archiveren

Tagarchief: HG

Eerlijk zijn over al mijn gedachten, hoeft niet hetzelfde te zijn als ‘eerlijk’ zijn in de zin van elke gedachte hardop uitspreken, en ongezouten en ongevraagd mijn mening geven.
Eerlijk zijn en vooral eerlijk kijken naar al mijn gedachten is nodig om de aard van al mijn gedachten aan het licht te brengen voor mijzelf. Want dat is nodig in het proces van ware vergeving.
Eerlijk kijken is mijn eigen gedachten, dus niet die van anderen, wel weer alle gedachten die ik zelf over anderen heb, oordeelloos observeren, als waarnemende/keuzemakende denkgeest en de keuze maken mijn denkgeest olv ego (afscheiding, angst) of HG (verbinding met Eenheid, Liefde) te zetten.

Dus als ik irritatie (groot of klein) voel tov iemand, dan kan ik onder het mom van ik mag zeggen wat ik wil, dat meteen uitspreken en de ander veroordelen, of ik kan meteen zien dat ik, de denkgeest aan het projecteren ben, om mijn eigen angst die daarachter schuil gaat te ontkennen en zo snel mogelijk kwijt wil raken.
Ik kan dan ook waarnemen dat de angstgedachte niet de non-dualistische Waarheid vertegenwoordigt, maar afscheiding en dus niet Waar is. En wat niet Waar is, is onwaar en dus een illusie over mijzelf en de ander (wat hetzelfde is, want er is alleen eenheid). En onwaarheid kan vergeven worden, omdat het slechts een vergissing is, omtrent Waarheid.

Dus in plaats van overal maar mijn zogenaamde eerlijke ongezouten mening over te ventileren onder het mom van eerlijkheid, persvrijheid, of vrijheid van meningsuiting en ik doe wat ik wil en ik zeg wat ik wil, en als jij je daardoor beledigd of aangevallen voelt, jammer dan, kan ik er als waarnemende/keuzemakende denkgeest ook voor kiezen deze gedachten als vergevingsmateriaal en vergevingskans te zien. Daardoor krijgen al mijn gedachten een andere functie, niet meer als wapen of verdedigingsmuur in dienst van afscheiding, maar als middel en sleutel tot het terug herinneren in Eenheid, in Liefde.

Op deze manier kan alles wat ik denk een bewust doel krijgen. Of het doel is afscheiding, of het doel is terug herinneren in Eenheid, in Waarheid, in Liefde.
Ik kan mij dus bij iedere gedachte afvragen, ‘wat is het doel’, en dan bewust de keuze maken: stel ik, als waarnemende/keuzemakende denkgeest mijzelf olv ego of HG.
Dat is de enige keuze die gemaakt kan worden, ook als ik dat niet bewust doe, want aangezien er alleen denkgeest is, maak ik die keuze altijd, alleen blijft dat verborgen, omdat mijn aandacht op de projecties is gericht en ik denk en geloof dat dat mijn waarheid is en vergeten wordt dat denkgeest is wat ik ben. En binnen dat gegeven kan ik kiezen voor de egokant van de denkgeest die afscheiding vertegenwoordigt, of voor HG kant van de denkgeest die de brug vormt voor terug herinneren in Eenheid.

Als alles bewustzijn is, en als alles wat we ‘zien’ een projectie van het bewustzijn is, dan ‘is’ alles dus bewustzijn en blijft bewustzijn.
Daar is toch geen speld tussen te krijgen, behalve dan door het bewustzijn dat dit ontkent, maar ook dat blijft bewustzijn of het nu zichzelf ontkent of niet.
Het bewustzijn dat zich hiervan bewust is, kan dit natuurlijk niet meer helemaal ontkennen en dit zal onvermijdelijk ervaren worden als totaal uit je comfort zone gerukt te worden, niet comfortabel dus. Maar dat komt enkel en alleen omdat dat wat werkelijk is ontkend wordt, en alleen de ontkenning maakt dat het rot voelt, omdat ontkennen wat werkelijk is, wel onnatuurlijk moet voelen, ook dat is logisch.

Projecties blijven dus projecties en kunnen daar nooit van loskomen.
Dit betekent automatisch, dat er geen rangorde in projecties bestaan, alles is immers afkomstig uit het ene bewustzijn en is en blijft dat ene bewustzijn, welke vorm het ook lijkt aangenomen te hebben.
Een stoel is dus niet iets volkomen anders dan dat wat ik mijn, of een ander lichaam noem.
Beide zijn projecties vanuit het bewustzijn, vanuit de denkgeest.
Dus de stoel, de pc, lichamen en nog zo’n tig miljard voorwerpen, dingen, lichamen, menselijk en of dierlijk, die wij denken te zien, zijn en blijven bewustzijn, ze hèbben geen bewustzijn, ze zíjn bewustzijn.
Het zijn geprojecteerde beelden van wat er zich in het bewustzijn afspeelt. Meer niet en ook niet minder.
Als dat besef er is, dan treed er nog een verdere verdieping op wat betreft de betekenis van les 5: ‘Ik voel nooit onvrede om de reden die ik denk’, (I am never upset for the reason I think).
Ik kan dan inderdaad nooit meer onvrede voelen over iets wat mij iets aandoet buiten mij, want er is niets buiten mij, er is alleen bewustzijn.
Ik besef dan dat wat ik dacht dat een ander mij aandeed, slechts een keuze van mij als denkgeest is weg te vluchten voor dat wat ik ben: bewust zijnde denkgeest.
De projectie die daar uit voortgekomen is, namelijk iets of iemand buiten mij die mij iets heeft aangedaan, of ik heb aangedaan (zonde, schuld), is en blijft ‘bewustzijn’, want het komt uit ‘bewustzijn’.
De projectie, mijn lichaam, andere lichamen, dingen zijn niet de bron van wat er lijkt te gebeuren, de projecties zijn geen autonome zelfstandige ‘dingen’ geworden die iets kunnen doen uit zichzelf, want ze zijn en blijven gedachtes die geprojecteerd zijn vanuit bewustzijn, vanuit de denkgeest, dat wat ik werkelijk ben.

Ik voel dus geen onvrede over wat ‘jij’ of ‘iets’ mij heeft aangedaan, ik voel onvrede, omdat ik voor afscheiding koos en uit bewust zijnde denkgeest wil vluchten, omdat ik bang ben voor Eenheid.
De bewuste denkgeest die voor angst (ego) kiest, kiest voor het vluchten in onbewustheid, in vergeten. En uit de bewust zijnde denkgeest vluchten betekent automatisch, projecteren, dus versplinteren, in miljarden stukjes ‘vergeten bewustzijn’, die er nu uitzien als aparte stukje die op zichzelf staan en dingen doen, ieder voor zich.
Maar in werkelijkheid is er niets gebeurt en is er nog steeds alleen bewustzijn, en dus zijn al die schijnbare versplinterde bewustzijnsstukje nog steeds onveranderlijk bewustzijn en daarom is alles bewustzijn.
Dus hieruit volgt het onvermijdelijke besef, dat elke aanval, of dat nu een trap tegen een stoel is, een vinger opsteken naar een mede weggebruiker, of een onthoofding van een lichaam, of het vervuilen van het milieu, of het respectloos omgaan met dieren, planten, of wat er maar ook lijkt te gebeuren in deze geprojecteerde wereld, niet is wat het lijkt (les 5), maar een aanval van bewustzijn tegen bewustzijn, in het ene bewustzijn is.
En ja als we daar de onzinnige, nutteloze krankzinnigheid van in zien kan de onvermijdelijke vraag ‘er moet een andere manier zijn’ niet lang meer uitblijven en kan de terugweg uit het grote vergeten terug naar het herinneren van dat alles alleen maar bewustzijn is beginnen.
We kunnen dan weer bewust gebruik gaan maken van het feit dat we denkgeest zijn en dus volledig verantwoordelijk voor al onze gedachten, en dus ook als waarnemende/keuzemakende denkgeest de keuze kunnen maken of we voor angst (egodenkgeest), of voor Liefde (HG denkgeest) kiezen.
En de functie van de wereld waar we nog steeds in rond ervaren en dingen doen, verschuift dan van afscheiding als doel, naar terug herinneren in Eenheid, in Liefde, in God.
En dan is het antwoord op les 5: ‘Ik voel nooit onvrede om de reden die ik denk’, les 34: ‘Ik zou in plaats hiervan vrede kunnen zien’.

 

Vakantie nemen van al je egogedachtes, vakantie nemen van je onware zelf.
Daar kan je je vakantie ook voor gebruiken.
En het kan zelfs leiden tot eeuwige vakantie, vrij zijn van alle lijden, voor eeuwig.
Maak van je vakantie geen verhaal van ergens naar toe gaan om vrij te zijn, een andere vorm te kiezen die schijnbaar meer vrijheid geeft.
Weiger gewoon alle verhalen alle dromen van pijn en lijden echt te doen lijken, of ze nu in jouw droom lijken te zijn of in die van een ander, ze zijn niet waar.
Neem er vakantie van en als het bevalt, eeuwige vakantie.

Ware vakantie als we het zo even noemen, speelt zich af in de denkgeest, want daar begint de gedachte van lijden en pijn en de gedachte dit op te lossen of te verzachten door op vakantie te gaan ergens anders heen in de vorm.
Weiger die gedachtes te projecteren buiten je of naar jezelf toe, verenig je met de denkgeest niet met je droom.
Hetzelfde geld als je dit in iemand anders waarneemt, ook daar geld vereenzelvig je niet met verhalen van anderen, want dat is hetzelfde als je vereenzelvigen met je eigen verhalen. Er is immers maar één denkgeest. Dus werkelijk behulpzaam zijn is werkelijk behulpzaam zijn voor de ene denkgeest, en je helpt dus iemand echt als je je niet vereenzelvigt met zijn verhaal.
Dus gebruik je je vakantie om de kloof te vergroten, of om deze juist te dichten?

Het maakt nu niet meer uit waar je bent of gaat in de vorm, het gaat erom waar je heengaat in de denkgeest, naar ego of naar HG. En wat zich dan ook in de vorm mag afspelen, als je voor leiding van HG kiest ben je vrij, omdat de denkgeest is genezen.

Eigenlijk is de wereld een grote wachtkamer, zonder dat men weet waarop men wacht, alleen maar wacht en het wachten als doel opzich is gaan zien en het overal projecteerd en het in stand houd door zonde/schuld/angst. Totdat de denkgeest het doorziet en bedenkt dat er een andere manier moet zijn….

‘Wachten is alleen mogelijk in de tijd, maar tijd heeft geen betekenis.’ (T11.I.4:1)

 

Wachten in handen van de ego-denkgeest is eigenlijk het uitstellen van de Liefde van God, het uitstellen van Verlossing, zolang er wordt gewacht kan het er niet zijn. Het is tijd inzetten als wapen, het wapen wachten….

Wachten als verdedigingsmuur tegen God, tegen Verlossing.

 

Wachten is dus uitstellen van Verlossing.

Wachten heeft zoals alles afkomstig vanuit de ego-denkgeest als bron zonde/schuld/angst.

Wachten wordt derhalve in stand gehouden door zonde/schuld/angst dat is duidelijk te voelen aan de emoties die ermee gepaard gaan.

 

Wachten als de poort waarachter J ‘wacht’ met eindeloos geduld, op de overgave van wachten met als enig doel Verlossing.


Wachten in Handen van HG zal worden hergebruikt, de projectie in de vorm van personen en zaken, waarop gewacht wordt, wordt teruggenomen in de denkgeest, en lost op in Verlossing.


Wachten totaal vergeven is het einde van wachten, het einde van uitstellen, het einde van excuses, smoezen, uitvluchten, maren, eigen plannen, eerst dit, eerst nog dat, dan pas, later, het einde van het uitstellen van Verlossing

 

 ‘Ik hoef niet te wachten tot dit wordt opgelost.

Het antwoord op dit probleem is me al gegeven, als ik het wil aannemen.

De tijd kan dit probleem niet van zijn oplossing scheiden.'(WdI.90.herh II. 80)

 

‘Zij die zeker zijn van de afloop kunnen zich veroorloven te wachten, en wel zonder verontrust te zijn.'(H4.I.A.VIII:1)

 

 

 

IMG_2978

 

Kruimeltje

 

 

 

 

 

Het is een ‘eenzame’ weg die gegaan moet worden om bij Eenheid terug te komen, en te leren dat eenzaamheid niet bestaat…
Er komt een punt dat het onvermijdelijk is de eenzaamheid onder ogen te zien, en weten dat daar doorheen gegaan moet worden, omdat dat de enige manier is om te zien en te leren dat eenzaamheid een illusie is. 
Als er dan geen band is met de Innerlijke leraar, J of HG of een ander symbool voor de Brug, dan wordt er toch weer automatisch een beroep gedaan op het ego als leraar en dan wordt het kruispunt een rotonde waarop eindeloos rondjes gereden wordt zonder de keuze te durven maken en troost wordt gezocht in uitvluchten en bijzaken. 

In Logion 49 van het Thomas Evangelie wordt ook over ‘eenzaamheid’ gesproken:

‘Gelukkig zijn zij die alleen zijn en uitverkoren, want jullie zullen het Koninkrijk vinden. Want jullie komen er vandaan en zullen er terugkeren.’

Meer hierover te lezen onder: http://vliscony.proboards.com/index.cgi?board=general&action=display&thread=34

en:

http://rogierfvv.xanga.com/711807855/alone-and-chosen/

d1

 

 

 

 

Franz Schubert (1797-1828) – Die Winterreise
“Einsamkeit”

Wie eine trübe Wolke
Durch heit’re Lüfte geht,
Wenn in der Tanne Wipfel
Ein mattes Lüftchen weht:

So zieh ich meine Straße
Dahin mit trägem Fuß,
Durch helles, frohes Leben
Einsam und ohne Gruß.

Ach, daß die Luft so ruhig !
Ach, daß die Welt so licht !
Als noch die Stürme tobten,
War ich so elend nicht.

Hans Hotter, Bariton
Gerald Moore, Klavier

 

Wat is dat nu Hulp vragen, aan wie doe ik dat? En van wie of wat krijg ik antwoord?

Ervan uitgaande dat er alleen geest is, alles in werkelijkheid geest is, zoals het hele ‘Zoonschap’, betekent dat als ik in gedachte ‘praat’ met een symbool wat mij terug brengt tot het ‘geestelijke’, ik communiceer met het zelf, met nondualistische geest, maar dat ik daarbij wel gebruik maak van symbolen die mij aanspreken en daardoor het meest behulpzaam zijn in het herontdekken en herstellen van dat geestelijke contact.

Ik praat voortdurend in ‘mijzelf’ en krijg ook antwoorden, niet vanuit een ‘geest’ of entiteit buiten mij, want dat zou het oude verhaal van de dualiteit en afscheiding weer zijn, maar gewoon vanuit de bron die ik in werkelijkheid ben en die iedereen is in werkelijkheid.

Het om Leiding vragen en afstand doen van de leiding (vergeven) van het ego is niets anders dan inpluggen op de ene Geest die alles en iedereen verbind met dat wat ‘ik’, ‘wij’ zijn. Daar is niets speciaals aan, niets bijzonders, niets uitverkorens, het is de meest natuurlijk staat die er is.

Dus als ik of iemand zegt, ik ‘praat’ met de Heilige Geest, met J of met Maria, of Maria Magdalena, of wat voor behulpzaam symbool dan ook, dan gaat het hierbij niet om de historische figuren, die nu in de hoedanigheid van entiteiten met mij of jou of wie dan ook communiceren, maar wel als symbool, omdat ik nu eenmaal alleen maar in de hoedanigheid waarin ik nu denk te zijn, via symbolen kán communiceren. Ze herstellen op die manier de verbinding met de Eenheid, met Liefde en vanuit die Eenheid, vanuit die Bron van Liefde is er altijd ‘Hulp’, louter en alleen van wegen het simpele feit dat alle ellende, zorgen, pijn en angst en schuld, oplossen zodra ik inplug op Eenheid en symbolisch mijn angst aan weer symbolisch HG, J of wie dan ook geef. En die Hulp kan op allerlei manieren komen, via een ‘echte stem’ ervaring, via gedachtes, ideeën, inspiratie, beelden, horen enz. Heel individueel op maat gesneden, maar het is nooit iets van buitenaf.

Hulp vragen is de bereidheid, alle zelf-hulp van het ego te laten varen, en in te pluggen in Hulp, op Eenheid, en vanuit die Bron kan niets anders komen dan Werkelijke Hulp, Werkelijke Liefde. En die Hulp houd zich niet bezig met de vorm, maar puur met geest, de bron van alles. Maar als de Liefde weer vrij kan stromen, dus de Hulp geaccepteerd wordt, zal dat enorm geïnspireerd werken en zal ik weten wat me te doen staat, vanuit Inspiratie.

De wereld, de droom, de afscheiding, wordt op deze manier een leermiddel, niet in handen van het ego, maar in Handen van de Heilige Geest, Jesus die als symbolische Brug de verbinding de Ware Communicatie herstellen met God.

 

Verwachtingen op ego niveau zullen altijd heen en weer kaatsen tussen uitkomen en teleurstelling. Verwachtingen op ego niveau zullen nooit blijvend resultaat bieden. Verwachtingen op ego niveau hebben als doel de afscheiding in stand te houden.

 

Verwachtingen volkomen loslaten en aan HG/J  geven zullen altijd blijvend resultaat geven.

De enige werkende verwachting kan derhalve alleen maar zijn: ik laat alle verwachtingen los die ik kan bedenken en vertrouw volkomen op Heilige Geest die mij verwacht…

Verwachtingen op HG niveau hebben als doel loslaten/vergeven,  zodat ik me weer Thuis weet in God. Van waaruit Inspiratie weer voluit kan en mag en zal stromen…

 

 

Uiteindelijk zullen ideeën zoals zorgen voor het lichaam, genoeg slapen goed eten voldoende beweging enz. ook weg gaan vallen, niet bedacht maar vanZelf. Consistent denken is dat er geen lichaam is punt. Alleen het is niet iets om na te streven, geen lichaam te zijn, het is een feit, Alleen zolang ik zelf denk dat ik een lichaam ben horen daar ook de regels bij en die regels moedwillig veranderen omdat ik theoretisch weet dat ik geen lichaam ben is ook zinloos. Het zal vanZelf gaan. Het moment dat ik ontwaak zullen deze regels geen rol meer spelen, omdat ze dan echt doorzien worden, als zijnde regels binnen de illusie. Ze zullen dan een ander doel krijgen.

Dus als ik denk het is niet goed om pas om 3 uur te gaan slapen voelt dat ook als niet goed, als ik gewoon doe wat ik doe, maakt het niet uit. Zeggen dat ik geen slaap nodig heb klopt ook niet, want dat is een dualistische uitspraak een ontkenning van iets wat als noodzakelijk wordt gezien. Het is eigenlijk zoals J zegt in TI.II.3:12 ‘Het huidige verschil tussen ons is dat ik niets ánders heb. Daardoor verkeer ik in een toestand die in jou alleen potentieel aanwezig is.

Dus het lichaam op z’n best gebruikt binnen de droom is het volledig in handen te geven van HG wat niet iets buiten iets is maar dat wat er ís, het enige wat er ís. En elk doel laten vallen. En voor de rest is het lichaam en alles in de vorm gewoon speelgoed, droom speelgoed waar we mee spelen in de droom, waar we mee spelen zolang we dat leuk vinden, volmaakt onschuldig. Eigenlijk een beetje zoals kleine kinderen met spullen spelen die lijken op het echte spul waarmee we als volwassenen werken, zoals speelgoedautootjes, poppen, gereedschap, enz. alles in het klein en nagemaakt om mee te oefenen, heel onschuldig en het heeft geen echt effect.

Zo spelen wij met ons droommateriaal als het ego het gebruikt, we doen maar wat, verzinnen steeds andere regels, bedenken dingen zonder overzicht te hebben, we gaan er helemaal in op en het voelt heel echt, we identificeren ons met het speelgoed, maar heeft geen enkel effect. Pas als we Spiritueel volwassen worden en zien dat we Geest zijn wordt het speelgoed een middel van de Geest en het doel wordt dan eenduidig Licht,Vreugde en Vrede, Thuiskomen.

 

%d bloggers liken dit: