archiveren

Tagarchief: genezen denkgeest

Op zich is er voor “verlossing” (verlossing van het nietig dwaas idee dat afscheiding van Eén mogelijk is), maar één gedachte nodig…

Maar ja zo werkt het niet in de praktijk waarin we denken en echt geloven te zijn.
Miljarden gedachten worden elke seconde gedacht, met maar één doel het nietig dwaas idee dat afscheiding mogelijk is werkelijk te doen laten lijken.
En ook al hebben al die miljarden gedachten maar één doel; een nietig dwaas idee dat afscheiding mogelijk is in stand te houden, ogenschijnlijk hebben al die miljarden (afscheidingsgedachten) allemaal verschillende en wisselende doelen.
De ene denkgeest die dit denkt, en wil denken, om redenen van afscheiding, bevindt zich nu in een totale chaotische compleet gestoorde wirwar van gedachten en probeert dat enigszins te sturen en onder controle te houden door al die verschillende doelen aan de verschillende stukjes afgescheiden denkgeest (wat er uit ziet als personen, dingen en situaties) toe te bedelen.
Wat we denken en geloven te zien en ervaren zijn dus projecties van de ene denkgeest die voor afscheiding kiest en dat ziet eruit en wordt ervaren als een persoonlijke “ik” ervaring, ten midden, van miljarden andere “ik” ervaringen.

In die zin is het idee van er is maar één gedachte nodig voor verlossing te volgen.
(zie ook: H.12. Hoeveel leraren van God zijn er nodig om de wereld te redden? En bedenk dat ECIW ons altijd aanspreekt als denkgeest, dat wat we zijn, en niet als mensen van vlees en bloed, wat we onmogelijk kunnen zijn dan alleen in een krankzinnige afscheidings fantasie van zonde, schuld en angst).

Echter de volstrekt schizofrene, krankzinnige in totale verwarring zijnde denkgeest (wij dus) zal dit niet zomaar kunnen aanvaarden en accepteren.
En mocht je je nu beledigd voelen of wat voor weerstand voelen dan ook, (wees daar eerlijk in, want die weerstand is er, in wat voor vorm dan ook) dan is dat niet om de reden die ik denk (les 5).
De gestoorde, zieke denkgeest zal zijn zieke denkgeest verdedigen, van geboorte tot dood, omdat het hem in de afscheiding houdt. Er is geen andere reden dan die onmogelijke, krankzinnige wens.

En ook al doorzie ik intellectueel de totale krankzinnigheid van die onmogelijke wens (onmogelijk omdat afscheiding van Eén, Waar echt onmogelijk is) dan nog is een stap voor stap proces nodig om de denkgeest totaal te doen laten genezen.
En dat is de enige verantwoordelijkheid die ik als denkgeest heb.
Mijn verantwoordelijkheid is niet de wereld te verbeteren, mijn verantwoordelijkheid is de denkgeest te laten genezen van één onmogelijk krankzinnig idee dat slechts in stand wordt gehouden door het geloof erin.
In dat stap voor stap proces van vergeving (zie WdII.1. Wat is vergeving? (blz.404)), wordt elke gedachte gedachte, (mijn hele zelf bedachte, gekozen en geprojecteerde script) opnieuw gebruikt, nu niet meer als middel tot afscheiding, maar als middel voor vergeving. Vergeving van wat onmogelijk werkelijk gebeurt kan zijn, namelijk afgescheiden raken van Eén, van wat Waar is.

Vandaar dat in principe enkel en alleen les 5 en les 34 zouden kunnen voldoen.
Ik zal beide lessen hieronder plakken voor het gemak:

“LES 5
Ik voel nooit onvrede om de reden die ik denk.

1. Dit idee kan, evenals het voorgaande, gebruikt worden bij elke persoon,
situatie of gebeurtenis waarvan jij denkt dat die jou pijn bezorgt. 2Pas het
uitdrukkelijk toe op alles waarvan jij gelooft dat het de oorzaak van je onvrede
is, en gebruik daarbij de omschrijving van het gevoel in een bewoording
die je juist lijkt. 3De onvrede kan zich voordoen als angst, bezorgdheid,
depressiviteit, verontrusting, kwaadheid, haat, jaloezie en nog
talloze andere vormen, die je allemaal als verschillend zult waarnemen.
4Dit is niet waar. 5Maar tot je geleerd hebt dat de vorm er niet toe doet, is
elke vorm geschikt als onderwerp van de oefeningen van de dag.
6Hetzelfde idee op elke vorm afzonderlijk toepassen is de eerste stap naar
de uiteindelijke erkenning dat ze allemaal hetzelfde zijn.

2. Wanneer je het idee van vandaag gebruikt bij een specifieke vermeende
oorzaak van enigerlei vorm van onvrede, hanteer dan zowel de naam van
de vorm waarin je die onvrede ziet, als de oorzaak die je daaraan toeschrijft.
2Bijvoorbeeld:

3Ik voel me niet kwaad op _________ om de reden die ik denk.
4Ik voel me niet bang voor _________ om de reden die ik denk.

3. Maar nogmaals, dit moet niet in de plaats komen van oefenperioden
waarin je eerst je denkgeest onderzoekt op ‘oorzaken’ van onvrede waarin
je gelooft, en vormen van onvrede die, naar jij meent, daaruit voortvloeien.

4. Je zult het bij deze oefeningen, meer nog dan bij de vorige, misschien
moeilijk vinden om willekeurig te zijn en te vermijden dat je sommige onderwerpen
zwaarder laat wegen dan andere. 2Het kan helpen de oefeningen
te laten voorafgaan door de volgende stelling:

3Er zijn geen kleine vormen van onvrede.
4Ze verstoren mijn innerlijke vrede allemaal evenzeer.

5. Onderzoek dan je denkgeest op alles wat jou verstoort, ongeacht de mate
waarin jij denkt dat het dit doet.

6. Misschien merk je ook dat je minder bereid bent het idee van vandaag
toe te passen op sommige vermeende bronnen van onvrede dan op andere.
2Als dit gebeurt, denk dan eerst hieraan:

3Ik kan niet aan deze vorm van onvrede vasthouden en alle andere loslaten.
4Voor het doel van deze oefeningen beschouw ik ze daarom allemaal
als gelijk.

7. Onderzoek dan, niet langer dan ongeveer een minuut, je denkgeest en
probeer een aantal verschillende vormen te achterhalen van dingen die
jouw vrede verstoren, ongeacht het relatieve belang dat jij misschien aan
ze hecht. 2Pas het idee van vandaag op elk ervan toe, waarbij je zowel de
naam noemt van de bron van de onvrede, zoals jij die ziet, als van het gevoel,
zoals jij dat ervaart. 3Andere voorbeelden zijn:

4Ik voel me niet bezorgd over _________ om de reden die ik denk.
5Ik voel me niet neerslachtig over _________ om de reden die ik denk.

6Drie of vier keer in de loop van de dag is genoeg” (WdI.5.1-7).

“LES 34
Ik zou in plaats hiervan vrede kunnen zien.

1. Het idee voor vandaag maakt een begin met de beschrijving van de voorwaarden
die gelden voor de andere manier van zien. 2Innerlijke vrede is
ontegenzeglijk een innerlijke zaak. 3Het moet beginnen bij je eigen gedachten
en zich dan naar buiten toe uitbreiden. 4Juist uit jouw vredige
denkgeest vloeit een vredige waarneming van de wereld voort.

2. Voor de oefeningen van vandaag zijn drie langere oefenperioden nodig.
2Aangeraden wordt er een ‘s ochtends en een ‘s avonds te doen, met nog
een derde ergens daartussenin op een tijdstip waarop je je er het meest
klaar voor voelt. 3Alle oefeningen moeten met gesloten ogen worden gedaan.
4Het is je innerlijke wereld waarop het idee van vandaag moet worden
toegepast.

3. Voor elk van de lange oefenperioden is ongeveer vijf minuten van gedachtenonderzoek
nodig. 2Onderzoek je denkgeest op angstgedachten, situaties
die je verontrusten, ‘ergerlijke’ personen of gebeurtenissen, of iets
anders waarover je weinig liefdevolle gedachten koestert. 3Merk ze allemaal
terloops op, en herhaal het idee voor vandaag langzaam terwijl je
gadeslaat hoe ze in je denkgeest opdoemen, laat ze dan een voor een los,
en ga door met de volgende.

4. Als het je moeite gaat kosten om aan specifieke onderwerpen te denken,
blijf het idee dan rustig voor jezelf herhalen, zonder het op iets in het bijzonder
toe te passen. 2Zorg er echter wel voor dat je niets speciaal uitsluit.

5. De korte toepassingen dienen talrijk te zijn en moeten telkens worden
uitgevoerd wanneer je voelt dat je innerlijke vrede op enigerlei wijze
wordt bedreigd. 2De bedoeling is jezelf de hele dag tegen verleidingen te
beschermen. 3Als een concrete vorm van verleiding in je bewustzijn omhoogkomt,
moet de oefening deze vorm krijgen:

4Ik zou in deze situatie vrede kunnen zien in plaats van wat ik er nu in zie.

6. Als de aantasting van je innerlijke vrede meer een algemene vorm van
nare emoties aanneemt zoals gedeprimeerdheid, onrust of tobberij, hanteer
dan het idee in zijn oorspronkelijke vorm. 2Als je voelt dat jij meer dan
één toepassing van het idee van vandaag nodig hebt om je te helpen in
enige specifieke context tot andere gedachten te komen, probeer er dan
een paar minuten voor uit te trekken en die te besteden aan het herhalen
van het idee, tot je enig gevoel van verlichting bespeurt. 3Het zal jou
helpen als je concreet tegen jezelf zegt:

4Ik kan mijn gevoelens van gedeprimeerdheid, onrust of tobberij [of mijn
gedachten over deze situatie, persoon of gebeurtenis] vervangen door
vrede” (wdI.34.1-6).

En bedenk lessen zijn er om geoefend te worden, alleen begrijpen is niet genoeg.
En het oefenmateriaal is altijd voorhanden, want dat zijn simpelweg alle gedachten die ik heb elke seconden van wat ik geloof en denk dat “mijn” leven is.
Een eraan toe zijnde denkgeest zal bereid zijn te oefenen, omdat “hij” niet anders meer kan.

En wat resultaatgerichtheid betreft, wat denk je dat het resultaat is van een genezen denkgeest, zou deze nog voor het voort laten duren van afscheiding kiezen door nog steeds te blijven geloven in zijn eigen projecties van zonde, schuld en angst?

 

 

 

Als de reden waarom ik iets doe verschuift van vormgerichtheid naar denkgeestgerichtheid, gaat alles wat ik ‘doe’met plezier en zonder moeite.

“Ik voel nooit onvrede om de reden die ik denk”(WdI.5).

Ik voel nooit onvrede, omdat er iets mis lijkt te zijn in enige vorm. Ik voel nooit onvrede, omdat mijn lichaam problemen heeft, of omdat er iets mis is met andere lichamen om mij heen, of omdat dingen niet gaan zo als ik het wil, of omdat anderen of ikzelf er een zooitje van maken.
Ik voel onvrede, omdat mijn denkgeest in onvrede is en ik dat projecteer, zodat de oorzaak niet meer in mij ligt, maar buiten mij. Ik ben onschuldig en alles en iedereen buiten mij is nu schuldig. Dit pleit mij vrij van alle schuld.
De schuld projecteren op mijzelf gebeurt ook, dan krijgt mijn lichaam de schuld, ook dat is schuld zien en projecteren buiten mijzelf, de denkgeest.

Het iets met grote moeite en inspanning doen, of het iets met plezier en gemak doen is het verschil tussen doen vanuit ego, dus met zonde, schuld en angst als drijfveer, of doen vanuit Juist gerichte-denkgeest, vanuit Liefde.

De verschuiving is niet iets wat de ‘ik’ Annelies lichaam doe, want dat is immers net als de hele wereld ook een projectie vanuit schuld, het is het resultaat van het besluit van de denkgeest, van de waarnemende/keuzemakende denkgeest, om alle opdoemende gedachten die komen vanuit zonde, schuld en angst eerlijk te herkennen, te onderkennen en vervolgens te vergeven en te accepteren wat van daaruit vanzelf op zal komen in de dan genezen denkgeest.

De egokant van de denkgeest is dol op rampen en ellende en doomsday voorspellingen, want dat is precies wat de egodenkgeest in stand houdt.
Gedachten en projecties over vernietiging, dood en verderf en het geloof daar in, voed het egodenken en laat het groeien.
Ons verdriet en boosheid, en onmacht bij het zien van rampen, ellende, misstanden enz. is dan ook niet het verdriet om wat het lijkt te zijn in zijn vorm, maar een veel dieper verdriet en angst dat gaat over het geloof in de mogelijkheid uit Eenheid te kunnen geraken. Dit is echter onmogelijk, omdat Waarheid, Eenheid onveranderlijk zijn. Deze bron van verdriet en angst is dus onmogelijk en daarom zijn de projecties die een dekmantel zijn voor deze angst ook onmogelijk. Dus is de wereld vol met rampen en ellende die wij denken en geloven te zien ook onmogelijk, dus slechts een waanidee.

De enige manier om uit deze waan te geraken is dit mechanisme te onderkennen, zonder oordeel en het te vergeven.
Alleen dan zal het zijn grip op de denkgeest verliezen en simpelweg verdwijnen, omdat het niet meer gevoed wordt door de door mijzelf gekozen afscheidingsgedachten, voortkomend uit het geloof in zonde, schuld en angst.

De egodenkgeest is bedacht als tegenhanger van wat we zijn; één en héél in Eenheid, de ware betekenis van God. God niet geschapen naar ons evenbeeld en zodoende gemaakt tot een ego god, maar als symbool voor totale non-dualistische Eenheid. Een Eenheid die niet omschreven kan worden door woorden. En daarom alleen vermoed kan worden door de wereld, die wij als onze keuze voor egodenkgeest als het tegenovergestelde te zien van de ene non-dualistische toestand, die we God kunnen noemen. Een diep vermoeden dat op vertrouwen berust en de herinnering vertegenwoordigt aan wat we werkelijk zijn een herinnering die nog altijd aanwezig is in onze denkgeest, omdat Waarheid nooit iets anders kan zijn of worden dan Waarheid.

Derhalve moeten we dat wat we denken en geloven te zien, door onze keuze voor egodenkgeest, namelijk projecties van zonde, schuld en angst, zoals rampen, ellende, geweld, moord en doodslag, chantage, leugens, eerst eerlijk onder ogen willen zien in ons eigen denken. En wel oordeelloos. Alleen dan kunnen we de onwaarheid ervan leren zien. Elk oordeel is niets anders dan wederom een poging zonde, schuld en angst weer te voeden en de kans geven zich te projecteren en zo de waan van ellende en geweld in stand te houden.
Dat moet eerst onder ogen worden gezien, heel eerlijk, en weer zonder oordeel. Oordelen maakt eerlijk kijken namelijik onmogelijk. Oordelen is immers kijken vanuit angst en dus zal oordelen alleen maar de angst vergroten.

Dat wil niet zeggen dat we niet mogen oordelen en alles maar moeten laten gebeuren, dat zou alleen maar weer een egogedachte zijn.
Alleen als we eerlijk durven gaan kijken, zonder oordeel, kan in beeld komen en duidelijk worden dat rampen, ellende en doomsday voorspellingen slechts geprojecteerde angst gedachten zijn, waarvan de bron de gedachte is, gedacht door de keuze voor egodenkgeest, vanuit het geloof in zonde, schuld en angst. En dat de bron niet de projectie is, dus dat wat wij buiten ons denken te zien, maar de keuze vertegenwoordigt voor egodenkgeest, dus voor afscheiding van Eenheid.

Alleen een oordeelloze genezen denkgeest kan genezen gedachten hebben. En deze geheelde gedachten zullen alleen oordeelloze gedachten, die Eenheid en Liefde weerspiegelen uit kunnen breiden. En niet de geprojecteerde wereld van de oordelend egodenkgeest zal dan veranderen in een betere ego versie, want dat is geen blijvende oplossing, maar zal verdwijnen, omdat deze geprojecteerde ego wereld nooit werkelijk is en kan zijn geweest. Het is slechts een droom en dromen zijn om uit te ontwaken, waarmee de droom oplost in het niets waar het ook uit is voortgekomen.
Het einde van de wereld dan toch? Nee, het einde van een nachtmerrie en het ontwaken in Liefde, in God, in Eenheid.

Zolang dit angst oproept, zal de angst blijven bestaan en het geloof in een wereld van geweld en vernietiging.
De angst is dus het probleem en niet de geprojecteerde wereld voortgekomen uit angst.
Het proces van genezing gaat dus over het genezen van angst en een angstloze denkgeest zal, zolang er nog wordt ervaren alleen maar angstloos en oordeelloos kunnen handelen. En daar kunnen alleen maar liefdevolle oordeelloze acties uit voortkomen in het volle vertrouwen dat het niet de ‘ik’ egoversie is die iets doet, maar de genezen denkgeest die geen afscheiding meer wil en kan zien.

%d bloggers liken dit: