archiveren

Tagarchief: ECIW

De metafysica van Een cursus in wonderen is voor de denkgeest die probeert te verbergen dat deze denkgeest is door zich achter het idee van “een lichaam” te zijn verstoppen, niet te bevatten.
En toch als je het non-dualistische gedachtegoed van ECIW wilt volgen als tegenreactie op het gedachtegoed van je tot dan toe onbewuste keuze voor het dualistische egodenken, is het noodzakelijk deze metafysica altijd op de achtergrond paraat te houden. En hoewel de metafysica van ECIW duidelijk volkomen non-dualistisch is, maar wij als verdwaalde denkgeest alleen nog dualisme verstaan, gebruikt ECIW de taal die de afgedwaalde denkgeest kan begrijpen. Dit wordt door sommige als verwarrend gezien, maar wordt prachtig uitgelegd in de V & A van de Foundation for A Course in Miracles:

V#085: Waarom wordt de Cursus non-dualistisch genoemd?

In het non-dualisme van Advaita Vedanta is geen ruimte voor een relatie tussen Oorzaak-Gevolg, Vader-Zoon of Schepper-Schepping. Waarom dan wel blijven volhouden dat Een cursus in wonderen in essentie non-dualistisch is? Is dat niet verwarrend?

A: De Cursus maakt gebruik van dualistische termen in zijn leerplan met maar één reden: omdat Jezus weet dat de taal van de afscheiding, ofwel dualisme, het enige is wat wij op dit moment kunnen begrijpen. Jezus is volstrekt duidelijk over zijn bedoelingen met taal in de Cursus. Om je vraag te beantwoorden laten we daarom de Cursus voor zichzelf spreken in een aantal relevante passages.

Het duidelijkst is de volgende verklaring: ”Omdat jij gelooft dat je afgescheiden bent, doet de Hemel zich eveneens als afgescheiden aan jou voor. Niet dat dit in waarheid zo is, maar opdat de schakel die jou is gegeven om je met de waarheid te verbinden jou bereiken kan door middel van wat jij begrijpt. Vader, Zoon en Heilige Geest zijn Eén, zoals al jouw broeders zich als één in de waarheid verbinden. Christus en zijn Vader zijn nooit afgescheiden geweest, en Christus verblijft in jouw inzicht, in dat deel van jou dat Zijn Vaders Wil deelt. De Heilige Geest verbindt het andere deel – het nietig, dwaas verlangen om afgescheiden, verschillend en speciaal te zijn – met de Christus, om de eenheid duidelijk te maken aan wat in werkelijkheid één is. In deze wereld wordt dit niet begrepen, maar kan het wel worden onderwezen (…). Het is de functie van de Heilige Geest jou te leren hoe deze eenheid ervaren wordt, wat jou te doen staat om dit te kunnen ervaren, en waarheen je moet gaan om dat te doen.

Dit alles neemt notitie van tijd en plaats alsof dat losstaande zaken waren, want zolang jij denkt dat een deel van jou afgescheiden is, heeft het denkbeeld van een Eenheid die als Eén verbonden is, geen betekenis. Het is duidelijk dat een denkgeest die zo gespleten is, nooit als leraar een Eenheid kan onderwijzen die alle dingen verenigt in Zichzelf. En dus moet Wat in deze denkgeest aanwezig is, en alle dingen daadwerkelijk met elkaar verenigt, wel zijn Leraar zijn. Maar Het moet wel gebruikmaken van de taal die deze denkgeest begrijpen kan, in de toestand waarin die denkt te verkeren” (T25.I.5; 6:4; 7:1-4 cursief toegevoegd).

Er zijn nog veel meer plaatsen waar duidelijk wordt gemaakt dat het metafysische fundament van de Cursus non-dualistisch is, ondanks de dualistische aard van de gebruikte taal. Bijvoorbeeld, als er wordt gesproken over de Vader en de Zoon – wat twee afzonderlijke Wezens suggereert – zegt hij: “Wat Hij schept staat niet los van Hem, en nergens eindigt de Vader en begint de Zoon als iets afzonderlijk van Hem” (WdI.132.12:4).

En later staat in het Werkboek: “Eenheid is eenvoudig het idee: God is. En in Zijn Wezen omvat Hij alles. Geen enkele denkgeest bevat iets anders dan Hem. We zeggen: ‘God is’, en doen er dan het zwijgen toe, want in die wetenschap verliezen woorden hun betekenis. Er zijn geen lippen om ze uit te spreken en er is geen deel van de denkgeest onderscheiden genoeg om te voelen dat hij zich nu gewaar is van iets niet zichzelf. Hij heeft zich verenigd met zijn Bron. En als zijn Bron Zelf, is  hij alleen maar.

We kunnen hierover absoluut niet spreken, schrijven, laat staan denken. Het komt tot elke denkgeest, wanneer het totale inzicht dat zijn wil de Wil van God is, volkomen is gegeven en volkomen ontvangen. Het brengt de denkgeest terug in het oneindige heden, waarin verleden en toekomst niet denkbaar zijn. Het ligt voorbij verlossing, voorbij elke gedachte aan tijd, voorbij vergeving en het heilige gelaat van Christus (allemaal dualistische concepten). De Zoon van God is eenvoudig opgegaan in zijn Vader, zoals zijn Vader in hem. De wereld is er helemaal nooit geweest. De eeuwigheid blijft een constante staat” (WdI.169.5,6).

Om een voorbeeld uit je vraag te noemen, in de context van Oorzaak- en Gevolgrelaties, begint Jezus in schijnbaar dualistische termen, maar maakt vervolgens de werkelijke non-dualistische natuur ervan volstrekt duidelijk: “Vader, ik werd geschapen in Uw Denkgeest, een heilige Gedachte die zijn thuis nooit verlaten heeft. Ik ben voor eeuwig Uw Gevolg en U bent voor eeuwig en altijd mijn Oorzaak. Zoals U mij geschapen hebt, ben ik gebleven. Waar U mij gehuisvest hebt, verblijf ik nog altijd. En al Uw eigenschappen verblijven in mij, omdat het Uw Wil is een Zoon te hebben zo gelijk aan zijn Oorzaak dat Oorzaak en Gevolg niet te onderscheiden zijn” (WdII.326.1:1-5; cursief toegevoegd).

Hoewel dus veel onderdelen van de leer van de Cursus worden weergegeven in dualistische taal, is het belangrijk te begrijpen wat het doel ervan is. Dat is om ons voorbij ons geloof in dualiteit te leiden, terug naar de eenheid die onze enige werkelijkheid is.

 

Dit hoeft dan ook niet geschreven en of gelezen te worden…
En dat is het, zal het of wordt het ook niet, want er is niets gebeurt…

Ineens dringt het vol door dat een zogenaamd pad volgen dat helpt terug herinneren in God, slechts een bewustwording is van dat er niets gebeurt is, niets gebeurt, en er niets gaat gebeuren.
Er is nooit iets of iemand losgeraakt van Eenheid, God. Dus een pad volgen om bewust te worden van een wil tot afscheiding van Eenheid, God, is “niets”. Het is niet zo dat “bewust” of  “onbewust” iets uitmaakt. Afscheiding heeft niet plaatsgevonden, dus er zijn geen miljarden afgescheiden deeltjes. Dus ook geen afgescheiden deeltjes die ineens weer willen terugkeren naar Eenheid. Want hoezo terug herinneren als er nooit ergens uit vertrokken is?
Maakt het dus uit of er een “pad” gevolgd wordt of niet? En kan het ene “pad” beter of slechter zijn dan de ander, of kan een “pad” fout gelopen worden? NEEN! Want hoe zou dat kunnen!? Een pad zonder begin of einde…

Als ik s’nachts droom in m’n bed en droom dat ik ergens anders ben, moet ik dan een pad volgen om weer in m’n bed terug te belanden? Dacht het niet!
Moet ik dan wel m’n best doen en bepaalde paden volgen om uit de droom die “mijn leven” wordt genoemd weer in Eenheid in God terug te herinneren?

Het enige antwoord dat “ik” hier nu op heb is een soort lucide droomtoestand welke zich bewust aan het worden is van “ik hoef niets te doen”…. Er is niets gebeurt, er gebeurt niets, en er gaat niets gebeuren…

Er is wel wat gebeurt of er is niets gebeurt. Sowieso zijn beide eigenlijk onmogelijk.

Kan dit besef leiden tot onverschilligheid, apathie, depressie of wat dan ook voor gemoedstoestand, dus iets wat gebeurt, binnen het kader van “gebeuren”?
Zolang er wordt geloofd en gedacht dat er wel iets gebeurt is, en dat het gebeuren zelf moet zorgen dat het ophoudt met gebeuren, ja.
Dan houdt het gebeuren zelf “gebeuren” in stand als totaal onnodige en onmogelijke tegenhanger van dat er niets gebeurt kán zijn.

Wat kan dat wat geloofd in “gebeuren” hiermee?
Niets…
Wat kan dat wat niet geloofd in “gebeuren” hiermee?
Niets…

Laat gebeuren wat er gebeurt binnen het onmogelijke kader van “gebeuren”.
Droom het met volle teugen, droom zo waanzinnig en nog waanzinniger als in eveneens onmogelijke slaapdromen maar mogelijk is.
Het doet niets af of verandert niets aan wat WAAR IS.

Het “gebeuren” wordt zich bewust van “gebeuren” en wordt zich stap voor stap bewust van dat er niets gebeurt kán zijn.

“Niets werkelijks kan bedreigd worden.
Niets onwerkelijks bestaat.

Hierin ligt de vrede van God” (In.2:2-4).

Dit maakt ECIW tot een soort lucide droomtoestand, het “gebeuren” beseft zich dat er niets gebeurt kán zijn en keert zachtjes terug naar waar het nooit uit is vertrokken…

In Een cursus in wonderen staan 2 fragmenten die mij te binnen schieten als ik alle ellende en ongelooflijk lijden in de wereld ingedikt en uitvergroot weer voorbij zie trekken in het nieuws.
En me er steeds meer van bewust wordt van eveneens het ongelooflijke feit dat al deze ellende en onbeschrijflijk lijden puur en alleen is opgezet om maar afgescheiden te blijven van wat Waar, God, Liefde, Eenheid is.
En door deze keuze voor afscheiding met een soort van goedkeuring bekeken wordt, ook al wordt het ervaren als gruwelijk, maar we blijven kijken of keren ons walgend af, beide nog steeds keuzes voor afscheiding, want zodoende blijft het binnen de zelfgemaakte waarheid, die poogt afgescheiden te raken van wat Waar is, wat vanzelfsprekend onmogelijk is.
En dat deze waarneming bij het grootste deel van de denkgeest alleen nog maar meer angst en woede zal oproepen, omdat het grootste deel van de denkgeest er nog niet aan toe is dit in het bewustzijn toe te laten. En dat het ook geen enkele zin heeft dit te verwachten, te forceren, of te onderwijzen aan diegenen (denkgeest) die er nog niet aan toe zijn.
De delen van de denkgeest die dit wel kunnen en willen toelaten in het bewustzijn zullen dat vanzelf doen, omdat ze eraan toe zijn, en zullen het overal in gaan herkennen, daar zijn geen speciale boeken, cursussen, spiritualiteit, rituelen, goeroes voor nodig.  Het doet er niet toe wat de eraan toe zijnde denkgeest uitspookt, het zal achter elke projectie gezien worden. Niet met de ogen van het lichaam, ook al lijkt dat wel zo, maar met geestelijke ogen.
Ja, deze eraan toe zijnde delen van de denkgeest zien er nog steeds uit als mensen, en ervaren nog als mensen maar zij weten tegelijkertijd ergens dat ze niet die lichamen zijn. Zij weten dat de lichamen projecties zijn van de denkgeest dus zich als het ware in de denkgeest bevinden en niet andersom (denkgeest in een lichaam).
Dit bewust worden van de denkgeest is onvermijdelijk. En des te bewuster de denkgeest wordt des te duidelijker wordt de omvang van het onzinnige, onnodige, gruwelijke lijden welke de denkgeest projecteert ten einde maar in de afscheiding te kunnen blijven geloven.
Gedurende het proces lijkt het lijden dus erger te worden. Dit is niet zo, het was altijd al even erg, maar het lijkt erger omdat de denkgeest zich er meer en meer van bewust wordt waarom dit lijden er lijkt te zijn en hoe waanzinnig die reden is.
De cursus verwoord dit zo:

“Je kunt tijd rekken en je bent tot immens uitstel in staat, maar je kunt niet totaal
afdwalen van je Schepper, die een grens stelt aan je vermogen tot miscreëren.
4Een geketende wil laat een situatie ontstaan die in het uiterste
geval volslagen onverdraaglijk wordt. 5Je mag dan veel pijn kunnen verdragen,
maar daaraan is een grens. 6Uiteindelijk begint iedereen in te zien,
hoe vaag ook, dat er een betere manier moet zijn. 7Wanneer dit inzicht vastere
grond krijgt, wordt het een keerpunt. 8Dit laat geestelijke visie uiteindelijk
opnieuw ontwaken en tegelijk de investering in de fysieke blik afnemen.
9Het afwisselend investeren in de twee waarnemingsniveaus
wordt doorgaans als een conflict ervaren, een dat zeer acuut kan worden.
10Maar de uitkomst is zo zeker als God” (T2.III.3:3-13).

De waanzin kan nog maar één functie hebben, die van ware vergeving.
Ware vergeving welke alleen kijkt zonder oordeel en wéét dat er een andere manier moet zijn.
Er zal eerst verantwoordelijkheid moeten worden genomen voor wat er in de denkgeest gebeurt, voor de keuzes die daar genomen worden. Zolang daar nog voor projecteren vanuit het geloof in zonde, schuld en angst wordt gekozen, zal er niets veranderen. Pas als ik verantwoording neem voor mijn eigen keuzes en tot de conclusie kom dit niet meer te willen en eerst voor het wonder van vergeving kies waardoor ik het enige probleem, mijn keuze voor afscheiding onschadelijk maak, kan er werkelijk iets veranderen. En zal ik vervolgens vanzelf vanuit een intuïtief weten, zonder oordeel, aarzeling of verwachting in alle vertrouwen weten wat mij wel of niet te doen staat.

En dan stelt ECIW ons op zijn zo kenmerkende poëtische manier de vraag:

“Hoelang, o Zoon van God, wil je nog doorgaan met het spel van de
zonde? 2Zullen we dit scherpgekante kinderspeelgoed niet eens afdanken?
3Hoe snel ben je bereid naar huis te komen? 4Vandaag misschien? 5Er
is geen zonde. 6De schepping is onveranderd. 7Wil jij je terugkeer naar de
Hemel nog steeds tegenhouden? 8Hoelang nog, o heilige Zoon van God,
hoelang?” (WdII.4.5:1-8).

 

Van wegen Pinksteren, het feestje van de Heilige Geest plaats ik hieronder de volledige tekst uit het Handboek voor leraren, Verklaring van termen, 6. De Heilige Geest, uit Een cursus in wonderen, over wat de Cursus verstaat onder De Heilige Geest.
Een voorbeeld van het gebruik van “bekende” christelijke termen welke door de Cursus volledig worden omgedraaid en opnieuw worden gebruikt.
Veel studenten van ECIW komen veel weerstand in zichzelf tegen door het gebruik van deze bekende christelijke termen. Maar bedenk dat ECIW ook stelt dat we nooit onvrede voelen om de reden die we denken (les 5). De enige reden dat we onvrede voelen is altijd dat onze keuze voor het egodenken deze projecties van onvrede gebruikt om afgescheiden te blijven van Eénheid, Liefde, God, of hoe je de non-dualistische staat van de Geest ook wil noemen.
ECIW gebruikt alles wat het ego gebruikt om afgescheiden te blijven opnieuw, maar nu als vergevingsmateriaal en kans, een manier om de afscheiding ongedaan te maken en terug te herinneren in Geest, dat wat “we” in Wezen Zijn.
En bedenk tijdens het lezen dat ECIW ons nooit aanspreekt als zijnde een lichaam, maar als denkgeest. Ontken het echter niet als je je wel aangesproken voelt als lichaam, want dat is niet fout of zondig, maar slechts de keuze voor kijken via de egodenkgeest. En dat kan je geloven en als waar aannemen, of aan Heilige Geest Denkgeest geven, waar het dan zal worden her-gebruikt als vergevingskans. De keuze staat vrij en elke denkgeest kiest dat waar hij aan toe is en dat is dus altijd de juiste keuze voor dat moment.
Het heeft daarom ook geen zin om “iemand anders” er van te betichten of er op te wijzen dat deze “verkeerd” kiest, want de denkgeest kiest altijd dat waar hij aan toe is, en volgt schijnbaar zijn eigen individuele pad, omdat dat is wat de denkgeest die zich nog in een afgescheiden denkgeest toestand bevindt kan begrijpen.
ECIW ontmoet ons waar we denken en geloven te zijn.

6. DE HEILIGE GEEST

1. Jezus is de manifestatie van de Heilige Geest, die hij op aarde liet neerdalen
nadat hij was opgestegen ten Hemel, of anders gezegd, tot volmaakte
vereenzelviging kwam met de Christus, de Zoon van God, zoals Hij die
heeft geschapen. 2De Heilige Geest, die een schepping is van de ene
Schepper en met Hem schept naar Zijn gelijkenis of geest, is eeuwig en is
nooit veranderd. 3Hij was ‘op de aarde neergedaald’ in die zin dat het nu
mogelijk was Hem te aanvaarden en Zijn Stem te horen. 4Zijn Stem is de
Stem namens God, en heeft daarom vorm aangenomen. 5Deze vorm is niet
Zijn werkelijkheid, die God alleen kent, samen met Christus, Zijn werkelijke
Zoon, die deel is van Hem.

2. De Heilige Geest wordt door de hele cursus heen beschreven als Degene
die ons het antwoord op de afscheiding geeft en ons het Verzoeningsplan
brengt, waarbij Hij ons specifieke aandeel daarin vastlegt en ons precies
laat zien wat dat inhoudt. 2Hij heeft Jezus als leider aangesteld om Zijn
plan uit te voeren, aangezien hij de eerste was die zijn eigen aandeel volmaakt
heeft voltooid. 3Alle macht in de Hemel en op aarde is hem dan ook
gegeven, en hij zal die met jou delen wanneer jij het jouwe hebt voltooid.
4Het Verzoeningsprincipe werd aan de Heilige Geest gegeven lang voordat
Jezus dat in beweging zette.

3. De Heilige Geest wordt beschreven als de overblijvende Communicatieschakel
tussen God en Zijn afgescheiden Zonen. 2Om deze bijzondere
functie te vervullen, heeft de Heilige Geest een dubbele functie op zich genomen.
3Hij heeft kennis, want Hij is deel van God; Hij neemt waar, want
Hij werd gezonden om de mensheid te verlossen. 4Hij is het grote correctieprincipe;
de brenger van ware waarneming, de macht die onlosmakelijk
verbonden is met de visie van Christus. 5Hij is het licht waarin de vergeven
wereld wordt waargenomen, waarin alleen het gelaat van Christus
wordt gezien. 6Nooit vergeet Hij de Schepper, noch Zijn schepping. 7Nooit
vergeet Hij de Zoon van God. 8Nooit vergeet Hij jou. 9En Hij brengt jou de
Liefde van je Vader in een eeuwige schittering die nooit zal worden tenietgedaan,
omdat God die daar heeft geplaatst.

4. De Heilige Geest verblijft in dat deel van jouw denkgeest dat deel is van
de Christus-Denkgeest. 2Hij vertegenwoordigt je Zelf en je Schepper, die
Eén zijn. 3Hij spreekt namens God en ook namens jou, daar Hij met Beiden
verbonden is. 4En daarom is Hij het die bewijst dat Zij Eén zijn. 5Hij lijkt
een Stem, want in die vorm richt Hij Gods Woord tot jou. 6Hij lijkt een
Gids door een ver land, want die vorm van hulp heb je nodig. 7Hij lijkt
alles te zijn wat maar voldoet aan de behoeften die jij meent te hebben.
8Maar Hij wordt niet misleid wanneer jij ziet dat jouw zelf verstrikt is in
behoeften die jij niet hebt. 9Hiervan wil Hij je juist bevrijden. 10Hiertegen
wil Hij je juist beschermen.

5. Jij bent Zijn manifestatie in deze wereld. 2Je broeder roept jou op om
samen met hem Zijn Stem te zijn. 3Alléén kan hij de Helper van Gods Zoon
niet zijn, want alléén is hij functieloos. 4Maar verbonden met jou is hij de
stralende Verlosser van de wereld, wiens aandeel in haar verlossing jij
compleet hebt gemaakt. 5Hij zegt jou dank evenals hem, want jij stond met
hem op toen hij de wereld begon te verlossen. 6En je zult bij hem zijn wanneer
de tijd voorbij is en er geen spoor overblijft van de boosaardige dromen
waarin je danst op de magere melodie van de dood. 7Want in haar
plaats wordt de lofzang tot God een korte tijd gehoord. 8En dan is de Stem
verdwenen, en neemt ze niet langer vorm aan, maar keert terug naar de
eeuwige vormloosheid van God.
(VvT.6)

Mochten er vragen opkomen na het lezen van deze verklaring, dan wil ik die graag proberen te beantwoorden.

De boeken van Gary Renard benaderen de verticale, non-dualistische leer van Een cursus in wonderen op een meer horizontale manier, zonder de leer van ECIW geweld aan te doen of te veranderen.
De non-dualistische leer van de Cursus is behoorlijk abstract voor de denkgeest die gewend is in concepten als tijd, ruimte, vormen en lichamen te denken en de wereld en het persoonlijke leven als werkelijkheid aan heeft genomen en daar zijn eigen dualistische leer op heeft gebaseerd met als verborgen gehouden (onmogelijke) doel afgescheiden te raken en te blijven van God, Liefde, Eenheid, Waarheid.

Gary Renard laat aan de hand van persoonlijke ervaringen uit zijn huidige leven en andere levens zien hoe ECIW praktisch kan worden toegepast, zonder daarbij de non-dualistische verticale leer van Een cursus in wonderen te veranderen en de illusoire horizontale wereld van tijd en ruimte in te slepen.
Hij laat zien en demonstreert dat elke gedachte en ervaring kan worden hergebruikt als vergevingsmateriaal en vergevingskans mits daarvoor gekozen wordt. Hij laat op een speelse toegankelijke en vooral herkenbare manier zien dat ECIW niet bedoelt is om een leuker leven te krijgen of de wereld te verbeteren, (hoewel dat niet verkeerd of verboden is, maar niet het doel van ECIW) maar ons juist door heel goed en eerlijk te leren kijken naar elke gedachte en ervaring onder leiding van de juist gerichte-denkgeest, in ECIW omschreven als de Heilige Geest, in plaats van onder leiding van de onjuist gerichte-denkgeest, het ego, terug helpt herinneren in dat wat met opzet “vergeten” werd, maar nog steeds onveranderlijke Liefde is: “De liefde is niemand vergeten”.
Daardoor wordt de focus van de denkgeest die gericht is op een lichaam in een wereld die als oorzaak en gevolg worden gezien terug gebracht naar waar oorzaak en gevolg zich eigenlijk bevinden, namelijk 100% in de denkgeest zelf: “Jouw onsterfelijke werkelijkheid”.

Niet de verhalen zelf, of dat nu de verhalen van Gary zijn of die van onszelf, zijn belangrijk, maar hun functie. Waar dienen ze voor, voor afgescheiden te blijven van God, Liefde, Eenheid, Waarheid, of om ons er juist aan te herinneren dat afscheiding onmogelijk is en slechts gebaseerd is op een onnodig en onwaar geloof in zonde, schuld en angst, waar alleen een eind aan gemaakt kan worden door, wat onmogelijk gebeurt kan zijn, afgescheiden zijn van God, Liefde, Waarheid, Eenheid, te vergeven.

Waardevolle, behulpzame boeken voor diegene voor wie ECIW in eerste instantie afschrikt door zijn ogenschijnlijke abstractie en poëtische en christelijk taalgebruik, maar de lezer heel vaak toch weer aanzetten de Cursus weer op te pakken met nu meer inzicht en begrip van zijn inhoud en doel.

Ik ben dan ook blij dat Inner Peace Publications het tweede en derde boek van Gary Renard, respectievelijk “jouw onsterfelijke werkelijkheid” en “De liefde is niemand vergeten” opnieuw mag gaan uitgeven, zodat deze twee boeken die onderdeel zijn van een trilogie, met als eerste deel “De verdwijning van het universum” beschikbaar blijven in het Nederlands voor iedereen die geïnteresseerd is in ECIW.

De twee bovengenoemde boeken zijn voor het eerst weer beschikbaar tijdens de workshop die Gary Renard zal geven op 20/21 mei in Soestduinen.

uitnodiging-gary-renard

          

 

Inner Peace Publications

 

 

 

“Het doel van het leerplan is, ongeacht de leraar die je kiest: ‘Ken uzelf.’
Iets anders valt er niet te zoeken. Ieder is op zoek naar zichzelf en naar
de kracht en de heerlijkheid die hij meent te hebben verloren. Telkens
wanneer jij met iemand samen bent, heb je een nieuwe gelegenheid om ze
te vinden. Jouw kracht en heerlijkheid zijn in hem, omdat ze de jouwe zijn.
Het ego probeert ze uitsluitend in jou te vinden, omdat het niet weet
waar het zoeken moet. De Heilige Geest leert jou dat als je alleen naar jezelf
kijkt, jij jezelf niet kunt vinden, want dat is niet wat jij bent.
Telkens wanneer jij met een broeder samen bent leer je wat jij bent,
omdat je onderwijst  wat jij bent. Hij zal of met pijn of met vreugde reageren,
al naargelang de leraar die jij volgt. In overeenstemming met jouw beslissing
zal hij gevangen of bevrijd zijn, en jij eveneens. Vergeet nooit jouw
verantwoordelijkheid tegenover hem, want het is je verantwoordelijkheid
tegenover jouzelf.
Geef hem zíjn plaats in het Koninkrijk en jij zult de jouwe hebben

Alleen kun jij het Koninkrijk niet vinden en alleen kun jij, die het
Koninkrijk bent, jezelf niet vinden. Wil je het doel van het leerplan bereiken,
dan kun je niet naar het ego luisteren, want zijn bedoeling is het juist
zijn eigen doel te ondermijnen. Het ego weet dit niet, omdat het totaal
niets weet. Maar jij kunt het weten, en zult dat ook weten, als jij bereid
bent te kijken naar wat het ego van jou maken wil. Dit is jouw verantwoordelijkheid,
want als je er eenmaal werkelijk naar gekeken hebt, zul je de Verzoening voor jezelf aanvaarden. Welke andere keuze zou je kunnen maken? Als je deze keuze gemaakt hebt, zul je begrijpen waarom jij ooit geloofde dat wanneer je iemand anders ontmoette, je ook dacht dat hij iemand anders was. En iedere heilige ontmoeting die jij volledig aangaat zal jou leren dat dit niet zo is.

Jij kunt uitsluitend een deel van jezelf ontmoeten, omdat jij een deel van
God bent, die alles is” (T8.III.5,6,7:1).

Het lijkt hier alsof de Cursus ons aanspreekt als individuele lichamen die elkaar ontmoeten en daarin een Heilige Relatie kunnen ontwikkelen.
Niets is minder waar. ECIW spreekt ons nooit aan als individuele of collectieve lichamen.
ECIW spreekt ons altijd aan op het niveau van de bron en dat is altijd de denkgeest/mind.
De lichamen die wij denken en geloven te zien en waarvan we zijn gaan geloven dat het dat is wat we zijn, zijn slechts projecties van de denkgeest die voor afscheiding van de denkgeest kiest, waardoor er van de denkgeest afgescheiden lichamen lijken te zijn.
Slechts het geloof hierin, lijkt deze waanvoorstelling waar te maken.
ECIW is er op gericht ons terug te laten herinneren denkgeest/mind te zijn, zodat we kunnen gaan zien dat we ons als denkgeest hebben vergist, en dat wat we denken en geloven te zien ook een vergissing is.

ECIW ontmoet ons waar we denken en geloven te zijn, dus denkend en gelovend een lichaam te zijn. Onvermijdelijk dat de nog volop in lichamen gelovende denkgeest, die daardoor geen feeling meer heeft met de bron de denkgeest en zeker weet dat alles wat hij denkt en gelooft uit het brein/lichaam komt, in de valkuil loopt en de metafysica van de Cursus, dat er geen wereld is en dus ook geen lichamen, maar alleen denkgeest die projecteert, gewoon (expres, uit (ego) zelfbescherming) “vergeet”.
En zo wordt de taal van de Cursus die in ECIW als symbool bedoelt is, weer gewoon letterlijk genomen en is de egodenkgeest vooralsnog “veilig” en verandert er niets in de denkgeest, de enige “plek” waar verandering mogelijk is.
En wordt ECIW gebruikt om de wereld te verbeteren en een aangenamer leven te krijgen.

(Daar is trouwens op zich niets mis mee, maar geloof en beweer dan niet dat je ECIW doet, en probeer dan niet ECIW toch in dat hokje te wurmen.)

Als daarom bovenstaande tekst letterlijk wordt genomen lijkt er te staan dat als twee lichamen elkaar ontmoeten er tussen die lichamen een Heilige Relatie kan ontstaan.
“Ken uzelf” gaat over het kennen van “mijn” gedachten als denkgeest, niet als lichaam.
Moet daarom het lichaam ontkent worden, of genegeerd? Nee, natuurlijk niet het is slechts een uitnodiging er “anders” naar te leren kijken en het “anders” te laten her-gebruiken, omdat nogmaals, ECIW de taal gebruikt die wij ogenschijnlijk als lichaam, maar ondertussen als denkgeest/mind, daar waar we nu denken en geloven te zijn, kunnen begrijpen.

Als oefening is het een idee bovenstaande tekst eerst eens heel bewust vanuit lichaamsidentificatie te lezen, dus ik het lichaam ontmoet een ander lichaam enz. En dan nog een keer maar nu vanuit het niet persoonlijke begrensde denkgeest/mind zijn, waar ontmoetingen gedachten zijn met gedachten/ideeën.
De zogenaamde lichamen kunnen dan ook makkelijker gezien worden als projecties, welke nog steeds gedachten zijn, want ideeën verlaten nooit hun bron. En er is alleen maar denkgeest, ge- en bedacht door de denkgeest.
Daardoor zal er ook een andere ervaring van verbinding mogelijk worden, die niet meer begrenst wordt door lichamen die aanwezig moeten zijn om een ontmoeting te hebben.
Een denkgeest ontmoeting is niet afhankelijk van tijd en ruimte en ook niet van de vorm waarin en waarmee de ontmoeting plaats heeft. Menselijk, dierlijk, dingen, situaties het maakt niet meer uit, de ware ontmoeting is altijd in de denkgeest en gaat over een ontmoeting met het eigen denken die weerspiegelt wordt herkend in de zgn “ander”.

De projecties (dus de schijnbare lichamen waar we een ontmoeting mee hebben) blijven gedachtes, ideeën, maar dienen nu een compleet ander doel. Niet meer als afscheiding, dus olv het egodenken, maar als terug herinnering in waarheid, olv Heilige Geest (symbool voor denkgeest die weet in verbinding te staan met waarheid, eenheid, liefde, God.

Dus bovenstaande tekst, en dat geldt voor de hele Cursus kan olv egodenkgeest gelezen worden door alles letterlijk te nemen vanuit lichaamsgerichtheid, of olv Heilige Geest, door alles symbolisch te zien en gezien vanuit denkgeest.
Onderzoek zelf het verschil.

Deze volledige omslag in het denken, vereist natuurlijk veel oefening. De denkgeest gaat niet zomaar overstag. Intellectueel kan het heel snel begrepen worden, maar het werkelijk begrijpen gebeurt pas als de denkgeest/mind er echt aan toe is. En hoewel dat onvermijdelijk is, is het proces naar de omslag ook onvermijdelijk. En dat duurt zolang het duurt.

Daarnet weer dat sterke gevoel van weten weg te rennen door dat wat probeert weg te blijven van het “weten” waarvoor het weg rent.
Ik had gedachten als “sukkel”, “idioot”, en aangezien dat met de bijbehorende emoties gepaard ging, dus voelde als zeer onaangenaam, realiseerde ik me ook dat het weer niets anders kon zijn dan de keuze voor egodenken, oftewel de wil tot afscheiden. En het niets te maken heeft met de ogenschijnlijke oorzaak die zich ergens “buiten” een “ik” lijkt af te spelen, waardoor er een “ik” lijkt te zijn die zich aangevallen voelt en op de vlucht slaat en in de aanval gaat. Vluchten en aanvallen ineen, want de “ik” beschuldigen (wat ben ik toch een idioot en een sukkel) is ook wegrennen van “Zijn” en het aanvallen wordt ervaren als zelfhaat.

En terwijl ik dit alles ervoer, was er ook tegelijkertijd de observerende die zich hiervan bewust was. Het ervaren werd niet tegengehouden, niet verandert, niet beter gemaakt het werd gewoon geobserveerd, precies zoals het zich voordeed, oordeelloos en daardoor bewust gemaakt. Het wegrennen maakte plaats voor het oordeelloos observeren van het wegrennen, wat tevens de weg opent voor ware vergeving.

Dan wordt ook meer en meer bewust dat het niet het lichaam is dat dit alles ervaart, maar “iets” anders, dat wat kennelijk kan observeren en zich niet meer 100% identificeert met een lichaam en situaties.
Dat “iets” anders kunnen we denkgeest of mind noemen, voor het gemak omdat we nu eenmaal gewend zijn om met behulp van woorden te communiceren.
En dat “iets” blijkt eigenlijk de bron te zijn. Er vindt dus een verschuiving plaats in dat proces van bewustwording, van het lichaam en situaties als oorzaak, terug naar de denkgeest/mind als oorzaak.
Het is echter wel zo, dat denkgeest/mind voor de nog steeds in een schijnbare wereld en in een schijnbaar lichaam ervarende, een abstract concept blijft.
Vandaar dat ECIW het voor de “ervarende” nog steeds bekende en vertrouwde concept van lichamen en situaties (her)gebruikt, maar nu met een heel andere bedoeling en doel.

Er wordt nog steeds als vanouds “ervaren”, schijnbaar door een lichaam in situaties, maar het bewustzijn gaat groeien dat wat als oorzaak ervaren wordt door de ervarende, niet is wat het dacht en geloofde dat het was.

Er lijkt een “ik” te zijn die zelfhaat ervaart, maar langzaamaan al ervarend wordt steeds duidelijker dat die “ik” lichaamsgerichte zelfhaat, eigenlijk alleen maar vanuit denkgeest/mind komt en niet als doel heeft het zelf te haten, ook al wordt dat wel als zodanig ervaren als ik eerlijk kijk, maar als doel heeft zich af te scheiden van éénheid, of om het tegengestelde van haat te gebruiken, af te scheiden van liefde (non-dualistische liefde).
En nogmaals éénheid en non-dualistische liefde, zijn voor de in deze wereld en in een lichaam ervarende abstracte concepten, dus daarnaar streven en proberen mij daarin te mediteren werkt niet.
Wat wel werkt, en daar kan meditatie wel voor werken, is rustig en zonder oordeel onder ogen gaan leren zien welke blokkerende gedachten ik projecteer om maar uit die non-dualistische eenheid en liefde te blijven.

Het belangrijkste in het proces van bewustwording is dus 100% observerende te worden, terwijl “op het toneel” het script wordt uitgespeeld, want dat moet geobserveerd worden en niet ontkend of veranderd of aangepast. En 100% observerende worden is hetzelfde als “weten” 100% denkgeest/mind te zijn, wat dus niet een lichaam is dat speelt denkgeest/mind te zijn, want hou er rekening meer dat het “oude egobewustzijn” nog steeds mee doet, zolang er nog de beleving van “ervaren” is. Het wordt alleen steeds zwakker en verdwijnt meer en meer naar de achtergrond, terwijl het bewustzijn van denkgeest/mind te zijn steeds sterker, duidelijker en op de voorgrond komt.
En de keuze daarvoor steeds makkelijker gemaakt zal kunnen worden en tenslotte de automatische keuze voor het ego-denken geheel zal vervangen.

En nogmaals omdat denkgeest/mind abstract is voor de nog steeds ervarende, worden nog steeds woorden gebruikt als hulpmiddel. Woorden zoals de innerlijke leraar, of Jezus, of Heilige Geest, of welk woord dan ook wat maar behulpzaam kan zijn voor de observerende ervarende op zijn weg naar het terug herinneren in éénheid, waarheid, liefde, God.

 

Onderschat niet de kracht van de egodenkgeest.
De bron, de kracht, en de motor van de egodenkgeest is “geloof”.
Enkel en alleen “geloof” houdt de egodenkgeest in stand.
Enkel het terugnemen van “geloof” kan de egodenkgeest doen oplossen als het “niets” wat het is: een geloof.
Want wat is “geloof” anders dan een “geloof”, een gedachte, een nietig dwaas idee.

“Geloof” kan alleen effect hebben op dat wat uit “geloof” is ontstaan. Dat wat uit “geloof” is ontstaan is nog steeds “geloof”, het verandert niet ineens in “waarheid”.
“geloof” zelf is enorm krachtig, door het “geloof” zelf.
“Geloof” kan bergen verzetten, omdat de berg zelf ook een “geloof” is.
Alles wat ik “geloof” te zien, is dus inderdaad ook een “geloof”.
En zo wordt de denkgeest geconditioneerd door “geloof”.
Ik “geloof” dat ik een mens ben, ik “geloof”dat ik Annelies heet, dat ik een vrouw ben, dat ik…. een bijna eindeloze hele lijst conditioneringen over wat ik “geloof” te zijn.
Alles wat ik denk, letterlijk iedere gedachte die ik heb, inclusief de gedachte dat er een ik is, is “geloof”.

Ik (wat een geloof is, dus lees elke volgende “ik” maar als “geloof”) “geloof” dat er een ik is in een wereld waar van alles gebeurt. Aangezien die wereld ontstaat uit de keuze voor het denken en geloven in afscheiding, het egodenken, en dus het tegenovergestelde moet zijn van waarheid, eenheid, liefde, God, richt ik mijn “geloof” op het tegenovergestelde daarvan, het “geloof” in onwaarheid, tweeheid, haat en een god versie die denkt vanuit zonde, schuld en angst.

Nu geheel gelovend en opgaand in dat “geloof”, kan ik (ander woord voor geloof) niet anders dan dat “geloof” uitbreiden vanuit het “geloof” in onwaarheid, tweeheid, haat met altijd op de achtergrond het geloof in een oplettende god, zodat er altijd een vaag gevoel van zonde, schuld en angst op de achtergrond van alles wat ik denk/doe loert.
Dit “geloof” in zonde, schuld en angst bepaalt nu mijn hele leven en ben ik (geloof) totaal vergeten dat er alleen maar  “geloof” aan ten grondslag ligt en verder helemaal niets.

Zolang ik (geloof), “geloof” in alles wat ik (geloof) “geloof” te zien en “geloof” te doen, is “geloof” in afscheiding veilig en zal dat “geloof” zich blijven uitbreiden, tot het “geloof” erin gaat wankelen en de “gelover” zich al is het maar heel even, zich ineens afvraagt…. “is dit wel zo?”.
Dat kan dan het signaal zijn om “geloof” stap voor stap te laten ontmaskeren, gedachte voor gedachte, te laten ont-geloven.

Dit is wat ECIW ware vergeving noemt, het ego “geloof” laten vervangen door Heilige Geest “geloof”, een “geloof” dat weet dat er niets gebeurt is dan enkel “geloven” dat er iets gebeurt is.
En ja, het is nog steeds “geloof”, omdat wij die “geloof” zijn alleen die taal kunnen begrijpen, maar nu omgekeerd her-gebruikt wordt, zodat kan worden teruggekeerd naar dat ene nietig dwaas idee (“geloof”), dat afscheiden van waarheid, eenheid, liefde, God wenselijk en mogelijk is.

Onderschat de kracht van het egodenken als “geloof” niet, en dat dat “geloof” niet zomaar in één keer op kan houden. Het is een geleidelijk proces van stap voor stap ont-geloven, met een groeiend vertrouwen dat ik (geloof) en de wereld en alles wat ik (geloof) zie en ervaar niet is wat ik (geloof) “geloof” dat het is.
En dat elke angst gedachte die de in een “ik” gelovende gedachte in dit proces van ont-geloven tegen kom slechts ook maar weer “geloof” in verdediging is, niet meer en niet minder.
Uiteindelijk is het verdwijnen van “geloof” onvermijdelijk, omdat er in werkelijkheid niets anders gebeurt is dan erin geloven…
En met het verdwijnen van “geloof” verdwijnt ook vanzelf de “ik” en de wereld, omdat het slechts een geloof is wat geloofd wordt.

Wie zoekt naar het Licht, sluit zijn ogen er voor.

Wie probeert te Ontwaken, houdt zichzelf in slaap.

Wie streeft naar Verlichting, houdt zichzelf in het duister.

Wie op zoek gaat naar Liefde, kiest voor angst.

Wie zoekt naar Waarheid, kiest voor bedrog.

Wie zoekt naar Eenheid, kiest voor tweeheid.

Zoeken = niet vinden

“De cursus beoogt niet de betekenis van liefde te onderwijzen, want dat gaat wat onderwezen kan worden te boven. Hij beoogt echter wel de blokkades weg te nemen voor het bewustzijn van de aanwezigheid van liefde, die jouw natuurlijk erfgoed is”
(T1.In.1:6-7).

ECIW gaat niet over het zoeken naar liefde, maar over het leren kijken naar elke blokkerende gedachte die ik, denkgeest, voor liefde heb geplaatst om aan liefde te ontkomen en vervolgens al deze blokkerende gedachten te leren vergeven.

Waar gaat Een cursus in wonderen over.
En welke student van ECIW heeft niet al eens wanhopig uitgeroepen: ‘waar gáát dit over!!’.
Nou, eigenlijk is de hele Cursus terug te brengen tot één woord en dat is ‘Vergeving’.
Met een hoofdletter om het onderscheid te maken tussen ego vergeving zoals wij dat beoefenen in de wereld, en Ware Vergeving.
Ik laat de Cursus nu zelf even aan het woord over wat ‘Vergeving’ precies inhoud speciaal voor diegene die het vergeten zijn, niet het boek zelf hebben, geen zin hebben het op te zoeken, het boek kwijt zijn, het weggegooid hebben, verbrand of door de wc gespoeld, of weggegeven, dit is wat ECIW onder Vergeving verstaat:

‘1. Wat is vergeving?

1. Vergeving ziet in dat wat jij dacht dat je broeder jou heeft aangedaan, niet heeft plaatsgevonden. 2Wat ze niet doet is: zonden kwijtschelden en ze werkelijk maken. 3Ze ziet dat er geen zonde is geweest. 4En in die zienswijze zijn al jouw zonden vergeven. 5Wat is zonde anders dan een onjuist idee omtrent Gods Zoon? 6Vergeving ziet eenvoudig de onjuistheid daarvan en laat het daarom los. 7Wat dan vrij is om nu de plaats daarvan in te nemen, is de Wil van God.
2. Een niet-vergevende gedachte is er een die een oordeel velt dat ze niet in twijfel trekt, ook al is het niet waar. 2De denkgeest is gesloten en zal niet worden bevrijd. 3De gedachte beschermt projectie en trekt haar ketenen strakker aan, zodat vervormingen meer versluierd en verborgen zijn, minder makkelijk toegankelijk voor twijfel en nog verder weggehouden van gezond verstand. 4Wat kan er komen tussen een starre projectie en het doel dat ze als haar gewenste bestemming gekozen heeft?
3. Een niet-vergevende gedachte doet vele dingen. 2In koortsachtige actie jaagt ze haar doel na, waarbij ze verwringt en omverwerpt wat ze als een doorkruising van haar gekozen pad beschouwt. 3Verdraaiing is haar doel en tevens het middel waarmee ze dat tot stand wil brengen. 4Ze doet woeste pogingen de werkelijkheid te vermorzelen, zonder zich ook maar enigszins te bekommeren om wat haar gezichtspunt lijkt tegen te spreken.
4. Vergeving daarentegen is stil en doet in alle rust niets. 2Ze schendt geen enkel aspect van de werkelijkheid, en probeert die evenmin te verdraaien tot een verschijningsvorm die haar aanstaat. 3Ze kijkt alleen, en wacht, en oordeelt niet. 4Wie niet wil vergeven, moet wel oordelen, want hij moet zijn onvermogen om te vergeven rechtvaardigen. 5Maar wie zichzelf vergeven wil, moet leren de waarheid te verwelkomen precies zoals die is.
5. Doe daarom niets en laat vergeving je tonen wat jou te doen staat, via Hem die je Gids is, je Verlosser en Beschermer, sterk in hoop en zeker van jouw uiteindelijk succes. 2Hij heeft jou al vergeven, want dat is Zijn functie, Hem gegeven door God. 3Nu moet jij Zijn functie delen en vergeven wie Hij heeft verlost, wiens zondeloosheid Hij ziet, en wie Hij eert als de Zoon van God’ (WdII.1. blz. 404).

ECIW gaat dus over Vergeving, en het heet een cursus omdat dat geleerd moet worden. Je kunt Ware Vergeving heel snel theoretisch leren begrijpen, maar toepassen kost veel, heel veel oefening, discipline en toewijding en niet te vergeten vergeving. En het leermateriaal is ons eigen leven. Dus ja, we zijn ons eigen leermateriaal.
En we leren onszelf te Vergeven voor wat we denken dat we hebben gedaan, en waar we ons ten onrechte schuldig, zondig en angstig over voelen.

En waarom zou het dan niet Een cursus in Vergeving heten?
Dat is misschien wel een marketing stunt van de Heilige Geest en Jezus,  Een cursus in wonderen ‘verkoopt’ beter LOL.
Het leidt de egodenkgeest een beetje om de tuin. Het ego is dol op magie, dus ook op wonderen, want wonderen volgens de denkwijze van de egodenkgeest zijn lichaams- en vormgericht, en blijven dus op ‘veilige’ afstand van de herinnering denkgeest te zijn en niet een lichaam.
Dus het idee is dan al gauw, ah, wonderen leren verrichten zoals bijvoorbeeld Jezus zelf deed, cool! Dat wil ik wel leren.

Maar dat blijkt dus een vergissing te zijn. ECIW gaat niet over dat soort wonderen, en dat dringt pas echt door als je al een hele poos de Cursus ‘doet’, en ja dan kan je niet meer terug! Want je herinnering aan wat je in werkelijkheid bent (denkgeest) wordt al behoorlijk getriggerd en komt onvermijdelijk, langzaamaan, maar zeker terug in de herinnering en dat laat zich nooit meer helemaal terug stoppen in de vergetelheid.
De geest is als het ware uit de fles.
En de egodenkgeest zal zich verdedigen tegen het terugkerende herinneren met pogingen tot het versterken van het geloof in zonde, schuld en angst en zal dit projecteren in allerlei vormen die deze weerstand uitbeelden (zie de wereld om je heen in al zijn uitingen van het geloof in zonde, schuld en angst).

Nu doet de egodenkgeest dat altijd al, het geloof in zonde, schuld en angst projecteren, het kan niet anders, het is zijn (on)natuurlijke functie, maar het lijkt nu nog erger te worden, doordat de Waarheid langzamerhand terugkeert in het bewustzijn. Het contrast tussen onjuist-gericht denken en juist-gericht denken wordt duidelijker. En dat kan zich uiten in het ons nog beroerder te gaan voelen, nog depressiever, nog bozer, of de andere kant van de ego medaille, de zweef-kant, helemaal hyper in roze wolkenland, want: ‘het is toch allemaal een illusie’, en ‘alles is love!’
En zowel de boosheid tegen, als het ophemelen en het ‘heilig’ maken van het blauwe boek zijn de projecties van de egodenkgeest.
De boosheid lijkt gericht op het waar maken van een vorm; een blauw boek, of andere symbolen, zoals Heilige Geest, Jezus en God, maar dat is de vergissing het dwaalspoor om maar te voorkomen dat de herinnering terug komt dat er alleen denkgeest is.

Vergeving gaat dus niet over het oproepen en mogelijk maken van uiterlijke magische wonderen .
Alleen door werkelijk te vergeven kunnen we het wonder van Vergeving ervaren.
Vergeving is dan de reflectie van Liefde, van Eenheid in wat wij als onze wereld zien.
Dát te ervaren is het wonder. Het wonder van vergeving is een omslag in het denken.
Vergeving zorgt ervoor dat wat we eerst als zonde, schuld en angst zien en als zodanig ervaren buiten ons in allerlei daarvoor geschikte vormen, gezien wordt als komende vanuit de denkgeest, vanwaar het uit geprojecteerd wordt zodat het lijkt dat er iets buiten ons gebeurt.
Er kan vervolgens opnieuw gekozen worden, nu voor leiding van de Heilige Geest en of Jezus en dan kan het wonder niet uitblijven.
Het wonder is het herstellen van de vergissing in de denkgeest, daar waar de vergissing is ontstaan, door middel van Vergeving.
Vergeving en wonderen horen dus bij elkaar.

Een cursus in wonderen gaat dus over Vergeving en het doel is te leren wat Vergeving is, en dan Vergeving consequent toe te passen op elke gedachte, zodat de blokkades die we hebben opgeworpen tegen Liefde, tegen dat wat we zijn, Vergeven kunnen worden en daardoor als onschuldige vergissingen zullen oplossen.

Als we de Cursus werkelijk doen kunnen we niet om Vergeving heen. Vergeving is onze enige functie onderwijst de Cursus. Verder hoeven we niets te doen :

‘Vergeving daarentegen is stil en doet in alle rust niets’ (WdII.1.4:1).

Het wonder is de verschuiving van egodenkgeest naar Heilige Geest Denkgeest. En zoals we via de egodenkgeest de weerspiegeling van de keuze voor de egodenkgeest terug zien, zien we als we voor de Heilige Geest Denkgeest kiezen de weerspiegeling van de keuze voor de Heilige Geest Denkgeest terug.
Maar het blijft een weerspiegeling, een reflectie, het wordt nooit een afgescheiden autonome nieuwe werkelijkheid. Want als we de vorm als oorzaak blijven zien, in plaats van van de denkgeest, betekent dat alleen dat we weer voor de leiding van de egodenkgeest hebben gekozen. Dat wat we dachten te zien is niets meer dan een ‘fata morgana’ een luchtspiegeling.
En daar kunnen we onszelf dan weer voor vergeven en opnieuw kiezen.

Een Vergeven wereld zien, is een wereld zien en ervaren zonder het geloof in zonde, schuld en angst, terwijl de wereld ogenschijnlijk blijft zoals ie was, uiterlijk hoeft er niets te veranderen, maar de ervaring van dezelfde wereld zal totaal anders zijn, omdat je jezelf en daarna alles en iedereen Vergeven hebt voor al je waangedachten van zonde, schuld en angst en de verzoening voor jezelf aanvaard hebt.
Vanaf dat moment is er geen ego ‘ik’ meer, maar alleen nog een behulpzaam kanaal voor Liefde dat nu ongehinderd door kan stromen door de hele ene denkgeest.

%d bloggers liken dit: