archiveren

Tagarchief: Eenheid

Hoe langer ik met ECIW bezig bent en ook echt toepas in het dagelijkse leven van alle dag en nacht, des te meer en duidelijker zie ik de truc van het egodenken om alles wat herinnert aan Waarheid eenvoudig weg om te keren, zodat het het tegenovergestelde van Waarheid laat zien. Als ik op die manier kijk naar wat het egodenken maakt kan ik ook beter zien wat het probeert te verbergen achter deze wisseltruc welke alleen maar een poging tot het verbergen en vergeten van Waarheid, Eenheid is.

Als de ervaring er een is van het leven van een ‘normaal’ rustig leven, met wat onvermijdelijke hobbels hier en daar afgewisseld met leuke en succesvolle ervaringen, valt de omkeer truc van het egodenken niet zo op en wordt het leven geaccepteerd zoals het is en berust men gelaten in zijn lot ondertussen een zo comfortabel mogelijk leventje te maken, door alle problemen die langskomen te negeren, of zo snel mogelijk uit de weg te ruimen.

Is de ervaring echter dat van een zeer intensief leven, met grote pieken en vooral zeer diepe dalen, dan zal vroeg of laat de vraag rijzen: ‘is dit nou leven, zoveel ellende dat kan toch niet echt de bedoeling zijn, dat moet toch anders kunnen?’
Dan wordt de waarnemer in ons wakker en groeit de bereidheid ‘anders te willen kijken’.

Als dat wat wij in de wereld van het ego denken waarnemen/ervaren als ‘weef foutjes’, als iets wat afwijkt van wat wij accepteren als ‘normaal’, dan kan ik dat zien als een reminder dat de wereld nu eenmaal niet perfect is, dat ‘shit happens’, of ja je hebt nu eenmaal slechterikken en braverikken, het is je eigen schuld, het zit in je genen daar doe je niets aan, het is de schuld van de ouders, kinderen, familie, buren, regering, dingen en situaties, maar ik kan het ook, als tot ontwaken bereid zijnde denkgeest zien als een reminder dat die ‘weef foutjes’ totaal niet passen binnen Waarheid, Eenheid, dus het ook gezien kan worden als slechts een poging Waarheid, Eenheid te verbergen achter het precies tegenovergestelde van Waarheid, Eenheid. Dat maakt het ‘weef foutje’ niet fout maar slechts een op z’n kop beeld van Waarheid, Eenheid.

Neem ik bijvoorbeeld waar dat het leven ervaren wordt als een aan ernstige angststoornis en depressiviteit lijdende persoon wat een ‘normaal’ leven onmogelijk maakt, dan kan ik dat als tot ontwaken bereid zijnde denkgeest ook zien als juist het omgekeerde van wat het lijkt te zijn.
Ik denk dan maar weer meteen aan les 5 uit het Werkboek:

“Ik voel nooit onvrede om de reden die ik denk:

1. Dit idee kan, evenals het voorgaande, gebruikt worden bij elke persoon,
situatie of gebeurtenis waarvan jij denkt dat die jou pijn bezorgt. Pas het
uitdrukkelijk toe op alles waarvan jij gelooft dat het de oorzaak van je onvrede
is, en gebruik daarbij de omschrijving van het gevoel in een bewoording
die je juist lijkt. De onvrede kan zich voordoen als angst, bezorgdheid,
depressiviteit, verontrusting, kwaadheid, haat, jaloezie en nog
talloze andere vormen, die je allemaal als verschillend zult waarnemen.
Dit is niet waar.
Maar tot je geleerd hebt dat de vorm er niet toe doet, is
elke vorm geschikt als onderwerp van de oefeningen van de dag.
Hetzelfde idee op elke vorm afzonderlijk toepassen is de eerste stap naar
de uiteindelijke erkenning dat ze allemaal hetzelfde zijn” (WdI.5.1).

Ik zie deze woorden: “Ik voel nooit onvrede om de reden die ik denk”, dan ook als een uitnodiging, om dat wat ik dacht te zien en te geloven en als waarheid aannam, binnen het egodenken, als precies het omgekeerde van Waarheid te zien en dus als een poging om mijzelf aan Waarheid, Eenheid, Liefde te onttrekken. Wat natuurlijk sowieso een onmogelijk idee is, wat alleen mogelijk lijkt te zijn door mijn geloof erin.

Dus de waarneming van een aan angststoornis en depressie lijdende persoon welke eigenlijk een projectie laat zien van de keuze voor afgescheiden te willen zijn van Waarheid, Eenheid, Liefde wordt nu een uitnodiging ‘anders’ te willen gaan zien, door dat wat ik dacht te zien als waarheid, als vergissing te onderkennen, en deze vergissing te Vergeven, (Ware Vergeving zie: WdII.1 blz. 404) waardoor de herinnering aan Waarheid, Eenheid, Liefde weer in het bewustzijn terug keert.
Les 34 helpt mij hieraan te herinneren:

“Ik zou in plaats hiervan vrede kunnen zien.

1. Het idee voor vandaag maakt een begin met de beschrijving van de voorwaarden
die gelden voor de andere manier van zien. Innerlijke vrede is
ontegenzeglijk een innerlijke zaak. Het moet beginnen bij je eigen gedachten
en zich dan naar buiten toe uitbreiden. Juist uit jouw vredige
denkgeest vloeit een vredige waarneming van de wereld voort” (WdI.34.1)

Een waarneming van een vredige wereld, niet een vredige wereld op zich als feitelijke vorm. (onthoud: “Er is geen wereld” (WdI.132.6:2))
Dus hoe dit zich als resultaat van Ware Vergeving zal projecteren in enige vorm, doet er dan niet meer toe, omdat ik dan werkelijk weet en ervaar dat niet de vorm de oorzaak is van angst en depressie, maar de keuze voor het denksysteem van zonde, schuld en angst en deze voor waarheid aan te zien en erin te geloven. Hoe dan ook zal er vanzelf de Inspiratie zijn om dat te doen wat het meest liefdevol is, hoe het er ook uit moge zien.

Dat wat ik in mijn broeder denk en geloof te zien is altijd een spiegel voor mijzelf die laat zien voor welk denksysteem ik kies; voor het geloof in zonde, schuld en angst (ego), of voor juist gerichtheid van denken (HG/J).
Zo zal de omkeer truc van het egodenken mij niet meer verblinden, maar juist een reminder worden voor wat het probeert te verbergen achter deze meester omkeer truc.

 

Het vaak enorm (door het ego expres) opgeblazen begrip “verlichting” is eigenlijk niets anders dan het terug herinneren van bewust-zijn van wat het om onduidelijke en volledig onnodige redenen dacht te moeten verduisteren als verdediging tegen het terug herinneren. Er gaat dus als het ware een “bewustzijnslampje” aan waardoor de duisternis als onwaar kan worden gezien en tevens stap voor stap kan verdwijnen.
Iets wat voor de hele éne denkgeest (mind) een onvermijdelijk herinneringsproces is.
En dus alles behalve bijzonder of speciaal!

Er is dus géén lichaam dat verlicht wordt. Deze bewustwording speelt zich af op denkgeest (mind) niveau en NERGENS ANDERS.
Dus elke gedachte van: “oh, ik ben nog lang niet zo ver”, of “wow, die is verlicht zeg!”, “wat een bijzonder mens is dat”, “ik voel me nederig bij zo’n verlichte man/vrouw”, “Als ik nu maar in zijn/haar buurt ben dan raak ik ook sneller verlicht”, of “wat een nep verlichte eikel is dat zeg”, komende vanuit het denken en geloven een lichaam te zijn met bepaalde lichamelijke en of geestelijke kenmerken is enorm misplaatst en gewoon weer een ego trucje om maar in afscheiding te kunnen blijven geloven: hij/zij (lichaam) versus ik (lichaam).

Op deze manier denken, dat overigens heel normaal en gebruikelijk wordt gevonden binnen het geloof in het concept “wereld”, “lichamen”, “situaties”, is niet “fout”, “stom”, “verwerpelijk” of “zondig”, want dat zou alleen het ego weer versterken en in stand houden, met als enig doel afgescheiden blijven van Éénheid.

Het kan in plaats van een observatie, vanuit egodenken ook vanaf boven het slagveld, op denkgeest (mind) niveau gezien worden. Dat is een keuze.
En dat er een keuze is, is iets wat langzaam aan helder wordt in de denkgeest die er aan toe is om terug te herinneren in een totaal bewustzijn, waarna uiteindelijk de volgende onvermijdelijke stap volgt; het niet meer nodig hebben van het licht van bewustzijn in de duisternis.

In het Handboek voor leraren in de Cursus: “26. KAN GOD RECHTSTREEKS WORDEN BEREIKT”  gaat daar over:
Maar bedenk als je dit leest dat ECIW ons nooit aanspreekt op het niveau van denken en geloven een lichaam te zijn dat “iets” moet doen, want doe je dit wel dan wordt volgende aanhaling gegarandeerd niet begrepen zoals deze is bedoelt, want dan denk je vanuit een niet bestaand lichaamsbewustzijn. En uit iets wat niet werkelijk bestaat kunnen dan ook alleen maar niet bestaande gedachtes van onbegrip voortkomen. Oftewel alleen maar vormen van angst- weestandsgedachten.

In ECIW is de term leraar gelijk aan die van leerling, want de denkgeest leert en onderwijst tegelijkertijd, altijd en voortdurend met elke gedachte.
Er zijn dus eigenlijk ook geen speciale onderwijs of leer gedachten, elke gedachte, letterlijk elke gedachte heeft deze twee eigenschappen in zich.
Het enige verschil is dat de denkgeest voor ego onderwijs/leren of voor HG onderwijs/leren kan kiezen, maar het is altijd onderwijzen/leren. Er zijn geen neutrale gedachten.

Ik plak hier dat hele hoofdstukje 26 uit het Handboek voor leraren wel even voor het gemak:

“26. KAN GOD RECHTSTREEKS WORDEN BEREIKT?

1.God kan inderdaad rechtstreeks worden bereikt, want er is geen afstand tussen Hem en Zijn Zoon. 2Het bewustzijn van Hem ligt in ieders herinnering en Zijn Woord staat geschreven in ieders hart. 3Maar dit bewustzijn en deze herinnering kunnen alleen daar boven de drempel van herkenning opkomen waar alle barrières tegen de waarheid zijn geslecht. 4Bij hoevelen is dit het geval? 5Hierin ligt dan ook de rol van Gods leraren. 6Ook zij hebben vooralsnog niet het nodige inzicht verworven, maar ze hebben zich wel met anderen verbonden. 7Dat onderscheidt hen van de wereld. 8En dat stelt anderen in staat de wereld samen met hen te verlaten. 9Alléén zijn ze niets. 10Maar in hun verbinding bevindt zich de macht van God.

2.Er zijn er die God rechtstreeks hebben bereikt, doordat ze aan niet de geringste wereldse beperking vasthielden en zich hun eigen Identiteit volmaakt herinnerden. 2Deze zouden de Leraren der leraren kunnen worden genoemd, want ook al zijn ze niet langer zichtbaar, op hun beeld kan nog altijd een beroep worden gedaan. 3En ze zullen verschijnen waar en wanneer het behulpzaam is. 4Aan hen voor wie zulke verschijningen beangstigend zouden zijn, geven zij hun ideeën. 5Niemand kan tevergeefs een beroep op hen doen. 6Ook is er niemand van wie zij zich niet bewust zijn. 7Alle noden zijn hun bekend en alle vergissingen worden door hen gezien en genegeerd. 8De tijd zal komen dat dit wordt begrepen. 9En intussen geven ze al hun gaven aan de leraren van God die zich tot hen wenden voor hulp en alles vragen in hun naam en in geen enkele andere.

3.Soms kan een leraar van God een korte ervaring hebben van rechtstreekse vereniging met God. 2In deze wereld is het bijna onmogelijk dat dit van blijvende aard is. 3Het kan, misschien, na veel inzet en toewijding worden verkregen en dan een groot deel van de aardse tijd in stand worden gehouden. 4Maar dit komt zo zelden voor dat het niet als een realistisch doel kan worden beschouwd. 5Als het gebeurt, laat het zo zijn. 6Als het niet gebeurt, laat het eveneens zo zijn. 7Elke wereldse toestand moet wel illusoir zijn. 8Als God in een aanhoudende bewustzijnstoestand rechtstreeks werd bereikt, zou het lichaam niet lang in stand kunnen worden gehouden. 9Zij die het lichaam hebben afgelegd eenvoudig om hun behulpzaamheid uit te breiden tot hen die achterblijven, zijn inderdaad gering in aantal. 10Enzij hebben helpers nodig die nog in slavernij en in slaap verkeren, zodat door hun ontwaken Gods Stem kan worden gehoord.

4.Wanhoop dus niet vanwege beperkingen. 2Het is jouw functie om aan ze te ontkomen, maar niet om zonder ze te zijn. 3Wil je gehoord worden door hen die lijden, dan moet je hun taal spreken. 4Wil je een verlosser zijn, dan moet je begrijpen waaraan men ontsnappen moet. 5Verlossing is niet iets theoretisch. 6Zie het probleem, vraag om het antwoord en aanvaard dat als het komt. 7En dat zal niet lang op zich laten wachten. 8Alle hulp die je kunt aanvaarden zal geboden worden en je hebt niet één behoefte die niet zal worden vervuld. 9Laten we ons dan niet te veel bekommeren om doelen waarvoor je nog niet klaar bent. 10God neemt je waar je bent en heet jou welkom. 11Wat zou je meer kunnen wensen, wanneer dit alles is wat jij nodig hebt.”

Zodra een blokkade, de sluier die we voor Waarheid, “dat wat IS” (God, Liefde, Éénheid) geplaatst hebben, met als enig doel afgescheiden te blijven van Waarheid oplost, gaat de poort naar wat IS als het ware vanzelf open en komt de herinnering aan dat wat IS vanzelf weer te voorschijn.
De herinnering kan zich weerspiegelen (zolang er nog geloofd wordt in de wereld van de vorm te zijn) in een ervaring van een plotselinge creatieve impuls, of inzicht, of gewoon precies weten wat te doen met een eerst schijnbaar onoplosbaar probleem.
Er wordt dan duidelijk gezien dat niet het probleem in de vorm op zich het probleem was, maar dat de keuze voor afgescheiden te willen zijn van dat wat IS (Éénheid, Waarheid, God, Liefde) het probleem was en is

Dus de herinnering, of de brug, naar Waarheid, in ECIW Heilige Geest of de manifestatie daarvan Jezus genoemd, zorgt niet dat er een schijnbaar probleem in de vorm wordt opgelost, of dat ik antwoord krijg op een vraag, maar helpt bij het oplossen van de blokkade in mijn denkgeest daar waar voor afscheiding is gekozen en nu opnieuw gekozen kan worden voor het vergeven van het idee van afscheiding.

Dit alles gebeurt op een wijze die ik kan begrijpen op het niveau van de mate van begrip waar ik me op dat moment (denk en geloof) te bevinden.
Het kan daarom lijken alsof er hulp van buiten komt wat mij precies verteld wat ik moet doen, maar dat is niet zo.
Nogmaals de enige keuze die echt helpt, ongeacht de uitkomst die ik denk te weten te willen en wens in de vorm is de enige keuze die gemaakt kán worden en dat is de keuze voor afscheiding (ego) of voor het genezen van de afscheiding (HG/J). Niet het genezen in en van de vorm (lichamen, dingen en situaties), maar de genezing van de denkgeest die in afscheiding geloofd.
En zolang ik nog de ervaring heb van in een wereld te zijn in een lichaam, zal de genezing van de denkgeest zich soms zichtbaar en soms onzichtbaar lijken te manifesteren in de vorm. En zal ik leren onderscheid te maken tussen de manifestaties van het ego (de wens voor afscheiding) en de manifestaties van de genezen denkgeest de wens van de genezing van het afscheidingsidee. Kortom weten dat het probleem nooit in de vorm ligt, maar altijd in de denkgeest.
Vandaar dat oordeelloos leren kijken zo belangrijk is, want alleen in oordeelloosheid kan opnieuw gekozen worden voor ego of voor HG/J.

Elke vorm van depressiviteit hoe groot of klein ook elke vorm van ongenoegen, woede, verdriet, kortstondige vreugde, haat, speciale liefde zijn manifestaties van de achterliggende keuze voor afscheiding. Als dit gezien en geaccepteerd wordt kunnen al deze manifestaties van de keuze voor afscheiding her-gebruikt worden als ik dat wil en erom vraag.
Ik ben dan niet langer meer een speelbal van mijn emoties die naar believen lijken te komen en te gaan. Ik weet dan dat ik deze manifestaties niet “ben” maar er wel 100% verantwoordelijk voor ben, omdat ik kennelijk liever voor afscheiding koos, maar dat nu niet meer wil en weet dat ik slechts anders hoef te kiezen door die manifestaties terug te nemen in de denkgeest en te vergeven.
Dat opent de poort tot totale vrijheid van de denkgeest…

Dat wat ik hier schrijf is een weerslag en weerspiegeling van mijn schijnbaar persoonlijke proces tot ontwaken uit de droom.
Dat lijkt een persoonlijk proces, zo wordt het ook ervaren, omdat dat binnen het concept van de droom waar we in geloven nu eenmaal de enige manier is, maar is dat feitelijk niet, ontwaken uit de ene droom van afscheiding is onvermijdelijk voor het hele “zoonschap”. Echter omdat we geloven in de droom en geloven in een wereld en geloven een lichaam te zijn, kunnen we alleen die droom taal begrijpen. Vanuit de keuze voor het vergeven van alle droom ervaringen wordt de droom taal omgezet naar her-bruikbaar terug herinner materiaal en krijgt daardoor een totaal andere functie.
Het her-gebruik van het eerst als afscheidingsmateriaal bedoelde denksysteem (het ego) lijkt dus heel persoonlijk te zijn, daar we dat kunnen begrijpen en daar iets mee kunnen.
Het proces van ontwaken uit de droom lijkt dus om redenen van verstaanbaarheid heel persoonlijk.
Ik kan dus ook alleen maar denken en schrijven over hoe ik het ervaar.
Dat wil zeggen dat ik niet de intentie heb om ook maar iets van wat ik schrijf als zijnde “waarheid” over te brengen naar wie of wat dan ook. Ik kan absoluut niet weten wat de bedoeling is, en al helemaal niet hoe het onvermijdelijke proces van de denkgeest in een ander stukje denkgeest (de ander) verloopt of zou moeten verlopen.
Ja, het kan resoneren in anderen die er op denkgeest niveau aan toe zijn, maar dat heeft niets met de “mij” te maken.
Dat betekent dat alles wat ik over anderen denk en wat anderen over mij denken ook een weerslag is een afspiegeling van hoe ik denk en in die zin behulpzaam kan zijn voor mijn eigen vergevingsproces.
Dat kan als egoïstisch worden gezien (een ego gedachte die onvermijdelijk langskomt, dus weer behulpzaam als vergevingskans), maar kan ook worden gezien als juist heel liefdevol, omdat het de focus terugbrengt van een “ik” lichaam dat alleen aan zichzelf denkt (het ego concept van afscheiding), naar een focus op de denkgeest waar alles met alles is verbonden en vergeving er juist voor zorgt dat in de grenzeloze denkgeest uitbreiding van Liefde plaatsvindt waar de “ik” geen enkele weet van kan hebben hoe dat werkt en waar dat effect heeft. Ik kan het wel zelf ervaren als een innerlijke heel liefdevolle los van oordelen rust die veel verder gaat dan de ego versie van rust.

Er zijn zoveel paden als dat er afgescheiden stukjes van de ene denkgeest zijn, en allemaal leiden ze onvermijdelijk terug naar het herinneren van Eenheid. Er is geen enkel pad fout ze werken uiteindelijk allemaal hoe vreemd ze er soms ook uit mogen zien in “mijn” ogen (wat ook weer een ego afscheidingsgedachte is, maar weer een kostbare vergevingskans is, als ik bereid ben dat erin te zien).
Er is immers niet werkelijk iets gebeurt waardoor afscheiden van Waarheid mogelijk zou kunnen zijn. Dus welke vorm van afscheiding ook geprobeerd wordt geen een kan succesvol zijn dan in onware dromen van afscheiding. Dus uiteindelijk zal elk pad van afscheiding zichzelf ontmaskeren en zal dáárdoor behulpzaam zijn tot het terug herinneren in Éénheid.

Ik heb dus geleerd in de loop van het proces dat ik me niet hoef te bemoeien met iemand anders gekozen pad en proces, laat staan hoef te verbeteren of te corrigeren, want zo heb ik gemerkt dat werkt niet. Het kan lijken dat het werkt, maar dat komt alleen omdat de denkgeest dan even resoneert met een ander stukje denkgeest, zichtbaar of niet zichtbaar, dat eraan toe is. Hoe dan ook het heeft niets te maken met de persoon, het lichaam Annelies, maar met de houding van de denkgeest en hoe deze de projectie Annelies ziet en wil laten gebruiken; door ego (afscheidingsdoeleinden) of door Heilige Geest (voor terug herinneren in Éénheid), dat is de enige keuze die er is en maar één van de twee keuzes is, een weerspiegeling van Één, Waarheid, Liefde, God, non-dualisme (allemaal termen voor hetzelfde).

Dat is de betekenis van “ik hoef niets te doen”, Annelies het lichaam hoeft niets te doen, want dat is een projectie (projecties zijn projecties en kunnen niets doen zonder de projector, de denkgeest) van de denkgeest die wel tot iets “doen” in staat is, en dat “doen” bestaat enkel en alleen uit kiezen tussen ego of HG. DE REST VOLGT ALS VANZELF VANUIT DIE KEUZE, en kunnen we het best omschrijven als inspiratie en precies weten hoe te handelen in de droom in en door een geprojecteerd droomlichaam. En die inspiratie kan dus komen vanuit het ego of vanuit HG, afhankelijk van de keuze die ik (de waarnemende/keuzemakende denkgeest maak.
Het verschil herkennen tussen ego inspiratie en HG inspiratie is een leer- en oefenproces wat alleen via een persoonlijk ervaren kan verlopen, zolang er een geloof is in deze droom van afscheiding te zijn. Hierbij wordt de wereld, het lichaam en alles wat er lijkt te zijn in de droom niet ontkend en aan de kant geschoven als zijnde slecht of verwerpelijk, maar juist her-gebruikt, maar nu niet meer voor afscheidingsdoeleinden, maar voor het terug herinneren in Éénheid, waar nooit uit is weggegaan…

Ontwaken uit de droom die ik “mijn leven” noem, is niet precies hetzelfde als ontwaken uit wat we de slaapdroom noemen. Ontwaken uit de slaapdroom is wakker worden uit de slaapdroom en verder dromen in wat we ons dagelijkse leven noemen en niet door hebben dat het nog steeds een droom is.
Ontwaken uit de droom die ik “mijn leven” noem is totaal bewust worden van dat de droom die ik “mijn leven” noem (inclusief de slaapdroom) een droom is. Als daaruit ontwaakt wordt wordt er geen andere wakkere “ik” wakker in nog weer een droom, zoals dat bij de slaapdroom het geval is. Het totale ontwaken uit de droom die alles omvat wat ervaren kan worden ligt buiten welk bewustzijn dan ook.
Dit gebeurt niet in één keer, de weerstand, de angst is daarvoor te groot. Het is dan ook een stap voor stap proces, waarbij beetje voor beetje de droom ontmanteld wordt door alle droomervaringen eerlijk onder ogen te gaan leren zien en te vergeven. Door te vergeven dat wat ik denk en geloof dat ik ben werkelijkheid is.
Het ego denken te moeten vernietigen, bestrijden, elimineren, omarmen zal niet werken, daar dit allemaal bewegingen zijn juist vanuit mijn keuze voor het ego.

Ik begin langzaamaan te accepteren dat zolang ik in een “hier” lijk te ervaren het ego in elke gedachte aanwezig is. Dat kan niet anders, want als dat niet zo zou zijn dan was er geen droom “mijn leven”. Echter niet alleen het ego is in elke gedachte aanwezig, ook de herinnering ( in ECIW de Heilige Geest genoemd), welke nooit verdwijnen kán, aan dat wat buiten het terrein van het ego ligt, buiten tijd en ruimte en ik voor het gemak “Waarheid”, of “Éénheid”, “Non-dualisme”, “God”, “Liefde” noem, is in elke gedachte aanwezig. En wat ook aanwezig blijkt te zijn in elke gedachte is een soort wakkerheid dat dit alles kan observeren. Deze observeerder blijkt tevens een keuzemaker te zijn welke kan kiezen om naar het ego te luisteren of naar de Heilige Geest.

Tijdens het proces van ontwaken wordt het bewustzijn van een keuze te hebben en wel maar één keuze (de keuze tussen luisteren naar het ego of naar de Heilige Geest) welke zich alleen op denkgeest niveau kan afspelen, steeds sterker.
Het is niet de keuze tussen goed en fout, maar tussen dromen van afscheiding of dromen van het helen van afscheiding, het helen van de denkgeest door nu meer en meer bewust de keuze te maken in plaats van onbewust alleen maar voor ego te kiezen, zonder te weten dat er gekozen wordt, voortdurend, bij elke gedachte.
Ook de keuzemaker, als deze eenmaal in het bewustzijn naar boven komt, maakt een steeds bewuster wordend proces door van altijd onbewust kiezen voor ego (afscheiding) naar de steeds bewuster wordende keuze voor terug herinneren in uiteindelijk volmaakte Éénheid, een concept dat zich buiten de droom bevindt en dus met de zelf opgelegde beperking van de keuze voor afscheiding, niet begrepen kán worden.

Dus er lijken (blijken) drie denkgeest toestanden te zijn: het ego, de waarnemende/keuzemaker, de Heilige Geest. En deze drie denkgeest toestanden zitten verstopt achter ELKE gedachte (+projectie).
En wat het proces van ontwaken behelst is dat er geleerd wordt dat die keuze opties er zijn en dat geleerd wordt onderscheid te leren maken tussen deze ogenschijnlijke drie keuze mogelijkheden.
De ervaring leert dat dat een lastig, heftig, pijnlijk, langdurig proces is. De les en de opgave is echter niet hoe kom ik zo snel mogelijk van die pijn en dat lijden af, want dat zou duidelijk een keuze voor egodenkgeest zijn, want alleen die kan kiezen voor pijn en lijden en hoe er vanaf te komen, zodat het allemaal “echt” lijkt (wat ook het doel van het egodenken is), maar te leren vanuit een waarnemende denkgeest positie oordeelloos te kijken naar alle keuzes die gemaakt worden voor de egodenkgeest (voor afscheiding dus) en deze vervolgens te vergeven. Elke gesignaleerde keuze voor egodenkgeest dient daarbij niet te worden gecorrigeerd door deze te veranderen, en aan te passen tot een betere ego keuze, maar enkel als zodanig te worden herkend en onderkend en als vergevingsmateriaal en kans te worden gezien.

Het ego (de keuze voor het ego) doet immers voortdurend mee, dat is geen seconde stil. Het ego doet dus ook de Cursus of welke ander pad dan ook. Gedachten zoals, “nou kies ik verdomme weer voor het ego”, “o ja ik moet dit vergeven, anders raak ik nooit die pijn kwijt”, “Ik ben een slechte leerling, want ik kies nog steeds voor het ego”, “Anderen zijn veel verder dan ik”, “Ik ben veel verder dan anderen”, “ja, ik ben ontwaakt!”, “Ik moet leraar worden en de wereld gaan vertellen hoe het allemaal werkt en wat er gedaan moet worden om te ontwaken”, “Ik ben totaal ongeschikt als leraar”, “Ik zal echt nooit ontwaken uit deze nachtmerrie, het is gewoon onmogelijk”, “Ik haat iedereen en dat is heel erg slecht van mij”, “Ik hou van iedereen en dat voelt goed!”, “oh, ik genoot daarnet van iets, oeps dat mag niet, want dan maak ik het echt”, “oh, ik genoot daarnet van iets, dat komt natuurlijk omdat ik zo goed bezig ben met vergeven”… ik kan zo bij wijzen van spreken nog uren doorgaan met voorbeelden op te schrijven hoe de denkgeest werkt. Het kenmerk van de keuze voor egogedachten is dat ze als goed gekeken wordt voortkomen uit de drie basis behoeften van de egodenkgeest:  zonde, schuld en angst. Deze zijn te herkennen achter elke bovengenoemde gedachte voorbeelden. Maar let op, deze keuze voor egogedachten is niet “fout’, want dat zou weer een  keuze voor het ego zijn, het is gewoon een oordeelloze constatering, waardoor de gedachte neutraal wordt en er vanuit die denkgeest toestand opnieuw gekozen kan worden. Dat is de enige keuze die gemaakt kan worden, een keuze op denkgeest niveau, dus niet de keuze op het niveau van de projectie die altijd volgt nadat de keuze in de denkgeest is gemaakt.

De ervaring leert dat dit echt geleerd moet worden al doende, midden in het eigen droommateriaal, (de projecties), precies zoals de droom zich aandient en zich lijkt uit te spelen en dat dit een langdurig proces is waarvan niet geweten kán worden hoe lang het duurt of hoe het zal verlopen. De uitkomst staat echter vast, omdat ontwaken uit de droom onvermijdelijk is, afstel is onmogelijk, uitstel lijkt wel mogelijk binnen het concept “dromen”. Uitstel is echter gewoon weer de keuze voor de egodenkgeest die gelooft dat het zal verdwijnen als er wordt gekozen voor luisteren naar de Heilige Geest.

Het idee van Éenheid is voor de denkgeest die duidelijk in tweeheid gelooft en het dien ten gevolgen ook als “twee” ervaart, een volstrekt abstract idee.
En het feit dat het niet begrepen kán worden door de denkgeest die gekozen heeft voor geloven in tweeheid zorgt er opzettelijk (onbewust) voor dat tweeheid nu als de waarheid wordt gezien, waardoor, de natuurlijke staat van Éenheid die niet te vatten valt binnen de concepten van tweeheid waarin “we” geloven, totaal vergeten lijkt.
Maar vergeten betekent niet verdwenen. In elke projectie en ervaring als ik heel eerlijk kijk (zonder oordelend te zijn, want oordelen is altijd het domein van “twee”) is de met opzet verborgen Éenheid, zij het omgekeerd, symbolisch terug te herkennen. Het sijpelt als het ware overal doorheen.

Zo hebben alle aardse projecties en ervaringen gemeen dat ze op een of andere manier ademen. Dat lijkt me een duidelijke weerspiegeling van doorsijpelende Éénheid welke niet zomaar weg te denken is . En denk maar aan dat we altijd op de een of andere manier bezig zijn met overeenkomsten te zoeken in alles en iedereen. Zelfs als we uniek willen zijn, vormen anderen die dat ook willen zijn een grote aantrekkingskracht. Overeenkomsten klonteren bij elkaar en vormen groepen die zich dan binnen de groep toch weer een soort van één voelen.
Maar aangezien één binnen het twee denken onmogelijk is, splitsen die samengeklonterde eenheidszoekers zich weer af van andere samengeklonterde groepjes en zo is er toch weer twee. Het heeft dus geen enkele zin binnen de wereld van projecties naar Éénheid te zoeken en of te streven. Het heeft ook geen zin tweeheid te ontkennen en Éenheidje te gaan spelen binnen het concept van twee. Gaat niet lukken, omdat de opzet is dat het niet mág lukken. De wereld van de projecties is gebaseerd op afsplitsing, afsplitsing van Één. Alles splitst zich en breid zich al afsplitsend uit in miljarden deeltjes, die zich al delend steeds verder lijken af te splitsen van één. Maar net als bijvoorbeeld het opdelen van een brood waarbij je allemaal stukjes brood krijgt, blijft de oorsprong toch dat ene brood. Ook al ziet het er nu heel anders uit.
En dit voorbeeld is ook weer een afspiegeling van dat het onmogelijk is onveranderlijke Éenheid werkelijk te verdelen, iets wat we in alles wat verdeelt lijkt terug kunnen herkennen. En zo zijn er tal van voorbeelden te bedenken van achter wat je denkt dat iets is, ligt iets heel anders verborgen en wel een met opzet verborgen en op z’n kop gezette Non-dualistische Waarheid.

Een Éénheids ervaring is dan ook alleen mogelijk komende vanaf buiten het concept dualiteit en is het gevolg van volledig doorzien van het mechanisme dualiteit en werkelijk zien dat het weliswaar ervaren wordt als dualiteit, maar tegelijkertijd onmogelijk is, waardoor dat wat “natuurlijk” is en we Éénheid of on-dualisme noemen als vanzelf weer in de herinnering boven komt drijven.

Dualisme krijgt op die manier de functie van laten zien wat het NIET is, zodat wat WAAR is vanzelf weer in de herinnering terug kan komen. Totaal terug herinneren in Één valt buiten het concept van “ervaren”, want in Één valt niets te ervaren…

Mocht nu de gedachte opkomen, en wees daar eerlijk in voor jezelf, want die gedachte is er gewoon, omdat in elke gedachte zich nu eenmaal altijd ook een afscheidingsgedachte (ego) bevindt: “wat saai zal dat zijn”, dan weet je alleen maar zeker dat die gedachte komt van de denkgeest die liever in afscheiding blijft geloven.
En dan weet je ook in welk stadium je denkgeest zich op dat moment bevindt en simpelweg nog niet toe is aan een eventuele volgende stap. Het “er aan toe zijn” is een stap voor stap onvermijdelijk onderdeel van het proces, voor alle schijnbaar afgesplitste/afgescheiden deeltjes. Een proces dat zich daardoor als een persoonlijk proces laat ervaren op een wijze die begrepen kan worden en daarbij de altijd nog aanwezige herinnering aan Één aanspreekt en bijna infuus-gewijs wordt toegediend, nooit te veel en nooit te weinig, precies goed. Tot de denkgeest volledig “genezen” is en op een natuurlijke wijze oplost waar het nooit echt uit is weggeweest.
De angst die de dualistische denkgeest daarvoor heeft is enorm, maar die angst dient er alleen voor om het waanidee van afgescheiden te kunnen zijn van Één in stand te houden.
Het uiteindelijke onvermijdelijke totale terug herinneren in Éénheid zal nooit bevraagt kunnen worden. Want wat kan wat bevragen in totale Éénheid?

Een interne dialoog…
oké, alles is een projectie, geloof ik dat?, ja, want het is voor mij de enige logische verklaring van dit verschijnsel “wereld” en alles wat zich daarin lijkt te bevinden; mensen, dieren dingen, situaties, inclusief natuurlijk het “ik” lichaam.
Alles wat “ik” zie is een projectie en komt als ik verder terug denk schijnbaar uit een persoonlijke aparte denkgeest die ik nog steeds “ik” noem. Dat is zo’n beetje de reikwijdte van wat de denkgeest op z’n best kan en vooral wil begrijpen. Verder terug kan de beperkte reikwijdte van dat denksysteem niet. De beperking van dit denksysteem, en die beperking komt altijd voort uit angst en schuld, kan dan verschillende kanten op gaan:

–  het blijft waar het is, accepteert aan de uiterste grenzen van een als nog steeds persoonlijke denkgeest dat inderdaad alles een projectie is vanuit schuld en angst en besluit daar mee te leren leven en er maar het beste van te maken, nog steeds vanuit een persoonlijk lichaams idee.
–  denkt met deze gedachte, wat als openbaring gezien wordt verlicht te zijn en denkt zich daarnaar te moeten gaan gedragen, nu als officieel spiritueel wezen (mens) met speciale eigenschappen, nog steeds vanuit een persoonlijk lichaams idee.
–  schiet door deze ontdekking nog meer in de angst en schuld en trekt zich terug in een nog steeds als een persoonlijk zijnde “ik” lichaam.

Al deze mogelijkheden, en er zijn nog meer variaties denkbaar, hebben als kenmerk dat er nog steeds een persoonlijke identificatie is met een “ik” lichaam, of “ik” denkgeest.
Dit proces is onvermijdelijk en hoort bij het ontwaken uit de als “persoonlijk” geziene en ervaren droom. Immers dit zien en geloven dat er een “persoonlijk” “ik/lichaam” is te midden van andere “ik/lichamen, dingen en situaties” is een poging, en heeft enkel en alleen maar de functie om de ergens nog aanwezige vage diep weggestopte herinnering aan volledige non-dualistische Eenheid voorgoed te verbergen achter een denkbeeldige maar schijnbaar o zo “echte” muur van projectie vanuit zonde, schuld en angst.
Angst voor de herinnering dat afscheiding van Eén onmogelijk is en dat dat zich openbaart, omdát het onmogelijk is en schuld omdat er een poging wordt gedaan om uit Eenheid te geraken, terwijl deep down geweten wordt dat dat onmogelijk is, maar waar uit angst toch hardnekkig aan wordt vastgehouden. Een vicieuze cirkel van zonde, schuld en angst.

Als even goed en eerlijk even objectief gekeken wordt naar alles wat er gedacht wordt en geprojecteerd zal niets maar dan ook niets wat als persoonlijk wordt gezien en ervaren NIET uit zonde, schuld en angst voortkomen.
Dat betekent dat in elk gevoel van onrust, ongenoegen, woede, haat, speciale liefde en nog een paar duizend gevoelens en emoties die maar mogelijk zijn, de krampachtige wil tot afscheiding (wat dus eigenlijk onmogelijk is) tot uitdrukking komt.
En dat wordt niet als leuk ervaren, hoewel ik toen ik dit ontdekte wel meteen een missing link gevoel had in eerste instantie. Het was even een herinneringsflits als het ware, een even open gaan van de zelfgemaakte “gevangenis”, maar dat is slechts het begin van een lang, lang proces van langzaamaan terug herinneren in dat wat zo zorgvuldig en met alle macht verborgen moet blijven. Stap voor stap, want de weerstand, lees schuld en angst is groot.

Er is alleen Waarheid, Eénheid, non-dualisme, en niets van wat “hier” ervaren wordt voldoet aan dat criterium. Dus moet alles wat “hier” ervaren wordt wel een poging tot afscheiding zijn van Waarheid, Eénheid, non-dualisme. Het is het een of het ander, beide tegelijkertijd is onmogelijk.
Dit betekent ook als alleen één mogelijk is, dat een ervaring van twee (dualiteit) eigenlijk ook nog steeds één is, maar dan een omgekeerde versie ervan: één krijgt ineens twee kanten, ook al lijken het nu twee zijden van één te zijn, opgesplitst in goed en kwaad. En schijnbaar “ervaren” kan worden.
In non-dualisme is geen ervaring, is ook niet nodig.
Uit één wordt dus schijnbaar één stukje gehakt, wat in uitgehakte vorm twee kanten lijkt te hebben waardoor één plotseling een tegenstelling lijkt te hebben en die gedachte van twee splits zich en breid zich vervolgens uit waardoor Eén uit het “zicht”, uit de herinnering verdwijnt en tevens “vergeten” wordt dat de twee schijnbare zijden van één ook nog steeds één zijn (ideeën verlaten nooit hun bron, ook al zijn ze nog zo krankzinnig en onmogelijk).
Kortom er is ook maar één afscheidingsidee, ook al is dat een schijnbaar twee-zijdig, dualistisch idee.
Dus de ervaring van miljarden “ik lichamen”, dingen en situaties is onjuist en niets meer of minder dan een vergissing, (dus niets zondigs, schuldigs of angstigs) want het is niet werkelijk gebeurt.

Het lijkt alsof er individueel miljarden verschillende scripts zijn (mijn leven, jouw leven, ons leven enz.) maar dat is een schijnvertoning. Er is maar één afscheidingsidee, één ego dus en is alles nog steeds met alles verbonden ook in die ene egodenkgeest.
Vandaar dat als het proces van onvermijdelijk ontwaken vordert er ervaringen kunnen zijn van “iemands gedachte kunnen lezen”, of in de toekomst kijken, of aanvoelen wat er gaat gebeuren, met dieren en of planten of dingen kunnen communiceren of iets in een groter geheel kunnen overzien, of wat voor een grensoverschrijdende ervaring dan ook welke dan ook weer als “speciaal”, als plezierig of als zeer bedreigend kan worden ervaren. Het laat hoe dan ook zien dat er ook maar één egodenkgeest is waarbinnen ook alles met alles verbonden is. En vandaar dat we ook vrij simpel kunnen zien dat hoe bijzonder ook “mijn” persoonlijke “ik” ervaringen, verhalen lijken te zijn er niets nieuws onder de zon is en het allemaal op hetzelfde neer komt: de verborgen wil tot afgescheiden willen zijn van Eén.

Die ene egodenkgeest, dat ene afscheidingsidee, is dus ook nog steeds onvermijdelijk verbonden met Eén, met Waarheid, met non-dualisme, het is er alleen een op z’n kop versie ervan, waardoor binnen dit op z’n kop denken alles een tegenstelling is van Eén, zoals al eerder opgemerkt werd.
Vandaar dat die op z’n kop versie wel ook nog steeds de “kracht” of misschien beter de eigenschappen van Eén in zich draagt. En vandaar ook dat het zo hardnekkig is en schijnbaar heel veel (ego)kracht heeft. Zoals een kind het dna van zijn ouders in zich draagt, wat ook weer een op z’n kop afspiegeling is van Ware Eenheid, de Eenheid die geen vorm nodig heeft om dat uit te beelden in vormen die vervolgens als oorzaak en gevolg worden gezien.

Die op z’n kop kracht zien we terug in de projecties. We denken en geloven, van wegen de wil tot afscheiding van Eén, dat alles in de wereld gebeurt door krachten die we niet in de hand hebben, met het verschijnsel “natuur” voorop. Ook collectieve krachten op wereld schaal niveau zien we niet zo makkelijk als een projectie van de ene denkgeest die dit doet met maar één doel: afscheiding van Eén. Op kleinere schaal moeten we onvermijdelijk, omdat we het meer persoonlijk nemen, wel toegeven (of ontkennen) dat we er iets mee te maken hebben als er iets gebeurt en is de schuld en de angst die erachter schuil gaan makkelijker te herkennen. Maar als er goed gekeken en vooral eerlijk gekeken wordt is achter elk van deze gedachten, hoe groot of klein ze ook zijn in geprojecteerde vorm, de zonde en de schuld welke maar één doel heeft: afscheiding van Eén te herkennen.

Tot zover even deze persoonlijke dialoog, die persoonlijk lijkt omdat dat zo ervaren wordt, maar het niet kan zijn, omdat “persoonlijk” niet bestaat en slechts één nietig dwaas afscheidingsidee is…
Het “persoonlijke” als ervaring hoeft niet ontkent, verandert of vermeden te worden, want dat zou alleen nog maar meer poging tot afscheiding zijn. Het kan in het beste geval binnen het concept van de afscheiding vanaf een zogenaamde waarnemend langzaamaan wakker wordend uit de droom zich herinnerend bewustzijn geobserveerd worden en vanaf dat standpunt als hulpmiddel, door te leren zien wat het is en waarvoor het dient, her-gebruikt worden. Daardoor wordt het op z’n kop idee weer langzaamaan terug gegeven aan Waarheid, Eenheid, God, Liefde.

%d bloggers liken dit: