archiveren

Tagarchief: herinneren

De denkgeest die even de onmogelijke gedachte leek te denken dat er buiten Eenheid misschien toch nog ‘iets’ is. Wat meteen duidelijk maakt dat het ook onmogelijk is dat er een denkgeest is die dit kan denken, laat staan waarmaken. Wat vervolgens ook weer bewijst dat wat een ik (de denkgeest) lijkt te denken, geloven, projecteren ook onmogelijk is.
Hoe illusionair wil ik het verder nog hebben?

Dus wat dit zit te denken en te schrijven is een onmogelijke gedachte welke een onmogelijke projectie projecteert.
Hier kan de denkgeest die in deze waanzinnige opstelling gelooft en sterker nog denkt en gelooft dit te zijn, absoluut niet bij.
‘Ik’ ben/is onmogelijk.
Dat wat nu denkt… huh???, maar als ik in m’n arm knijp voel/ervaar ik echt wel ‘au’ is niets meer of minder dan een verdedigingsgedachte en heeft niets met ‘au’ te maken.
Binnen de (on)mogelijkheid tot begrijpen binnen dit (onmogelijke) gedachte concept kan dit min of meer duidelijk gemaakt worden door ‘mijzelf’ als de dromer van de droom te zien, als de denkgeest die droomt méér te kunnen zijn dan Eén.
Ook dat past niet binnen Eén, dus kan ook niet ‘Waar’ zijn, maar wel worden gedroomd, kennelijk.
Dat lijkt zo, maar is nog steeds niet waar, want het valt buiten Eén, wat precies ook de bedoeling is.
Wat dit dus allemaal zit te denken en te typen is niets anders dan de Herinnering aan Eén zijn, daar Eén nooit kan verdwijnen, zelfs niet als dat ‘gedroomd’ wordt.
En die Herinnering is nu precies de enige manier om terug te herinneren in Eén.
En als ik, de zich herinnerende denkgeest, deze sleutel gedachte toelaat zullen alle gedachten/projecties (niet losstaande vormen, maar projecties!) in dienst gaan staan van dat stukje zich terug herinnerende denkgeest.
Zo kan het zgn Hulp vragen en het onder leiding stellen van Heilige Geest en of Jezus in plaats van onder leiding van ego, zoals dat in de Cursus wordt beschreven misschien beter begrepen worden als de bereidheid van het los willen laten van een ‘persoonlijke’ (dus afgescheiden) identificatie als een lichaam dat Annelies wordt genoemd = een ego idee, naar tijdelijk als overbrugging het aannemen van de identificatie met HG/J of een ander symbool wat staat voor oordeelloze Liefde, totdat volledig Herinneren klaar is.
Dat is wat ECIW met kijken Met Jezus en of de Heilige Geest wordt bedoelt het is het Herinnerings-antwoord op kijken met het lichaam Annelies=ego.

Binnen het onmogelijke dat nooit gebeurt kan zijn is deze brug van herinneren, die er altijd is, juist omdat Eén onmogelijk kan verdwijnen, de enige mogelijkheid, die ‘ik’ die zich wil herinneren, heeft om terug te herinneren in Eén.
Een onvermijdelijke brug-herinnering die onvermijdelijk herinnerd zal worden, want nogmaals als er alleen Eén is, is iets anders dan Eén onmogelijk, hoe groot de weerstand ook mag zijn dit te willen herinneren.

En dit alles kan niet afgedwongen, maar ook niet volledig worden ontkend, want dat laat alleen zien dat de denkgeest er nog niet aan toe is dit onder ogen te zien. Maar een klein beetje bereidwilligheid en er een beetje aan toe zijn, zet het mechanisme van terug herinneren in beweging en dan rest er alleen Vertrouwen in het hele proces, meer valt er niet te doen aan het onvermijdelijke terug herinneren in Eén.

De denkgeest die eraan toe is zich te Herinneren zal zich Herinneren.
De denkgeest die nog niet aan Herinneren toe is zal zich niet Herinneren, omdat de bereidheid er nog niet is. De denkgeest die nog niet aan Herinneren toe is kan wel doen alsof er wel de bereidheid is tot Herinneren een hele slimme manier van zelf sabotage.
Spiritualiteit wordt dan ingezet en gebruikt schijnbaar om te leren Herinneren, maar zet alleen maar het grote vergeten voort.
Het grote vergeten kijkt niet naar angst, het grote vergeten ontwijkt, en dissocieert, oordeelt, valt aan, verdedigt. En dat kan er uit zien als liefdevol, maar is ondertussen nog steeds angst vermomd als liefde.
De denkgeest die bereid is en eraan toe is te Herinneren, is bereid te leren kijken naar angst, zonder oordeel, vanuit Juist gerichte denkgeest.
En alleen dan kan de identificatie met angst losgelaten worden, omdat dan de herinnering wakker wordt van te weten niet de angst te zijn die zich lijkt af te spelen in een door mij vanuit angst (de keuze voor egodenken) geprojecteerde wereld.

 

Ergens kan niet anders dan de conclusie getrokken worden dan dat er alleen Eenheid is, non-dualistische Eenheid, ook wel Liefde genoemd, of Waarheid, of God.
Waarom? Omdat wat ervaren wordt als zijnde ‘leven’ en wat we ‘onze wereld noemen’ met elke seconde bewijst dat het geen non-dualistische Eenheid kán zijn, dus ook geen Liefde, geen Waarheid of God.

Dat wat deze wereld wordt genoemd is enkel en alleen de ontkenning van Eenheid, de ontkenning van Liefde, de ontkenning van Waarheid, de ontkenning van God.
Binnen het geloof in een dualistische wereld, binnen het geloof in vormen; mensen, dieren, mineralen, dingen, situaties en deze als ‘waar’ aannemen is Eenheid, Liefde, Waarheid, God onmogelijk, van wegen het simpele feit dat deze wereld van dualisme juist als doel heeft Eenheid, Liefde, Waarheid, God te ontkennen en te vergeten.

Daarmee is Eenheid, Liefde, Waarheid, God, niet onmogelijk of verdwenen, maar slechts ‘vergeten’, en lijkt ‘onwaarheid’ nu ineens als bij toverslag waar te zijn.

Derhalve kan Eenheid, Liefde, Waarheid, God niet terug herinnert worden binnen dit als verdediging  daar tegen opgezet onwaar ego verhaal.
Ik, de denkgeest die gelooft in het ego verhaal van afscheiding, ben vergeten en weet daardoor NIET wat Eenheid, Liefde, Waarheid, God is. Ik, de denkgeest die aan het wakker worden is, kan echter wel de blokkades gaan leren zien die ik tegen Eenheid, Liefde, Waarheid, God heb opgezet, als de bereidwilligheid tot herinneren onvermijdelijk begint terug te komen.

Als de natuurlijke drang tot herinneren sterker wordt dan de onnatuurlijke drang tot het ontkennen en onderdrukken van herinneren, dan kan het proces van ware vergeving beginnen, waarbij elke nu als illusoir onderkende verdedigingsgedachte ‘vergeven’ kan worden, omdat wordt erkend dat ze niet waar zijn en er niet meer geïnvesteerd hoeft te worden in het geloof in illusies die slechts een denkbeeldige blokkade zijn tegen Eenheid, Liefde, Waarheid, God.

Dit proces van het leren van ware vergeving kan alleen onder leiding van dat deel van de denkgeest dat zich wil herinneren, omdat het zich bewust begint te worden van het krankzinnige idee Eenheid, Liefde, Waarheid, God te willen vernietigen door ontkenning ervan.

Echter, omdat er maar één denkgeest is, speelt dit ogenschijnlijk dualisme van de ene denkgeest zich af in een schijnbare opgesplitste juist gerichte denkgeest, een onjuist gerichte denkgeest en een waarnemende/keuzemakende denkgeest.
Dit houdt in dat elke gedachte deze drie keuzemogelijkheden in zich draagt.

In het begin van het leerproces is dan ook het onderscheid herkennen tussen de verschillende schijnbare mogelijkheden erg lastig.
De onjuist gerichte denkgeest kan zich namelijk prima voordoen als de keuze voor Liefde (juist gerichtheid) en zodoende de waarnemende/keuzemakende denkgeest in verwarring brengen, zodat deze kan denken en geloven voor de juist gerichte denkgeest, voor Liefde te hebben gekozen. Telkens even de vraag stellen wie/wat denkt dit? (juist gerichtheid of onjuist gerichtheid) kan een behulpzaam hulpmiddel zijn, waarbij de waarnemende/keuzemakende denkgeest als het ware getraind wordt in het observeren van gedachten.

Eenheid, Liefde, Waarheid, God kan niet gekozen of herinnert worden op basis van het geloof in een wereld en het ‘waar’maken ervan. De wereld is immers gemaakt om Liefde buiten te sluiten, te vergeten en er een alternatief voor in de plaats te zetten, gebaseerd op liefde tussen lichamen en liefde voor dingen en situaties; speciale liefde.

Alleen door het vergeven van deze onware liefde, herkenbaar door zijn grilligheid van emoties, persoonlijke voorkeuren, insluiting en uitsluiting van bepaalde speciale lichamen en dingen, kan dat wat Liefde, non-dualistische Liefde is worden terug herinnert.

De niet bestaande illusoire wereld die gemaakt is om Eenheid, Liefde, Waarheid, God te doen laten vergeten wordt zodoende opnieuw gebruikt, maar nu als een herinnering aan wat het juist probeert te verbergen. Het wordt niet meer serieus genomen, maar alleen nog maar gezien als belangrijk en kostbaar vergevingsmateriaal en kans, als sleutel tot herinneren van dat wat vergeten moest worden.

Als waarnemende/keuzemakende denkgeest kunnen we zodoende steeds beter door steeds beter leren observeren en het bevragen van alle gedachten+projecties (wie/wat denkt dit?), opnieuw de keuze maken; dat wat we ervaren als werkelijkheid te zien (keuze voor ego of onjuist gerichtheid), of het als een vergissing te zien en het te vergeven, waardoor terug herinneren in Eenheid, Liefde, Waarheid, God onvermijdelijk wordt, omdat dat onze natuurlijke staat is.

Tijdens dit leerproces van vergeving zullen er regelmatig korte en of langere momenten en periodes zijn die deze onvermijdelijke natuurlijke staat weerspiegelen. Ze zijn de hoopvolle bewijzen en versterken het vertrouwen dat het ‘vergeten’ zwakker wordt en het ‘herinneren’ sterker.

De ‘ik’ egodenkgeest is een keuze gemaakt door de waarnemende/keuzemakende denkgeest die kiest voor afscheiding, die kiest tegen Liefde, die kiest voor chaos, om de eenvoud van Eenheid te vernietigen. Hoe kan deze keuze voor chaos ooit iets zinnigs doen binnen deze zelfgekozen chaos?
De denkgeest die deze keuze maakt doet wel alsof deze orde wil scheppen in de chaos, die deze wereld is, maar is absoluut niet van plan dat ook te bereiken. Anders gesteld, we doen wel als mensen zijnde dat we met onze lichamen een betere wereld willen maken, maar zijn dat absoluut niet van plan, het gaat nooit lukken, want lichamen kunnen dat helemaal niet, want er zijn geen lichamen, er zijn alleen projecties van de keuzemakende denkgeest die voor egodenkgeest koos en we lichamen noemen en zijn gaan geloven dat we dat dan ook zijn. De keuzemakende denkgeest die hiervoor koos, speelt als het ware met poppen die iets voorstellen en doen wat de denkgeest heeft bedacht. Meer is het niet. De keuzemakende denkgeest die koos voor chaos (ego) gelooft nu dat de poppen (lichamen) echt zijn en samen spelen zij het spel van de chaos.

We kunnen echter als keuzemakende denkgeest, als dit allemaal in het bewustzijn komt, ook de andere keuze maken, die van de Heilige Geest, de denkgeest die nog steeds onveranderlijk met de Realiteit, de Waarheid, God, Liefde in contact staat. Als ‘ik’ bereid ben deze andere keuze te maken, krijgen de projecties een andere functie, niet langer om de chaos in stand te houden en uit te breiden, maar om terug te keren in de herinnering van Eenheid.
En zo wordt de voorheen ‘chaos’ hergebruikt.
Met alles wat ik doe in dit leven in deze wereld vraag ik me eerst af, wat is het doel, wat wil ik hiermee; in de droom, in de chaos blijven of worden het symbolen voor terug herinneren in Eenheid.

“We are here to forget that we Know, and when we remember that we are here to forget that we Know, we can start remembering that we already Know, using the forgetting as forgiveness material.”

“We zijn hier om te vergeten dat we Weten, en zodra we ons herinneren dat we hier zijn om te vergeten dat we Weten, kan het terug herinneren in wat we Weten beginnen, het vergeten gebruikend als vergevingsmateriaal.”

Ontwaakte (verlichte) lichamen, personen bestaan niet.
Er is geen wereld zegt ECIW, dus welke lichamen?
Er is alleen denkgeest en denkgeest kan ‘vergeten’ en dromen van een toestand die niet bestaat, omdat ze slechts een ‘droom’, dus een illusie is.
Het ontwaken van lichamen lijkt alleen plaats te vinden als je wakker wordt na een nachtje slapen, of na een dutje tussendoor.
En dat is dan dus eigenlijk niets anders dan ontwaken in gewoon weer eenzelfde droom, want lichamen die wakker kunnen worden, is op zich al een droom.
Alleen de denkgeest kan ontwaken uit de droom die hijzelf droomt, dus zelf bedacht, gedroomd heeft.
En dat is geen spetterend gebeuren met veel trompetgeschal, halleluja en vuurwerk.
Het is meer een ineens realisatie van weten, terug herinneren, dat ik denkgeest ben die droomt. De dromende denkgeest is ineens in een lucide droomtoestand en heeft de gewaarwording alles te zijn, ongeveer zoals we weten dat we alles zijn in onze slaapdromen en alle droomrollen in onze slaapdroom spelen. We bevinden ons dan in wat de Cursus noemt ‘de gelukkige droom’. En het voelt als ‘normaal’, een moeiteloos, rustig, vredig, gelukkig ‘normaal’, een thuiskomen, waarin alles als ‘hetzelfde’ wordt gezien, ‘grenzeloos’.
Niet dat de droom er dan als droom gelukkig uitziet in zijn droom vormen, de verschillen, de afzonderlijke projecties worden nog wel gezien en ervaren, de droomrollen worden nog gespeeld als het ware, maar de droom wordt niet meer als bedreigend gezien, ik identificeer me niet meer met mijn droom, omdat ik weet dat het een droom is. De hele droom is nu een symbool die mij kan leren hoe en wat ik denk over mijzelf, en hoe ik dat projecteer teneinde de droom echt te doen laten lijken, zonder dat ik er een schuldig of angstig oordeel over heb. Want hoe zou een droom bedreigend kunnen zijn als ik weet dat het een droom is?
En net als bij het net wakker worden in de morgen na een nachtje slapen, is er een periode van de slaap uit mijn ogen wrijven en langzaam bij bewustzijn komen en nog wat slaperig om me heen kijken balancerend tussen slapen en ontwaken. Een proces dat onvermijdelijk leidt tot het totale ontwaken van de denkgeest en het totaal oplossen van de droom. De staat van ZIJN, waar dromen en ook de lucide droomstaat geen functie meer hebben en tenslotte gewoon verdwijnen, omdat deze nooit bestaan heeft: een droom is een droom en blijft een droom.
Dit ontwaken uit de droom heeft niets te maken met het sterven van een lichaam, of het verlies van wat voor vormen dan ook, want er is sowieso geen lichaam, alleen een droom van een lichaam. En kan een lichaam echt sterven in een droom, kan er echt verlies geleden worden in een droom? Neen, alleen de denkgeest kan dit dromen en zijn eigen droom geloven, maar het blijft een droom.
En alleen de denkgeest kan ontwaken uit zijn eigen droom van zonde, schuld en angst, en zich herinneren dat er niets gebeurt is en niets Eenheid, Waarheid, Liefde verandert kan hebben. En dat is een niet te beschrijven enorme opluchting en bevrijding, enigszins te vergelijken met het ontwaken uit een nachtmerrie en te beseffen dat het maar een droom was. Niet het ontwaken als een lichaam, maar als het ontwaken van de denkgeest in de denkgeest. En tenslotte zal ook de denkgeest een illusie blijken te zijn en blijft alleen het woordeloze, dat wat er altijd was en nooit kan verdwijnen over:

‘Niets werkelijk kan bedreigd worden.
Niets onwerkelijks bestaat.

Hierin ligt de vrede van God’ (In.2:2-4).

 

Er is geen hulp buiten de denkgeest te vinden in de vorm van een Heilige Geest, Jezus of God, net zo min als er hulp te vinden is buiten ons in een wereld.
Er is niets, er is enkel dat ene nietig dwaas idee, wat wij, de denkgeest serieus zijn gaan nemen.
We hebben het allemaal zelf bedacht, gemaakt, geprojecteerd, vanuit denkgeest, dat wat we zijn. Alles is een product van denkgeest en het blijft denkgeest, want niets, geen enkele gedachte verlaat zijn bron. Ik ben verantwoordelijk voor al mijn gedachten.
Er is dus geen Heilige Geest en of Jezus die we voor hulp kunnen vragen bij specifieke problemen, want we hebben het allemaal zelf gemaakt en we maken dus ook de oplossingen voor onze wereldse problemen, welke nooit lijken te werken of werkelijk oplossingen blijken te zijn.
Jezus en of Heilige Geest zorgt er niet voor dat we beter worden, een baan vinden of de huur kunnen betalen, dat doen we zelf, de denkgeest, zoals we alles zelf hebben gemaakt, geprojecteerd, vanuit denkgeest.
Er is dus geen enkele hoop op ontwaken uit de droom zolang ik de droom serieus neem en denk dat ik een lichaam ben met andere lichamen om mij heen en wel of niet geloven in een geestelijke dimensie om hulp aan te vragen.
Zowel hulp vragen aan andere lichamen als hulp vragen aan een geestelijke, spirituele wereld buiten ons is onmogelijk, omdat het niet werkelijk is, het is en blijft een nietig dwaas idee, een droom, een illusie een waanbeeld.

De hulp die ECIW ons aanbied via een Heilige Geest en of Jezus, is deze hulp als een symbool te gaan leren zien, nu gebruikt om dat wat we eerst als waar waarnamen, namelijk hulp van buiten ons, nu als hulpmiddel te gebruiken om terug te herinneren in denkgeest, en in Eenheid, in Waarheid, in God, in Liefde.
Het geloof in een wereld begon door het nietig dwaas idee serieus te nemen, de uitweg uit dit geloof geschied door het nietig dwaas idee te vergeven.

Dit alles raakt kant nog wal als ik mijzelf als lichaam blijf zien, afgescheiden van andere lichamen, het kan alleen begrepen worden als ik bereid ben in te gaan zien, dat alleen ik verantwoordelijk ben voor al mijn gedachten, omdat ik denkgeest ben. En alles en iedereen wat ik waarneem uit denkgeest komt en daarom ook denkgeest is en blijft. Denkgeest is grenzeloos, dus is er maar één denkgeest, wat weer inhoud dat ‘ik’ denkgeest verbonden ben met alles en iedereen wat ik waarneem. Als ik dat leer dan leer ik onder leiding van Heilige Geest, want Heilige Geest staat symbool voor het terug herinneren in Eenheid, in Waarheid, in God, in Liefde.

 

Als ik mijn doel vergeet kan ik slechts in verwarring zijn, onzeker over wat ik ben en dus tegenstrijdig in mijn handelen. Niemand kan strijdige doelen dienen en dat met goed gevolg doen. Evenmin kan hij functioneren zonder diepe smart en hevige depressie. Laten we daarom vastbesloten zijn ons te herinneren wat we vandaag willen, opdat we onze gedachten en daden op een zinvolle manier tot een eenheid kunnen maken, en alleen dat bereiken wat God ons deze dag wil laten doen.

Vader, vergeving is Uw uitverkoren middel voor onze verlossing. Laten we vandaag niet vergeten dat we geen andere wil kunnen hebben dan die van U. En dus moet ons doel tevens het Uwe zijn, willen we de vrede bereiken die U voor ons wilt. (WdII.257)

 

 

 

 

 

 

 

%d bloggers liken dit: