archiveren

Tagarchief: hulp

De klacht is vaak, “ik heb Hulp gevraagd en vergeven, maar er gebeurt niets ik merk er niets van, ik krijg geen antwoord!”

En dat is precies het antwoord dat ik verkies te krijgen, want “ik heb Hulp gevraagd en vergeven, maar er gebeurt niets ik merk er niets van, ik krijg geen antwoord!”, is juist het antwoord en tevens het (de keuze voor egodenkgeest) besluit om dit als antwoord te geven, waardoor (met opzet) verborgen blijft dat het het antwoord is door te “vergeten”, te verbergen dat het antwoord een keuze is van de keuzemakende denkgeest en door de keuzemakende denkgeest voor de ego-keuze-mogelijkheid. Waardoor ook (met opzet) verborgen blijft dat het probleem en het antwoord niet in de vorm (het probleem zoals het er schijnbaar uitziet in de vorm) maar zich in de denkgeest bevindt, altijd. “Er is geen wereld” (WdI.132.6:2). Dus moet er alleen denkgeest zijn die een wereld heeft bedacht en geprojecteerd, zodat het allemaal werkelijkheid lijkt en de werkelijke werkelijkheid welke vormloos en non-dualistisch is verborgen is en blijft.

Dus ik krijg altijd antwoord op elke vraag, omdat vraag en antwoord altijd één zijn. En “ik” krijg het antwoord wat ik wil, afhankelijk vanuit welke denkgeest positie ik wil kiezen: ego of HG/J (zonde, schuld, angst of Liefde, onjuist gerichte denkgeest of juist gerichte denkgeest).
Meer keuzes zijn er niet, er is geen lichaam dat keuzes maakt, ook al zal mijn keuze voor zonde, schuld en angst er alles aan doen om het serieus te nemen en tot werkelijkheid te maken en dat wat werkelijk werkelijk is verbergen.

In die zin is het waar dat de kracht van de denkgeest niet onderschat mag worden, want dat is de kracht waar alles wat wij denken en geloven te zien mee “gemaakt” is. En die zelfde kracht van de denkgeest zal er alles aan doen dit te ontkennen en zijn kracht inzetten om een complete bedachte en geprojecteerde muur (de wereld)  op te trekken om maar te verbergen dat dit alles slechts een gedachte is van de denkgeest en dat er alleen denkgeest is.

Dus de keuze voor egodenkgeest zal met het antwoord komen:  “ik heb Hulp gevraagd en vergeven, maar er gebeurt niets ik merk er niets van, ik krijg geen antwoord!”.
Hoe weet ik dat dit antwoord komt vanuit de keuze voor het egodenken? Doordat het een gevoel van onvrede veroorzaakt (WdI.5), wat altijd een vorm is van zonde, schuld en angst.
Dit gevoel kan mij bewust maken van mijn keuze en bewust maken van dat het een denkgeest keuze is. Daardoor kan ik leren doorzien, door naar het gevoel te kijken waarmee het antwoord gepaard gaat, wanneer en of ik weer voor ego kies en olv van “wie/wat” ik er naar wens te kijken. Olv ego of olv HG/J, meer smaken zijn er niet.

De keuze mogelijkheid voor ego zal altijd blijven meereizen, naast de keuzemogelijkheid voor de keuzemaker en de keuze voor HG/J (er is ook maar één denkgeest). Het is de kunst om “bij het gevoel, bij de pijn te blijven”, zonder de aantrekkingskracht van allerlei vormen van zonde, schuld en angst te volgen en te vluchten in weer andere zeer serieus genomen egoprojecties, maar steeds weer opnieuw te kiezen door terug te gaan naar de denkgeest en de projecties van zonde, schuld en angst te vergeven en te leren vertrouwen op dat de keuze voor HG/J denkgeest altijd uit zal lopen op Vrede in de denkgeest, ongeacht wat er in de vorm/projectie zal lijken te gebeuren.
Want vraag ik hulp aan HG/J denkgeest, maar vertel ik daarbij hoe die hulp er volgens mij dan uit moet zien, dan is dat weer een hele slimme verborgen keuze voor egodenkgeest welke de vorm serieus wil nemen. En dat komt door de schijnbaar enorme aantrekkingskracht om de stem van het ego te volgen: zonde, schuld en angst welke ook geprojecteerd zal worden op de werkelijke Hulp (juist gerichte denkgeest), waardoor deze nu serieus de vijand lijkt die mij op z’n minst zal vermorzelen, vernietigen.

Het geloof in deze waangedachte, want het is alleen maar een gedachte, die serieus wordt genomen, meer niet, lijkt daardoor zo sterk dat het alleen al een wonder is, dat die schijnbaar solide muur van waan gaten begint te vertonen en het geloof erin begint te wankelen en steentje voor steentje (gedachte voor gedachte) afgebroken kan gaan worden. Niet in één keer, maar stapje voor stapje, vergevingskans, na vergevingskans.

Onnodig te zeggen en dat leert de ervaring, dat het miljarden jaren oefenen in het luisteren naar het ego (de wens voor afscheiding) alleen teruggedraaid kan worden door de tijdslijn, eerst gebruikt door het ego, nu omgedraaid kan worden en kan worden her-gebruikt nu door te kiezen voor HG/J denkgeest waardoor de loper van de tijd stap voor stap wordt terug gerold (vergeven) tot het NUL punt en daarin oplost.

Kan de denkgeest (mind) beschadigd worden?
Anders gezegd, betekent dat als ik een beschadigd lichaam of brein waarneem of ervaar, ook de denkgeest beschadigd is?
De enige eigenschap van de denkgeest is dat het een gedachte is een gedachte die komt vanuit de denkgeest, de denkgeest is dus een gedachte.
Dat is een abstract gegeven, iets wat de denkgeest die denkt en gelooft dat hij een lichaam is met een brein, niet kan bevatten, ómdat de denkgeest dit denkt en wil geloven.
De denkgeest is door dit geloof als het ware uit het zicht verdwenen, ‘vergeten’, omdat de denkgeest nu gelooft dat deze een lichaam is.
De denkgeest heeft zich dus vermomd als lichaam met hersenen die kunnen denken en ziet daardoor ook andere lichamen en dingen, die denken en dingen doen.
En dat wat de denkgeest denkt, én gelooft, dus dat het nu een lichaam is tussen andere lichamen, wordt dien ten gevolgen geprojecteerd en weerspiegelt als lichamen en dingen.
De denkgeest die zich nu volledig identificeert met het lichaam heeft zichzelf afgesloten van het feit denkgeest te zijn, heeft zich dus afgesloten van zijn oorspronkelijke bron. Het denkgeest zijn is nu een onbewuste gedachte geworden en het onderbewuste waar de herinnering aan het ware zelf zich nu schuil houdt  zorgt voor een voortdurend gevoel van iets kwijt zijn, iets vergeten zijn, maar niet weten wat.
Het onderbewuste wordt extra beveiligd door de angst die erop geprojecteerd wordt door de denkgeest die ervoor heeft gekozen te geloven een lichaam te zijn en wil vergeten dat er alleen denkgeest is.
Angst en ook zonde en vooral schuld zijn een prima drie-eenheid om dit ‘geheim’ te bewaken.

Als we het dan over beschadigen hebben kan gesteld worden dat de denkgeest die nu in zijn eigen bedrog gelooft, en zichzelf dus voor de gek houdt, zich in wezen krankzinnig gedraagt. Dat leidt echter niet tot een beschadiging van de denkgeest, maar wel tot een geloof en het waarmaken van waanzinnige onmogelijke gedachten.
En deze waanzinnige, onmogelijke gedachten projecteren zich dan onmiddellijk weer uit in waanzinnig gedrag in een waanzinnige wereld. Dat kan niet anders, waanzin kan alleen maar waanzin zien en ervaren.

Aangezien dit eigenlijk zo logisch en duidelijk is, maar ook de herinnering aan ‘normaal’, namelijk denkgeest zijn, ook nog aanwezig is in de denkgeest, zien en ervaren we niet alleen waanzin, hoewel de geprojecteerde wereld 100% waanzin is, maar hebben we ook gradaties aangebracht in onze projecties. Gradaties die lopen van ‘normale’ lichamen tot volledig krankzinnige lichamen. En daarbij worden krankzinnige lichamen, of zieke lichamen als ‘fout’ bestempeld, foutje van de natuur noemen we dat, of erger nog een opzettelijk foutje van God, als straf of als les. En om deze verschillen kracht bij te zetten zijn wij, die denken en geloven een lichaam te zijn, druk met het onderbrengen van de verschillende gradaties van waanzin en ziekte in verschillende categorieën en hokjes.

Maar is deze denkgeest ‘vergissing’ ook een denkgeest beschadiging?
Nee, een gedachte op zich is geen beschadiging, het is wat het is een gedachte en de eigenschap van gedachten is dat ze kunnen veranderen.
De denkgeest kan wel verwrongen, dwaze ideeën hebben, maar daarmee is de denkgeest niet beschadigt. Let wel, even ter herinnering, we hebben het hier niet over het geloof in een lichaam te zijn met hersenen die beschadigt kunnen zijn. We hebben het over de denkgeest, dat wat we in werkelijkheid zijn en blijven, wat we ook voor waanzinnige dromen mogen hebben.

Een momentje van helder bewustzijn kan de denkgeest weer terugbrengen in zijn werkelijke staat, die van waarnemer die kan ‘zien’ (niet met de ogen van het lichaam wel te verstaan, maar vanuit puur denkgeest) en zich bewust is van zijn vergissing en weet dat hij opnieuw kan kiezen, nu vanuit 100% denkgeest.
De denkgeest bevindt zich niet in een lichaam, maar het idee, de projectie het lichaam, bevindt zich in de denkgeest.
De denkgeest die zich weer ‘herinnert’ is genezen en zal zichzelf niet meer verwarren met een lichaam.

Zolang er dan nog wel spraken is van ervaren in een wereld, dient het lichaam nog als handig hulpmiddel, en hoe dat hulpmiddel eruit ziet, ziek, zwak en misselijk, bijna dood, dun, dik, lelijk of mooi of zgn kerngezond, maakt helemaal niets uit.
Deze verschillende vormen zijn en blijven altijd projecties. En een dood ziek terminaal lichaam kan volledig de vrede van God weerspiegelen of volledig de krankzinnigheid van de egodenkgeest, daar heeft de uiterlijke vorm niets mee te maken. Want er is of alleen het lichaam, of er is alleen denkgeest. Een autonoom lichaam dat een denkgeest bevat is onmogelijk. Dus afhankelijk van de staat van de denkgeest die de gedachte, het idee van een lichaam te zijn bevat en daar wel of niet in gelooft maakt hoe we de wereld zien en ervaren.

Hoe dan ook, de denkgeest die denkt een lichaam te zijn is ‘ziek’, hij vergist zich gewoon en deze vergissing, dit ‘ziek’ zijn wordt geprojecteerd in een wereld waarin we door dit vreemde zieke geloof alleen nog maar zieke en waanzinnige projecties waarnemen in verschillende gradaties, waar we in geloven en ze daardoor ‘echt’ lijken.
Dit alles vindt plaats als in een droom, dus als een illusie, in de totaal onveranderlijke Geest die we in werkelijkheid ZIJN.
Dit totaal ‘abstract’ zijn kunnen we niet in onze in waanzin gelovende denkgeest brengen, want dat is nu juist wat de waanzinnige keuze voor egodenkgeest niet wil zien. Dus we kunnen alleen onze waanzin doorzien, er ons bewust van worden en al deze waanzinnige gedachten terug geven aan de ‘herinnering’ die nog altijd aanwezig is in de denkgeest, zodat de zieke denkgeest kan genezen en van zijn waan wordt verlost.

Om deze ‘herinnering’ minder abstract te maken, kunnen we gebruik maken van symbolen. Daar zijn we als projecterende denkgeest heel goed in. Immers alle projecties (de wereld met alles erop en eraan) zijn symbolen van afscheiding. Dus kunnen al deze projecties van afscheiding ook her-gebruikt worden als symbolen voor het terug herinneren in wat we werkelijk zijn en nooit uit zijn weggeweest.
Deze projecties blijven dus projecties, het is niet zo dat de projecties ineens magische ‘dingen’ worden die ons doen terug toveren in Waarheid.

Bijvoorbeeld als symbool voor het vragen om ‘Hulp’ kan de innerlijke leraar gebruikt worden, en afhankelijk van de voorkeur kan daarvoor alles gekozen worden dat symbool staat voor mij voor onpersoonlijke, onvoorwaardelijke, niet oordelende liefde, die zich in mij, de denkgeest bevindt.
Dat kan Jezus zijn, of de Heilige Geest of een ander symbool, als het maar voor mij die ‘hulp’ functie heeft.
Deze ‘hulp’ bevindt zich niet buiten mij, als lichaam, maar ‘in’ mij als denkgeest, omdat er niets kan bestaan buiten de denkgeest.

En deze hulp zal dus niet zijn focus leggen op het genezen van een ziek lichaam, of zieke hersenen, maar op het genezen van de zieke denkgeest, wat niets anders is dan een denk-correctie, daar denkgeest nooit echt ziek of beschadigd kan zijn.

Alles wat we denken te danken te hebben aan personen en situaties buiten ons, is in werkelijkheid afkomstig en een reflectie van onze eigen beslissing als denkgeest gemaakt in de ene denkgeest voor ego of voor HG.
Dus in werkelijkheid worden we niet geholpen door andere ‘personen’ buiten ons, (er is geen wereld) maar door wat er zich afspeelt in de denkgeest, want we zijn 100% denkgeest.

“Er is geen wereld! Dit is de kerngedachte die de cursus probeert te onderwijzen. Niet ieder is bereid dit te aanvaarden en ieder moet zo ver gaan als hij zich kan laten leiden langs de weg die hem naar de waarheid voert. Hij zal terugkeren en weer verder gaan, of misschien een tijdje ervoor terugwijken en terugkeren eens weer.” (WdI.132.6:2-5)

We vragen dus altijd hulp in de denkgeest, (ego of HG) ook als we denken hulp te vragen en te krijgen via een of andere vorm (persoon situatie), want dat we dat denken en geloven maakt het nog niet werkelijk, het blijft een geprojecteerde gedachte.
Dus de hulp die we krijgen en terug zien in een of andere vorm is altijd de weerspiegeling van de keuze die gemaakt is om naar toe te gaan voor hulp in de denkgeest.
De verleiding en valkuil kan wel weer zijn dat als we ons, omdat we ons door de geboden hulp in de vorm, weer prettig voelen, we weer helemaal terugkeren in het waarmaken van de vorm, die nu prettiger is en weer als werkelijk wordt gezien.
Dat betekend dan alleen dat de egodenkgeest weer aan het roer staat, niet dat de vorm nu ineens toch echt, echt is geworden.
Het gaat om het doel .

“Waartoe?’ Dit is de vraag die jij in relatie tot alles moet leren stellen. Wat is het doel? Wat het ook is, het zal jouw inspanningen automatisch richting geven. Wanneer je dan tot een doel besluit, heb je een besluit genomen over je toekomstige inspanningen, een besluit dat van kracht blijft tenzij jij van gedachten verandert.” (T4.V.6:8-11)

Wat is het doel, het prettiger krijgen in de vorm, of het Thuis zijn in God, waar Geluk, Vrede en Vreugde de onveranderlijke grondtoon is, van waaruit alles ervaren zal worden onafhankelijk van de vorm waar we in lijken te zitten, zolang we hier nog denken en lijken te zijn.
Je kan in een vreselijke situatie lijken te zitten en je diep ongelukkig voelen, of je kan in een vreselijke situatie zitten en toch in onveranderlijke vrede blijven.
En dat hangt alleen af van de denkgeest waarvoor je kiest om vanuit te denken.
En wat als vreselijk in de vorm wordt bestempeld, voelt alleen vreselijk omdat we ons identificeren met iets wat regelrecht tegen onze ware natuur, denkgeest zijn, indruist.
We voelen ons nooit vreselijk vanwege de vorm, die de oorzaak lijkt te zijn van het vreselijk voelen.
We voelen ons vreselijk, omdat we iets proberen te doen wat niet onze ware natuur is, niet omdat de vorm vreselijk lijkt te zijn.

“Ik voel nooit onvrede om de reden die ik denk.

Dit idee kan, evenals het voorgaande, gebruikt worden bij elke persoon, situatie of gebeurtenis waarvan jij denkt dat die jou pijn bezorgt. Pas het uitdrukkelijk toe op alles waarvan jij gelooft dat het de oorzaak van je onvrede is, en gebruik daarbij de omschrijving van het gevoel in een bewoording die je juist lijkt. De onvrede kan zich voordoen als angst, bezorgdheid, depressiviteit, verontrusting, kwaadheid, haat, jaloezie en nog talloze andere vormen, die je allemaal als verschillend zult waarnemen. Dit is niet waar. Maar tot je geleerd hebt dat de vorm er niet toe doet, is elke vorm geschikt als onderwerp van de oefeningen van de dag. Hetzelfde idee op elke vorm afzonderlijk toepassen is de eerste stap naar de uiteindelijke erkenning dat ze allemaal hetzelfde zijn.” (WdI.5.1)

Als we geholpen worden door ‘anderen’ op een wonderlijke onverwachte manier, dan is dat de weerspiegeling van onze eigen keuze als denkgeest op denkgeest niveau.
De hulp is dus afkomstig van een beslissing en is de beslissing in de ene denkgeest, die alles omvat en niemand uitsluit, ook niet jezelf dus.
De vrede die we dan voelen is dan niet de weerspiegeling van het geloof in vormen die de oorzaak lijken te zijn, maar de weerspiegeling van de Vrede van God en deze Vrede is vormloos en omdat deze vormloos is, zal deze weerspiegeld worden in alles en iedereen die we zien, niets en niemand uitgesloten.

“Het lichaam van jouw broeder laat jou niet de Christus zien. Die is in zijn heiligheid tentoongespreid.
Kies dus zijn lichaam of zijn heiligheid als wat jij wenst te zien, en wat je kiest is wat er voor jou te zien valt. Maar je zult in talloze situaties en in de loop der tijd die geen einde lijkt te hebben, kiezen totdat de waarheid jouw beslissing is. Want de eeuwigheid wordt niet herwonnen door eens te meer Christus in hem te verloochenen. En waar is jouw verlossing, als hij slechts een lichaam is? Waar is jouw vrede behalve in zijn heiligheid?
En waar is God Zelf anders dan in dat deel van Hem dat Hij voor immer in de heiligheid van jouw broeder heeft geplaatst, opdat jij de waarheid omtrent jezelf zou kunnen zien, eindelijk uiteengezet in bewoordingen die je herkende en begreep?” (24.VI.6:7,7:1-6)

Als we toch nog iemand daarvan buitensluiten weten we dat we weer voor egodenkgeest hebben gekozen en het doel weer vormgericht hebben gemaakt.
Dit moet opgemerkt worden en niet ontkend, het is juist goed als het opgemerkt wordt, want dan kan het weer vergeven worden, waardoor het doel weer richting HG gaat.
En zo kunnen we dan het begrip hulpvragen en krijgen opnieuw definiëren. Hulp is altijd afkomstig van de denkgeest, van ego of van HG denkgeest en nooit van een of andere persoon of vorm, en de keuze makende denkgeest maakt de keuze en bepaalt het doel.

Het resultaat van vragen om hulp op HG denkgeest niveau is niet vorm-resultaat-gericht, hoewel de vorm, de personen en situaties dus, de projecties, wel de reminders zijn voor het hulp gaan vragen. Hulp vragen aan HG/J is bevrijd willen worden van zonde, schuld en angst, niet van bepaalde vervelende vormen en situaties.
En als we dan bevrijd zijn van zonde, schuld en angst dan zullen we ook vrij in de wereld staan, zolang we nog in de droom lijken rond te lopen, en alles en iedereen als ‘hetzelfde’ zien als hetzelfde in de ene denkgeest (niet als lichamen, want die zijn allemaal anders op dat niveau) en dus ook niet bang meer zijn de geboden kansen nu zonder angst nu vanuit Liefde in ontvangst te nemen.
De wereld en elke ervaring in de wereld is een symbool en staat symbool voor afscheiding of voor het terug herinneren in Eenheid.

 

 

 

 

En dan is er ineens dat gevoel van volledig te willen en te kunnen volgen, alleen nog maar naar de Stem van Jezus/Heilige Geest te willen en te kunnen luisteren.

Diep van binnen ineens te weten als dat gevolgd wordt er nooit verliezers of winnaars kunnen zijn.

Iets wat ik in de egodenkgeest ook altijd leek te willen, altijd proberen te sussen, uitpraten, compromissen maken, vredestichter spelen enz. kortom als er maar geen ruzie kwam, herrie, geweld, ellende en verdriet.

Zorgen dat er een soort moeizaam in evenwicht gehouden vrede was, geen pijn aub.

Wat natuurlijk in de dualiteit onmogelijk is, en tot gevolg heeft ogen sluiten voor alles wat niet vredig lijkt en een constant zoeken naar bevrediging van geluk.

Kortom met slechts een doel voor ogen de vrede van het ego. Wat onmogelijk is.

En dan komt er onherroepelijk een moment dat het genoeg is, dat er niet meer verder geleden kan worden, dat de schreeuw om Hulp dwars door alles heen klinkt: ‘Er moet een andere manier zijn.’

 

En dan kan de grote kanteling beginnen.

Dan worden al deze ‘talenten’ teruggeven aan HG/J en ingezet en omgekeerd tot de werkelijke Wil, Hem te volgen in Denkgeest waar Vrede, Vreugde en Vrijheid heerst.

En Hem de weg laten wijzen, stap voor stap volgen en niet meer zelf te plannen in een verre toekomst in tijd en ruimte, maar nu met slechts een doel voor ogen de Vrede van God.

En dit zal slagen.

 

 

 

Het  leven kan soms totaal stuurloos lijken zonder enige vorm, doel, richting, wat dan ook, doelloos maar doen wat er voorbij kwam, denkend dat het iets zou opleveren, maar eigenlijk gewoon een speelbal van niets.

Ik vraag om Hulp, pak Zijn Hand, en dat voelt dan wel weer als zinnig, alsof dit zegt laat mij je denkgeest aansturen zodat het wel zin heeft, al die beelden zijn niets, projecties uit een zwervende dolende denkgeest, geef ze aan mij ik geef ze richting. En weer al die dwarrelende beelden… ah de cursus beschrijft het precies zoals het is:

 ‘Ze dwarrelen door zijn denkgeest als door de wind opgewaaide bladeren die een ogenblik een patroon vormen, uit elkaar vallen, zich hergroeperen en wegvliegen. Of als luchtspiegelingen die boven een woestijn worden gezien, oprijzend uit het stof.’ (WdI.186.9:3)

en

‘Deze schimmen zullen verdwijnen en je denkgeest onbeneveld en sereen achterlaten, wanneer jij de functie accepteert die jou gegeven is.’

en

‘Doe zoals Gods Stem aangeeft. En als die iets van jou vraagt wat onmogelijk lijkt, denk er dan aan Wie het is die vraagt, en wie het is die weigert.’

 Het is goed zo diep in mezelf te moeten kijken nu ik daar alle tijd voor heb, het is zo confronterend maar geen ontkomen aan, het moet, me niet laten afleiden door drukdoenerij, door dingen die ‘moeten’ gebeuren, afleidend ego geschreeuw.

Intreden in God gaat niet zonder weerstand, ook al weet ik dat ik er nooit ben weggeweest en het slechts een droom is van uitgetreden zijn en nu de bereidwilligheid weer her-in te treden.


 

 

 

NO SUPERWOMEN PLEASE

En dan gebeurt het weer, als de Hulp vraag is uitgezonden, het is niet de milde ‘stem’ van Liefde die het eerst gehoord wordt, maar de bulderende stem van … ‘super ego’….!!!!
De geest die herkent en weet dat ik niet een lichaam ben maar geest, wordt onmiddellijk omgedraaid en door het ego geprojecteerd als …..’super ego’….!!!! En zzzzzeofffffffffff daar staat ze ‘super women’ in haar felgekleurde latex pakje, aan de slag!!!! Wie moet ik redden, waar is de ramp, wat kan ik doen, ‘er moet een andere manier zijn’, wordt geprojecteerd in de vorm. Ja de vorm moet veranderen, dan komt alles goed….!
En ja hoor wordt er geroepen, de Heilige Geest was er weer….. , maar oh nee, het was …. ‘super ego’…
Uh… opnieuw kiezen dan maar….?



 

Een andere kijk op ongeduld?

  

Ik heb een ongeduldig karakter, heb een hekel aan wachten.

Ongeduld speelt zich af in tijd en ruimte, ongeduld is een gedachte uit de denkgeest die in tijd denkt. Binnen deze context is er een probleem dat zo snel mogelijk moet worden opgelost. Dus fout moet goed worden en wel zo snel mogelijk. Dit speelt zich allemaal af binnen de tijd, dus binnen de droom, De oplossing van een probleem zal daarom altijd tijdelijk zijn en nooit definitief.

 

Daarom verheugt het mij enorm te lezen in ‘Het handboek voor leraren’,  H29.7:6 ‘Vraag alles aan Zijn Leraar en alles zal jou gegeven worden. Niet in de toekomst, maar onmiddellijk: nu. God wacht niet, want wachten veronderstelt tijd en Hij is tijdloos.’

 

Dit betekent voor mij dat hoe ik mijn Hulp vraag ook ‘stel’ vanuit ongeduld, of vanuit geduld, hij wordt altijd gehoord, meteen.

Want: ‘Vergeet nooit dat de Heilige Geest niet op jouw woorden aangewezen is. Hij begrijpt de verzoeken van je hart en geeft daar antwoord op. (..)  Hij begrijpt dat een aanval een roep is om hulp. En Hij antwoord dienovereenkomstig met hulp.’ H29.6.1:1-6

 

En dit is het werkterrein van de Heilige Geest, niet van het ego…

 

Dus mijn ‘talent’ ongeduldig zijn, is niet fout of goed, maar een reminder: ‘Zo is het niet.’ (WdI.11:3)

 

En ik geeft dit talent aan HG, want die kan alles gebruiken voor mijn verlossing.

 

 

 


%d bloggers liken dit: