archiveren

Tagarchief: dood

Wat betekent dat, ‘normaal blijven doen’ eigenlijk.
De droom ontvouwt zich, zoals deze zich ontvouwt, van seconde tot seconde, vanuit de (ego)denkgeest die het allemaal ‘denkt’, gelooft en projecteert.
Het is ‘zonde, schuld, angstmateriaal’ en dat zonde, schuld en angst verhaal voltrekt zich in tijd en ruimte, en wordt ervaren en gezien als zijnde ‘mijn leven’, als een waar verhaal dat over ‘mij’ gaat, de mij, mijn lichaam, dat tevens de hoofdrol speelt.
Dit wordt zeer serieus genomen en daarom ook als zeer serieus ervaren, de ‘mij’ wordt als de ‘ik’ gezien, de ‘ik’ als een lichaam. Het grote ‘drama’ is begonnen het ‘leven’ voltrekt zich van geboorte t/m de dood en de ik mijn lichaam speelt de hoofdrol.

Het ontwaken uit de droom, uit dit ‘drama’, is niet weer gewoon een nieuw verhaal dat deze keer over ontwaken gaat, weer een verhaal vanuit de egodenkgeest, vanuit het geloof in zonde, schuld en angst.
Nee, het is iets heel anders.
Het is de ontwakende herinnering aan denkgeest te zijn, daardoor wordt ineens gezien of rijst in ieder geval het vermoeden dat het leven wat zo ‘echt’ leek een droom is, gedroomd door denkgeest.
En is er tevens het beginnende besef dat het geen zin heeft door de droom te verbeteren een beter leven te krijgen, zonder lijden, met alleen plezier en geluk en overvloed.

De egodenkgeest zal dat nog wel steeds proberen, ook al is er het groeiende bewustzijn dat de denkgeest het hele drama projecteert en dus zelf maakt.
De egodenkgeest zal dit nieuwe idee onmiddellijk gaan gebruiken en zich vol energie storten op het beter maken van de droom, want hij is er zich nu immers van bewust dat hij het allemaal zelf heeft gemaakt, hij is zich nu bewust van zijn magische kracht en zal nu alles naar zijn hand willen zetten. Ik maak mijn eigen leven, precies zoals ik dat wil en wat ik zeg dat gebeurt ook, want dat is goed voor mij, zo zal ik een beter leven krijgen, een leven van geluk en overvloed en alle andere spelers moeten hun rol vervullen in mijn verhaal.
Het leven is maakbaar en ik ben de maker.
Het ego echter projecteert nog steeds vanuit zonde, schuld en angst, want dat is het programma van de egodenkgeest, zo is hij geprogrammeerd.
En al gauw na het eerste enthousiasme van het ontdekken dat ‘ik’ de maker ben van mijn eigen leven komt het oude patroon gewoon weer terug en is het leven weer gewoon een afwisseling van lijden en wat korte pleziertjes. En de schuld van het mislukken wordt geprojecteerd in de vorm van ‘anderen’ die het verpesten en niet willen meewerken.
Zo blijkt deze nieuwe ontdekking niets met ontwaken te maken te hebben, want er is nog steeds identificatie met een ‘ik’, dus met het lichaam.

Werkelijk ontwaken is dus het langzaam loskomen van de ‘ik’ identificatie, het loskomen van de identificatie met geprojecteerde vormen en situaties en het terug herinneren van de bron, de denkgeest. En nu kan in plaats dat voor de egodenkgeest gekozen wordt, met als doel de droom aangenamer te maken, nu gekozen worden voor HG/J denkgeest, de niet oordelende projecterende denkgeest, de vergevende denkgeest, die de droom gewoon de droom laat er niet aan gaat rommelen, maar bij de oorzaak blijft, de ‘gedachte’ en het ‘geloof’ er in, en deze vergeeft.
De denkgeest die zich nu niet langer identificeert als een ‘ik’, zijnde een lichaam, ‘loopt’ nog steeds rond in zijn droom, maar zal deze niet meer proberen te fiksen, verbeteren of veranderen, de denkgeest zal nu de droom alleen nog zien als vergevingsmateriaal, terwijl de rol ‘gewoon’ gespeeld wordt en de ‘normale’ regels van het spel gewoon gevolgd worden, maar nu, na vergeving, ontdaan van elke zonde, schuld en angst projectie.

Normaal blijven doen, is dus niet een ander meer ‘spiritueel pakje’ aantrekken, omdat we denken en geloven dat spiritualiteit en de Cursus doen over gedrag gaat.
Wel zal de keuze voor ‘Jezus/HG’ als leraar in plaats van het ego gewoon meer rust brengen en dit zal zich kunnen weerspiegelen in zoals de Cursus zegt:

‘Er is een manier om in de wereld te leven die niet van deze wereld is, ook
al lijkt ze dat wel te zijn. Je verandert niet van uiterlijk, hoewel je vaker
glimlacht. Je voorhoofd is sereen, je ogen staan rustig’ (WdI.155.1:1-3).

Dat betekend dus niet dat ik mijn gedrag, mijn uiterlijk ga aanpassen en steeds probeer te blijven glimlachen, m’n voorhoofd sereen en m’n ogen rustig probeer te houden, terwijl ik van binnen duidelijk voor de egodenkgeest heb gekozen en moordneigingen heb.

De Cursus heeft het hier niet over gedrag, maar over de staat van de denkgeest.
En op dat vlak zijn er maar twee mogelijkheden: of ik kies voor en denk vanuit egodenkgeest of ik kies voor en denk vanuit Heilige Geest denkgeest, waarbij kiezen voor egodenkgeest is kiezen voor afscheiding en kiezen voor Heilige Geest denkgeest kiezen voor Eenheid is.

 

 

Het loslaten van het ego is het loslaten van een denksysteem, niet het loslaten van een lichaam, want er is geen lichaam wat überhaupt losgelaten kán worden. Er is alleen een gedachte over een lichaam, een gedachte die serieus wordt genomen en daardoor ontstaat er een illusie wat we ‘ons lichaam’ noemen.
Daarmee wordt het niet een werkelijk lichaam, maar een illusoire gedachte die we zien als een projectie, over een lichaam.
Alleen de gedachte over een lichaam kán dus losgelaten worden, en daarmee ‘sterft’ deze gedachte. Dat is de angst van de denkgeest, dat de gedachte, het hele egodenksysteem zal verdwijnen (sterven), niet dat er een lichaam zal sterven, want er is geen lichaam, alleen een gedachte over een lichaam.
Dus is de egodenkgeest er alles aan gelegen de herinnering aan ‘denkgeest’ zijn te ‘vergeten’, zodat alleen de projectie, dat wat we ons lichaam noemen, schijnbaar overblijft. En een autonoom bestaan los van zijn bron kan ervaren; de film van de egodenkgeest, die ‘vergeet’ dat het een film is.
Het loslaten van de gedachte van een lichaam kan dus nooit de dood van een lichaam betekenen, het betekent de ‘dood’ van het egodenksysteem, wat overblijft is de waarnemende, keuzemakende denkgeest die nu de ‘wetende’ of ‘zich herinnerde’ denkgeest is en nooit meer voor het lichaam als keuzeoptie kán kiezen. De keuze zal nu steeds automatisch voor HG/J Denkgeest zijn en het lichaam zal alleen nog gebruikt kunnen worden als middel om dit tot uitdrukking te brengen, zonder dat er nog identificatie is met het lichaam, want weer, er is geen ‘werkelijk’ lichaam. Het lichaam wordt het middel om Liefde tot uitdrukking te brengen in plaats van zonde, schuld en angst. Daarmee wordt het dus niet een liefdevol lichaam, of een liefdevolle persoon, want er is geen lichaam, dus ook niet een persoonlijke persoon.
Er zal alleen een ervaring van Liefde zijn uitgebeeld in nu de ándere film, die van HG/J Denkgeest.
Een uitbreiding van de Onpersoonlijke Liefde van God, die niets en niemand uitsluit, volledig Een is.

 

Het lichaam, de projectie wordt pas losgelaten, als de denkgeest dat besluit.

Ook als de denkgeest zich daar niet van bewust is, omdat er nog volledige identificatie is met een lichaam, dat zgn. kan sterven en als waar wordt aangenomen.

Niet het lichaam besluit, de denkgeest besluit.

Het lichaam gaat derhalve niet dood, de projector, de denkgeest stopt met projecteren, daardoor stopt de projectie.
Het ‘spel’ van de dood wordt gespeeld door de denkgeest die wil geloven dat het lichaam echt is en kan sterven.

De denkgeest verlaat niet het lichaam, de denkgeest stopt met het projecteren van een lichaam.

De denkgeest bewoont dus ook niet een lichaam, de denkgeest projecteert een lichaam.

De ‘jij’ die je denkt te zijn is niet het lichaam, maar de denkgeest die een lichaam projecteert en dat ‘jij’, ‘ik’,  noemt en vervolgens vergeet dat dit zo werkt.

De denkgeest blijft en kent geen dood, de denkgeest kan niet sterven.
Naargelang het stadium van bewustzijn, van de denkgeest, projecteert de denkgeest een leven na de dood en vervolgens weer een nieuw leven in een lichaam, naargelang het geloof van de denkgeest.
Dit is en blijft een waanidee dat nooit ‘waar’ kan en zal worden.

De zeer bewuste, vergevorderde en eventueel al ontwaakte denkgeest stopt met projecteren en bevrijd zichzelf door het vergeven van de waan een lichaam te zijn en herinnert zich weer vol denkgeest te zijn, thuis in de hele Ene Geest.

De ontwaakte denkgeest speelt nu bewust zijn rol wetende dat hij in werkelijkheid denkgeest is en nu helpt met het verder uitbreiden van bewustwording van de hele ene denkgeest en daardoor de denkgeest helpt helen, teneinde de herinnering weer terug te vinden heel en één te zijn in God.

Dat en alleen dit is de ware functie van de denkgeest.

En alle verwrongen waanideeën van de denkgeest zullen terug omgekeerd worden en terugkeren naar hun ware aard, in éénheid in God.

 

Na 3 weken intensieve begeleiding waarvan de laatste week terminaal door een bijkomende longontsteking, en na een twee jaar geleden zich sterk doorzettende ziekte van Altzheimer is mijn vader op woensdag 24 februari om 9.40 u overgegaan in aanwezigheid van zijn vrouw en twee dochters.

Ik ben ziels dankbaar dat ik bij dat moment aanwezig mocht zijn en heb mogen ervaren dat zoals in de hieronder aangehaalde tekst uit Een cursus in wonderen we ons niet hoeven laten te misleiden door wat de dood lijkt te zijn; een symbool van angst, maar, mits overgedragen aan Jezus/De Heilige Geest als begeleiders, juist het tegendeel is.
Dankzij de constante Hulp die ik hierbij ervaren heb door mij heen, kon ik mijn vader geruststellen en doordat daardoor de angst verdween eerst in mijzelf en ook zichtbaar in mijn vader en hem daardoor kon vertellen dat hij volkomen en totaal onschuldig is en niet bang hoefde te zijn, hield het vechten op en was er de rustige acceptatie en de vrede in zijn laatste oogopslag.

De dagen daarna waarin alles geregeld moet worden verliepen voor mij ook totaal gedragen door de Liefde van God en werd mij precies verteld wat ik moest doen en wat het juiste was om te doen, in volkomen harmonie met mijn zus en mijn moeder.
En dat dat het juiste was bleek tijdens de afscheidsplechtigheid, waar alles 100% klopte, de muziek, de teksten echt alles. En iedereen ervoer dat zo, want werken in dienst van Jezus/de Heilige Geest pakt altijd juist uit en is voor iedereen liefdevol op de voor hem/haar meest toepasselijke wijze, maar toch universeel, want het refereert naar de diepe herinnering aan de Eenheid van en in God die in iedereen, het hele Zoonschap onveranderlijk aanwezig is.

De plechtigheid straalde volop de persoonlijkheid van mijn vader uit die vooral gekenmerkt werd door zijn serieuze kijk op het leven en tegelijkertijd had hij in ruime mate de onschuld en de blijheid van het kind in zich. Dat kwam vooral altijd sterk naar voren in zijn talent voor verhalen vertellen en verhalen en gedichten schrijven en zijn liefde voor de lente, en het ‘hemelse’ soort geestelijke muziek.
Deze thema’s waren dan ook ruim vertegenwoordigd in de herdenkingsplechtigheid, door hem vooral zelf aan het woord te laten doormiddel van zijn gedichten, en verhalen en dat alles in een prachtig decor van voorjaarsbloemen. En alles omlijst door muziek die hij zo mooi vondt…

Voor mijn moeder, mijn zus en mijzelf ieder op onze eigen manier een prachtige en een geweldige troostrijke ervaring.

Voor mij persoonlijk was dit de ervaring dat als emoties van verdriet overgegeven worden aan J/HG ze getransformeerd worden naar pure vrede, geluk, kortom de Liefde van God.

Hieronder de tekst uit Een cursus in wonderen over: ‘Wat is de dood (H27)’.


‘WAT IS DE DOOD?

De dood is de centrale droom waaruit alle illusies voortkomen. Is het geen waanzin over het leven te denken als geboren worden, verouderen, aftakelen, en sterven aan het eind? We hebben deze vraag al eerder gesteld, maar nu moeten we die zorgvuldiger in overweging nemen. Het is de enige vaste, onveranderlijke overtuiging van de wereld dat alles erin slechts geboren wordt om te sterven. Dit wordt beschouwd als ‘de loop der natuur’waaraan niet mag worden getornd, maar die als de ‘natuurlijke’ levenswet dient te worden aanvaard. Het cyclische, het veranderlijke en onzekere, het onbetrouwbare en het onbestendige dat op een bepaalde manier en langs een bepaald pad toe- en afneemt, – dit alles wordt gehouden voor de Wil van God. En niemand vraagt zich af of een goedaardige Schepper dit wel kan willen.

Volgens deze waarneming van het universum zoals God dat geschapen heeft, zou het onmogelijk zijn Hem voor liefdevol te houden. Want wie bevolen heeft dat alles vergaat, en in stof, teleurstelling en wanhoop eindigt, kan alleen maar worden gevreesd. Hij houdt je futiele leventje aan een zijden draadje in zijn hand, gereed om dat achteloos of zonder spijt, misschien vandaag nog, af te breken. En zo hij al wacht, het eind staat evengoed vast. Wie zo’n god liefheeft, weet niet wat liefde is, want hij heeft ontkend dat het leven werkelijk is. De dood is het symbool van het leven geworden. Zijn wereld is nu een slagveld waar tegenspraak regeert en tegendelen eindeloos oorlog voeren.
Waar de dood heerst, is vrede onmogelijk.

De dood is het symbool van de angst voor God. Zijn Liefde wordt uitgewist in dit idee, dat haar buiten het bewustzijn houdt als een schild dat omhoog wordt gehouden ter verduistering van de zon. De grimmigheid van het symbool volstaat om aan te tonen dat het niet samen met God kan bestaan. Het bevat een beeld van Gods Zoon waarin hij in verwoestings armen ‘ter ruste wordt gelegd’, waar de wormen wachten om hem te begroeten en het dankzij zijn ontbinding nog een tijdje hopen vol te houden. Toch is het even zeker dat ook de wormen tot de ondergang zijn gedoemd. En zo leven alle dingen terwille van de dood. Verslinden is de ‘levenswet’ van de natuur. God is waanzinnig en alleen angst is werkelijkheid.

Het merkwaardige geloof dat er een deel van de stervende dingen is dat voort kan gaan los van wat zal sterven, verkondigt niet een liefdevolle God, en herstelt evenmin enige grond voor vertrouwen. Als de dood voor wat dan ook werkelijk is, dan is er geen leven. De dood ontkent het leven. Maar als er werkelijkheid is in het leven, dan wordt de dood ontkend. Hierin is geen compromis mogelijk. Er is ofwel een god van angst of Een van Liefde. De wereld probeert duizend compromissen en zal er nog eens duizenden proberen. Niet een kan er voor Gods leraren aanvaardbaar zijn, want niet een zou er aanvaardbaar kunnen zijn voor God. Hij heeft de dood niet gemaakt, want Hij heeft de angst niet gemaakt. Beide zijn voor Hem even betekenisloos.

De ‘realiteit’ van de dood is stevig geworteld in de overtuiging dat Gods Zoon een lichaam is. En als God lichamen schiep, dan zou de dood inderdaad werkelijkheid zijn. Maar dan zou God niet liefdevol zijn. Er is geen punt waar het contrast tussen de waarneming van de werkelijke wereld en die van de wereld van illusies scherper aan den dag treedt. De dood is inderdaad de dood van God, als Hij Liefde is. En nu moet Zijn eigen schepping wel voor Hem sidderen en beven. Hij is geen Vader, maar een vernietiger. Hij is geen Schepper, maar een wreker. Vreselijk zijn Zijn Gedachten en angstaanjagend is Zijn beeld. Naar Zijn scheppingen kijken betekent sterven.

‘En het laatste dat overwonnen moet worden, is de dood.’ Uiteraard! Zonder het idee van de dood is er geen wereld. Alle dromen zullen met deze eindigen. Dit is het einddoel van de verlossing, het eind van alle illusies. En in de dood worden alle illusies geboren. Wat kan uit de dood geboren worden en toch leven hebben? Maar wat is uit God geboren en kan toch sterven? De inconsistenties, de compromissen en de rituelen die de wereld cultiveert in haar vruchteloze pogingen zich vast te klampen aan de dood en toch te denken dat liefde werkelijk is, zijn onnadenkende, malle magie, zonder effect en zonder betekenis. God is, en in Hem moet al het geschapene eeuwig zijn. Zie je niet in dat Hij anders een tegendeel heeft, en dat angst dan even werkelijk zou zijn als liefde?

Leraar van God, je enige opdracht zou als volgt geformuleerd kunnen worden: aanvaard geen compromis waarin de dood een rol speelt. Geloof niet in wreedheid, en laat aanval niet de waarheid voor jou verbergen. Wat lijkt te sterven is slechts verkeerd waargenomen en naar de illusie gebracht. Nu wordt het jouw taak de illusie naar de waarheid te laten brengen. Wees alleen hierin standvastig: laat je niet misleiden door de ‘realiteit’ van enige veranderende vorm. De waarheid beweegt niet, wankelt niet, en verzinkt niet in dood en ontbinding. En wat is het einde van de dood? Niets anders dan dit: het besef dat Gods Zoon nu en voor eeuwig schuldeloos is. Niets anders dan dit. Maar laat niet toe dat je vergeet dat het niet minder is dan dit.’ (ECIW H27)’

 

206846-lg

 

Zinloos gekronkel van de denkgeest,

de doodsstrijd van het niet dood kunnen gaan,

omdat er geen dood is,

de dwangbuis die er niet is,

de isoleercel die er niet is.

Hou op met dat gespartel,

stop it!

Stop ook de woede,

het vertellen,

de woorden,

stop alles,

wat er niet was en is en zal zijn.

Bevrijd de denkgeest

uit haar gedroomde en

geprojecteerde cocon,

zodat ze kan zijn wat ze is,

VRIJ.

 

 

 

En vergeet vooral niet te lachen om de waanzin van ‘een nietig dwaas idee’… :

 

 

 

 

 

Een tijdloosheid waarin de tijd tot werkelijkheid is gemaakt, een deel van God dat zichzelf kan aanvallen, een afgescheiden broeder als vijand, een denkgeest in een lichaam: het zijn allemaal vormen van circulariteit waarvan het einde bij haar uitgangspunt begint, en bij haar oorzaak eindigt. (ECIW T27.VIII.7)


Een gesloten gedachte-circuit, niet in staat iets anders te denken dan dat, waar het voor gemaakt is.

Het begin en het eindpunt liggen in hetzelfde nietig dwaas idee, als de waarnemer-denkgeest dit ziet samen met J dus door HG Denkgeest, dan is het einde ego-denkgeest want die is simpelweg nooit begonnen….. !.

 

Ook in het Thomas evangelie in logion 18 zegt Jezus hetzelfde:

‘De volgelingen zeiden tot J: ‘Vertel ons hoe ons einde zal zijn:. ‘Hij zei: ‘Hebben jullie dan het begin gevonden, dat jullie nu het einde zoeken? Want waar het begin is zal het einde zijn. Gelukkig is degene die aan het begin staat: hij zal het einde weten en de dood niet proeven.’

 (Jouw onsterfelijke werkelijkheid blz. 181, Gary Renard, of Closing The Circle p.91, Rogier Fentener van Vlissingen)

 

 

 

 

%d bloggers liken dit: