archiveren

Maandelijks archief: augustus 2014

Vraag:
Ik ben bij het lezen van het Tekstboek dit jaar aangekomen bij pag. 520 van het Tekstboek Hfst 24, De vergeving van speciaalheid dus en daar lees ik bij 5: ‘God vraagt om jouw vergeving … en bij 6: ‘Vergeef de grote Schepper van het universum…’
Ik begrijp wel dat ik alles hier moet vergeven maar raak in de war bij God of de Schepper vergeven…?
Ook staat er in de Cursus dacht ik dat Jezus vraagt hem te vergeven,..
Kun jij me daar wat meer helderheid in/over verschaffen?

Antwoord:
Het is eigenlijk heel logisch dat we God en Jezus moeten vergeven mits je echt begrijpt wat Ware Vergeving inhoud.
Het staat al in de eerste zin in WdII.1. Wat is vergeving? (blz. 404):
‘Vergeving ziet in dat wat jij dacht dat je broeder jou heeft aangedaan niet heeft plaatsgevonden.’
En met broeder wordt niet alleen een andere persoon bedoelt, maar alles wat we hier denken te zien menselijk, dierlijk, plantaardig, mineraal enz. en dus ook het beeld dat we van God en zijn Zoon Jezus hebben gemaakt, dus zoals de Bijbel deze beschrijft. De Jezus en de God van de Bijbel zijn 100% gemaakt door de egodenkgeest, dus zijn ze net zo illusoir als alles wat de egodenkgeest verder nog heeft bedacht en geprojecteerd.
De woorden Jezus, Heilige Geest en God worden in de Cursus niet als symbolen van de egodenkgeest gebruikt, maar als symbolen voor de herinnering aan wat we werkelijk zijn; 100% Geest volmaakt Heel in Eenheid.
Ware Vergeving ziet dit hele waanzinnige dwaalspoor en ziet dat het niet gebeurt kan zijn en kan niet anders dan dit hele onmogelijke verhaal vergeven.
Dus dan wordt ook duidelijk waarom we God en Jezus moeten vergeven, we vergeven het beeld wat we van hen gemaakt hebben, want dat is een egodenkgeest beeld (projectie) wat niet waar kan zijn en zeker niet gebeurt kan zijn.

Alles is een gedachte, alles is een projectie van uit de gedachte en het geloof in zonde, schuld en angst. Het blijft een gedachte, want dat wat wij zijn is gedachte is 100% denkgeest, dat verandert nooit.
We laten onze denkgeest nog veel te veel afdwalen van z’n denkgeest zijn, de vorm in (projecteren) en zich daarmee identificeren vanuit een ‘ik’ centrum. En dan draait alles om ‘mij’, de projectie die nu als ‘lichaam’ wordt gezien.
Maar er is maar één denkgeest, dus hoe kan het om ‘mij’ draaien? Dat klopt niet.
De ene denkgeest is de ‘wij’ alles omvattend, niets uitsluitend, en daarom leren we in de eerste lessen alles als hetzelfde te zien, zonder de betekenis die wij eraan geven als vorm. Het is en blijven gedachten, ook als projectie en er is maar één denkgeest die maar één gedachte denkt, dus moet alles wel hetzelfde zijn.
‘God is in alles wat ik zie, want God is in mijn denkgeest’, lezen we in les 30.
Ja want er is alleen maar denkgeest, ook maar één egodenkgeest dus hoe zou zich iets buiten de denkgeest kunnen bevinden. Dus als we iets haten, ergens woedend over zijn, verschillen zien, goed en kwaad, voorkeuren hebben dan geld dat niet voor afzonderlijke personen, voorwerpen en situaties, maar voor de hele ene denkgeest. Het is dus 100% haat, ook haat sluit niemand uit van haat. En tevens is het 100% afscheiding, want ook afscheiding, de egodenkgeest, sluit niemand uit van het afscheiden.
Als ik iemand haat, dan haat ik iedereen, ook al vermomd die haat zich in speciale liefde. Want het is niet mogelijk één iemand als één apart lichaam of één apart voorwerp los van de rest te haten of lief te hebben. Het is alles of niets, zowel in de egodenkgeest als in Heilige Geest Denkgeest.  Het speelt zich allemaal af in de denkgeest en niet tussen lichamen, voorwerpen en situaties, want er is alleen denkgeest.

Daarom moet dat lichaams en vormgericht denken eerst afgeleerd worden, want er moet eerst teruggegaan worden naar de denkgeest, naar dat wat we zijn, maar vergeten zijn dat we dat zijn.
En dan gaan we langzaam zien dat er helemaal niets klopt van wat we dachten dat waar was, want dat strookt totaal niet met het feit denkgeest te zijn.
En als we dan langzaam weer terugherinneren denkgeest te zijn door alles wat niet waar kán zijn te vergeven, komt het éénheidsgevoel ook weer terug en dan kan het vanzelfsprekend niet meer om een ‘ik’ gaan, maar alleen nog maar om ‘wij’, als één denkgeest.
En dan kunnen we langzaamaan leren oordeelloos te kijken naar al onze gedachtes die zich overal in bevinden. Gedachteloze dingen, dus dingen los van de denkgeest, bestaan niet, alles is denkgeest.
En dan kunnen we de afscheidingsgedachte die alleen angst en haat in talloze vermommingen kan projecteren, zodat het lijkt dat we door angst en haat worden omringt, laten omdraaien naar gedachtes vanuit Liefde en kunnen we alles leren zien als een roep om Liefde of een uiting van Liefde.
God is in alles wat ik zie. En God is Liefde, dus ben ik dat ook en tevens alles, niets en niemand uitgesloten.
En dit alles gaat niet over gedrag, in het droomscript van de wereld kan je eenvoudigweg niet iedereen liefhebben of iedereen haten. Maar ondertussen blijft deze wereld wel een projectie, en tegelijkertijd zolang we hier denken te zijn en ervaren en spelen we onze rollen als droomfiguren, maar op bron niveau, de denkgeest waar het allemaal ontstaat kunnen we kiezen alles door ogen van Heilige Geest, van Liefde te zien en dan is het onmogelijk nog te denken in termen als ‘ik’ als een afgescheiden lichaam, dan is er alleen ‘wij’ één denkgeest.
We zijn niet één lichaam, maar één denkgeest.

Het doel van ECIW is te ontwaken uit de droom van het vergeten, door middel van Ware Vergeving.
En als we ECIW kiezen als het middel om dit te leren herinneren, zullen we moeten gaan leren vergeven.
Als we missen of ontkennen dat ECIW ons wil leren te vergeven zal ECIW niet voor ons werken.
Dan is ECIW niet het pad voor mij.
Dat we weerstand voelen als we vergeving leren en toepassen is onvermijdelijk, maar die weerstand is iets anders dan ontkenning of vermijden.
Ook het aanpassen van de Cursus door wat het zegt te verdraaien zodat het wel werkt voor jou is niet echt behulpzaam.
Als we de bereidwilligheid hebben om ware vergeving te leren dan zal de weerstand, de ontkenning ook als vergevingskans en materiaal gezien worden en zullen we leren dat elke gedachte een vergevingskans en vergevingsmateriaal is.
Uiteindelijk komt vergeving er op neer dat elke voorheen egogedachte omgezet zal worden naar een Juist-gerichte gedachte, in de Cursus Heilige Geest Denkgeest genoemd.
Dus ook als we moeite hebben met de vorm waarin de Cursus is geschreven; het gebruik van christelijke termen, het gebruik van de mannelijke vorm, te lange zinnen, te lastig taalgebruik, te intellectueel, te veel woorden enz., dan kunnen we het daarbij laten en de Cursus als niet ‘mijn’ pad zien, of deze gedachtes zien als weerstand gedachtes van de egodenkgeest en deze als vergevingskans en materiaal zien.

In Werkboekles 62 staat: ‘vergeving is mijn functie…’
Vergeving brengt de ‘herinnering’ aan de waarheid weer terug in de denkgeest.
En het mooie en unieke van de Cursus is dat de herinnering aan de waarheid niet gaat via het ontkennen van de wereld en je te proberen voor te stellen hoe die waarheid eruit ziet door bijvoorbeeld voortdurend licht te visualiseren en dat rond te sturen, of jezelf de wereld uit te mediteren, of je terug te trekken uit de wereld en weg te kruipen in jezelf.
Nee, niets wordt ontkend, verstopt of ontweken. Ware vergeving houdt in dat je leert kijken, heel eerlijk naar je eigen gedachten en er niet over oordeelt:

‘Een niet-vergevende gedachte doet vele dingen. In koortsachtige actie jaagt ze haar doel na, waarbij ze verwringt en omverwerpt wat ze als een doorkruising van haar gekozen pad beschouwt. Verdraaiing is haar doel en tevens het middel waarmee ze dat tot stand wil brengen. Ze doet woeste pogingen de werkelijkheid te vermorzelen, zonder zich ook maar enigszins te bekommeren om wat haar gezichtspunt lijkt tegen te spreken.
Vergeving daarentegen is stil en doet in alle rust niets. Ze schendt geen enkel aspect van de werkelijkheid, en probeert die evenmin te verdraaien tot een verschijningsvorm die haar aanstaat. Ze kijkt alleen, en wacht, en oordeelt niet. Wie niet wil vergeven, moet wel oordelen, want hij moet zijn onvermogen om te vergeven rechtvaardigen. Maar wie zichzelf vergeven wil, moet leren de waarheid te verwelkomen precies zoals die is.
Doe daarom niets en laat vergeving je tonen wat jou te doen staat, via Hem die je Gids is, je Verlosser en Beschermer, sterk in hoop en zeker van jouw uiteindelijk succes. Hij heeft jou al vergeven, want dat is Zijn functie, Hem gegeven door God. Nu moet jij Zijn functie delen en vergeven wie Hij heeft verlost, wiens zondeloosheid Hij ziet, en wie Hij eert als de Zoon van God’ (WdII.1 blz 404).

Het gaat niet om de ‘ik’, lichaam en egodenkgeest (projectie en de projecterende niet vergevende afscheidingsgedachte), maar om ‘hen’ (alles wat ik buiten mij waarneem, lichamen, dieren, voorwerpen, situaties), die de spiegel en de reflectie zijn van ‘mijn’ egogedachten, waardoor ik leer dat er geen verschil is tussen ‘mij’ en zgn ‘anderen’, mensen, dieren, voorwerpen en situaties en er alleen spraken kan zijn van ‘ons’, alles omvattend en niets uitsluitend. Ware vergeving sluit niets uit.
Ware Vergeving her-gebruikt alles wat ik eerst als egodenkgeest buiten mij probeer te projecteren vanuit zonde, schuld en angst en wat ik nu als waarnemende denkgeest o.l.v. Heilige Geest Denkgeest, vanuit Liefde (dat wat ik eigenlijk ben) bereid ben onder ogen te zien en nu wil leren vergeven.
En dan wordt vergeving mijn enige functie, omdat ik dan accepteer dat mijn hele leven alleen maar uit vergevingskansen en vergevingsmateriaal bestaat.

Een cursus in wonderen, heet niet voor niets een cursus.
Het boek (de inhoud dus) vormt de handleiding en is de leraar, je eigen leven is de praktijk waarin je het geleerde in de praktijk brengt en leert door vergeving te oefenen op alles wat er voor je neus komt.
En zoals met alles wat geleerd moet worden kost ook dit proces van (ont)leren tijd.
En zo worden tijd en ruimte nu ook her-gebruikt, niet om af te scheiden, maar om terug te herinneren in Waarheid.

En tenslotte is het belangrijk vertrouwen te leren hebben in het hele proces en dat we precies dat leren wat de denkgeest aankan en waar deze aan toe is om te leren, in die zin en alleen in die zin is het proces hoogst individueel, ook al is het een universeel proces.wat onvermijdelijk geleerd wordt door de hele ene denkgeest. Er is maar één probleem en daarom ook één oplossing. Maar omdat wij dit niet zo ervaren, omdat wij onszelf als individu zien en ervaren, gebruikt ECIW dat gegeven als leermateriaal dat hoogst individueel lijkt toegesneden.

Leestip:
‘Vergeving is mijn functie als het licht van de wereld’ (WdI.62).
en
‘1. Wat is vergeving?’ (WdII.1 blz. 404)

%d bloggers liken dit: