It was a totally inspired, mind blowing, mind changing weekend with Cindy and Gary.
And again like previous years, the organization in hands of Erik Smitshuis and Jennifer Dennison was excellent and flawless.
Especially meeting so many other people from all over the world is one of the benefits of these kind of gatherings.
I am very grateful for this opportunity.
We will all meet again.

Ook als de uiterlijke weergave (projecties) van een innerlijke toestand (de keuze voor egodenkgeest), hun kwaadaardigste toestand hebben bereikt en dus de nood het hoogst lijkt en aldus wordt ervaren, is er toch een uitweg.
Door in te zien dat de uiterlijke weergave, dus wat de ogen denken en geloven te zien en door het schijnbare lichaam wordt ervaren, niet de bron is van het ellendige gevoel. De bron van dat wat ervaren wordt schijnbaar door “mijn” lichaam, is de denkgeest die voor denken en zien door ego-denkgeest, en aldus voor afscheiding kiest. Een afscheiding van Één, Waarheid, Zelf, dat wat IS, Liefde, God. Een op zich al onmogelijke keuze, omdat dat wat IS, onveranderlijk één is en nooit iets anders kan worden dan één, behalve in dromen van afscheiding.
Dit besef, deze herinnering aan het onvermijdelijke, onveranderlijke Één kan alleen maar duidelijk worden als eerst de verdediging ertegen, de keuze voor ego-denken dus, volledig wordt gezien en doorzien.
Dat betekent dus dat achter elke uiting van het ego-denken (alle vormen van haat, woede, speciaalheid, angst, in grote of kleine nauwelijks op te merken vormen) het geschenk van de herinnering aan Één, Waarheid, Zelf, dat wat IS, Liefde, God  verborgen gaat. Ware vergeving brengt mij daar.

Een cursus in wonderen verwoord dit heel mooi en poëtisch:

1.Projectie maakt waarneming. 2De wereld die jij ziet is wat jij haar gegeven hebt, niets meer. 3Maar ook al is ze niets meer, ze is ook niets minder. 4Daarom is ze voor jou belangrijk. 5Ze getuigt van de staat van jouw denkgeest, de uiterlijke weergave van een innerlijke toestand. 6Zoals een mens denkt, zo neemt hij waar.* 7Probeer dan ook niet de wereld te veranderen, maar kies ervoor je denken over de wereld te veranderen. 8Waarneming is een gevolg, geen oorzaak. 9En juist om die reden is een rangorde naar moeilijkheid bij wonderen zonder betekenis. 10Alles wat met visie wordt bezien, is genezen en heilig. 11Niets wat zonder dat wordt gezien, heeft enige betekenis. 12En waar geen betekenis is, heerst chaos.

2.Verdoeming is jouw oordeel over jezelf, en dit zul jij op de wereld projecteren. 2Zie haar als verdoemd, en het enige wat je ziet is wat jij gedaan hebt om de Zoon van God te pijnigen. 3Als je onheil en rampspoed ziet, heb je geprobeerd hem te kruisigen. 4Als je heiligheid en hoop ziet, heb jij je met Gods Wil verbonden om hem te bevrijden. 5Er ligt geen keuze tussen deze twee beslissingen in. 6En je zult de getuige zien voor de keuze die jij hebt gemaakt, en hieruit leren aflezen welke jij gekozen hebt. 7De wereld die jij ziet toont jou slechts hoeveel vreugde jij jezelf vergund hebt in jezelf te zien en als de jouwe te aanvaarden. 8En als dit daadwerkelijk haar betekenis is, dan moet de macht om haar vreugde te schenken zich wel in jou bevinden.
(T21.In.1,2)

Uit: “Inleiding tot Een cursus in wonderen” – Kenneth Wapnick:

“Vergeving kan dus in drie fundamentele stappen worden samengevat.
De eerste stap is dat ik onderken dat het probleem niet
buiten me is, op dat scherm. Het probleem zit vanbinnen, in mijn
film. In de eerste stap geef ik te kennen dat mijn woede niet gerechtvaardigd
is, hoewel mijn woede me altijd voorhoudt dat het
probleem buiten me ligt, bij jou, en dat jij moet veranderen zodat
ik niet hoef te veranderen. Kortom: de eerste stap betekent dat het
probleem niet buiten me ligt, maar daarentegen in mij zit. Deze stap
is zo wezenlijk om dat God het Antwoord op het probleem van de
afscheiding in ons binnenste heeft neergelegd: de Heilige Geest is
niet buiten ons, de Heilige Geest is in ons, in onze denkgeest. Door
vol te houden dat het probleem buiten ons ligt – en dat gebeurt bij
projectie altijd – houden we het probleem weg van het antwoord.
En dat is precies wat het ego wil, want wanneer het probleem wordt
beantwoord door de Heilige Geest, houdt het ego op te bestaan.
Dus het ego is heel doortrapt en subtiel als het erom gaat ons te
doen geloven dat het probleem buiten ons ligt, of dat nu in een ander
mens is – ouders, leraren, vrienden, partners, kinderen, de ministerpresident
– of in de aandelenmarkt, het weer of in God Zelf. We zijn
er allemaal uitermate bedreven in het probleem te zien waar het niet
is, zodat de oplossing gescheiden kan blijven van het probleem. In
het Werkboek staan twee lessen die dat heel duidelijk maken, namelijk
les 79 en les 80: ‘Laat me het probleem zien, zodat het kan
worden opgelost’ en ‘Laat me zien dat mijn problemen zijn opgelost.’
Er is maar één probleem en dat is het geloof in de afscheiding zelf,
oftewel het probleem van schuld, en dat zit altijd vanbinnen, niet
buiten je. De eerste stap van vergeving is dus, zoals gezegd, dat ik
erken dat het probleem niet in jou zit; het probleem zit in mij. De
schuld ligt niet in jou, de schuld ligt in mijzelf. Het probleem zit niet
op het scherm waarop ik het projecteerde, het zit in de film in mijn
binnenste en dat is een film van schuld.

Dan komt de tweede stap, en dat is de moeilijkste. Het is een stap
die we koste wat het kost willen zien te vermijden. We moeten nu
iets doen aan die film, dat wil zeggen: we moeten iets doen aan onze
eigen schuld. Ik wil benadrukken dat juist dat de reden is dat we tot
het uiterste gaan om die woede en aanval te rechtvaardigen en in
stand te houden; juist dat is de reden dat we de wereld willen blijven
zien als opgesplitst in goed en slecht. Zolang we dat doen kunnen
we die tweede stap vermijden, want bij de tweede stap zien we onze
eigen schuld en al onze gevoelens van zelfhaat onder ogen.
Bij de eerste stap erken ik dat mijn woede niets anders is dan de
beslissing mijn schuld te projecteren. Maar bij de tweede stap erken
ik dat de schuld zelf óók een beslissing vertegenwoordigt. De
schuld symboliseert de beslissing mijzelf als schuldig in plaats van
als schuldeloos te zien. In plaats daarvan moet ik onderkennen dat
ik een Zoon van God ben in plaats van een zoon van een ego; dat
mijn ware Thuis niet in deze wereld is maar dat mijn ware Thuis
eerder in God is. Dat kunnen we pas als we onze schuld onder ogen
zien en de uitspraak doen dat dit niet is wat we werkelijk zijn. En die
uitspraak kunnen we niet doen zolang we niet eerst iemand anders
aanzien en zeggen: ‘Jij bent niet wat ik van jou gemaakt heb. Je bent
in wezen wat God geschapen heeft .’
Er staan een paar heel indringende passages in de Cursus die beschrijven
hoe vreselijk beangstigend deze tweede stap is. Het komt
vaak voor dat mensen, vooral de eerste keren dat ze Een cursus in wonderen
inkijken, het verkeerde idee hebben dat het allemaal mooi
en makkelijk is. De Cursus kan je op het verkeerde been zetten als
je niet oplet. Op het ene niveau wordt er gezegd hoe eenvoudig het
is, hoe we in feite allemaal ‘thuis zijn in God, en dromen van ballingschap’
(T10.I.2:1) en hoe al die stappen in een ogenblik genomen
kunnen worden, louter door ons denken te veranderen, enzovoort.
Dan kan het dus gebeuren dat we die passages lezen en al die andere
passages maar vergeten, waarin er sprake is van de verschrikkelijke
angst die dat proces oproept: het onbehagen, de weerstand en
het conflict dat ontstaat wanneer we deze stappen zetten waarin we
onze schuld onderhanden nemen.
Niemand kan het ego loslaten zonder eerst zijn of haar eigen
schuld en angst aan te pakken, want dat is het ego. In het evangelie
zei Jezus: ‘Wie zijn kruis niet opneemt en mij niet volgt, kan mijn
volgeling niet zijn!’ (Matth. 10:38; Mk 8:34; Lk 14:27). Dan spreekt
hij dus hierover. Je kruis opnemen wil zeggen dat je iets doet aan je
eigen schuld en angst en daarmee het ego transcendeert. Je kunt dat
proces met geen mogelijkheid doorlopen zonder moeilijkheden en
pijn. Let op: dat is niet Gods Wil voor ons; het is onze eigen wil. Wij
zijn degenen die schuld in het leven hebben geroepen, dus voordat
we die kunnen loslaten moeten we hem onder ogen zien en dat kan
heel pijnlijk zijn. Er zijn twee plaatsen waar juist dit proces en de
hoeveelheid angst die dat met zich meebrengt beschreven wordt:
de lessen 170 en 196 ( WdI.170; WdI.196.9-12). Ook in ‘De twee werelden’
in de tekst (T18.IX.3) gaat het over de ogenschijnlijk gruwelijke
beklemming waar we doorheen moeten en de verschrikkingen
die gepaard gaan met het verwerken van deze vrees voor God. Dit
is het laatste obstakel voor vrede en daar ligt onze schuld het diepst
begraven.

Dus de tweede stap bestaat in feite uit de bereidheid onze schuld
onder ogen te zien en durven zeggen dat het een uitvinding is van
onszelf, erkennen dat de schuld geen symbool is voor Gods geschenk
aan ons maar voor de beslissing onszelf te zien zoals God ons niet
geschapen heeft. Dat wil zeggen dat we onszelf zien als kind van
schuld en niet als kind van liefde. Een cursus in wonderen benadrukt
heel duidelijk dat wij, omdat we degenen zijn die de schuld gemaakt
hebben, niet degenen zijn die hem ongedaan kunnen maken. Om
dat te kunnen doen hebben we hulp nodig die van buiten het ego
komt. Die hulp is de Heilige Geest. En de enige keuze die we hebben
is de Heilige Geest uit te nodigen het denksysteem van het ego te
corrigeren en de schuld van ons weg te nemen. Dat is de derde stap.
Bij de tweede stap zeggen we in feite tegen de Heilige Geest: ‘Ik wil
mezelf niet langer als schuldig zien; neem dat alstublieft van me weg’.

De derde stap is aan de Heilige Geest en hij neemt de schuld weg,
eenvoudig omdat hij die in feite al weggenomen heeft . Het enige
probleem is dat wij dat moeten aanvaarden.

Samenvattend: de eerste stap maakt de geprojecteerde woede ongedaan
door te zeggen dat het probleem niet buiten me ligt, maar
in me. De tweede stap maakt duidelijk dat het probleem dat in me
zit een probleem van eigen makelij is en dat ik het nu niet meer wil.
De derde stap volgt wanneer ik het heb overgedragen aan de Heilige
Geest en Hij het probleem van me wegneemt.”

Opmaak test6

Inleiding tot Een cursus in wonderen

Een bijzondere Webinar met Judith Skutch en haar dochter Tam Morgan, die samen met Bob Rosenthal de leiding heeft overgenomen van The Foundation for Inner Peace , de oorspronkelijke en enige officiële uitgever van A Course in Miracles.
Met heel veel achtergrond informatie over het ontstaan van de Cursus en persoonlijke herinneringen van Judith en Tam.
Echt heel boeiend:
Webinar met moeder en dochter, Judith Skutch and Tam

Tam&Bob
Robert Skutch, Dr. Robert Rosenthal, Dr. William W. Whitson, Judith Skutch Whitson, Tamara Morgan

illusje

Ik voel nooit onvrede om de reden die ik denk.
Dat besef is er in middels onomkeerbaar.
De reden dat er een ervaring is van onvrede is dat er een ik lijkt te zijn die de vorm van de droom serieus neemt.
“Ik” zie de droom aan voor de werkelijkheid.
Eerst wordt een “ik” aangezien voor de werkelijkheid en dan volgt logischerwijs, vanuit dat standpunt dat er een “ik” is die alles als werkelijk ervaart.
En dan zit de denkgeest (mind) gevangen in zijn eigen opgezette val van de denkgeest die probeert geen denkgeest te zijn, maar een lichaam.
En dat is zo onnatuurlijk, zo pijnlijk dat het niets anders dan een hele onnatuurlijke en pijnlijke, angstige met schuld beladen droom kan opleveren, die zeer serieus wordt genomen. Schuld, te herkennen aan het voortdurende zeurende gevoel van er klopt iets niet, wat doe ik verkeerd?
Kijk hoe serieus de dagelijkse…

View original post 400 woorden meer

The world, with everything in it, including “my” (and everyone’s) body (including the brain), is a never happened story, it is just a dream in the mind (not in the brain) which in its self is also a dream. And dreams are dreams, are dreams, are dreams, are dreams, never to become Reality.
Within this dream concept the whole thing is “a never ending story”, because it never began. the whole thing is just the answer, the effect to the impossible wish to be separated from Reality, Oneness, Love, God.
Only this one hidden wish keeps this impossible dream of separation going.
Until the mind is ready to let this impossible dream go and is ready to remember back into God, where it never left in the first place.
And this will “happen” inevitably, because it never really happened.

So seemingly trapped in this never happened, seemingly never ending dream the only real question would be: “what is it for?”: to keep the separation intact, or remembering back in Reality”.

That would be the only proper question to ask with everything that seems to happen in the dream, this seemingly “my” so called life.
There is no investigation needed in the outcome only in the minds input;
what is it for, and then choose again: ego or Holy Spirit, fear or Love. And the (dream) effects of this choice will “look after itself”.
There is nothing more to “do” than this: choose again, and again, and again, and again…

…iedere keer dat “ik” (schijnbaar het lichaam) verdriet (alle soorten verdriet) voel, of spijt, schuld, boosheid, gekwetstheid, of me slachtoffer voel, of wat voor emotie dan ook ervaar dan wordt er eigenlijk bepaald op ego-denkgeest niveau (niet op lichaamsniveau, dus ook niet met de hersenen, want dat bestaat niet, er is alleen denkgeest (mind)) dat er een manier is om groter te zijn, beter te zijn, meer te zijn dan Waarheid, Liefde, oftewel God.
Dus dat wat ervaren wordt en voelt als iets heel negatiefs en pijnlijk is eigenlijk een poging om te triomferen over God.
Het is, als je dit begrijpt eigenlijk pure arrogantie om te bepalen dat “ik” veel meer ben dan God, door het tegenovergestelde van God in te zetten: ego=zonde, schuld, angst, haat, woede enz.
Het gevolg van dit ego besluit is, op ego niveau zelfs de ervaring van trots, door het tonen van nederigheid, opoffering, martelaarschap, enz. dat juist lijkt te zeggen dat “ik” minder ben dan God.

Zie daar weer een voorbeeld van de schizofrene aard van de egodenkgeest.

Beide ego opties; ik ben meer dan God en/of ik ben minder dan God, zijn onjuist.

Er is alleen Één mogelijk, en dat overstijgt sowieso “mogelijk” omdat het niet bestaat, in de zin zoals wat wordt verstaan onder “bestaan” in de “wereld”.

ECIW zegt hierover in WdI.169.5:1-7,6:1-7)

“Eenheid is eenvoudig het idee: God is. En in Zijn Wezen omvat Hij alles. Geen enkele denkgeest bevat iets anders dan Hem. We zeggen: ‘God is’, en doen er dan het zwijgen toe, want in die wetenschap verliezen woorden hun betekenis. Er zijn geen lippen om ze uit te spreken en er is geen deel van de denkgeest onderscheiden genoeg om te voelen dat hij zich nu gewaar is van iets dat niet hijzelf is. Hij heeft zich verenigd met zijn Bron. En als zijn Bron Zelf, is hij alleen maar.

6.We kunnen hierover absoluut niet spreken, schrijven, en niet eens denken. Het komt tot elke denkgeest, wanneer het totale inzicht dat zijn wil de Wil van God is, volkomen is gegeven en volkomen is ontvangen. Het brengt de denkgeest terug in het oneindige heden, waarin verleden en toekomst niet denkbaar zijn. Het ligt voorbij verlossing, voorbij elke gedachte aan tijd, voorbij vergeving en het heilige gelaat van Christus. De Zoon van God is eenvoudig opgegaan in zijn Vader, zoals zijn Vader in hem. De wereld is er helemaal nooit geweest. De eeuwigheid blijft een constante staat.”

%d bloggers liken dit: