archiveren

Tagarchief: heilige geest denkgeest

Waar gaat Een cursus in wonderen over.
En welke student van ECIW heeft niet al eens wanhopig uitgeroepen: ‘waar gáát dit over!!’.
Nou, eigenlijk is de hele Cursus terug te brengen tot één woord en dat is ‘Vergeving’.
Met een hoofdletter om het onderscheid te maken tussen ego vergeving zoals wij dat beoefenen in de wereld, en Ware Vergeving.
Ik laat de Cursus nu zelf even aan het woord over wat ‘Vergeving’ precies inhoud speciaal voor diegene die het vergeten zijn, niet het boek zelf hebben, geen zin hebben het op te zoeken, het boek kwijt zijn, het weggegooid hebben, verbrand of door de wc gespoeld, of weggegeven, dit is wat ECIW onder Vergeving verstaat:

‘1. Wat is vergeving?

1. Vergeving ziet in dat wat jij dacht dat je broeder jou heeft aangedaan, niet heeft plaatsgevonden. 2Wat ze niet doet is: zonden kwijtschelden en ze werkelijk maken. 3Ze ziet dat er geen zonde is geweest. 4En in die zienswijze zijn al jouw zonden vergeven. 5Wat is zonde anders dan een onjuist idee omtrent Gods Zoon? 6Vergeving ziet eenvoudig de onjuistheid daarvan en laat het daarom los. 7Wat dan vrij is om nu de plaats daarvan in te nemen, is de Wil van God.
2. Een niet-vergevende gedachte is er een die een oordeel velt dat ze niet in twijfel trekt, ook al is het niet waar. 2De denkgeest is gesloten en zal niet worden bevrijd. 3De gedachte beschermt projectie en trekt haar ketenen strakker aan, zodat vervormingen meer versluierd en verborgen zijn, minder makkelijk toegankelijk voor twijfel en nog verder weggehouden van gezond verstand. 4Wat kan er komen tussen een starre projectie en het doel dat ze als haar gewenste bestemming gekozen heeft?
3. Een niet-vergevende gedachte doet vele dingen. 2In koortsachtige actie jaagt ze haar doel na, waarbij ze verwringt en omverwerpt wat ze als een doorkruising van haar gekozen pad beschouwt. 3Verdraaiing is haar doel en tevens het middel waarmee ze dat tot stand wil brengen. 4Ze doet woeste pogingen de werkelijkheid te vermorzelen, zonder zich ook maar enigszins te bekommeren om wat haar gezichtspunt lijkt tegen te spreken.
4. Vergeving daarentegen is stil en doet in alle rust niets. 2Ze schendt geen enkel aspect van de werkelijkheid, en probeert die evenmin te verdraaien tot een verschijningsvorm die haar aanstaat. 3Ze kijkt alleen, en wacht, en oordeelt niet. 4Wie niet wil vergeven, moet wel oordelen, want hij moet zijn onvermogen om te vergeven rechtvaardigen. 5Maar wie zichzelf vergeven wil, moet leren de waarheid te verwelkomen precies zoals die is.
5. Doe daarom niets en laat vergeving je tonen wat jou te doen staat, via Hem die je Gids is, je Verlosser en Beschermer, sterk in hoop en zeker van jouw uiteindelijk succes. 2Hij heeft jou al vergeven, want dat is Zijn functie, Hem gegeven door God. 3Nu moet jij Zijn functie delen en vergeven wie Hij heeft verlost, wiens zondeloosheid Hij ziet, en wie Hij eert als de Zoon van God’ (WdII.1. blz. 404).

ECIW gaat dus over Vergeving, en het heet een cursus omdat dat geleerd moet worden. Je kunt Ware Vergeving heel snel theoretisch leren begrijpen, maar toepassen kost veel, heel veel oefening, discipline en toewijding en niet te vergeten vergeving. En het leermateriaal is ons eigen leven. Dus ja, we zijn ons eigen leermateriaal.
En we leren onszelf te Vergeven voor wat we denken dat we hebben gedaan, en waar we ons ten onrechte schuldig, zondig en angstig over voelen.

En waarom zou het dan niet Een cursus in Vergeving heten?
Dat is misschien wel een marketing stunt van de Heilige Geest en Jezus,  Een cursus in wonderen ‘verkoopt’ beter LOL.
Het leidt de egodenkgeest een beetje om de tuin. Het ego is dol op magie, dus ook op wonderen, want wonderen volgens de denkwijze van de egodenkgeest zijn lichaams- en vormgericht, en blijven dus op ‘veilige’ afstand van de herinnering denkgeest te zijn en niet een lichaam.
Dus het idee is dan al gauw, ah, wonderen leren verrichten zoals bijvoorbeeld Jezus zelf deed, cool! Dat wil ik wel leren.

Maar dat blijkt dus een vergissing te zijn. ECIW gaat niet over dat soort wonderen, en dat dringt pas echt door als je al een hele poos de Cursus ‘doet’, en ja dan kan je niet meer terug! Want je herinnering aan wat je in werkelijkheid bent (denkgeest) wordt al behoorlijk getriggerd en komt onvermijdelijk, langzaamaan, maar zeker terug in de herinnering en dat laat zich nooit meer helemaal terug stoppen in de vergetelheid.
De geest is als het ware uit de fles.
En de egodenkgeest zal zich verdedigen tegen het terugkerende herinneren met pogingen tot het versterken van het geloof in zonde, schuld en angst en zal dit projecteren in allerlei vormen die deze weerstand uitbeelden (zie de wereld om je heen in al zijn uitingen van het geloof in zonde, schuld en angst).

Nu doet de egodenkgeest dat altijd al, het geloof in zonde, schuld en angst projecteren, het kan niet anders, het is zijn (on)natuurlijke functie, maar het lijkt nu nog erger te worden, doordat de Waarheid langzamerhand terugkeert in het bewustzijn. Het contrast tussen onjuist-gericht denken en juist-gericht denken wordt duidelijker. En dat kan zich uiten in het ons nog beroerder te gaan voelen, nog depressiever, nog bozer, of de andere kant van de ego medaille, de zweef-kant, helemaal hyper in roze wolkenland, want: ‘het is toch allemaal een illusie’, en ‘alles is love!’
En zowel de boosheid tegen, als het ophemelen en het ‘heilig’ maken van het blauwe boek zijn de projecties van de egodenkgeest.
De boosheid lijkt gericht op het waar maken van een vorm; een blauw boek, of andere symbolen, zoals Heilige Geest, Jezus en God, maar dat is de vergissing het dwaalspoor om maar te voorkomen dat de herinnering terug komt dat er alleen denkgeest is.

Vergeving gaat dus niet over het oproepen en mogelijk maken van uiterlijke magische wonderen .
Alleen door te werkelijk te vergeven kunnen we het wonder van Vergeving ervaren.
Vergeving is dan de reflectie van Liefde, van Eenheid in wat wij als onze wereld zien.
Dát te ervaren is het wonder. Het wonder van vergeving is een omslag in het denken.
Vergeving zorgt ervoor dat wat we eerst als zonde, schuld en angst zien en als zodanig ervaren buiten ons in allerlei daarvoor geschikte vormen, gezien wordt als komende vanuit de denkgeest, vanwaar het uit geprojecteerd wordt zodat het lijkt dat er iets buiten ons gebeurt.
Er kan vervolgens opnieuw gekozen worden, nu voor leiding van de Heilige Geest en of Jezus en dan kan het wonder niet uitblijven.
Het wonder is het herstellen van de vergissing in de denkgeest, daar waar de vergissing is ontstaan, door middel van Vergeving.
Vergeving en wonderen horen dus bij elkaar.

Een cursus in wonderen gaat dus over Vergeving en het doel is te leren wat Vergeving is, en dan Vergeving consequent toe te passen op elke gedachte, zodat de blokkades die we hebben opgeworpen tegen Liefde, tegen dat wat we zijn, Vergeven kunnen worden en daardoor als onschuldige vergissingen zullen oplossen.

Als we de Cursus werkelijk doen kunnen we niet om Vergeving heen. Vergeving is onze enige functie onderwijst de Cursus. Verder hoeven we niets te doen :

‘Vergeving daarentegen is stil en doet in alle rust niets’ (WdII.1.4:1).

Het wonder is de verschuiving van egodenkgeest naar Heilige Geest Denkgeest. En zoals we via de egodenkgeest de weerspiegeling van de keuze voor de egodenkgeest terug zien, zien we als we voor de Heilige Geest Denkgeest kiezen de weerspiegeling van de keuze voor de Heilige Geest Denkgeest terug.
Maar het blijft een weerspiegeling, een reflectie, het wordt nooit een afgescheiden autonome nieuwe werkelijkheid. Want als we de vorm als oorzaak blijven zien, in plaats van van de denkgeest, betekent dat alleen dat we weer voor de leiding van de egodenkgeest hebben gekozen. Dat wat we dachten te zien is niets meer dan een ‘fata morgana’ een luchtspiegeling.
En daar kunnen we onszelf dan weer voor vergeven en opnieuw kiezen.

Een Vergeven wereld zien, is een wereld zien en ervaren zonder het geloof in zonde, schuld en angst, terwijl de wereld ogenschijnlijk blijft zoals ie was, uiterlijk hoeft er niets te veranderen, maar de ervaring van dezelfde wereld zal totaal anders zijn, omdat je jezelf en daarna alles en iedereen Vergeven hebt voor al je waangedachten van zonde, schuld en angst en de verzoening voor jezelf aanvaard hebt.
Vanaf dat moment is er geen ego ‘ik’ meer, maar alleen nog een behulpzaam kanaal voor Liefde dat nu ongehinderd door kan stromen door de hele ene denkgeest.

Verdriet, huilen, is een projectie die staat voor het niet kunnen (willen) toelaten en het afstoten van Liefde (de Liefde van God, die staat voor Eenheid, Waarheid, Onveranderlijkheid, non-dualisme), van wege het onderliggende schuldgevoel, dat verborgen moet blijven en in plaats daarvan uit geprojecteerd wordt als verdriet binnen een vorm van speciale liefde ten einde aan dat diep verborgen schuldgevoel (de angst voor God, voor Liefde, voor Eenheid, Waarheid, onveranderlijkheid) te ontsnappen.

De projectie kan er bijvoorbeeld uitzien als zomaar moeten huilen tijdens een tv programma of tijdens een film, of als dit zich voordoet in onze eigen persoonlijke ‘film’(ons dagelijkse leven) waarbij het afscheid moeten nemen van iets wat dierbaar en of zeer geliefd is wordt uitgebeeld. Vooral als het gaat om het verbreken van banden met naasten en geliefden, of dat nu door de dood gebeurt of door het verbreken van banden door ruzie, of het uit elkaar gaan binnen een relatie, het verbreken van de ouder-kind band. Maar ook speelt dit als de relatie juist weer hersteld wordt in een ‘speciale’ vorm, ruzie die bijgelegd wordt, kinderen die weer worden herenigd met ouder/ouders, familie ruzies die worden bijgelegd enz. ook dan is er weer verdriet en komen de tranen.
Hoe dan ook, omdat we het (willen) zien en ervaren als verdriet om redenen die zich in een of andere vorm laat zien buiten ons, is het niet de werkelijke reden waarom we verdriet hebben en moeten huilen. Of dat nu tranen van verdriet of tranen van vreugde zijn, binnen de ‘speciale relatie’, beiden beelden de twee zijden van de egodenkgeest mogelijkheden uit.

Denk maar weer aan les 5, ‘Ik voel nooit onvrede om de reden die ik denk’.
Ik ben niet verdrietig om de reden die ik denk, ik huil niet om de reden die ik denk.

Maar naast het hoofddoel wat verborgen wordt achter het verdriet en de tranen, namelijk het in stand houden van de afscheiding, door het geloof in de mogelijkheid en het tegelijkertijd vergeten van de onmogelijkheid van het kunnen verliezen van Liefde met het daarbij behorende zonde en schuldgevoel, dragen beiden (de twee zijden van de egodenkgeest mogelijkheden) ook de onveranderlijke herinnering in zich aan de Liefde van God, Eenheid, Waarheid, het Onveranderlijke. Daardoor kunnen beiden zijden met hun projecties, als we bereid zijn er ‘anders’ naar te willen kijken als waarnemende en keuzemakende denkgeest, daar ook een herinnering voor worden en als zodanig worden her-gebruikt.

En dit kan door simpelweg te erkennen dat het verdriet er is, het niet tegen te houden, verbergen, goed te praten of wat dan ook, maar er open en eerlijk naar te kijken precies zoals het zich voordoet, zonder te oordelen, zonder te analyseren. Door er alleen maar naar te kijken, oordeelloos, wat betekent kijken met de keuze voor onze Heilige Geest kant, kijken met de herinnering aan Eenheid, Waarheid, God, Onveranderlijkheid (allemaal namen voor hetzelfde), stop je vanzelf met kijken met je egodenkgeest kant, omdat het altijd een keuze is.
Het ego hoeft niet vernietigd, of ongedaan gemaakt te worden, het simpelweg er niet meer voor kiezen is voldoende, in plaats daarvan kijken we, oordelen niet, vergeven en kiezen opnieuw. Steeds weer. En zo krijgt ook verdriet een andere functie en kan ook verdriet de functie krijgen van een sleutel die de deur opent terug naar Liefde.

Als ik over iemand, iets of een situatie vervelende, oordelende, aanvallende gedachten heb, ben ik degene die last heeft van die gedachtes, dus eigenlijk val ik mezelf aan en met succes, want ik voel me er vervelend, naar, moe enz. onder.
Ik kan mezelf dan weer verdedigen en tevens aanvallen door te denken dat het heel terecht is dat ik boos wordt, want dit wordt mij aangedaan, door iets of iemand buiten mij, het is niet mijn schuld.
Maar ja kijk wie eronder lijdt, de persoon, het iets, waar ik mijn boosheid en oordeel op projecteer? Geen idee, het enige wat ik weet is dat ik eronder lijd, nu op het moment dat ik gedachtes van boosheid, en oordeel heb.
En is dat wat ik wil? Kennelijk wel, want het is ‘ik’ die het denkt. Ik ben dus verantwoordelijk voor mijn gedachten en niet iets buiten mij.
Deze conclusie kan ik dan vervolgens ook weer tegen mezelf richten en projecteren op mijzelf en me dus schuldig voelen over wat ik zelf kennelijk wil en doe.
Maar dit is dezelfde aanvallende en oordelende keuze die ik eerst over een schuldige of een schuldig iets buiten mij had.
Beide keuzes zijn afkomstig van mijn keuze voor de egodenkgeest kant van mijn denkgeest.
ECIW leert ons dat er een andere keuze mogelijkheid is, eentje die we zijn ‘vergeten’, waardoor we alleen nog maar ogenschijnlijk gefocust zijn op een wereld buiten ons, inclusief onszelf, waar van alles mee lijkt te gebeuren, waar we niet goed van worden.
Alvorens te kunnen kiezen voor dat andere denkgeest systeem, wat in ECIW de Heilige Geest Denkgeest wordt genoemd moet ik eerst eerlijk leren kijken naar al mijn gedachten die afkomstig zijn vanuit mijn egodenken en daar oordeelloos de verantwoordelijkheid voor nemen en leren zien dat deze egogedachten enkel en alleen dienen als verdediging tegen en om te verbergen wat ik en de zgn anderen, dingen en situaties, in werkelijkheid zijn.
En dan, als ik daar aan toe ben besluiten, dat ik hier ook anders naar kan leren kijken.
En wil leren zien dat ik me gewoon vergis en het niet waar is wat ik denk te zien en te ervaren en dat ik er ook anders naar kan leren kijken dmv het proces van Ware Vergeving.
Dat is verantwoordelijkheid nemen olv HG Denkgeest, een schuldeloze verantwoordelijkheid.

En dan zullen al die aanvallende, oordelende, vervelende, pijnlijke, vermoeiende gedachten alleen nog maar als vergevingskansen en vergevingsmateriaal gaan dienen en mij doen terug herinneren in wat ik werkelijk ben. Dan is de wereld een klaslokaal geworden, waar alles wat ik ervaar onschuldig lesmateriaal is en meer niet.

Onderdeel van het ‘geheugenverlies’ van de egodenkgeest, met als doel voor eens en voor altijd UIT de denkgeest te blijven, en projecteren gebruikt om dat te bereiken, is het besluit niet te willen gaan begrijpen wat ware vergeving is.
En mijn egodenkgeest gedeelte zal dit heel slim verpakken in, ja maar ik wil wel vergeven, maar vervolgens tot de conclusie komen, na het zgn geprobeerd te hebben; ik snap dit niet, te moeilijk, werkt niet.
En mezelf vervolgens beschuldigen van domheid, laksheid, luiheid enz., waardoor ik weer in mijn ‘veilige’ comfort zone, mijn egodenkgeest kant wegzak, vastbesloten daar voor eeuwig te blijven. En als extra beveiliging plakken we er een etiket op: ‘onbewust, gevaarlijk, afblijven.’

Er is echter een ander gedeelte van mijn denkgeest, dat dit kan waarnemen, mijn waarnemende/keuzemakende denkgeest. Van daaruit schrijf ik dit ook kennelijk. Deze is altijd beschikbaar net zoals de egodenkgeest kant van mijn denkgeest en de Heilige Geest denkgeest kant van de ene denkgeest.

In de hoedanigheid van waarnemend/keuzemakende denkgeest zijn, kan ik dus waarnemen wat ik denk, op egodenkgeest niveau. Dan kan ik al niet meer spreken van ‘onbewust’, want ik kan het waarnemen. Ik ben dan al uit het geloof in wat zich lijkt af te spelen op ‘vorm’ niveau gestapt, en doe een stap terug, zodat ik kan waarnemen.
Ik kan dan kiezen om daar met opnieuw mijn egodenkgeest kant naar te kijken, of met mijn Heilige Geest denkgeest kant.
En ik kan dan de keuze maken om mijzelf voor deze gedachten te vergeven of opnieuw te beschuldigen.
Neem ik waar dat ik mezelf toch verwijt dat ik een bepaalde gedachte of een bepaalde persoon, inclusief mijzelf, of ding of situatie heb beschuldigd en mezelf daar schuldig, zondig en angstig over voel, dan kan ik me realiseren dat ik dan voor ego vergeving kies en niet voor ware vergeving, zoals de Cursus ons dat aanbied.
En kan ik ook beseffen dat ik daar nu bewust voor kies en dat dus wil, maar ik ook voor een andere manier kan kiezen, namelijk ware vergeving.

In dit observeer-stadium is elke gedachte al of een oordeel vanuit angst egodenkgeest materiaal, of een oordeelloos kijken vanuit mildheid HG denkgeest materiaal.
De keuze is aan dat gedeelte van mijn denkgeest dat kan waarnemen en kan kiezen voor welke ‘hulp’ ik kies.

Bijvoorbeeld kan ik de gedachte zien: ‘Ik snap dit niet, dit is te moeilijk voor mij’.
Dan kan je zeggen als je tenminste bereid bent ware vergeving toe te passen, want daar begint het mee: ‘Ik vergeef mijzelf dat ik een ‘ik’ Annelies lichaam heb bedacht, in een wereld buiten mij, die dit kan denken over zichzelf (‘Ik voel nooit onvrede om de reden die ik denk’ (WdI.5)). Dit moet wel een vergissing zijn, ik geef het aan jou Jezus (mijn J(uist) gerichte denkgeest) help me dit anders te zien (‘Ik zou in plaats hiervan vrede kunnen zien.’(WdI.34)).
En dan doe ik verder niets, ik ga door met waar ik mee bezig ben, maar neem het nu niet meer serieus, want ik voel me in verbinding staan met mijn waarnemende kant van mijn denkgeest, daar waar het allemaal vandaan komt. Ik stap dus uit de slachtoffer rol van denken en geloven het lichaam ‘Annelies’ te zijn die van alles over zichzelf en anderen denkt en breng mezelf terug naar wat ik werkelijk ben; denkgeest.

En terwijl ik doe wat ik doe, blijf ik waarnemen vanuit mijn waarnemende/keuzemakende positie en oefen mijzelf in het alert zijn en blijven op elke gedachte die ik (denkgeest) denk, zodat ik elke gedachte als vergevingskans en materiaal kan laten gebruiken.
Ik las laatst, ben vergeten wie, wat en waar, die dit het trainen van je vergevingsspier noemde, leuk symbool.

Dus als er in dat proces van waarnemen onvermijdelijk egodenkgeest gedachten langskomen, onvermijdelijk, omdat elke gedachte zowel ego-, waarnemende als HG kanten bevat, dan kan ik telkens weer opnieuw de keuze maken; wil ik hiernaar kijken en dit vergeven of wil ik dit laten zoals het is.
En dit vereist heel veel eerlijkheid in het kijken naar elke eigen gedachte.
Voel ik angst of enige vorm daarvan die ook met zonde en schuld te maken heeft, dan is dit alleen maar een bewijs dat ik voor de egodenkgeest kant van mijn denkgeest kies, dat kan ik mezelf dan weer vergeven, of niet, zodat ik opnieuw kan kiezen.
Dus bijvoorbeeld:
‘Ik vergeef mijzelf dat ik een ‘Annelies’ heb gemaakt/bedacht, die zich schuldig kan voelen over ‘dit, of dat’, in ‘die en die’ situatie, ik neem dit terug in de denkgeest, ik kies nu voor mijn HG denkgeest kant, want ik wil dit mijzelf vergeven en ik wil dit anders zien.’

En elke gedachte is hiervoor geschikt, elke gedachte die NU langskomt. Ik hoef geen gedachten op te zoeken, of op te sparen of in het verleden te duiken opzoek naar vergevingsgedachten, ze dienen zich aan elke seconde en ze zijn allemaal hetzelfde van inhoud, ook al lijkt de vorm steeds te veranderen.

Langzamerhand zal je her-ontdekken, dat de ‘ik’ inderdaad alleen maar uit denkgeest bestaat, dat de ik alleen maar gedachten heeft en dat wat de ik denkt te zien alleen maar projecties zijn geprojecteerd door alle gedachten die de ik heeft.
En dan zie ik ook dat ik 100% verantwoordelijk ben voor al mijn gedachten en er niets is buiten mij die ik de schuld kan geven.
En dan is ware vergeving mijn enige functie.
Dat is het doel van het werkelijk ‘doen’ van ECIW en daarvoor dient het oefenen met het oefenmateriaal waar we middenin zitten en we ons leven noemen.
En dan als ik vergeving als mijn enige functie heb aanvaard, zal dit onvermijdelijke leiden naar het uiteindelijke doel, terug herinneren in Eenheid.

Tenslotte nog een aanhaling uit de Cursus die dit alles samenvat:

‘Let goed op en zie waar jij werkelijk om vraagt. Wees hierin heel eerlijk met jezelf, want we moeten niets voor elkaar verborgen houden. …,
Denk eerlijk aan wat jij gedacht hebt dat God niet zou hebben gedacht, en aan wat jij niet hebt gedacht maar wat God zou willen dat jij denkt. Zoek oprecht naar wat je zodoende gedaan hebt of hebt nagelaten, en verander dan van gedachten zodat je kunt denken met de Denkgeest van God. Dit kan moeilijk lijken, maar het is veel makkelijker dan ertegenin proberen te denken. Jouw denkgeest is één met die van God. Door dit te ontkennen en anders te denken wordt je ego bijeengehouden, maar het heeft je denkgeest letterlijk gespleten’ (T4.III.8:1; T4.IV.2:4-8).

Het proces van het ongedaan laten maken van al mijn egogedachtes, gedachtes die zich vermomd hebben als projecties die heel echt lijken, omdat ‘vergeten’ is dat de ik, de denkgeest ze zelf heeft geprojecteerd, zal door de egodenkgeest ervaren worden als afscheid nemen van alle projecties die het als ‘waar’ heeft doen lijken.

En zo ontstaat dus heel makkelijk en onvermijdelijk, wat de Cursus noemt, niveau verwarring.
We, de denkgeest, die op dat moment zichzelf weer ziet als een lichaam, gelooft nu dat we ons lichaam en alle andere lichamen en dingen waar we zo aan gehecht zijn moeten loslaten.
Het is ook niet de bedoeling dat we ons lichaam en andere lichamen en dingen ontkennen, omdat ze toch ‘maar’ projecties zijn.

De Cursus begint altijd dáár waar wij, de denkgeest denkt te zijn. En dat is dat we denken én geloven een lichaam te zijn en dat er andere lichamen en dingen zijn, los en gescheiden van elkaar, en dat we met sommige lichamen en dingen een liefdes relatie hebben en met sommige lichamen en dingen een haat relatie.
Dat waar we denken te zijn wordt niet ontkend, of weggegooid, maar her-gebruikt.
Inclusief het onvermijdelijke gevoel van verlies en een rouwproces wat ermee gepaard gaat.
We leren naar dat waar we denken te zijn, te kijken, oordeelloos en dan te beslissen of we het zo willen laten zoals het is (de keuze voor egodenkgeest), of er anders naar te leren kijken, omdat we vermoeden en bereid zijn te ervaren dat ‘er een andere manier moet zijn’ (de keuze voor Heilige Geest denkgeest).

Niets, geen enkele gedachte met bijbehorende projectie wordt dus ontkend, weggestopt of vernietigd.

Een niet makkelijk proces, want het voelt gewoonweg ‘rot’, dat alles eerlijk onder ogen zien, het brengt heel wat gevoelens en emoties met zich mee.
Emoties die door de egodenkgeest gebruikt worden als verdedigingslinie, zodat ik, de denkgeest, veilig uit de beurt van de projecterende denkgeest blijf.
Echter deze zelfde emoties en gevoelens kunnen ook in handen van Heilige Geest denkgeest gegeven worden en dienen als reminder om er anders naar te willen kijken, door ogen van onschuld en oordeelloosheid.
Dat zijn de twee keuze die we als denkgeest (dat wat we in werkelijkheid zijn) kunnen maken, de keuze voor egodenkgeest of voor HG denkgeest)
En voor degene onder ons die allergisch zijn voor woorden als Heilige Geest en Jezus, wat ook niets anders is dan een van de vele verdediging van de egodenkgeest: de Juist-gerichte denkgeest, of de vertegenwoordiging van wat ‘Waar’ is.

We kunnen nooit iets los denken en dus doen los van deze twee keuzes.
We kunnen geen vrijaf nemen van de egodenkgeest of HG denkgeest en denken dat de wereld als vorm en alle lichamen en dingen en situaties iets is wat buiten de denkgeest bestaat.
We kunnen wel doen alsof en denken dat we vakantie kunnen nemen van de denkgeest, maar dan kan je er zeker van zijn dat je gekozen hebt voor egodenkgeest.
Want alleen de egodenkgeest kan als een briljante illusionist doen voorkomen dat er echt een wereld is bevolkt door mensen en dieren, waarmee dingen gebeuren en dingen zomaar verdwijnen, als bij toverslag.

Dus, ja, mijn ervaring is dat men als men door het proces van loslaten en anders willen leren kijken heen gaat, men door een rouwproces van afscheid nemen gaat, inclusief alle gevoelens die daarmee gepaard gaan. Maar als je dit proces consequent olv Heilige Geest (symbool van de Waarheid) aangaat, wordt je er liefdevol doorheen geleid en zal je ervaren dat waar je dacht afscheid van dacht te moeten nemen, gewoon niet waar is.
En zal uiteindelijk dat overblijven wat je werkelijk bent, en wat dat is kan je alleen weten als je het weet, tot die tijd kan je het proces alleen aan gaan als je het echt wilt en echt ‘anders’ wil gaan ‘zien’, niet met de ogen van het lichaam, maar vanuit wat je bent; denkgeest en uiteindelijk Geest.

Het ego, het domein van de egodenkgeest is een illusoir denksysteem, opgezet als verdediging tegen God de non-dualistische staat van zijn waar wij als Zoon van God deel vanuit maken.
Het egodenksysteem is dus een vervangend gedachtesysteem, een ‘doen alsof’ denksysteem.
Dat betekend dat de hele wereld, en ons hele leven zoals we dat beleven in deze wereld in een lichaam omgeven door andere lichamen, dieren en dingen van groot tot onzichtbaar klein een ‘doen alsof’ is.
We houden onszelf voor de gek.
En wat kan er anders voortkomen uit een ‘doen alsof’ denksysteem dan nog meer ‘doen alsof’. Het ‘doen alsof’ breidt zich uit, omdat het niets anders kan dan dat.

Bijvoorbeeld, ik ben boos, omdat ik denk dat mij iets wordt aangedaan, en mij wordt gevraagd ‘ben je boos?’, en ik zeg dan ‘nee, hoor’. Dan is het niet zo dat het boos zijn dan ‘echt’ is, en dat als ik het ontken dat een leugen is. Nee, beide gedachtes, met hun projecties zijn een ‘doen alsof’ en in die zin beide niet waar.
De Cursus zegt:

‘Als woede voortkomt uit een interpretatie en niet uit een feit, is die nooit gerechtvaardigd’ (H17.8:6).

Wat niet wil zeggen dat het niet mag of fout is.
Het is gewoon niet te rechtvaardigen, omdat het ‘niets’ is, ‘doen alsof’ is geen feit het is het ‘doen alsof’ van de egodenkgeest die alleen maar kan afscheiden van Waarheid, door te doen alsof er een waarheid is en een onwaarheid en te doen alsof die twee voortdurend in strijd zijn met elkaar, met als resultaat een verzonnen dualistisch systeem, een ‘doen alsof’ binnen de non-dualistische Eenheid. En dat is onmogelijk en kan niet meer worden dan enkel en alleen een ‘doen alsof’.
Dus als ik boosheid waarneem in mijzelf, is dat niet ´fout´, want dat is alweer een ego oordeel dat het spelletje ´doen alsof´ serieus neemt. Ik kan echter wel terwijl ik het ´doen alsof script´ speel Jezus’ hand vastpakken (symbool voor de verbinding met Waarheid) met de wil hier anders naar te willen kijken door ogen van vergeving.
Dit is een kwestie van veel oefenen, want het kost tijd en veel oefenmateriaal, ons dagelijkse ‘doen alsof’ leven dus, voordat dit omgekeerd kan worden en we inderdaad de andere keuze willen en kunnen maken, de keuze voor leiding in dit proces van de Heilige Geest en of Jezus, beide (nogmaals) symbolen voor en de brug terug naar Waarheid, dat wat we in werkelijkheid zijn.

Zijn we als denkgeest al gevorderd in dit leerproces van het ongedaan leren maken via vergeving van het ‘doen alsof’, dan zal men op een gegeven moment bij een opkomende woede aanval en ‘doen alsof’ , steeds vaker bewust worden van dit ‘doen alsof’ mechanisme en ook van de mogelijkheid ánders te kiezen.
Ik kan dan het ‘doen alsof’ spel doorbreken en voor vriendelijkheid kiezen, omdat ik dan inzie dat ik de zgn ander die meespeelt in het spelletje ‘doen alsof’ heb ingezet om het spelletje ‘doen alsof’ echt te maken, zodat het lijkt dat de boosheid van buiten mij komt en niet vanuit ‘mijn’ denkgeest die het dualistische spel wil spelen, om maar uit de beurt van mijn ware non-dualistische aard te blijven en het feit dat ik denkgeest ben en niet een lichaam.

Het voor vriendelijkheid kiezen in plaats van voor boosheid, is ook nog steeds onderdeel van het spelletje ‘doen alsof’, maar zal nu, omdat ik het olv HG/J wil doen, in plaats van olv ego, als liefdevolle spelbreker werken en een helend effect hebben.
En de lakmoesproef zal zijn, dat ik dan geen vormen van zonde, schuld en angst meer ervaar. Neem ik dat nog wel waar, dan is dat niet ‘fout’, of ‘dom’ , of een ‘mislukking’, dat is gewoon eerlijk zijn, en wacht ik gewoon geduldig tot zich weer een nieuwe kans aandient, waarin ik mijn ‘doen alsof’ gedrag waarneem en wéér de keuze kan maken voor leiding van de egodenkgeest of van Heilige Geest denkgeest.

En zo wordt het ‘doen alsof’ kostbaar leermateriaal, want de Heilige Geest kan alles gebruiken, zodra ik dat toesta.

Het enige zinvolle aan altijd maar doorgaan, nooit opgeven, ´verder´ is het onvermijdelijke einddoel totale Overgave…
Tot dat inzicht kom ik door herkenning na het lezen van het prachtige verhaal ‘Het loflied’ van Aart van der Leeuw, uit de bundel ‘De gezegenden’ uit de reeks ‘Nimmer dralend’.
En even terzijde, ik zag het ook terug in het beroemde verhaal ‘Moby Dick’ van Herman Melville in de figuur van Achab.
Ik zie het ineens ook in alles wat ik denk en doe in mijn ervaringswereld terug.

Alle schijnbare doelen in mijn leven binnen de wereld van het ego zijn totaal zinloos in zichzelf. Het is niets anders dan een perpetuum mobile dat zichzelf in stand houd door het grote schijngevecht tegen God.
Daar de egodenkgeest een mechanisme is wat zichzelf in stand houdt door strijd, niet anders kan, is het symbool overgave, volledig doorleefd, in de vorm de enige manier om deze denk-error te doorbreken en terug te keren tot de Heilige Geest Denkgeest.

Zoals in het gevecht van Ridder Luifried met de Engel Michaël in de kloof waar elkaar passeren onmogelijk was en alleen de uitweg via de confrontatie, het gevecht mogelijk bleek.
Een verloren gevecht. Lijkt vechten in de wereld heel zinvol, een gevecht om overleven, jij of ik, een voortdurend zich herhalend zinloos patroon, tenslotte eindigend in de laatste zinloze reis de dood. Een gevecht met de Hemel is ook zinloos, maar leid, als wij die keuze maken, tot totale Overgave wat leid tot terugkeer in de ‘armen’ van God en het Eeuwige Leven.
Het is de Verzoening accepteren voor mijzelf, terugkeren naar wat ik ben Geest en niet een lichaam.

Zo wordt dit verwoord in ‘Het loflied’:

‘Twee blauwe vlammen zag hij in een wemeling van zonglans schitteren, en toen hij zijwaarts speurde, of daar misschien een kans op redding overbleef, bemerkte hij tot zijn verbijstering, dat hij door de sneeuw van witte vleugelen was omgeven, tusschen wier vederen de morgengloed als sterren tintelde. Hij voelde de kilte van een zwaardpunt aan den hals. Hij bad om zijn leven, en bood Beijaar als losprijs aan. „Ik eisch een gelofte, een lied.” „Een lied slechts?” vroeg Luifried verwonderd, „lederen avond een lofzang, die dankt voor den dag. Luister, zoo klinkt het.” En de vreemdeling hief nu een wijs aan, op een toon, die de vogels voor eeuwig beschaamde, terwijl de zin van het gezongene de diepe reinheid van Gods woord bezat. Het was Luifried te moede, of de melodie hem in het hart drong, op den bloedstroom medegevoerd, en hij begreep dat hij haar nooit zou vergeten.
„Ik beloof het”, riep hij dan, en hij hief de hand op, om den ridderlijken eed te zweren.
„Maar de eed is gebroken”, zei de vreemdeling, „als de ziel niet meejuicht met het lied, de geest in vrees en smart ligt, waar de lippen jubelen.” „Het zij zoo”, sprak de knaap.’

Zo worden al mijn ‘wapens’ al mijn talenten die eerst werden ingezet tegen God, als verdediging tegen God, nu gebruikt als ‘wapens’ die als enig doel hebben het leiden van de denkgeest naar totale overgave, door het inzicht dat ze niet werken en vechten tegen of voor of in naam van God geen enkele zin heeft. Totale Overgave van de denkgeest is het enige zinnige doel van alle strijd in de wereld en ‘Het loflied zal klinken.

De strijd van Luifried met de Engel Michaël staat eigenlijk symbool voor de strijd die wij dagelijks lijken te voeren, de strijd die niet de strijd tussen projecties is, ook al lijkt dat zo, maar de strijd van de ene egodenkgeest met egodenkgeest, dus een strijd binnen de ene egodenkgeest. Uiteindelijk blijkt dan dat het de strijd is van de schijnbaar afgesplitste egodenkgeest met de ene Geest (God). Zodra dit herkend wordt zal er de keuze zijn te kiezen voor angst en opoffering, of voor totale Overgave, omdat wordt ingezien dat strijden tegen God volkomen zinloos is. Niet omdat hij sterker is, maar omdat er niets te strijden valt, want de Zoon van God kan nooit gescheiden worden van de Vader, ze zijn volkomen één. Dus waarom strijden?

In Een cursus in wonderen wordt dit als volgt uitgedrukt in ‘Het vergeten lied’:

‘Niets zal jou ooit zo dierbaar zijn als deze aloude hymne van liefde die Gods Zoon nog immer voor zijn Vader zingt.’ (T21.1.9:6)

 

 

 

 

 

%d bloggers liken dit: