archiveren

Dagelijks archief: september 20, 2009

Van totaal afgescheiden zijn naar totaal Heel zijn via en door de poort van de eenzaamheid.

Er komt een punt op de weg naar Huis waar ik inderdaad moet erkennen dat ik niet weet wat ik ben, niet weet wat ik doe, waar ik ben, of hoe ik de wereld of mijzelf moet bezien.

Het ‘niets punt’ waar de tijd stilstaat, waar alleen de waarnemende-denkgeest de definitieve keuze maakt. De keuze voor het luisteren naar de ego-denkgeest of de Heilige Geest Denkgeest, voor de onjuist- of juistgerichte denkgeest.

 

Dit is de keuze die de ene Zoon van God moet maken, de Verzoening voor zichzelf moet aanvaarden. Niemand buiten hem kan daarbij helpen, alleen de Innerlijke leraar Jezus die hem hierin is voorgegaan kan hem hierbij terzijde staan.

Alle verleidingen worden terzijde gelegd, alle verleidingen die uit een buitenwereld lijken te komen. Alle gedachtes van dat het mogelijk is dat dingen buiten mij, mij pijn kunnen doen, verstoren, afleiden, tot gebrek en schaarste kunnen leiden, ziekte kan veroorzaken maar ook dat ik niet zonder ze kan, ze nodig heb enz.

 

En dan komt er onvermijdelijk het gevoel van eenzaamheid, leegte, de laatste blokkade, schijnbaar de schuld van de buitenwereld, in de steek gelaten voelen, nergens meer aansluiting vinden, vijandigheid. En de waarnemer-denkgeest observeert al deze gedachtes en maakt de keuze. En zo worden al deze gedachtes de poort verder de hel in of de poort naar de Hemel.

De Cursus heeft troostrijke woorden voor tijdens dit schijnbare eenzame proces door te laten zien hoe waanzinnig de gedachtes en de keuze voor de ego-denkgeest eigenlijk is:

Alleen zijn betekent afgescheiden zijn van de oneindigheid, maar hoe kan dit als de oneindigheid geen einde kent? Niemand kan zich buiten het onbegrensde bevinden, want wat geen grenzen heeft moet wel overal zijn. In God, wiens universum Hijzelf is, is geen begin of eind. Kun jij jezelf uitsluiten van het universum, of van God, die het universum is? Ik en mijn Vader zijn één met jou, want jij bent deel van Ons. Geloof jij werkelijk dat een deel van God kan ontbreken of voor Hem verloren kan zijn? Als jij niet een deel van God was, zou Zijn Wil niet een eenheid zijn. Is zoiets denkbaar? Kan een deel van Zijn Denkgeest niets bevatten? Als jouw plaats in Zijn Denkgeest door niemand anders dan door jou kan worden ingenomen, en het innemen ervan jouw schepping was, dan zou er zonder jou een lege plaats zijn in Gods Denkgeest. Uitbreiding kan niet belemmerd worden, en ze kent geen leemten. Ze gaat eeuwig voort, hoezeer ze ook wordt ontkend. Jouw ontkenning van haar werkelijkheid kan haar tegenhouden in de tijd, maar niet in de eeuwigheid. (T11.I.2-3)

Alleen mijn ontkenning het vasthouden aan de gedachte van afscheiding houd mij gevangen in een zelfgeschapen eenzaamheid. Niet het eenzaam zijn in een wereld is het probleem met alle bijbehorende schijnoplossingen, maar alleen maar één waangedachte, voortkomend uit schuld:

‘Alleen zijn is schuldig zijn. Want jezelf als alleen ervaren is de Eenheid van de Vader en Zijn

Zoon ontkennen, en aldus de werkelijkheid aanvallen.’ (T15.V.2:6)

Alleen, eenzaam zijn is dan ook alleen schijnbaar mogelijk in een wereld waar afscheiding een reële optie lijkt te zijn en daardoor onmogelijk:

‘Je kunt nooit alleen zijn, omdat de Bron van alle leven je vergezelt, waar je ook gaat. Niets kan jouw innerlijke vrede tenietdoen, omdat God je vergezelt, waar je ook gaat.’ (WdI.41.4:3-4)

En dan kan ik niet anders dan me afvragen hoe ik ooit heb kunnen denken dat het onmogelijke heeft kunnen plaatsvinden:

‘Hoe kan ik alleen zijn als God mij altijd vergezelt? Hoe kan ik twijfelen en onzeker zijn over mezelf als volmaakte zekerheid in Hem rust? Hoe kan ik door iets verstoord raken als Hij in absolute vrede in mij woont? Hoe kan ik lijden als liefde en vreugde mij dankzij Hem omringen? Laat ik geen illusies koesteren over mezelf. Ik ben volmaakt, omdat God me vergezelt waar ik ook ga.’ (wdI.herh.59.1.(41):2-7)


En tot de conclusie komen dat het niet heeft plaatsgevonden ómdat het onmogelijk is en het slechts ‘Een nietig dwaas idee is’. (T27.VIII.6:2)

En waarom nog tijd en energie steken in iets wat niet waar is en niet kan en precies om die reden zo vermoeiend, uitputtend en uiteindelijk dodelijk is.

En zo wordt het totale ‘niets punt’ een ‘Alles punt’ waarop de waarnemende- denkgeest de enige keuze maakt die mogelijk is…

%d bloggers liken dit: