archiveren

Maandelijks archief: februari 2014

De hele wereld is een bedenksel, bedacht en geprojecteerd door de ene denkgeest.
Alle mogelijkheden die maar te bedenken zijn in één keer en meteen is het weer voorbij, want gedachtes buiten eenheid kunnen niet bestaan.
Enkel en alleen de gedachte dat dit wel kan houd de schijn op van dat het kan, pulserend, opkomend en weer verdwijnend, geprojecteerd in vormen als het tikken van de tijd en het kloppen van het hart, in- en uitademen, eb en vloed, aantrekken en afstoten het ritme van het ene nietig dwaas idee.
Geloof in het werkelijk tot gevolgen in staat zijnde ‘nietig dwaas idee’ maakt het onwerkelijke, het onmogelijke in een flits even tot ogenschijnlijke werkelijkheid. En enkel het geloof erin zet het perpetuum mobile van tijd en ruimte in werking, een opeenvolging van gedachte flitsen. En als in een droom denkt de dromer van de droom, de ene denkgeest dat het ‘waar’ is wat hij ziet en ervaart en vergeet wat hij is

In de eeuwigheid, waar alles één is, sloop een nietig dwaas idee binnen waarom de Zoon van God vergat te lachen. Door dit te vergeten werd de gedachte een serieus idee, in staat tot zowel verwezenlijking als werkelijke gevolgen. Samen kunnen we ze beide weglachen, en begrijpen dat de tijd geen inbreuk kan maken op de eeuwigheid. Het is ridicuul te denken dat de tijd de eeuwigheid kan omringen, die juist betekent dat er geen tijd bestaat.
(T27.VIII.6:2-5)

%d bloggers liken dit: