden gezien (een ego gedachte die onvermijdelijk langskomt, dus weer behulpzaam als vergevingskans), maar kan ook worden gezien als juist heel liefdevol, omdat het de focus terugbrengt van een “ik” lichaam dat alleen aan zichzelf denkt (het ego concept van afscheiding), naar een focus op de denkgeest waar alles met alles is verbonden en vergeving er juist voor zorgt dat in de grenzeloze denkgeest uitbreiding van Liefde plaatsvindt waar de “ik” geen enkele weet van kan hebben hoe dat werkt en waar dat effect heeft. Ik kan het wel zelf ervaren als een innerlijke heel liefdevolle los van oordelen rust die veel verder gaat dan de ego versie van rust.

Er zijn zoveel paden als dat er afgescheiden stukjes van de ene denkgeest zijn, en allemaal leiden ze onvermijdelijk terug naar het herinneren van Eenheid. Er is geen enkel pad fout ze werken uiteindelijk allemaal hoe vreemd ze er soms ook uit mogen zien in “mijn” ogen (wat ook weer een ego afscheidingsgedachte is, maar weer een kostbare vergevingskans is, als ik bereid ben dat erin te zien).
Er is immers niet werkelijk iets gebeurt waardoor afscheiden van Waarheid mogelijk zou kunnen zijn. Dus welke vorm van afscheiding ook geprobeerd wordt geen een kan succesvol zijn dan in onware dromen van afscheiding. Dus uiteindelijk zal elk pad van afscheiding zichzelf ontmaskeren en zal dáárdoor behulpzaam zijn tot het terug herinneren in Éénheid.

Ik heb dus geleerd in de loop van het proces dat ik me niet hoef te bemoeien met iemand anders gekozen pad en proces, laat staan hoef te verbeteren of te corrigeren, want zo heb ik gemerkt dat werkt niet. Het kan lijken dat het werkt, maar dat komt alleen omdat de denkgeest dan even resoneert met een ander stukje denkgeest, zichtbaar of niet zichtbaar, dat eraan toe is. Hoe dan ook het heeft niets te maken met de persoon, het lichaam Annelies, maar met de houding van de denkgeest en hoe deze de projectie Annelies ziet en wil laten gebruiken; door ego (afscheidingsdoeleinden) of door Heilige Geest (voor terug herinneren in Éénheid), dat is de enige keuze die er is en maar één van de twee keuzes is, een weerspiegeling van Één, Waarheid, Liefde, God, non-dualisme (allemaal termen voor hetzelfde).

Dat is de betekenis van “ik hoef niets te doen”, Annelies het lichaam hoeft niets te doen, want dat is een projectie (projecties zijn projecties en kunnen niets doen zonder de projector, de denkgeest) van de denkgeest die wel tot iets “doen” in staat is, en dat “doen” bestaat enkel en alleen uit kiezen tussen ego of HG. DE REST VOLGT ALS VANZELF VANUIT DIE KEUZE, en kunnen we het best omschrijven als inspiratie en precies weten hoe te handelen in de droom in en door een geprojecteerd droomlichaam. En die inspiratie kan dus komen vanuit het ego of vanuit HG, afhankelijk van de keuze die ik (de waarnemende/keuzemakende denkgeest maak.
Het verschil herkennen tussen ego inspiratie en HG inspiratie is een leer- en oefenproces wat alleen via een persoonlijk ervaren kan verlopen, zolang er een geloof is in deze droom van afscheiding te zijn. Hierbij wordt de wereld, het lichaam en alles wat er lijkt te zijn in de droom niet ontkend en aan de kant geschoven als zijnde slecht of verwerpelijk, maar juist her-gebruikt, maar nu niet meer voor afscheidingsdoeleinden, maar voor het terug herinneren in Éénheid, waar nooit uit is weggegaan…

Dit hoeft dan ook niet geschreven en of gelezen te worden…
En dat is het, zal het of wordt het ook niet, want er is niets gebeurt…

Ineens dringt het vol door dat een zogenaamd pad volgen dat helpt terug herinneren in God, slechts een bewustwording is van dat er niets gebeurt is, niets gebeurt, en er niets gaat gebeuren.
Er is nooit iets of iemand losgeraakt van Eenheid, God. Dus een pad volgen om bewust te worden van een wil tot afscheiding van Eenheid, God, is “niets”. Het is niet zo dat “bewust” of  “onbewust” iets uitmaakt. Afscheiding heeft niet plaatsgevonden, dus er zijn geen miljarden afgescheiden deeltjes. Dus ook geen afgescheiden deeltjes die ineens weer willen terugkeren naar Eenheid. Want hoezo terug herinneren als er nooit ergens uit vertrokken is?
Maakt het dus uit of er een “pad” gevolgd wordt of niet? En kan het ene “pad” beter of slechter zijn dan de ander, of kan een “pad” fout gelopen worden? NEEN! Want hoe zou dat kunnen!? Een pad zonder begin of einde…

Als ik s’nachts droom in m’n bed en droom dat ik ergens anders ben, moet ik dan een pad volgen om weer in m’n bed terug te belanden? Dacht het niet!
Moet ik dan wel m’n best doen en bepaalde paden volgen om uit de droom die “mijn leven” wordt genoemd weer in Eenheid in God terug te herinneren?

Het enige antwoord dat “ik” hier nu op heb is een soort lucide droomtoestand welke zich bewust aan het worden is van “ik hoef niets te doen”…. Er is niets gebeurt, er gebeurt niets, en er gaat niets gebeuren…

Er is wel wat gebeurt of er is niets gebeurt. Sowieso zijn beide eigenlijk onmogelijk.

Kan dit besef leiden tot onverschilligheid, apathie, depressie of wat dan ook voor gemoedstoestand, dus iets wat gebeurt, binnen het kader van “gebeuren”?
Zolang er wordt geloofd en gedacht dat er wel iets gebeurt is, en dat het gebeuren zelf moet zorgen dat het ophoudt met gebeuren, ja.
Dan houdt het gebeuren zelf “gebeuren” in stand als totaal onnodige en onmogelijke tegenhanger van dat er niets gebeurt kán zijn.

Wat kan dat wat geloofd in “gebeuren” hiermee?
Niets…
Wat kan dat wat niet geloofd in “gebeuren” hiermee?
Niets…

Laat gebeuren wat er gebeurt binnen het onmogelijke kader van “gebeuren”.
Droom het met volle teugen, droom zo waanzinnig en nog waanzinniger als in eveneens onmogelijke slaapdromen maar mogelijk is.
Het doet niets af of verandert niets aan wat WAAR IS.

Het “gebeuren” wordt zich bewust van “gebeuren” en wordt zich stap voor stap bewust van dat er niets gebeurt kán zijn.

“Niets werkelijks kan bedreigd worden.
Niets onwerkelijks bestaat.

Hierin ligt de vrede van God” (In.2:2-4).

Dit maakt ECIW tot een soort lucide droomtoestand, het “gebeuren” beseft zich dat er niets gebeurt kán zijn en keert zachtjes terug naar waar het nooit uit is vertrokken…

GOD IS… is de boodschap van ECIW…
Maar aangezien ik geen idee heb van wat dat betekend of is …GOD IS… maar het toch ergens volkomen logisch klinkt, moet er wel iets mis zijn met mijn waarneming.
Sterker nog ‘waarneming’ is precies de blokkade, want …GOD IS… kan niet waargenomen worden, omdat het IS…
En met …IS… gaat geen tijd, ruimte gepaard.

Dit betekend even kort door de bocht dat er of …GOD IS… is, of dat wat ik waarneem.
Het ene buiten tijd en ruimte, het andere afhankelijk en alleen mogelijk binnen tijd en ruimte.

De twee zijnstoestanden kunnen dus niet samen bestaan er is er maar een waar en de andere is illusie, een waanbeeld, de droom, het nietig dwaas idee in termen van ECIW.
(WdI.130 Het is onmogelijk twee werelden te zien.)

ECIW leert mij wel dat er een brug is tussen de twee zijnstoestanden, een herinnering waardoor dat wat werkelijk is …GOD IS… bewaard is gebleven in de geest. Deze herinnering is de Heilige Geest. Heilige Geest, mijn werkelijke staat, de enige staat van ‘de ene Zoon van God’, dat wat ik in eenheid werkelijk ben.
Dat is wat IS, alles wat niet IS, is dus illusie, een droom.

Het kenmerk van die droom is dualisme, alles heeft een tegengestelde, dat voortdurend in strijd is met elkaar, en binnen het gegeven van tijd en ruimte opereert. Deze illusie van tijd en ruimte is een gesloten circuit, dat zichzelf in stand houd, en doelloos ronddraait in eindeloze rondjes van geboorte, dood, geboorte, dood, geen doel, nergens heen.
Maar aangezien het een droom is, een nietig dwaas idee, een gedachte, is er in werkelijkheid niets aan de hand. Er is nog steeds alleen maar …GOD IS…
En de ‘slapende Zoon van God’ bevindt zich nog steeds ondanks zijn nachtmerries van gruwelijke, moorddadige, fantastische extatische, opwindende, romantische, griezelige, betoverende sprookjes, ‘in GOD’… veilig en wel.

De Heilige Geest is de zacht fluisterende Stem die de Zoon van God veilig in nooit onderbroken communicatie houd met GOD. Deze fluisterende Stem is te horen door o.a. Een cursus in wonderen, gesymboliseerd als de stem van de Heilige Geest of Jezus. (WdI.155. Ik doe een stap terug en laat Hem de weg wijzen)
En elke titel van elke les, fluistert ons een zachte herinnering in over wat IS zoals:

Les 29 God is in alles wat ik zie
Les 35 Mijn denkgeest is deel van Die van God. Ik ben heel heilig
Les 40 Ik ben als Zoon van God gezegend
Les 44 God is het licht waarin ik zie
Les 45 God is de denkgeest waarmee ik denk
Les 49 God spreekt tot mij, heel de dag
Les 50 Ik word gedragen door de liefde van God
Les 61 Ik ben het licht van de wereld
Les 67 Liefde schiep mij als zichzelf
Les 74 Er is geen Wil dan Die van God
Les 93 Er woont licht en vreugde en vrede in mij
Les 94 Ik ben zoals God mij geschapen heeft
Les 95 Ik ben één Zelf , verenigd met mijn Schepper
Les 97 Ik ben Geest
Les 109 Ik rust in God
Les 110 Ik ben zoals God mij geschapen heeft
Les 124 Laat me mij herinneren dat ik één ben met God
Les 162 Ik ben zoals God mij geschapen heeft
Les 184 De naam van God is mijn erfgoed
Les 191 Ik ben de heilige Zoon van God Zelf
Les 223 God is mijn leven. Ik heb geen leven buiten dat van Hem
Les 229 Liefde, die mij geschapen heeft, is wat ik ben
Les 264 Ik ben omringd door de Liefde van God
Les 283 Mijn ware identiteit woont in U
Les 299 Eeuwige heiligheid woont in mij

En deze fluistering zal een steeds duidelijkere Stem worden naarmate ik beter leer te vergeven. Want dat is het enige wat de droom doet oplossen Ware Vergeving. (WdII.1) Door werkelijk te zien dat wat ik dacht dat was gebeurt, dat mij is aangedaan of dat ik iemand heb aangedaan niet werkelijk is gebeurt, maar slechts een droom is. Dat deze wereld een droom is, een droom geboren uit ‘een nietig dwaas idee waarom de Zoon van God vergat te lachen. Door dit te vergeten werd de gedachte een serieus idee, in staat tot zowel verwezenlijking, als werkelijke gevolgen.’ (T27.VIII.6:2)

Het ‘vergeten’, vergeven dat is het enige wat er moet gebeuren om ons de ene Zoon van God weer te laten terugkeren In God, waar hij nooit is weggeweest.

En dat ‘vergeten’ zien we terug in al onze dagelijkse toneelstukjes die maar één titel heeft: ‘de afscheiding’ een levenslang doorlopende nooit eindigende soap waar we maar geen genoeg van kunnen krijgen levenslang op de bank zittend, (soms achter de bank van angst) starend naar de bewegende schimmen en ons volledig vereenzelvigend met deze soap.

Tot we het zat zijn en ineens denken: ‘er moet een andere manier zijn’ en dan bijvoorbeeld ECIW tegenkomen, misschien wel als reclame spotje tussen twee afleveringen van onze soap door
En dan kiezen voor de weg terug naar de oorsprong van het nietig dwaas. En deze weg terug gaat via het proces van Vergeving. En ECIW bied deze weg terug aan als ‘echte’ cursus. Een lokkertje voor het ego dat ‘doen’ als hoogste goed ziet, want doen houdt de droom van tijd en ruimte instant. Echter naarmate ik (geest) beter leer vergeven en het ego, de afgescheiden denkgeest, dat door krijgt zal er weerstand ontstaan in alle mogelijke vormen.
De moeilijkst te ontwaren weerstand is wel die van dat het ego de cursus ook doet, heel slim en heel geraffineerd. Niet zo verwonderlijk, want de Zoon van God die nog steeds ligt te dromen verweeft heel makkelijk al die nieuwe ‘gevaarlijke’ ideeën in zijn droom:
‘Ah vergeven, dat is hard werken, dat is een lange weg, helemaal terug naar de oorsprong, dan moet ik eerst alles in kaart brengen, het hele ego analyseren, alle gevaren blootleggen, ik moet medevergevers opsporen, veel boeken gaan lezen, misschien wel schrijven, websites/blogs opzetten, studeren, begrijpen, anderen gaan ‘helpen’ het ook te begrijpen, of nog erger, anderen helpen door ze leed te besparen, omdat ik hun zonden al vergeven heb (lijkt verdacht veel op de christelijke gedachte dat Jezus voor onze zonden is gestorven) workshops gaan geven over kleine afzonderlijke ideetjes uit de Cursus, deze isoleren en een eigen leven gaan laten leiden. Ik moet mijn relaties Heilig zien te krijgen, mijn god dat is hard werken, hoe kan ik dit alles onthouden, ik moet het allemaal opschrijven, documenteren, archiveren, ik hou dit echt niet vol, weg rot boek het werkt niet. Punt.’ Op naar de volgende methode, er zijn er zat…
En zo sleept de soap zich weer gewoon verder door de eeuwen heen…

Maar wat als de Zoon van God, dit nu ineens vanaf een afstandje gaat zien, zichzelf waarneemt daar op die bank gebiologeerd door het scherm, starend naar al die spannende soap afleveringen…
Wat als de Zoon van God beseft dat hij niet dat lichaam is wat daar zit, als hij plotseling beseft dat hij, geest deze beelden zelf gemaakt heeft?
Wat als hij ziet dat de weg terug niet een lange weg is terug naar de oorsprong, maar dat zowel het begin en het einde vlak onder zijn neus staan te wachten op of instandhouding of vergeving. En ineens de betekenis ziet van: ‘Niets werkelijks kan bedreigd worden, niets onwerkelijks bestaat. Hierin ligt de vrede van God.’(Inl.2:2)
En doet me ook denken aan logion 18 uit het Thomas evangelie: ‘(..) Want waar het begin is zal het einde zijn. Gelukkig is degene die aan het begin staat: hij zal het einde weten en de dood niet proeven.’ (Jouw onsterfelijke werkelijkheid H7 en Closing The Circle logion 18 blz. 91)

Zo wordt de soap nu in handen gegeven van de Heilige Geest (de werkelijke staat van de Zoon van God) ineens werkelijk een cursus in Vergeving. Ik neem al mijn projecties, mis-makingen, terug en geef deze geprojecteerde gedachten terug aan de bron ter vergeving. Ik hoef niets aan de projecties te veranderen, immers als ik mijn mis-makende-gedachten terugneem kan ik als waarnemer en keuzemaker een andere keuze maken en wel voor Heilige Geest, en wat kan er anders voortkomen uit Heilige Geest gedachten dan Liefde. Daar hoef ik niets voor te doen, ‘Ik hoef niets te doen’ (T18.VII) Liefde breid zich uit, omdat het niet anders kan.

Dit is een cursus in Vergeven.
Het doel is altijd vergeving:

Les 46 God is de Liefde waarin ik vergeef
Les 62 Vergeving is mijn functie als het licht van de wereld
Les 63 Het licht van de wereld brengt elke denkgeest vrede door mijn vergeving
Les 64 Laat me mijn functie niet vergeten
Les 98 Ik aanvaard mijn rol in Gods verlossingsplan
Les 100 Mijn rol is essentieel voor Gods verlossingsplan
Les 121 Vergeving is de sleutel tot geluk
Les 122 Vergeving biedt alles wat ik wens
Les 132 Ik bevrijd deze wereld van al wat ik haar heb toegedacht
Les 134 Laat me vergeving zien zoals ze is
Les 186 De verlossing van de wereld hangt af van mij
Les 192 Ik heb een functie die God mij graag vervullen ziet
Deel II. 1 wat is vergeving?
Les 240 Vergeving maakt een eind aan alle lijden en verlies
Les 297 Vergeving is het enige geschenk dat ik geef
Les 333 Vergeving beëindigt hier de droom van conflict
Les 334 Vandaag maak ik aanspraak op de gaven van vergeving
Les 336 Vergeving laat me weten dat denkgeesten verbonden zijn
Les 342 Ik Laat op alles vergeving rusten, want zo werd vergeving mij geschonken

En de slot lessen 361-365:
‘Neemt U het in handen. Want U wil ik volgen, in de zekerheid dat Uw leiding mij vrede geeft.’

En ik hoef niets te doen…

Uit ‘Jouw onsterfelijke werkelijkheid’ blz. 192:
Arten: Ik heb je gezegd te vergeven, maar het is tijd daar iets aan toe te voegen. Ja je moet altijd vergeven. Wanneer je dan vergeven hebt, en je voelt dat er iets gedaan moet worden, vraag dan altijd aan de Heilige Geest of er iets is dat je moet doen. Onthoud dat de Heilige geest niets doet in de wereld, nooit. Maar Hij kan je inspireren om te doen wat je moet doen.

Enkel Liefde onderwijzen is niet de uitbreiding van het soort liefde wat iets met persoonlijkheid te maken heeft. Het gaat hier om de Liefde van God, dat wat we werkelijk zijn. En het onderwijzen daarvan gaat niet vanuit het zien van schaarste wat dan vervolgens moet worden aangevuld, maar vanuit de overvloed van wat Liefde is. En dat hoeft niet onderwezen te worden zoals in de Inleiding van ECIW staat:

‘De cursus beoogt niet de betekenis van liefde te onderwijzen, want dat gaat wat onderwezen kan worden te boven.’ (T.Inl.1:6)

Onderwijzen doen we dus allemaal en voortdurend bewust of onbewust. En wie of wat onderwijzen we dan?… onszelf. Alles is immers één. Er is ook maar één ego (ook al lijken dat er miljoenen te zijn), en één Heilige Geest en slechts één van beide vertegenwoordigd de waarheid.

Dit soort Liefde, de Liefde van God in ons allen aanwezig als grondtoon, breidt zich vanzelf uit als we de weerstand ertegen loslaten. Daar hoeven we dus niets aan te doen. En dat is tevens ook de betekenis van ‘Ik hoef niets te doen’:

 

‘Eén ogenblik samen met je broeder doorgebracht geeft jullie beiden het universum terug. Je bent voorbereid. Nu hoef jij je slechts te herinneren dat je niets hoeft te doen. Je zou er veel meer baat bij hebben je nu alleen hierop te concentreren dan erover te peinzen wat je moet doen. Wanneer ten langen leste vrede komt voor hen die worstelen met verleiding en vechten tegen het toegeven aan zonde; wanneer het licht uiteindelijk komt in de denkgeest die zich aan contemplatie heeft overgegeven; of wanneer het doel tenslotte door wie ook wordt bereikt, dan gaat dit steeds met maar één gelukkig inzicht gepaard: ‘Ik hoef niets te doen.’’ (T18.VII.5:3)

Zodra de behoefte aan liefde opspeelt, en dat gebeurt voortdurend, we zijn altijd opzoek naar liefde, in talloze vormen, komt de onbedwingbare drang naar boven actie te ondernemen. Het geloof in een individu te zijn in plaats van louter Geest houd ons gevangen in de mallemolen van het ego. En het ego ook afkomstig uit de denkgeest breidt uit wat het denkt en dat is schaarste en willen hebben een vorm van angst, een van de twee emoties die we tot onze beschikking hebben:

‘Ik heb gezegd dat je slechts twee emoties hebt: liefde en angst.’ (T13.V:1)

Een van de twee breiden we voortdurend uit… in onszelf, in geest, want er zijn geen anderen, ook al lijkt dat zo te zijn. Er is maar één denkgeest en die breidt of angst of liefde uit, afhankelijk van de soort leiding die we wensen te volgen. Volgen we de leiding van het ego dan breiden we angst uit, volgen we de leiding van de Heilige Geest dan breiden we liefde uit. En dit laatste ervaren we als wonderen, omdat het een totale omslag in de denkgeest teweeg brengt:

‘Wonderen lijken voor het ego onnatuurlijk, omdat het niet begrijpt hoe gescheiden denkgeesten elkaar kunnen beïnvloeden. Dat kunnen ze ook niet. Maar denkgeesten kunnen niet gescheiden zijn. Dit andere zelf is zich daarvan volmaakt bewust. En dus ziet het in dat wonderen niet iemand anders’ denkgeest beïnvloeden, maar alleen die van hemzelf. Ze veranderen altijd jouw denkgeest. Er is geen andere.’ (T21.5.3:6-12).

 

Wat ik nu zit te doen, deze woorden opschrijven, komt voort uit de schijnbare drang dit aan een buitenwereld mede te delen, maar in wezen is het gericht aan mijzelf, aan de éne denkgeest.

De schijnbaar afzonderlijke persoon die ik denk te zijn bestaat niet net zomin als alle andere figuren. Het zijn projecties uit de denkgeest, een denkgeest die ‘denkt’ afgescheiden te kunnen zijn van Geest, van God, van Liefde. Zodra er daar het ‘nietig dwaas idee’ was begon de gedachte van afscheiding, begon het lineaire denken en begon het projecteren. Maar dat alles maakt het net zomin ‘echt’ als een film die geprojecteerd wordt. En wij zien in onze projecties onze eigen angst of liefde terug een van de twee emoties.

Onderwijs enkel Liefde is een keuze, geen toeval. Wij kunnen kiezen door ‘ogen’ van angst (ego) of door ‘ogen’ van Liefde (Heilige Geest/Jezus) te kijken. Door onze projecties aan HG/Jte geven en te vergeven zullen ze een heel andere functie krijgen en niets ander uit kunnen breiden dan Liefde. Zodra ik mijn projecties loslaat, er geen geloof meer aan hecht, zullen de projecties gewoon verdwijnen. Ik heb ze immers gedacht, dus ik kan ze ook loslaten. Zodra ik besef dat ik door het vasthouden aan mijn projecties ook zelf de pijn instand houd, komt er ruimte voor een ander soort gedachte, ruimte voor een wonder, ruimte voor een totale omslag in de denkgeest.

 

Dus degene die ik haat is niets anders dan mijn eigen haat gedachte naar buiten geprojecteerd als ‘een iemand anders’, zodat het lijkt alsof ik het kwijt ben. Maar niets is minder waar. Het is enkel opgeborgen en diep begraven zodat het vergeten wordt. Een gedachte in een fles, die nooit meer mag ontsnappen. Maar een gedachte kan niet worden opgesloten, een gedachte is altijd vrij. En zodra ik me herinner dat ik een gedachte ben, ben ik vrij. Geen lichaam kan een gedachte opsluiten, geen enkele gedachte kan waar dan ook in opgesloten worden. Ik denk nu even aan voorbeelden zoals Nelson Mandela die hier een levend bewijs van is. Alleen een angstige gedachte kan denken dat een gevangen gedachte mogelijk is en vervolgens denken dat het waar is en die gedachte uitbreiden. Maar hoe ik het ook wendt of keer, een gedachte is een gedachte en blijft een gedachte en een projectie blijft een projectie. Daaruit volgt dat de projectie zich niet kan uitbreiden, maar de gedachte wel. En er zijn maar twee gedachtes mogelijk, gedachtes vanuit angst of gedachtes vanuit liefde.

Onderwijs enkel Liefde is de boodschap die J ons geeft. Ook hij heeft laten zien dat ook een kruisiging de geest op geen enkele manier kan beïnvloeden.

 

Zoals de Cursus stelt in de Inleiding:

‘Niets werkelijks kan bedreigd worden.

Niets onwerkelijks bestaat.

Hierin ligt de vrede van God.’

(T.Inl.2:2-4)

 

 

 

 

%d bloggers liken dit: